Naar de hoofdinhoud gaan

·1 min
Hans Busch
Auteur
Hans Busch
Inviseur - Ervaringsdeskundige

Van Liempt en collega’s onderzoeken in een reeks studies de onderlinge relatie tussen slaapstoornissen en PTSS bij veteranen, gebruikmakend van prospectieve cohort-analyses, polysomnografie, hormoonmetingen en een kleinschalige geneesmiddelstudie ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).

1. Predictieve rol van slaapstoornissen: Veteranen met pre-deployment nachtmerries hadden significant meer kans op PTSS na zes maanden. Andersom bleken insomnie-symptomen voor vertrek minder voorspellend .

2. Objectieve slaapverstoringen: Bij PTSS zijn er vaker nachtelijke ontwakingen, en deze correlaten met verhoogde ACTH-waarden (stresshormoon) én verlaagde groeihormoonproductie, samen met verhoogde hartslagnorm . Deze hormonale ontregeling hangt samen met slechter geheugen bij opstaan.

3. Verstoorde hormoonbalans: PTSS-patiënten lieten een duidelijke afname in GH‑afgifte ’s nachts zien. Deze verminderde hormoonuitstoot, gekoppeld aan slaapfragmentatie, lijkt geheugenconsolidatie te belemmeren .

4. Behandeling met prazosine: In een RCT veranderde prazosine de objectieve slaapparameters niet significant, maar vermindering van nachtmerries werd wel gemeld. Andere medicamenten (zoals atypische antipsychotica) toonden enige potentie, maar het bewijs blijft beperkt ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).


Kernboodschap: Slaapstoornissen spelen een prominente rol als zowel oorzaak als gevolg van PTSS. Nachtelijke ontwakingen, hormonale dysregulatie (ACTH↑, GH↓) en nachtmerries verstoorden geheugenprocessen en vormden een vicieuze cirkel. Van Liempts werk onderstreept dat behandeling van slaapproblemen, en niet alleen de PTSS zelf, cruciaal is om het herstel te ondersteunen en de HPA‑as te resetten.