[{"content":" Inleiding # Niet alle wonden zijn zichtbaar. Ze zitten niet in het vlees, maar in ons zenuwstelsel, in ons geheugen, in ons geweten. Iemand kan veilig thuis op de bank zitten en toch nog in oorlog zijn. Niet omdat het gevaar er nog is, maar omdat het lichaam het gevaar niet vergeten is. Of omdat het hart iets heeft meegemaakt dat niet zomaar in woorden past.\nDaar raken deze drie begrippen elkaar: PTSS, complexe PTSS en Moral Injury. Ze worden vaak door elkaar gehaald, maar zijn niet hetzelfde. De één gaat vooral over angst en overleving. De ander over langdurige ontregeling en fragmentatie. De derde over schuld, verraad, schaamte en verlies van innerlijke betekenis.\nEn dan is er nog een andere taal: de taal van G.I. Gurdjieff en de Vierde Weg. Een weg waarin de mens wordt gezien als slapend, automatisch reagerend en innerlijk verdeeld maar ook als iemand die kan ontwaken.\nDit artikel verkent die drie vormen van verwonding én hun raakvlakken met innerlijk werk.\nWat is PTSS? # PTSS staat voor Posttraumatische Stressstoornis. Het ontstaat na een schokkende gebeurtenis waarbij iemand intense angst, machteloosheid of doodsbedreiging ervaart. Denk aan oorlog, geweld, een ongeluk, seksueel misbruik, een overval of een ramp.\nOns zenuwstelsel schakelt tijdens zo’n gebeurtenis over op overleving. Vechten, vluchten of bevriezen. Dat is normaal. Het probleem ontstaat pas wanneer het systeem niet meer volledig terugkeert naar rust.\nKenmerken van PTSS # Volgens onder meer Judith Herman en moderne traumaliteratuur zien we vaak drie hoofdlijnen:\n1. Herbeleving # Flashbacks Nachtmerries Opdringende herinneringen Het gevoel dat het opnieuw gebeurt 2. Vermijding # Niet willen praten over wat er gebeurde Situaties mijden Gevoelens afsluiten Verdoving via werk, middelen of afleiding 3. Hyperalertheid # Schrikreacties Slecht slapen Altijd ‘aan’ staan Snel boos of gespannen In gewone taal: het gevaar is voorbij, maar het lichaam gelooft het nog niet.\nWat zegt Bessel van der Kolk? # In Traumasporen beschrijft Van der Kolk dat trauma niet alleen een herinnering is, maar een lichamelijke imprint. Het lichaam houdt de score bij. Daarom helpt inzicht alleen vaak niet genoeg. Ook ademhaling, beweging, regulatie, veilige verbinding en lichaamsgerichte therapie zijn belangrijk.\nWat is complexe PTSS (CPTSS)? # Complexe PTSS ontstaat meestal niet door één gebeurtenis, maar door langdurige of herhaalde traumatisering in een context waar ontsnappen moeilijk is — kindermishandeling, emotionele verwaarlozing, chronisch huiselijk geweld, sekte- of cultdynamiek, gevangenschap, oorlogsomstandigheden, of structureel onveilige afhankelijkheidsrelaties.\nWaar gewone PTSS vaak draait om angstherinneringen, raakt complexe PTSS de persoonlijkheidsontwikkeling zelf.\nExtra kenmerken van complexe PTSS # Naast klassieke PTSS-klachten zien we vaak moeite met emotieregulatie, chronische schaamte, een negatief zelfbeeld, relationele problemen, wantrouwen of juist het tegenovergestelde (people pleasing), dissociatie, identiteitsverwarring, en een gevoel van leegte of vervreemding.\nThe Haunted Self: structurele dissociatie # Van der Hart, Nijenhuis en Steele beschrijven in The Haunted Self dat langdurig trauma kan leiden tot structurele dissociatie. Simpel gezegd: de mens raakt innerlijk opgesplitst in delen met verschillende taken.\nEr kan een deel zijn dat werkt en functioneert, een deel dat bang blijft, een deel dat bevriest, een deel dat iedereen tevreden houdt, een deel dat niets meer voelt. Dit zijn geen “meerdere persoonlijkheden” populair gezegd, maar beschermingssystemen die ooit nodig waren.\nWaarom complexe PTSS zo uitputtend is # Bij CPTSS vecht iemand niet alleen met herinneringen, maar ook met innerlijke tegenstrijdigheden. Vooruit willen en tegelijk blokkeren. Verbinding zoeken en tegelijk wantrouwen. Rust willen en onrust creëren omdat stilte onveilig voelt.\nWat is Moral Injury? # Moral Injury is geen klassieke angststoornis. Het is een morele wond. Het ontstaat wanneer iemand iets doet, ziet, nalaat of ondergaat dat diep indruist tegen het eigen geweten of mensbeeld.\nHet komt veel voor bij militairen en veteranen, politie en hulpdiensten, zorgprofessionals, leiders en bestuurders, en mensen uit gesloten systemen of familiestructuren.\nVoorbeelden van Moral Injury # Je kon iemand niet redden. Je moest handelen tegen je waarden in. Je zag onrecht en zweeg. Je werd verraden door leiding of systeem. Je deed wat nodig leek, maar kunt er nu niet mee leven. Symptomen van Moral Injury # De wond uit zich in schuld en schaamte, woede en cynisme, een verlies van vertrouwen, een spirituele crisis, een gevoel van zinloosheid, en sociale terugtrekking. Hier staat dus niet de angst centraal, maar de vraag: Hoe leef ik verder met wat ik weet, deed of niet deed?\nViktor Frankl en betekenis # Viktor Frankl schreef in De zin van het bestaan dat de mens zelfs in extreme omstandigheden betekenis kan vinden. Moral Injury raakt precies dat vermogen. Niet alleen veiligheid is beschadigd, maar ook richting, waardigheid en bestaanszin.\nVerschil tussen PTSS, CPTSS en Moral Injury # Thema PTSS Complexe PTSS Moral Injury Kern Angstreactie na trauma Langdurige traumatische ontregeling Morele/existentiële wond Oorsprong Eén of meerdere schokkende gebeurtenissen Chronische onveiligheid Verraad, schuld, moreel conflict Hoofdgevoel Angst Angst + schaamte + fragmentatie Schuld + schaamte + zinverlies Focus herstel Veiligheid en regulatie Integratie en relationeel herstel Verzoening en betekenis Lichaam Sterk betrokken Zeer sterk betrokken Betrokken, maar vaak via geweten en identiteit Waar overlappen ze? # In de praktijk lopen deze toestanden vaak door elkaar heen.\nEen veteraan kan PTSS hebben door explosies, CPTSS door jarenlange overbelasting én Moral Injury door een beslissing in het veld.\nEen zorgverlener kan geen klassieke PTSS hebben, maar wel diepe Moral Injury door structureel niet de zorg te kunnen geven die nodig was.\nEen jeugdtrauma-overlever kan CPTSS dragen én later moreel beschadigd raken door grensoverschrijdend gedrag dat ooit als normaal voelde.\nDe mens is geen diagnose. De mens is een geheel.\nDe Vierde Weg van Gurdjieff: slapen, verdeeldheid en ontwaken # Gurdjieff stelde dat de meeste mensen leven in een staat van innerlijke slaap. Niet letterlijk slapend, maar mechanisch: automatisch reagerend, gestuurd door gewoonten, impulsen en tegenstrijdige ikken.\nDat klinkt verrassend modern.\nDe vele ikken # Wat traumatherapie soms “delen” noemt, noemde Gurdjieff verschillende kleine ‘ikken’: nu wil ik rust, straks wil ik vechten, daarna wil ik vluchten, later ontken ik alles. Er is geen stabiele stuurman aan boord. Alleen wisselende stemmen.\nZelfherinnering # Een centraal begrip in de Vierde Weg is zelfherinnering: tegelijk aanwezig zijn in de wereld én bewust zijn van jezelf. Niet volledig opgeslokt raken door reactie.\nVoor iemand met trauma kan dit revolutionair zijn. Eén seconde merken: “Ik ben getriggerd.” Of: “Er is nu een deel in paniek, maar dat is niet het hele verhaal.”\nBewust lijden # Gurdjieff sprak ook over bewust lijden: niet onnodig lijden zoeken, maar het verdragen van innerlijke spanning zonder direct weg te vluchten in automatische patronen. Dat sluit aan bij moderne regulatie en traumaverwerking.\nOverlap tussen trauma-inzichten en de Vierde Weg # 1. De mens is verdeeld # Trauma zegt: delen ontstaan uit bescherming. Gurdjieff zegt: de mens bestaat uit vele ikken.\n2. Automatisme houdt lijden in stand # Trauma zegt: triggers activeren oude overlevingspatronen. De Vierde Weg zegt: mechanisch leven houdt slaap in stand.\n3. Aanwezigheid heelt # Trauma zegt: veilige belichaamde aanwezigheid brengt regulatie. De Vierde Weg zegt: zelfherinnering wekt bewustzijn.\n4. Werk gebeurt in het dagelijks leven # Niet alleen op een kussen of in therapie. Juist in relaties, werk, conflict, vermoeidheid en gewone momenten.\nEen belangrijke nuance # Trauma is geen spiritueel tekort. En spiritueel werk vervangt geen behandeling. Iemand met ernstige PTSS heeft niet simpelweg “meer bewustzijn” nodig, maar veiligheid, passende zorg, regulatie en vaak professionele begeleiding.\nMaar waar therapie stopt bij symptoomreductie, kan innerlijk werk verder vragen:\nWie ben ik voorbij mijn bescherming? Wat wil door mij geleefd worden? Hoe leef ik waarachtig na breuk en verlies? Daar raken psychologie en mystiek elkaar.\nConclusie # PTSS gaat vaak over een systeem dat vastzit in alarm. Complexe PTSS over een leven dat gevormd werd door langdurige onveiligheid. Moral Injury over een geweten dat gewond raakte.\nDrie verschillende ingangen, één menselijke werkelijkheid: iets in ons raakte ontregeld, verdeeld of gebroken en zoekt een weg terug naar samenhang.\nDe Vierde Weg voegt daar een stille mogelijkheid aan toe: dat in de mens, onder angst, schaamte en schuld, ook een wakker bewustzijn aanwezig kan zijn. Geen snelle oplossing. Wel een kompas.\nMisschien begint herstel daar: niet in perfect worden, maar in werkelijk aanwezig durven zijn.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen?\nGebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\nBronnen en aanbevolen literatuur # Herman, J. Trauma and Recovery Van der Hart, O., Nijenhuis, E., Steele, K. The Haunted Self Van der Kolk, B. Traumasporen / The Body Keeps the Score Frankl, V. De zin van het bestaan / Man’s Search for Meaning Litz, B. et al. Publicaties over Moral Injury Shay, J. Achilles in Vietnam ","date":"13 februari 2022","externalUrl":null,"permalink":"/verschil-ptss-moral-injury/","section":"Blog","summary":"","title":"Wat is het verschil tussen PTSS, CPTSS en moral injury?","type":"posts"},{"content":"Soms weet je precies wat verstandig is, maar lukt het niet om het te voelen. Soms voel je alles, maar kun je niet helder denken. En soms ga je gewoon door, terwijl je lichaam allang op de rem trapt. Veel mensen herkennen die verdeeldheid. Alsof er verschillende delen in hen wonen die niet samenwerken.\nEen oud maar verrassend bruikbaar model beschrijft dat als drie centra: hoofd, hart en buik. Geen letterlijke drie breinen, maar drie vormen van intelligentie. Denken, voelen en doen. Wanneer ze samenwerken ontstaat richting. Wanneer ze uit balans raken ontstaat verwarring, stress en innerlijke strijd.\nInleiding # In moderne taal spreken we over cognitie, emotieregulatie en het zenuwstelsel. In oudere tradities sprak men over hoofd, hart en buik. De woorden verschillen, de ervaring is herkenbaar.\nG.I. Gurdjieff werkte met deze driedeling in zijn Vierde Weg. Niet als theorie om in te geloven, maar als praktisch kompas voor zelfkennis. Ook bij PTSS, CPTSS en moral injury kan dit model helpen. Trauma versnippert vaak wat ooit samenhing. Hoofd, hart en lichaam raken elkaar kwijt.\nHerstel vraagt dan niet alleen symptoombestrijding, maar integratie.\nWat zijn hoofd, hart en buik? # Geen letterlijke drie aparte breinen, maar drie vormen van intelligentie die ieder hun eigen tempo, taal en functie hebben. Hieronder de drie centra met hun sterke kanten en valkuilen.\nHet hoofd # Het hoofd staat voor denken, analyseren, plannen, taal en overzicht. Het helpt ons problemen oplossen en keuzes maken — sterke kanten zijn inzicht, structuur, onderscheidingsvermogen en reflectie. Bij stress kantelt het echter snel naar overdenken, piekeren, controle zoeken en losraken van gevoel.\nVeel mensen met trauma wonen noodgedwongen lang in hun hoofd. Denken voelt veiliger dan voelen.\nHet hart # Het hart staat voor gevoel, verbinding, empathie, schoonheid en moreel besef. Hier ervaren we liefde, verdriet, vreugde en geraakt worden. Sterke kanten zijn verbinding, compassie, betekenis en relationele wijsheid. Bij ontregeling kantelt hetzelfde centrum naar overspoeling, schaamte en schuld, emotionele afhankelijkheid, of zo ver dichtklappen dat er niets meer gevoeld wordt.\nBij moral injury is juist dit centrum vaak diep geraakt.\nDe buik # De buik staat voor instinct, daadkracht, ritme, grenzen en lichamelijke intelligentie. Denk aan intuïtief reageren, bewegen, handelen en spanning voelen voordat je het kunt uitleggen. Sterke kanten zijn gronding, actie, doorzettingsvermogen, gezonde grenzen en lichaamssignalen. Bij trauma kantelt het de andere kant op — naar vechten, vluchten, verstarren, verdoven of chronische spanning.\nHier leeft vaak het autonome zenuwstelsel op volle toeren.\nWaarom dit model helpt bij PTSS # Trauma raakt zelden maar één laag. Het beïnvloedt gedachten, emoties én lichaam.\nDat kan er zo uitzien. Een ontregeld hoofd toont zich in herhalende gedachten, flashbacks, rampscenario\u0026rsquo;s en constante waakzaamheid. Een ontregeld hart in schaamte, schuld, leegte, onthechting en moeite met vertrouwen. Een ontregelde buik in schrikreacties, gespannen ademhaling, slapeloosheid, onrust en uitputting.\nWanneer je alleen met gedachten werkt, blijft het lichaam soms achter. Wanneer je alleen op gevoel focust, ontbreekt soms richting. Dit model helpt om breder te kijken.\nGeen drie breinen, wel drie ingangen # Strikt biologisch bestaan er geen drie aparte breinen zoals soms populair wordt gezegd. Daarom is het beter dit te zien als een werkmodel.\nWel weten we uit wetenschap dat denken, emotie en lichaam nauw samenwerken:\nembodied cognition laat zien dat denken verbonden is met het lichaam neurocardiologie onderzoekt communicatie tussen hart en hersenen het enterisch zenuwstelsel beïnvloedt stemming en stress polyvagaal denken benadrukt de rol van veiligheid in gedrag en contact Oude wijsheid en moderne taal raken elkaar vaker dan gedacht.\nActueel onderzoek: lichaam en brein werken als één systeem # Recente onderzoeksrichtingen, onder meer aan de Universiteit van Amsterdam, kijken niet naar drie losse breinen maar naar de samenwerking tussen meerdere systemen. Denk aan de darm-brein-as, hartslagregulatie, interoceptie en de invloed van het immuunsysteem op stemming en stress.\nDat betekent: je buik denkt niet zoals je hoofd denkt, maar signalen uit darmen, hart en zenuwstelsel beïnvloeden wel degelijk hoe je je voelt, reageert en keuzes maakt.\nDe populaire taal van hoofd, hart en buik blijft bruikbaar als menselijk model. De wetenschap beschrijft hetzelfde nauwkeuriger als een netwerk van wederzijdse regulatie tussen brein, lichaam en omgeving.\nGurdjieff en de Vierde Weg # Gurdjieff stelde dat mensen vaak mechanisch leven: automatisch reageren vanuit gewoonte, angst of conditionering. Veel traumareacties voelen precies zo. Je weet wat je wilt, maar een oud patroon neemt het over.\nZijn uitnodiging was niet perfect worden, maar wakkerer worden. Meer aanwezig zijn in wat er gebeurt, zonder er volledig door opgeslokt te raken.\nDat maakt zijn werk verrassend actueel.\nHoe herken je waar jij zit? # Vraag jezelf op stressmomenten af:\nZit ik in mijn hoofd? # Ik analyseer alles, maar voel weinig.\nZit ik in mijn hart? # Ik voel veel, maar verlies richting.\nZit ik in mijn buik? # Ik reageer direct, zonder overzicht.\nAlleen deze vraag kan al ruimte maken.\nPraktische oefeningen voor balans # 1. De check-in van drie minuten # Minuut 1 – Hoofd # Welke gedachten draaien nu rond?\nMinuut 2 – Hart # Wat voel ik werkelijk onder de oppervlakte?\nMinuut 3 – Buik # Wat heeft mijn lichaam nu nodig?\nBijvoorbeeld rust, beweging, eten, grenzen of ademruimte.\n2. Van hoofd naar lichaam # Wanneer je blijft piekeren, kijk rond in de ruimte. Voel je voeten op de grond. Verleng je uitademing. Benoem vijf dingen die je ziet.\n3. Van overspoeling naar richting # Wanneer gevoel je meesleept, leg een hand op je borst. Benoem wat je voelt in één woord. Kies één kleine volgende stap.\n4. Van impuls naar bewust handelen # Wanneer je direct wilt reageren, pauzeer tien seconden. Adem uit. Voel je kaken en schouders. Kies daarna je actie.\nWaarom dit ook helpt bij moral injury # Bij moral injury gaat het vaak over geweten, waarden en identiteit. Mensen voelen zich innerlijk verdeeld. Het hoofd begrijpt misschien de context, maar het hart blijft pijn dragen. Het lichaam blijft alert of trekt zich terug.\nDan is herstel niet alleen kalmeren, maar ook opnieuw afstemmen op wat waar en waardig voelt.\nHet doel is niet perfecte balans # Niemand leeft voortdurend in harmonie. Dat hoeft ook niet. Het doel is niet om altijd kalm, wijs en gecentreerd te zijn.\nHet doel is sneller herkennen wat er gebeurt en vriendelijker leren bijsturen.\nDat is al veel.\nLees ook # Ademhaling bij PTSS Rouw bij PTSS en Moral Injury Het lichaam onthoudt trauma Verschil tussen PTSS en Moral Injury Dagritme bij PTSS Bronnen en literatuur # Gurdjieff, G.I. Beëlzebubs Vertellingen aan Zijn Kleinzoon. Ouspensky, P.D. In Search of the Miraculous. Wilson, M. (2002). Six Views of Embodied Cognition. Porges, S. The Polyvagal Theory. Damasio, A. The Feeling of What Happens. McCraty, R. publicaties over hart-brein interactie . Conclusie # Veel innerlijke strijd ontstaat niet omdat er iets mis is met je, maar omdat verschillende delen in jou om aandacht vragen. Het hoofd wil begrijpen. Het hart wil voelen. De buik wil veiligheid en richting.\nWanneer die drie elkaar weer beginnen te vinden, ontstaat iets wat veel mensen kwijt waren: samenhang.\nMisschien is dat wat herstel vaak werkelijk is. Niet iemand anders worden, maar weer één mens voelen.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"21 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/drie-breinen-een-mens/","section":"Blog","summary":"","title":"Hoofd, hart en buik: waarom trauma alles uit balans brengt","type":"posts"},{"content":"Soms weet je hoofd dat het veilig is, terwijl je lichaam nog altijd op scherp staat. Hartslag omhoog. Adem hoog. Spieren gespannen. Schrikreacties zonder duidelijke reden. Veel mensen met PTSS herkennen dat spanningsveld: rationeel weet je één ding, lichamelijk leef je iets anders.\nDat is geen aanstellerij en geen gebrek aan inzicht. Het laat zien dat trauma niet alleen een verhaal in het hoofd is, maar ook een ervaring die in het lichaam is opgeslagen.\nWaarom het lichaam trauma onthoudt # Trauma is meer dan herinnering. Het is ook een patroon van stressreacties dat in het zenuwstelsel actief kan blijven. Het lichaam leert alert zijn, vermijden, bevriezen of voortdurend klaarstaan.\nDat kan zich op veel manieren laten zien: gespannen spieren, een ademhaling die hoog in de borst blijft, slaap die snel breekt, darmklachten, schrikreacties, een uitputting die door geen rust opgeheven lijkt te worden, of periodes van gevoelloosheid waarin niets meer binnenkomt.\nHet lichaam probeert niet lastig te zijn. Het probeert je te beschermen.\nLichaamsgeheugen: wat bedoelen we daarmee? # Met lichaamsgeheugen bedoelen we niet dat spieren letterlijk herinneringen bewaren als een videoband. Het gaat om aangeleerde patronen in zenuwstelsel, houding, reflexen, ademhaling en associaties.\nJe lichaam reageert soms sneller dan woorden kunnen volgen.\nTrauma is niet wat je overkomt, maar wat er binnenin je gebeurt als gevolg daarvan.\nGabor Maté\nWetenschap en lichaamservaring # Onderzoekers zoals Bessel van der Kolk beschreven hoe trauma zich uitdrukt via lichaam en zenuwstelsel. Moderne inzichten rond interoceptie, embodied cognition en stressfysiologie ondersteunen dat lichaam en geest geen losse werelden zijn.\nMoral injury en het lichaam # Bij moral injury speelt vaak schuld, schaamte of verraad. Ook dat heeft lichamelijke sporen: druk op de borst, spanning in de buik, slapeloosheid, onrust, een neiging om zich terug te trekken.\nHet lichaam reageert niet alleen op gevaar, maar ook op betekenis.\nWat helpt bij herstel? # Herstel vraagt vaak meer dan praten alleen. Verschillende ingangen kunnen daaraan bijdragen: ademhalingsoefeningen en wandelen; kracht- en bewegingswerk; therapie, waaronder lichaamsgerichte vormen; het herstellen van ritme en slaap; veilige relaties; en de rust die stilte of natuur kunnen brengen. Geen enkele weg werkt voor iedereen, en weinig mensen vinden herstel in slechts één richting.\nKleine signalen van herstel # Soms begint herstel klein — iets dieper uitademen, beter slapen, minder schrikken. Honger die terugkomt. Jezelf ontspanning toestaan. Aanwezig kunnen blijven in contact met een ander zonder dat je je meteen moet terugtrekken.\nLees ook # Ademhaling bij PTSS Stilte bij PTSS Toen ik mijn lichaam eindelijk begreep: Candace Pert en trauma Conclusie # Het lichaam is niet je vijand. Het draagt vaak precies de sporen van wat je hebt meegemaakt. Wie leert luisteren naar die signalen ontdekt iets belangrijks: onder de spanning leeft ook het vermogen tot herstel.\n","date":"15 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/lichaam-geheugen-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Trauma en het lichaam: hoe het lichaam herinneringen vasthoudt bij PTSS","type":"posts"},{"content":"Ons lichaam kan nergens anders zijn dan in het hier en nu.\nDat is een eenvoudige zin, maar hij draagt verstrekkende gevolgen. Want als het lichaam altijd hier is, en het denken overal kan zijn behalve hier, dan ligt daarin de hele dynamiek van trauma besloten.\nOp de plek zelf # Als politieagent ben ik bij meerdere ingrijpende gebeurtenissen geweest. Daar stond ik dan. Eén van die zaken (een kindermishandeling met dodelijke afloop) heb ik nooit vergeten.\nOp zo\u0026rsquo;n moment kun je je emoties niet uiten. Dat is niet functioneel. Ik was daar om te helpen, om iets op te lossen, om vast te leggen wat moest worden vastgelegd. Mijn emoties moest ik uitstellen. Vanuit mijn mentale kracht, mijn referentiekader en mijn scholing handelde ik.\nTerug op het bureau moest ik, ambtelijk, een proces-verbaal schrijven. Ook daar zat geen ruimte voor emotie. Wel voor de redenen van wetenschap: het feitelijk beschrijven van wat ik had gezien. Hoe gruwelijk dat soms ook was.\nZo\u0026rsquo;n gebeurtenis laat je een aantal dagen niet los. Er zijn er die ik nog steeds bij mij draag, en waarvan op onvoorspelbare momenten de herinnering bovenkomt. Hoe ik dan reageer, hangt af van wat er om mij heen gebeurt. Eerst komt het mentale: mijn referentiekader plaatst wat er opduikt. Dan komen emoties. Soms huil ik. Soms word ik boos. Meestal ben ik stil. En dan is daar het lichaam: spanning in mijn nek, mijn schouders, mijn buik.\nDat is precies wat de Wet van Vier beschrijft. Niet als theorie. Als ervaring. Het kader dat ik gebruik komt uit de Vierde Weg van G.I. Gurdjieff en P.D. Ouspensky.\nWat is de Wet van Vier? # In de Vierde Weg onderscheidde Gurdjieff drie centra: het fysieke, het emotionele en het mentale. Daarboven, of beter: daarbinnen, plaatste hij een vierde laag, wat hij meestal aanduidde als \u0026ldquo;I\u0026rdquo; (ik), de essentie, of in oudere taal: de ziel. Niet als religieus begrip, maar als regulerend bewust centrum dat de drie andere kan integreren wanneer het ontwikkeld is.\nDe vier lagen functioneren niet los van elkaar. Ze vormen een cyclus die in twee richtingen beweegt:\nHoe de wereld bij ons binnenkomt — van buiten naar binnen, bottom-up: eerst lichaam, dan emotie, dan denken, dan iets dat zich nestelt in de essentie. Hoe wij op de wereld reageren — van binnen naar buiten, top-down: eerst toetsing aan het referentiekader, dan emotie, dan het lichaam dat in beweging komt. Begrijp je deze twee bewegingen, dan begrijp je veel van je gedrag. Dan begrijp je ook dan (zelf)bewustzijn belangrijk is voor herstel.\nHoe de wereld bij ons binnenkomt # Iedere gebeurtenis komt eerst lichamelijk binnen. Via de zintuigen: gehoor, gezicht, gevoel, reuk, smaak. Dat is biologie. Voor je iets denkt, voor je het benoemt, heeft je lichaam het al geregistreerd.\nPas daarna vormen zich emoties. Soms bewust, vaak onbewust. Een gevoel van veiligheid of dreiging, prettigheid of weerzin, kalmte of onrust. Onderzoeker Stephen Porges noemt dit neuroceptie: het zenuwstelsel beoordeelt of iets veilig is, nog voor het bewustzijn meedoet.\nVervolgens komt het denken. Het ordent wat is binnengekomen, koppelt het aan herinneringen, geeft het taal, plaatst het in context.\nWat lichaam, emotie en denken samen registreren, nestelt zich ergens nog dieper. Dit is wat de Vierde Weg de essentie of ziel noemt. Daarmee bouwt zich het referentiekader op: het geheel van overtuigingen, gewoontes en betekenissen waarmee je verdere ervaringen straks zult beoordelen.\nEen gevoel dat ontstaat in ons hoofd of ons lijf, vertaalt zich in chemische verbindingen die ergens vrijkomen. Organen, weefsel, huid, spieren en klieren: ze hebben allemaal eiwit-receptoren en de mogelijkheid om emotionele informatie op te slaan. Niet uitgedrukte en onbewuste emoties worden letterlijk opgeslagen in het lichaam.\n— Candace Pert, Molecules of Emotion\nDaar zit de eerste sleutel: het opslaan gebeurt op meerdere niveaus tegelijk. Wat het denken niet of nog niet kan plaatsen, wordt elders bewaard. Vaak in het lichaam.\nHoe wij op de wereld reageren # Omgekeerd verloopt het ook in vier stappen, maar dan andersom.\nWanneer er iets gebeurt, wordt het razendsnel getoetst aan ons referentiekader. Drie mogelijke uitkomsten:\ngoed voor mij neutraal voor mij slecht voor mij Deze toetsing is meestal onbewust. Ze duurt milliseconden. Daarna pas komen emoties op die bij die beoordeling passen: vreugde, neutraliteit, angst, woede. En vervolgens komt het lichaam in beweging: spanning, ontspanning, vluchten, verstarren, naderen.\nBij gezonde regulatie sluiten deze stappen op elkaar aan. Bij trauma raakt deze keten verstoord.\nWat dissociatie is in dit model # Een veelvoorkomende reactie op overweldigende ervaringen is dissociatie: het denken verlaat de scène terwijl het lichaam blijft opnemen. \u0026ldquo;Ik was er niet.\u0026rdquo; \u0026ldquo;Het was alsof ik mezelf van bovenaf zag.\u0026rdquo; \u0026ldquo;Ik weet alleen nog dat het gebeurde, maar niet wat ik voelde.\u0026rdquo;\nIn de Wet-van-Vier-taal: het mentale onttrekt zich aan de bottom-up cyclus. Het lichaam registreert door, emoties vormen zich onbewust, maar de integratie naar denken en essentie wordt opgeschort. Wat overblijft is een gefragmenteerde opslag; wel een lichamelijk spoor, geen samenhangend verhaal.\nDat verklaart waarom mensen met trauma soms heel sterke lichamelijke reacties hebben zonder duidelijke herinnering. Het lichaam onthoudt wat het denken niet heeft kunnen meemaken.\nWat trauma doet met de cyclus # Trauma ontstaat wanneer we niet of onvoldoende in staat zijn te herstellen van wat we hebben opgenomen. De vier lagen blijven dan ontkoppeld werken. Drie veelvoorkomende patronen:\n1. Het lichaam blijft reageren, het denken weet niet meer waarom # Bij PTSS reageert het lichaam op triggers die het denken al lang als ongevaarlijk heeft beoordeeld. De input-cyclus heeft zich verankerd, maar de integratie is onvolledig gebleven. Praten alleen helpt zelden. Het denken is niet de plek waar de informatie zit opgeslagen!\n2. Het referentiekader breekt # Bij moral injury raakt vooral de vierde laag beschadigd: de essentie waar je waarden zitten. Het is niet zozeer angst die overheerst, maar verwarring en schaamte. Wie ben ik geworden door wat ik deed of zag? De top-down cyclus wordt onbetrouwbaar omdat het kompas zelf is geraakt.\n3. De toetsing wordt overgevoelig # Bij chronische stress of complex trauma wordt het filter \u0026ldquo;goed–neutraal–slecht\u0026rdquo; voor mij overgevoelig. Bijna alles voelt als bedreiging. De emoties die volgen zijn intens, de lichamelijke reacties uitgeput.\nWat dit betekent voor herstel # De Wet van Vier laat zien waarom alleen praten vaak niet genoeg is. Praten werkt op het mentale niveau. Maar als de informatie in het lichaam zit opgeslagen, moet daar ook werk gebeuren.\nDaarom werken in modern traumaherstel benaderingen die meerdere lagen aanspreken:\nAdemhalingsoefeningen — lichaam regulerend Lichaamsgerichte therapie (Somatic Experiencing, Sensorimotor Psychotherapy) — lichaam én emotie EMDR — emotionele lading herverbinden met denken Cognitieve therapie — denken en referentiekader Zelfherinnering en aandacht (Vierde Weg) — bewust centrum versterken Co-regulatie via veilige relaties — alle lagen tegelijk Geen enkele methode kan alleen. De Wet van Vier verklaart waarom: herstel vraagt verbinding tussen lichaam, emotie, denken en essentie. Wat ontkoppeld is, moet weer leren samenspelen.\nDe brug naar de Vierde Weg # Gurdjieff stelde dat de meeste mensen leven zonder een ontwikkeld bewust centrum, zonder de \u0026ldquo;I\u0026rdquo; die de drie andere centra kan integreren. We reageren mechanisch, vanuit gewoonte en patroon. Trauma versterkt die mechaniciteit. Reacties worden automatischer, minder gekozen.\nZijn werk draait om het langzaam opbouwen van dat regulerende centrum. Niet door iets nieuws te leren, maar door aanwezig te leren zijn bij wat er al gebeurt; in lichaam, gevoel en denken tegelijk.\nVoor mensen die herstellen na trauma is dat een hoopvol perspectief. Het is geen nieuwe taak. Het is het herwinnen van iets dat al van jou was, voordat de cyclus brak.\nWat de Wet van Vier niet is # Voor evenwicht, net als bij de andere modellen op deze site, een paar eerlijke kanttekeningen.\nHet is geen klinisch model. De Wet van Vier komt uit een spirituele traditie, niet uit de geneeskunde. Hij verklaart geen DSM-criteria, schrijft geen behandelprotocol voor. De vier lagen zijn geen scherp af te bakenen biologische structuren. Het is een werkmodel, geen anatomische kaart. Moderne neurowetenschap beschrijft de processen anders en preciezer, met termen als interoceptie, default mode network, en HPA-as. De term \u0026ldquo;ziel\u0026rdquo; is keuze, geen feit. Wie het woord ongemakkelijk vindt, kan ook \u0026ldquo;essentie\u0026rdquo;, \u0026ldquo;I\u0026rdquo;, \u0026ldquo;bewust centrum\u0026rdquo; of \u0026ldquo;kern\u0026rdquo; lezen. De functie blijft hetzelfde. Het vervangt geen therapie. Inzicht in dit model kan een lezer helpen om eigen ervaringen beter te begrijpen, maar herstel vraagt vaak professionele begeleiding. Veelgestelde vragen # Waarom verschilt dit van het drie-breinen-model? # Het drie-breinen-model beschrijft de drie centra (hoofd, hart, buik) als drie vormen van intelligentie in rust. De Wet van Vier voegt daar twee dingen aan toe: de vierde laag (essentie/ziel als regulerend centrum) en de cyclus tussen de lagen, beide richtingen.\nHoe verhoudt dit zich tot de polyvagale theorie? # De polyvagale theorie verklaart hoe het autonome zenuwstelsel schakelt tussen drie toestanden van veiligheid en gevaar. De Wet van Vier gaat over hoe ervaringen via de lagen heen bewegen en zich opslaan. Beide modellen vullen elkaar aan: Porges legt uit wat het zenuwstelsel doet, de Wet van Vier hoe die informatie zich daarna integreert of niet.\nIs \u0026ldquo;ziel\u0026rdquo; hetzelfde als bewustzijn? # In Gurdjieffs gebruik niet helemaal. Bewustzijn is breder en gradueel, er zijn niveaus van bewustzijn. De I of essentie is in zijn model wat overblijft als alle aangeleerde rollen wegvallen. Het is dichter bij iets als \u0026ldquo;kern van wie je bent\u0026rdquo; dan bij gewone alertheid.\nWat doe ik als dit model resoneert met mijn ervaring? # Bespreek het met je behandelaar, of gebruik het als kompas bij keuzes in je herstel. Vraag jezelf af: waar zit mijn werk nu; in mijn lichaam, in mijn emoties, in mijn denken, of in mijn referentiekader? Het antwoord verschilt per fase en is zelden alleen één laag.\nKan ik dit zonder leraar beoefenen? # Het model begrijpen kan, ja. Maar het opbouwen van een bewust regulerend centrum is een levenswerk waar de Vierde Weg traditioneel begeleiding bij aanbeval. Op deze site lees je een inleiding; voor verdieping zou ik In Search of the Miraculous van Ouspensky aanraden.\nTot slot # Met de kennis die ik nu heb, zou ik thuis, na een ingrijpende gebeurtenis, ook een tweede proces-verbaal schrijven. Niet voor de zaak. Voor mijzelf. Een proces-verbaal van wat ik voelde, van wat mijn lichaam droeg, van wat het denken nog niet kon plaatsen.\nHet zou geen oplossing zijn geweest. Wel een eerlijk begin van verwerking.\nVoor wie in een vergelijkbaar beroep staat (politie, militair, hulpverlening) of er ooit in stond: dit kan ook bij jou een plek hebben. Schrijf niet alleen wat er gebeurde. Schrijf ook wat het met je deed.\nTrauma is geen kortsluiting in één deel van het systeem. Het is een verstoring in de samenhang tussen lichaam, emotie, denken en essentie. Herstel begint dan niet met \u0026ldquo;het juiste denken vinden\u0026rdquo; of \u0026ldquo;de juiste oefening doen\u0026rdquo;. Het begint met opnieuw verbinden. Lichaam met gevoel. Gevoel met denken. Denken met de plek waar wij weten wie we zijn en wat we waarderen.\nHet lichaam kan nergens anders zijn dan in het hier en nu. Daar wacht het.\nVerder lezen # Drie breinen, één mens — de drie centra in rust Polyvagaal theorie van Porges — wat het zenuwstelsel onbewust doet De Vierde Weg — het bredere kader van Gurdjieff Bronnen en wetenschappelijke publicaties # Gurdjieff, G.I. (1950). Beëlzebub\u0026rsquo;s Tales to His Grandson Ouspensky, P.D. In Search of the Miraculous Pert, C. (1997). Molecules of Emotion Porges, S.W. (2011). The Polyvagal Theory Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Damasio, A. (1999). The Feeling of What Happens Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/wet-van-vier-trauma/","section":"Blog","summary":"","title":"Op het moment zelf: de Wet van Vier en wat trauma met je doet","type":"posts"},{"content":" Niet elk litteken sluit. En toch kan er iets groeien. # Sommige gebeurtenissen breken een mens open. Verlies, geweld, verraad, oorlog, misbruik, een ongeluk, ziekte of morele ontwrichting. Ze laten niet alleen herinneringen achter, maar veranderen hoe je naar jezelf, anderen en het leven kijkt.\nToch vertellen sommige mensen na zo\u0026rsquo;n periode iets opvallends. Niet dat het goed was. Niet dat ze blij zijn met wat er gebeurde. Wel dat er op bepaalde vlakken iets veranderde; meer diepgang, andere prioriteiten, grotere eerlijkheid, meer compassie of een sterker gevoel van richting.\nIn de psychologie heet dit post traumatische groei.\nDat begrip vraagt zorgvuldigheid. Groei is geen verplicht eindstation. Trauma is geen geheime zegen. En pijn verdwijnt niet automatisch door inzicht. Maar soms ontstaat er, midden tussen de brokstukken, een ander soort leven.\nWat is post traumatische groei? # De term Posttraumatic Growth (PTG) werd bekend door het werk van Richard Tedeschi en Lawrence Calhoun. Zij beschreven positieve psychologische verandering die kan ontstaan door de worsteling na een ingrijpende gebeurtenis.\nBelangrijk: de groei komt niet door het trauma zelf, maar door wat iemand doet in de nasleep ervan; verwerken, betekenis geven, keuzes herzien, opnieuw leren leven!\nPost traumatische groei is niet hetzelfde als veerkracht. Veerkracht betekent terugveren naar hoe je was. Groei gaat verder: iemand verandert op manieren die er vóór het trauma niet waren.\nVijf vormen van groei die vaak worden herkend # 1. Meer waardering voor het leven # Gewone dingen krijgen meer gewicht. Stilte in de ochtend. Een gesprek zonder haast. Brood bakken. Wind op het water. Wat vroeger vanzelfsprekend was, voelt nu als iets om bij stil te staan.\n2. Diepere relaties # Mensen worden soms eerlijker, selectiever en kwetsbaarder in verbinding. Oppervlakkige contacten worden afgelegd; echte nabijheid wordt meer gezocht en gewaardeerd.\n3. Ervaren innerlijke kracht # Niet stoerheid, maar het besef: ik kan dragen wat ik nooit wilde dragen. Wie iets heeft doorstaan dat ondraaglijk leek, ontdekt soms een andere verhouding tot zichzelf.\n4. Nieuwe mogelijkheden # Ander werk. Andere keuzes. Een nieuw ritme. Een roeping die eerder verborgen bleef. Soms dwingt trauma een heroriëntatie af die uiteindelijk dichter bij het eigen leven komt.\n5. Spirituele of existentiële verdieping # Meer aandacht voor waarheid, sterfelijkheid, aanwezigheid en wat werkelijk telt. Vragen die eerder theoretisch of filosofisch waren, worden persoonlijk en urgent.\nGroei neemt de pijn niet weg # Hier gaat het vaak mis in populaire taal. Alsof groei betekent dat de wond dicht is. Alsof inzichten nachtmerries oplossen. Alsof betekenis de schade neutraliseert.\nZo werkt het meestal niet.\nEen mens kan groeien én rouwen. Wijzer worden én ontregeld zijn. Meer compassie ontwikkelen én nog steeds triggers ervaren. Post traumatische groei en PTSS-klachten kunnen tegelijk bestaan, ze sluiten elkaar niet uit.\nSoms is overleven al genoeg. Soms is stabiliseren de winst. Soms is een dag zonder overspoeld te worden pure vooruitgang.\nWat zegt onderzoek? # Onderzoek naar post traumatische groei laat een genuanceerd beeld zien. Er zijn herkenbare patronen, maar ook serieuze kanttekeningen die de eerlijkheid vereisen.\nWat onderzoek ondersteunt # Sociale steun helpt. Mensen die steun ervaren van veilige anderen rapporteren vaker groei. Niet omdat steun trauma uitwist, maar omdat herstel makkelijker wordt in verbinding.\nReflectie en betekenisgeving helpen. Wie woorden vindt voor wat er is gebeurd, kan innerlijke chaos langzaam ordenen. Schrijven, praten, therapie al deze vormen van verwerking dragen bij.\nGroei en klachten kunnen naast elkaar bestaan. Iemand kan PTSS-klachten houden en tegelijk veranderd zijn in prioriteiten, relaties of levenshouding.\nWat onderzoek nuanceert # Niet elke gerapporteerde groei is duurzaam of echt. Soms is wat iemand als groei beschrijft een beschermend verhaal, een manier om de pijn draaglijk te maken. Dat is begrijpelijk, maar het is iets anders dan daadwerkelijke verandering in gedrag en keuzes.\nBovendien is post traumatische groei lastig objectief te meten. De meeste studies steunen op zelfrapportage, en mensen zijn geneigd positieve verandering te benadrukken, ook als die er nauwelijks is. Werkelijke groei blijkt pas later in hoe iemand leeft, niet alleen in wat iemand erover zegt.\nSchaamte, compassie en herstel # Trauma gaat vaak samen met schaamte: het gevoel dat er iets mis is met jou, dat je anders had moeten reageren, dat jij het aan jezelf te wijten hebt.\nJuist daar ligt een belangrijke sleutel.\nHet werk van Brené Brown over kwetsbaarheid en van Paul Gilbert over Compassion Focused Therapy wijst in dezelfde richting: herstel verdiept wanneer innerlijke veroordeling zachter wordt. Niet door de kritische stem te onderdrukken, maar door er een andere stem naast te zetten een die erkent wat moeilijk was, zonder het te veroordelen.\nCompassie is geen zachte luxe. Het is een andere manier van met jezelf omgaan: niet alles geloven wat je innerlijke aanklager zegt, en jezelf niet verlaten wanneer pijn voelbaar wordt.\nDe Vierde Weg van Gurdjieff: werken in het gewone leven # De Vierde Weg van Gurdjieff is een spirituele en psychologische traditie die het bewuste werken aan zichzelf centraal stelt niet in afzondering of onder ideale omstandigheden, maar midden in het dagelijks leven.\nDat raakvlak met post traumatische groei is concreet. Iemand die na trauma leert om aanwezig te blijven bij zichzelf in plaats van weg te vluchten in gedachten of verlamming, doet aan zelfherinnering in de zin van Gurdjieff. Iemand die zich niet laat opsluiten door angst of schaamte die beseft dat hij meer is dan zijn verleden, beoefent wat de traditie niet geïdentificeerd raken noemt.\nEnkele raakvlakken:\nZelfherinnering — aanwezig blijven bij jezelf, ook als het moeilijk is Niet geïdentificeerd raken — je bent meer dan je angst of je verleden Bewuste inspanning — kleine eerlijke stappen zetten, zonder zelfbedrog Werken met hoofd, hart en lichaam — groei vraagt heel de mens De Vierde Weg voegt een nuchtere laag toe: niet wachten op perfecte omstandigheden. Werken met wat zich vandaag aandient.\nHoe ziet groei er in het echte leven uit? # Niet altijd spectaculair. Soms juist klein en stil.\nIemand die grenzen leert stellen waar dat eerder onmogelijk leek. Iemand die hulp durft te vragen, voor het eerst in jaren. Iemand die stopt met pleasen en merkt dat relaties daardoor echter worden.\nSoms betekent post traumatische groei: rust belangrijker vinden dan status, en merken dat dat geen verlies is maar een bevrijding. Of eerlijker spreken, ook als dat ongemakkelijk is. Of zachter worden voor jezelf niet als zwakte, maar als keuze.\nSoms is het concreter: ander werk kiezen, meer leven volgens eigen waarden, opnieuw kunnen genieten van gewone dingen die vroeger vanzelfsprekend leken.\nWat helpt groei mogelijk maken? # 1. Veiligheid eerst # Zonder basisveiligheid wordt verdieping snel te zwaar. Regulatie gaat voor reflectie.\n2. Relaties die dragen # Therapie, vriendschap, lotgenoten of een wijze begeleider kunnen veel betekenen. Groei gebeurt zelden alleen.\n3. Kleine aanwezigheid oefenen # Één bewuste ademhaling. Voeten voelen. Even opmerken wat er nu is. Niet als techniek, maar als oefening in er mogen zijn.\n4. Rouw toelaten # Wat verloren ging verdient ruimte. Groei begint niet bij acceptatie, maar bij erkenning van wat er echt is.\n5. Tempo respecteren # Groei laat zich niet afdwingen. Seizoenen hebben hun eigen ritme, en dat geldt ook voor herstel.\nOok relevant bij moral injury # Bij moral injury staan schuld, schaamte, verlies van vertrouwen en existentiële breuk vaak centraal. Iemand heeft iets gedaan, gezien of niet kunnen voorkomen wat botst met zijn diepste waarden.\nOok daar kan post traumatische groei mogelijk zijn niet door het verleden mooier te maken, maar door:\nwaarheid onder ogen te zien zonder te verdrinken verantwoordelijkheid te onderscheiden van onterechte schuld waarden te herijken op basis van wat er geleerd is menselijkheid terug te vinden, ook in de eigen feilbaarheid opnieuw te kiezen hoe je wilt leven Lees ook # Wat is het verschil tussen PTSS en moral injury? Trauma en het lichaam Stilte bij PTSS De kracht van taal Systemisch werk bij trauma Franciscus van Assisi - mystiek als menselijke herstelweg Conclusie # Post traumatische groei is geen happy end en geen opdracht. Het is de mogelijkheid dat een mens na ontwrichting op sommige vlakken echter, rijper en bewuster wordt, terwijl de pijn kan blijven, het gemis kan blijven, en littekens zichtbaar blijven.\nGroei betekent niet dat je het trauma achter je laat. Het betekent dat je iets nieuws meebrengt vanuit wat je hebt doorgemaakt: meer eerlijkheid, meer compassie, een scherper gevoel voor wat werkelijk telt.\nMisschien is dat de kern: niet groter worden dan het verleden, maar waarachtiger leven dan vóór de breuk.\n","date":"21 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/post-traumatische-groei/","section":"Blog","summary":"","title":"Post traumatische groei bij PTSS: kan een mens groeien na trauma?","type":"posts"},{"content":"Wie met PTSS of moral injury werkt, hoort vroeg of laat dat het lichaam erbij hoort. Trauma zet zich vast in het zenuwstelsel, in spierspanning, in ademhaling, in houding. Niet als metafoor maar als fysiologisch feit. Wat lastiger te vinden is, is een eerlijk overzicht van wat \u0026ldquo;lichaamsgerichte therapie\u0026rdquo; in de praktijk precies betekent. De term dekt een breed spectrum aan methoden, van klinisch goed onderbouwd tot experimenteel, van gesprekstherapie met lichaamsbewustzijn tot werken met paarden.\nMet deze post probeer ik dat overzicht te geven. Niet als ranking en niet als compleet beeld, maar als wegwijzer. Per behandeling één alinea: wat is het, wat doet het in het lichaam, voor wie het kan passen, en waar nuance op zijn plek is.\nWat ik nog wil melden. Sommige van de hieronder beschreven methoden heb ik zelf gevolgd, andere ken ik uit literatuur. Waar ik eigen ervaring heb, vermeld ik dat expliciet. Daarnaast geldt voor alle besproken methoden: ze staan náást gespecialiseerde traumazorg, niet ervoor in de plaats.\nOnderbouwde trauma-specifieke methoden # Somatic Experiencing (Peter Levine) # Peter Levine ontwikkelde Somatic Experiencing vanuit de observatie dat dieren in het wild bijna nooit chronisch trauma ontwikkelen, ondanks dat ze constant doodsbedreiging ervaren. Mensen ontwikkelen dit wel. Vaak omdat ze de natuurlijke ontladingsbeweging na een bedreiging onderdrukken. Somatic Experiencing werkt met \u0026ldquo;titreren\u0026rdquo;: kleine, hanteerbare doses geactiveerde lichamelijke sensatie afwisselen met momenten van veiligheid. Geleidelijk leert het zenuwstelsel weer schakelen tussen activatie en herstel.\nInmiddels is er behoorlijk onderzoek gedaan. Het laat positieve effecten bij PTSS zien. Voor wie veel klassieke gesprekstherapie heeft gehad zonder voldoende resultaat, kan dit een waardevolle aanvulling zijn.\nSensorimotor Psychotherapy (Pat Ogden) # Pat Ogden combineert gesprekstherapie met systematisch lichaamsbewustzijn. Gedachten, emoties en lichamelijke sensaties worden niet apart behandeld maar tegelijkertijd gevolgd. De cliënt leert wat zijn lichaam doet terwijl hij praat, schouders die optrekken, een adem die stokt, een knie die wegtrekt en wat die signalen vertellen over wat onder de woorden ligt.\nDe methode is goed onderbouwd en wordt internationaal binnen geaccrediteerde traumaprogramma\u0026rsquo;s gebruikt. Voor cliënten die wel willen praten maar voelen dat woorden alleen het niet redden, is dit vaak een natuurlijke stap.\nTrauma-sensitive yoga (David Emerson en Bessel van der Kolk) # Trauma-sensitive yoga is geen gewone yogales. Er wordt geen aanraking gegeven, er zijn geen verplichte houdingen, en de instructeur is getraind om geen taal te gebruiken die controle of correctie suggereert. De cliënt wordt uitgenodigd om in elke houding zelf te kiezen. Dat klinkt klein maar is fundamenteel: voor wie trauma heeft beleefd waarin keuze en lichaam werden afgenomen, herstelt deze vorm precies dat.\nHet werk van David Emerson en Bessel van der Kolk (Trauma Center, Boston) heeft hier een van de best onderbouwde body-based interventies van gemaakt voor mensen met complexe PTSS.\nSpanningsontlading via het lichaam # TRE — Tension and Trauma Releasing Exercises (David Berceli) # David Berceli ontwikkelde TRE in oorlogsgebieden, waar grote groepen mensen tegelijk getraumatiseerd raakten en geen toegang hadden tot individuele therapie. De methode bestaat uit een reeks oefeningen die het natuurlijke trillen van het lichaam uitlokken. Een neurogeen mechanisme dat ook bij dieren voorkomt en dat helpt om opgebouwde stressenergie te ontladen.\nMijn eigen ervaring: ik heb TRE gevolgd bij Yogalab in Amsterdam. Het brengt ontspanning in het lichaam. Het peer-reviewed onderzoek is nog beperkt en de methode wordt soms te lichtvaardig aangeprezen, maar voor wie het werkt, werkt het direct en lichamelijk merkbaar.\nBioenergetica (Alexander Lowen) # Alexander Lowen werkte voort op het idee van Wilhelm Reich dat onverwerkte emoties zich als \u0026ldquo;armor\u0026rdquo; (chronische spierspanning) in het lichaam vastzetten. Bioenergetische oefeningen gebruiken specifieke houdingen, ademoefeningen en soms expressieve bewegingen om die vastzittende energie te bevrijden.\nZelf heb ik geen praktijkervaring met deze methode. Conceptueel sluit ze aan bij TRE en Somatic Experiencing. Alle drie werken met het lichamelijk ontladen van wat het zenuwstelsel niet zelfstandig heeft kunnen verwerken. Het peer-reviewed onderzoek is beperkter dan bij de eerder genoemde methoden; tegelijk heeft Bioenergetica een lange klinische traditie en raakt het direct aan lichamelijk vastgehouden spanning.\nBewustwording via beweging # Feldenkrais (Moshé Feldenkrais) # Moshé Feldenkrais ontwikkelde een methode waarin zeer subtiele bewegingen worden gebruikt om motoriek en zelfwaarneming opnieuw te organiseren. De insteek is niet symptoomgericht maar leergericht: het lichaam ontdekt nieuwe bewegingsmogelijkheden, en daarmee verandert ook hoe je in je lijf woont.\nIk heb zelf een tijd Feldenkrais gevolgd gedurende mijn behandelingen. Het deed iets voor mij persoonlijk minder dan TRE. Dat zegt waarschijnlijk meer over mijn specifieke zenuwstelsel dan over de methode. Er zijn mensen voor wie Feldenkrais juist precies aansluit bij wat zij nodig hebben. Onderzoek bestaat vooral rond chronische pijn en houding, minder direct over PTSS.\nAanraking en lichaamsweefsel # Haptotherapie (Frans Veldman) # Ik heb een jaar haptotherapie gehad. Hierdoor werd ik weer aanraakbaar.\nDat is de kortste samenvatting van wat haptotherapie kan doen bij PTSS. Voor wie aanraking niet meer vanzelfsprekend voelt, of helemaal niet meer mogelijk leek. Frans Veldman ontwikkelde de haptonomie in Nederland; haptotherapie is de toepassing ervan in de praktijk. De methode werkt met aanraking binnen een expliciet relationele context: de therapeut leest via hand-contact wat het lichaam vertelt en bouwt voorzichtig vertrouwen op. Voor mensen die door moral injury, hechtings- of relationeel trauma fysiek hebben \u0026ldquo;afgesloten\u0026rdquo;, kan dit een uitweg zijn die gesprekstherapie alleen niet biedt.\nDe klinische ervaring met haptotherapie bij PTSS is uitgebreid; peer-reviewed onderzoek is nog beperkter dan bij Somatic Experiencing of trauma-sensitive yoga. De Vereniging Van Haptotherapeuten heeft een goede achtergrondpublicatie over haptotherapie bij PTSS (PDF).\nBindweefsel- en lichaamsmassage met trauma-bewustzijn # Massage is geen complete therapievorm voor PTSS, maar wel een onderschatte ondersteuning. Als gediplomeerd sportmasseur weet ik wat een goede bindweefselmassage kan losmaken. Vastgezette spanning die soms jarenlang structureel een lichaamsdeel onbeweeglijk maakt, kan onder kundige handen weer doorgankelijk worden.\nBelangrijke kanttekening: zonder trauma-bewustzijn bij de masseur kan ontlading ook ontregelend werken. Als ineens een herinnering opduikt of de cliënt overspoeld raakt door emotie, moet de masseur weten wat hij doet. Een trauma-geïnformeerde masseur is iets anders dan een ervaren technicus. Voor wie deze route overweegt: vraag expliciet naar ervaring met PTSS-cliënten en bouw langzaam op!\nNiet-menselijke werkrelaties # Paardencoaching / equine-facilitated therapy # Paarden lezen lichaamsspanning beter dan de meeste mensen. Ze reageren direct op wat zich in je zenuwstelsel afspeelt, ook als jijzelf niet weet dat het daar zit. Daardoor wordt een paard een spiegel niet metaforisch, maar concreet observeerbaar.\nIk heb twee keer paardencoaching gevolgd via de BNMO. Het bracht veel ontspanning. Voor wie taal kwijt is geraakt rond zijn ervaring, of voor wie therapie te confronterend voelt, kan werken met een paard een toegang bieden die niet via woorden hoeft. Er bestaat groeiend onderzoek naar equine-facilitated therapy bij veteranen en mensen met complexe PTSS.\nRelationeel-lichamelijk # Pesso Boyden System Psychomotor (PBSP) # Albert Pesso en Diane Boyden ontwikkelden een methode waarin lichamelijk wordt gewerkt rond gemiste basisbehoeften: een plek, bescherming, verzorging, begrenzing, erkenning. In groepsstructuren wordt symbolisch en lichamelijk gerepresenteerd wat in iemands geschiedenis ontbrak.\nNiche-methode, maar inhoudelijk dicht bij wat bij moral injury en hechtingstrauma speelt: niet zozeer wat er gebeurd is, als wat had moeten gebeuren en niet kwam. Voor cliënten die voelen dat hun pijn niet alleen om een gebeurtenis draait maar om een afwezigheid, kan dit een uitzonderlijk passende vorm zijn.\nVeiligheid bij aanraking # Bij elke methode waarin aanraking een rol speelt; haptotherapie, massage, sommige vormen van Somatic Experiencing, soms paardencoaching is veiligheid geen detail maar de basisvoorwaarde! Voor mensen met seksueel trauma of fysiek geweld in de voorgeschiedenis kan een verkeerd geplaatste aanraking opnieuw activerend werken in plaats van regulerend.\nDrie dingen die ik daarbij belangrijk vind.\nTen eerste, trauma-specifieke scholing van de begeleider. Een goed haptotherapeut zonder traumakennis is iets anders dan een haptotherapeut die jaren met PTSS-cliënten heeft gewerkt. Vraag expliciet naar ervaring met deze doelgroep. Een serieuze begeleider antwoordt daar zonder reserve op.\nTen tweede, toestemming en stopcodes. Een trauma-geïnformeerde therapeut werkt met expliciete toestemming voor aanraking, en respecteert \u0026ldquo;stop\u0026rdquo; als woord dat geen verdere uitleg behoeft. Wie dat niet doet, is niet de juiste begeleider, los van hoe goed zijn techniek is.\nTen derde, het verschil tussen aangeraakt worden door iemand die jouw zenuwstelsel kan lezen versus iemand die alleen zijn methode beheerst. Voor lichaamsgerichte therapie geldt nog sterker dan voor gesprekstherapie: de klik is geen luxe, het is functioneel onderdeel van wat de methode mogelijk maakt.\nHoe kies je? # Vier vragen die je jezelf kunt stellen voordat je begint. Een klik je met de begeleider Niet alleen sympathiek vinden, maar voel je je veilig genoeg om iets te laten zien? Past de intensiteit van de methode bij waar je nu staat. Begin niet bij het zwaarste als je net uit een crisis komt. Werkt aanraking voor jou, of is een aanraakloze methode (trauma-sensitive yoga, Feldenkrais, paardencoaching) een betere ingang? En: heeft de therapeut specifiek trauma-ervaring, of is hij een vakman in zijn methode zonder traumafocus?\nGeen van deze vragen heeft een goed of fout antwoord. Het zijn vragen die richting geven.\nWat dit overzicht niet doet # Geen ranking. De volgorde van de modaliteiten is logisch — eerst de best onderbouwde, dan toenemend specifiek of niche — maar betekent niet dat de eerste de beste is voor jou.\nGeen volledige inventarisatie. Cranio-sacraal werk, Rolfing, holotropisch ademwerk en een aantal andere methoden zijn bewust niet opgenomen. Niet omdat ze slecht zouden zijn, maar omdat ik er onvoldoende ervaring of vertrouwen in heb om er hier iets zinvols over te zeggen.\nGeen vervanging van gespecialiseerde traumazorg. Voor ingrijpende PTSS en moral injury blijven goed geschoolde traumabegeleiders, vaak in combinatie met EMDR of CGT, het fundament. Lichaamsgerichte methoden staan ernaast, soms binnen, zelden in plaats van.\nLees ook # Trauma en het lichaam Polyvagaal theorie van Porges Ademhaling bij PTSS Sport bij PTSS Wet van Vier en trauma Schaamte na trauma Conclusie: het lichaam als toegang # Wat al deze methoden delen, ondanks hun verschillen, is een eenvoudig uitgangspunt: het lichaam is geen passief voertuig dat de gevolgen van trauma draagt, maar een actieve gesprekspartner in herstel. De technieken verschillen, de onderbouwing verschilt, de stijl verschilt maar de grondslag is dezelfde. Wat het lichaam vasthoudt, kan het lichaam ook helpen loslaten.\nWelke methode bij jou past, is geen kwestie van wat het beste werkt in onderzoek, maar van wat aansluit bij jouw zenuwstelsel, jouw geschiedenis en de mensen met wie je werkt. Soms is dat één methode die je jaren begeleidt. Soms is het een combinatie. Soms is het juist een methode waarvan je niet had verwacht dat hij voor jou zou werken en die toch precies de toegang biedt die je nodig had.\nHet lichaam wacht. Daarmee beginnen is meestal de moeilijkste stap.\nBronnen en wetenschappelijke publicaties # Levine, P. (1997). Waking the Tiger — Healing Trauma Levine, P. (2010). In an Unspoken Voice — How the Body Releases Trauma and Restores Goodness Ogden, P., Minton, K. \u0026amp; Pain, C. (2006). Trauma and the Body — A Sensorimotor Approach to Psychotherapy Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Emerson, D. (2015). Trauma-Sensitive Yoga in Therapy Berceli, D. (2005). Trauma Releasing Exercises (TRE) Lowen, A. (1975). Bioenergetics Feldenkrais, M. (1972). Awareness Through Movement Veldman, F. (1988). Haptonomie — Wetenschap van de Affectiviteit Vereniging Van Haptotherapeuten — Haptotherapie bij PTSS (PDF) Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/lichaamsgerichte-therapie-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Lichaamsgerichte therapie bij PTSS en moral injury: een overzicht","type":"posts"},{"content":"Sommige mensen weten rationeel dat ze veilig zijn, maar hun lichaam gelooft het niet. Ze schrikken van geluiden. Slapen licht. Voelen spanning zonder duidelijke oorzaak. Of juist leegte. Afvlakking. Afstand. Alsof er ergens diep vanbinnen een schakelaar is omgezet die niet meer terug wil.\nBij PTSS wordt dat vaak zichtbaar. Bij moral injury is het subtieler, maar minstens zo diep. Daar gaat het niet alleen over angst, maar ook over verraad, schuld, schaamte, verlies van betekenis en een beschadigd moreel kompas.\nDe Polyvagaal Theorie van de Amerikaanse neurofysioloog Stephen Porges probeert te verklaren waarom dit gebeurt. Niet alleen psychologisch, maar lichamelijk. De theorie laat zien dat ons zenuwstelsel voortdurend scant op veiligheid, gevaar of uitzichtloosheid, vaak zonder dat we het bewust merken.\nDat maakt deze theorie relevant voor trauma, en voor iets groters: de relatie tussen lichaam, bewustzijn en menselijke aanwezigheid.\nWat is de Polyvagaal Theorie? # De polyvagaal theorie draait om de nervus vagus, een grote zenuw die hersenen, hart, longen, buik en gezicht met elkaar verbindt. Hij is een belangrijk onderdeel van het autonome zenuwstelsel (het deel van je zenuwstelsel dat zonder bewuste sturing dingen regelt als hartslag, ademhaling en spijsvertering.)\nVolgens Porges werkt dit systeem niet als simpele aan/uit-schakelaar, maar kent het drie verschillende toestanden. Welke toestand op de voorgrond staat, bepaalt grotendeels hoe je je voelt en hoe je in de wereld staat.\n1. Ventrale vagale toestand — veiligheid en verbinding # In deze toestand voelt iemand zich relatief veilig. Het lichaam ontspant. Ademhaling verdiept. Oogcontact lukt. Er is ruimte voor contact, nieuwsgierigheid, humor en creativiteit.\nDit is de toestand waarin mensen werkelijk aanwezig kunnen zijn, bij zichzelf en bij anderen.\n2. Sympathische activatie — vechten of vluchten # Hier schakelt het lichaam over op actie. Hartslag stijgt. Spieren spannen zich aan. De aandacht vernauwt zich. Mensen worden alert, boos, angstig of onrustig.\nBij PTSS blijft het zenuwstelsel vaak in deze toestand hangen.Ook lang nadat het oorspronkelijke gevaar voorbij is.\n3. Dorsale vagale toestand — afsluiting en instorting # Wanneer vechten of vluchten geen optie meer lijkt, kan het systeem naar een diepere overlevingsreactie gaan: afsluiting. Mensen voelen zich leeg, verdoofd, moe of losgekoppeld van zichzelf.\nNiet zelden zeggen mensen met trauma: \u0026ldquo;Ik voel eigenlijk niets meer.\u0026rdquo; Volgens Porges is dat geen zwakte, maar een oud biologisch beschermingsmechanisme. Het systeem kiest verdoving boven overspoeling.\nNeuroceptie: het lichaam beslist vóór het denken # Een centraal begrip binnen de theorie is neuroceptie. Het zenuwstelsel leest voortdurend signalen van veiligheid of gevaar. Zonder dat het bewustzijn er iets aan hoeft te doen. Nog vóór je nadenkt, heeft je lichaam al gereageerd.\nDaarom kunnen mensen met PTSS heftig reageren op iets onschuldigs:\neen stemtoon een gezichtsuitdrukking onverwachte aanraking stilte of juist drukte bepaalde geuren of ruimtes autoriteit Het lichaam herkent patronen sneller dan het bewustzijn. Dat verklaart waarom trauma niet simpelweg \u0026ldquo;tussen de oren\u0026rdquo; zit en waarom alleen praten vaak niet genoeg helpt. Het lichaam onthoudt waar het hoofd allang heeft beredeneerd dat het veilig is.\nO hoofd, mijn hoofd wat laat je mijn lijf soms hard werken.\nPTSS: een zenuwstelsel dat veiligheid niet meer vertrouwt # Bij posttraumatische stressstoornis blijft het autonome zenuwstelsel vaak vastzitten in voortdurende paraatheid. Het systeem verwacht gevaar, ook wanneer dat objectief voorbij is.\nMensen raken sneller overprikkeld. Slapen slechter. Vertrouwen minder. Hun lichaam blijft waakzaam. Concreet zie je dat als:\nhyperalertheid schrikreacties vermijding paniek agressie dissociatie emotionele afvlakking Vanuit polyvagaal perspectief zijn dit geen \u0026ldquo;slechte eigenschappen\u0026rdquo;, maar pogingen van het zenuwstelsel om te overleven. Dat inzicht alleen al brengt bij veel mensen verlichting. Niet omdat het alles oplost, maar omdat schaamte iets minder wordt.\nMoral injury: wanneer ook betekenis breekt # Bij moral injury ligt het ingewikkelder. Daar gaat het niet alleen over gevaar, maar ook over geschonden waarden. Iemand kan lichamelijk veilig zijn en zich toch innerlijk vernietigd voelen.\nBijvoorbeeld:\neen militair die handelde tegen zijn geweten een zorgverlener die mensen tekort moest doen iemand die verraad ervoer binnen een organisatie een mens die zichzelf niet meer kan verenigen met wat hij deed of naliet Hier raakt niet alleen het zenuwstelsel ontregeld, maar ook identiteit, moraal en zingeving. Toch speelt het lichaam nog steeds een centrale rol. Schuld, schaamte en existentieel verlies zijn niet alleen gedachten ze nestelen zich ook fysiek:\nspanning in borst of buik oppervlakkige ademhaling vermijding van contact neiging tot isolatie chronische alertheid emotionele verdoving Moral injury leeft vaak letterlijk in het lichaam verder. Het verwerken van rouw rond moral injury krijgt daardoor een lichamelijke dimensie die in louter cognitieve therapie soms onvoldoende aandacht krijgt.\nWaarom verbinding biologisch herstel betekent # Een van de krachtigste inzichten van Porges is dat veiligheid relationeel is. Mensen reguleren elkaar. Een verschijnsel dat co-regulatie heet. Een rustige stem, zachte ogen, aandachtige aanwezigheid of oprechte verbinding kunnen het zenuwstelsel helpen uit overleving te komen.\nDat verklaart waarom heling vaak niet begint met analyse, maar met ervaren veiligheid. Niet alleen begrijpen. Voelen.\nHet is ook waarom veel mensen zeggen dat één werkelijk aanwezige therapeut, vriend, partner of geestelijk begeleider meer verschil maakte dan tien technieken.\nDe link met mystieke tradities # Hoewel de polyvagaal theorie modern en neurobiologisch is, raakt zij aan oude spirituele inzichten. Veel mystieke tradities beschrijven dat de mens pas werkelijk aanwezig wordt wanneer innerlijke fragmentatie afneemt.\nMeditatie, ademwerk, gebed en contemplatie beïnvloeden vaak ademhaling, hartslag en aandacht. Precies de systemen waar de nervus vagus een rol speelt. Dat betekent niet dat spiritualiteit \u0026ldquo;alleen biologie\u0026rdquo; is. Maar wel dat lichaam en bewustzijn waarschijnlijk minder gescheiden zijn dan lang gedacht.\nDe Vierde Weg van Gurdjieff # George Ivanovich Gurdjieff beschreef de mens als grotendeels slapend: reactief, mechanisch en verdeeld. Volgens hem leeft de gemiddelde mens niet vanuit bewuste aanwezigheid, maar vanuit automatische patronen.\nDat lijkt opvallend op wat traumaonderzoek laat zien. Een getraumatiseerd zenuwstelsel reageert vaak automatisch op gevaar, nog vóór bewust denken mogelijk is. Gurdjieff sprak over zelfherinnering: tegelijk aanwezig zijn in jezelf én in de wereld.\nVanuit polyvagaal perspectief zou je kunnen zeggen: een mens kan pas werkelijk aanwezig zijn wanneer het zenuwstelsel voldoende veiligheid ervaart. Daar zit een interessante brug tussen mystiek en neurobiologie.\nHet lichaam als poort, niet als hindernis # In veel spirituele stromingen werd het lichaam lange tijd gezien als iets dat overwonnen moest worden. Traumaonderzoek laat juist het tegenovergestelde zien.\nHet lichaam liegt meestal niet. Het onthoudt. Niet alleen gevaar, maar ook veiligheid. Daarom begint herstel vaak klein en concreet: leren ademen, vertragen, voelen waar spanning zit, veilige mensen herkennen, ritme opbouwen, opnieuw leren gronden in het hier en nu.\nNiet spectaculair. Wel fundamenteel.\nPraktische aanwijzingen voor dagelijks gebruik # De polyvagaal theorie is geen wondermiddel. Maar ze geeft wel praktische richting.\n1. Forceer jezelf niet voortdurend # Veel mensen met trauma proberen zichzelf \u0026ldquo;normaal\u0026rdquo; te dwingen. Dat werkt vaak averechts. Een zenuwstelsel dat zich onveilig voelt, laat zich niet commanderen. Eerst veiligheid, dan pas verandering.\n2. Werk met ritme # Regelmaat helpt het autonome zenuwstelsel: vaste slaaptijden, wandelen, ademhalingsoefeningen, rustmomenten, eenvoudige routines. Veiligheid ontstaat vaak via voorspelbaarheid. Zie ook Dagritme bij PTSS.\n3. Let op co-regulatie # Vraag jezelf af:\nBij wie ontspant mijn lichaam? Bij wie trek ik samen? Welke plekken voelen veilig? Welke gesprekken putten mij uit? Het lichaam weet vaak eerder dan het hoofd wat goed voor je is.\n4. Gebruik ademhaling bewust # Langzame uitademing activeert vaak de ventrale vagale toestand. Eenvoudige bouwstenen:\nlanger uitademen dan inademen neuriën of zachtjes zingen rustig wandelen bewust oogcontact zoeken bij iemand die je vertrouwt Voor verdieping: Ademhaling bij PTSS.\n5. Zoek geen perfecte controle # Herstel betekent meestal niet dat triggers verdwijnen. Het betekent dat het systeem flexibeler wordt. Minder gevangen in één toestand. Meer beweging tussen activatie, rust en verbinding.\nWat de Polyvagaal Theorie niet is # Voor evenwicht. Net zoals bij de Vierde Weg en het verhaal over transgenerationeel trauma een paar eerlijke kanttekeningen.\nHet is een model, geen feit. De theorie is invloedrijk, maar niet onomstreden. Wetenschappers als Paul Grossman hebben kritiek geuit op de evolutionaire onderbouwing en op de claim dat de specifieke vagale takken zo strikt te scheiden zijn. Voor de precieze fysiologie loopt het debat nog. Het is geen vervanging voor therapie. Inzicht in welke toestand je zenuwstelsel zit, is iets anders dan verwerken wat er met je is gebeurd. Beide zijn nodig. Niet alle vagus-tips werken voor iedereen. Wat de een rust geeft (langer uitademen, neuriën), kan een ander juist activeren of overprikkelen. Onderzoek wat bij jou past, kies geen recept omdat het op social media stond. De populaire toepassing loopt soms voor op het bewijs. Veel commerciële \u0026ldquo;vagus-stimulators\u0026rdquo; en programma\u0026rsquo;s beloven meer dan onderzoek aantoont. Wees kritisch, vooral bij dure cursussen. De praktische herkenbaarheid van de theorie blijft niettemin opvallend groot. Veel cliënten en behandelaars hebben er taal aan dat ze daarvoor misten.\nVeelgestelde vragen # Wat is het verschil tussen \u0026ldquo;polyvagaal\u0026rdquo; en \u0026ldquo;het zenuwstelsel\u0026rdquo; in het algemeen? # Het zenuwstelsel is het hele netwerk in je lijf. Het autonome zenuwstelsel is het deel dat zonder bewuste sturing werkt. De polyvagaal theorie is een specifiek model dáárbinnen, dat zegt dat de nervus vagus drie verschillende rollen heeft afhankelijk van hoe veilig of bedreigd je zenuwstelsel zich voelt.\nHelpt deze theorie bij PTSS? # Niet als therapie op zichzelf. Wel als kader om je eigen reacties te begrijpen, en als basis voor lichaamsgerichte oefeningen die naast reguliere behandeling kunnen werken. Veel trauma-therapieën zoals Somatic Experiencing, Sensorimotor Psychotherapy en delen van EMDR leunen op polyvagale inzichten.\nKan ik mijn nervus vagus zelf trainen? # Tot op zekere hoogte. Langzame uitademing, neuriën, zingen, koude blootstelling en zachte sociale contacten worden in onderzoek genoemd als activatoren van het ventrale vagale systeem. Maar de effecten zijn bescheiden, individueel verschillend, en geen vervanging voor traumabehandeling.\nWat is een goed eerste boek? # Voor wie zwaarder onderzoek niet schuwt: The Polyvagal Theory van Porges zelf. Voor toegankelijker: The Polyvagal Theory in Therapy van Deb Dana, of The Body Keeps the Score van Bessel van der Kolk waarin het polyvagale perspectief uitgebreid wordt toegelicht.\nHoe verhoudt dit zich tot het \u0026ldquo;hoofd-hart-buik\u0026rdquo;-verhaal? # Goede vraag. Het drie-breinen-model is een psychologisch-praktische manier om naar mensen te kijken. Polyvagaal is de neurobiologische onderbouwing van waarom die drie systemen zo verschillend reageren onder stress. De twee kaders sluiten elkaar niet uit; ze vullen elkaar aan.\nConclusie: veiligheid is meer dan afwezigheid van gevaar # De polyvagaal theorie laat iets wezenlijks zien: een mens heeft niet alleen bescherming nodig tegen gevaar, maar ook ervaring van veiligheid, verbinding en aanwezigheid.\nBij PTSS raakt het zenuwstelsel gevangen in overleving. Bij moral injury raakt daarnaast ook het morele en existentiële fundament beschadigd. Herstel vraagt daarom meer dan symptoombestrijding. Het vraagt een langzaam opnieuw leren bewonen van het lichaam, van relaties en van geweten.\nMisschien raakt deze theorie daarom zoveel mensen. Omdat zij een taal biedt voor iets wat velen intuïtief al voelden: dat heling niet alleen in het denken gebeurt, maar in het hele menselijke systeem.\nVerder lezen # Drie breinen, één mens — over de samenwerking van hoofd, hart en buik Ademhaling bij PTSS — praktische bouwstenen voor je vagus-systeem Trauma en het lichaam — over hoe trauma zich in het zenuwstelsel vasthecht Bronnen en wetenschappelijke publicaties # Porges, S.W. (2011). The Polyvagal Theory Porges, S.W. (2018). Clinical Applications of the Polyvagal Theory Dana, D. (2018). The Polyvagal Theory in Therapy Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Litz, B. et al. (2009). Moral Injury and Moral Repair in War Veterans Shay, J. (1994). Achilles in Vietnam Ogden, P. (2006). Trauma and the Body Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/polyvagaal-theorie-porges/","section":"Blog","summary":"","title":"De Polyvagaal Theorie van Porges: wat je zenuwstelsel vertelt over PTSS en moral injury","type":"posts"},{"content":" Neuroplasticiteit bij (complexe) PTSS en Moral Injury: hoe het brein nieuwe paden leert # Wanneer oude alarmen blijven afgaan # Sommige mensen leven jaren na een gebeurtenis nog alsof het gevaar niet voorbij is. Het lichaam schrikt, het hoofd scant, de slaap breekt open, relaties raken gespannen. Bij complexe PTSS en moral injury is dat geen zwakte. Het is vaak een brein dat zich ooit briljant heeft aangepast aan onveilige omstandigheden — en die aanpassing nu te lang blijft herhalen.\nDat is precies waar neuroplasticiteit interessant wordt. Niet als wonderwoord. Niet als snelle oplossing. Maar als nuchtere en tegelijk hoopvolle waarheid: het brein kan veranderen zolang we leven.\nWat gevormd is, kan ook hervormd worden.\nWat is neuroplasticiteit? # Neuroplasticiteit is het vermogen van het zenuwstelsel om zich aan te passen. Hersencellen maken nieuwe verbindingen, bestaande netwerken versterken of verzwakken, en gedragspatronen kunnen veranderen door ervaring, aandacht en herhaling.\nDat gebeurt voortdurend:\nwanneer je iets nieuws leert wanneer je een gewoonte afleert wanneer je herstelt van stress of letsel wanneer je anders leert reageren op een trigger Trauma laat dus sporen na, maar groei doet dat ook.\nOnderzoek laat zien dat trauma samenhangt met veranderingen in onder meer de amygdala (alarmcentrum), hippocampus (context en geheugen) en prefrontale cortex (regulatie, overzicht, keuzes). Chronische stress kan deze systemen ontregelen, maar gerichte behandeling en veilige nieuwe ervaringen kunnen opnieuw invloed uitoefenen op die netwerken.\nWaarom is dit relevant bij complexe PTSS? # Bij complexe PTSS gaat het vaak niet om één gebeurtenis, maar om langdurige of herhaalde onveiligheid. Denk aan jeugdtrauma, mishandeling, verwaarlozing, oorlog, gevangenschap of relationeel geweld.\nHet brein leert dan vaak:\naltijd alert zijn mensen niet vertrouwen gevoelens onderdrukken gevaar eerder zien dan veiligheid overleven vóór leven zetten Dat zijn geen karakterfouten. Dat zijn ingesleten overlevingsroutes.\nNeuroplasticiteit betekent hier: er kunnen nieuwe routes ontstaan. Niet door het verleden uit te wissen, maar door naast oude sporen nieuwe paden aan te leggen.\nEen trigger verdwijnt soms niet volledig. Maar hij hoeft niet langer de baas te blijven.\nEn wat is Moral Injury? # Moral injury ontstaat wanneer iemand diep geraakt wordt in zijn morele kompas. Bijvoorbeeld door:\niets te doen wat tegen eigen waarden ingaat iets niet te doen terwijl ingrijpen nodig leek verraad door leiders of instituties getuige zijn van menselijk leed zonder te kunnen handelen schuld, schaamte of verlies van betekenis Moral injury lijkt soms op PTSS, maar de kern is vaak anders. Waar PTSS veel draait om angst en dreiging, draait moral injury vaker om schuld, schaamte, vervreemding en existentiële pijn.\nMensen zeggen dan dingen als:\n“Ik ben niet meer wie ik was.”\n“Ik vertrouw mezelf niet meer.”\n“Ik heb iets verloren dat niet terugkomt.”\nDaarom vraagt moral injury niet alleen om stressregulatie, maar ook om herstel van betekenis, waarheid, verbinding en innerlijke waardigheid.\nNieuwe verbindingen ontstaan door ervaring, niet door theorie alleen # Veel mensen begrijpen rationeel allang wat er speelt. Toch verandert er weinig. Waarom? Omdat trauma vaak niet alleen in gedachten zit, maar in automatische zenuwstelselreacties, lichaamspatronen en reflexmatige interpretaties.\nHet brein leert vooral via ervaring.\nDus niet alleen:\n“Ik ben veilig” Maar ervaren:\niemand blijft rustig als jij gespannen bent je zegt nee en de wereld stort niet in je voelt spanning en blijft aanwezig je maakt een fout en wordt niet afgewezen je herinnert iets ouds zonder overspoeld te raken Dat zijn kleine gebeurtenissen. Maar neurologisch kunnen ze groot zijn.\nHerstel zit vaak in herhaalde, gedoseerde correctieve ervaringen.\nDe vierde weg van Gurdjieff: wakker worden in het gewone leven # Gurdjieff beschreef de mens als grotendeels mechanisch: we reageren automatisch, slapen wakker door het leven en noemen dat “ik”.\nZijn Vierde Weg was geen kloosterpad en geen terugtrekking uit de wereld. Juist midden in het gewone leven moest bewustzijn geoefend worden.\nDat raakt opvallend aan traumaherstel.\n1. Zelfobservatie zonder oordeel # Gurdjieff benadrukte het waarnemen van jezelf zonder direct te corrigeren of veroordelen.\nBij trauma betekent dat:\n“Mijn schouders trekken op.” “Ik scan de ruimte.” “Ik ga pleasen.” “Ik dissocieer nu.” Zodra iets gezien wordt, ontstaat ruimte tussen impuls en reactie.\nDat is neuroplasticiteit in praktijk: aandacht onderbreekt automatisme.\n2. Meerdere ‘ikken’ # Volgens Gurdjieff bestaat de mens uit vele tijdelijke “ikken”: de bange ik, de boze ik, de vermoeide ik, de sterke ik.\nVoor mensen met complexe PTSS is dat vaak herkenbaar. Je voelt je niet één geheel. In plaats van dat als defect te zien, kun je leren dat verschillende delen bescherming probeerden te bieden.\nDan verschuift de vraag van: wat is er mis met mij?\nnaar: welk deel probeert mij nu te beschermen?\n3. Bewuste inspanning # Niet forceren, maar vrijwillig iets nieuws doen terwijl het oude patroon trekt.\nBijvoorbeeld:\ntóch rustig ademen tóch contact houden tóch grenzen aangeven tóch blijven voelen zonder weg te schieten Dat zijn innerlijke krachttrainingen.\nParallellen in andere mystieke tradities # Boeddhisme: niet alles geloven wat verschijnt # Het boeddhisme leert opmerkzaamheid: gedachten, emoties en sensaties komen op en gaan weer voorbij.\nDat helpt bij triggers. Een golf van angst voelt absoluut, maar is niet hetzelfde als waarheid.\nNiet: “Ik bén verloren.”\nMaar: “Er is nu een ervaring van verlies.”\nDie subtiele verschuiving kan bevrijdend zijn.\nChristelijke contemplatie: stilte als dragende ruimte # De christelijke contemplatie kent het rusten in stilte, gebed en aanwezigheid. Niet alles hoeft opgelost te worden om gedragen te worden.\nVoor moral injury kan dat belangrijk zijn. Waar woorden tekortschieten, kan stille aanwezigheid soms eerder helen dan analyse.\nSoefisme: het hart polijsten # Het soefisme spreekt over het hart dat bedekt raakt en opnieuw gepolijst kan worden. Ook na schuld of breuk blijft de kern niet vernietigd, slechts bedekt.\nDat beeld helpt veel mensen meer dan klinische taal.\nMaar laten we nuchter blijven: geen wondermiddel # Neuroplasticiteit betekent niet:\ndat trauma “weg te trainen” is dat iedereen even snel herstelt dat wilskracht genoeg is dat je faalt als triggers blijven bestaan Herstel hangt sterk af van omstandigheden:\nVeiligheid # Zolang iemand nog in onveiligheid leeft, blijft het brein terecht waakzaam.\nRelaties # Een regulerend menselijk contact kan meer doen dan duizend inzichten.\nDosering # Te hard werken aan trauma kan juist overspoelen. Te weinig uitdaging houdt patronen vast.\nLichaam # Slaap, voeding, beweging en stressbelasting beïnvloeden leervermogen.\nProfessionele steun # Traumatherapie zoals EMDR, exposure, somatische therapie, IFS, ACT of andere passende begeleiding kan helpen nieuwe netwerken te versterken.\nPraktische aanwijzingen: hoe begin je nieuwe paden te leggen? # 1. Benoem patronen exact # Niet: “Ik ben kapot.”\nWel: “Ik trek me terug zodra iemand dichtbij komt.”\nConcreet zien maakt veranderbaar.\n2. Werk klein en herhaalbaar # Geen heldendaad. Eén procent anders reageren is al training.\n3. Reguleer eerst, analyseer later # Bij hoge stress leert het brein slecht. Eerst zakken. Dan onderzoeken.\n4. Zoek betrouwbare mensen # Herstel groeit vaak tussen mensen, niet alleen in je hoofd.\n5. Bouw betekenis op # Voor moral injury is de vraag niet alleen: hoe word ik rustiger?\nMaar ook: waar wil ik nu voor staan?\n6. Oefen aanwezigheid # Dagelijks drie minuten bewust ademen, voelen en waarnemen lijkt klein. Opgeteld is het training van aandacht.\nAndere publicaties en boeken die de moeite waard zijn # Wetenschappelijke publicaties # López-López et al. (2025). Neuroplasticity in Post-Traumatic Stress Disorder Deppermann et al. (2014). *Stress-induced neuroplasticity: (mal)adaptation to adverse Babu et al. (2025). Physical and Emotional Interventions in Modulating Neuroplasticity Boeken # Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Peter A. Levine Waking the Tiger Peter A. Levine In an Unspoken Voice Judith Lewis Herman Trauma and Recovery Judith Lewis Herman The Aftermath of Violence — From Domestic Abuse to Political Terror Ouspensky, P. D. In Search of the Miraculous - Fragments of an Unknown Teaching Frankl, Viktor E. De zin van het bestaan Conclusie: het verleden blijft, maar het hoeft niet te regeren # Trauma vormt het brein. Dat is waar. Maar ervaring vormt het brein ook. Dat is óók waar.\nNeuroplasticiteit biedt geen magie, wel richting. Oude reacties kunnen zachter worden. Nieuwe keuzes kunnen sterker worden. Triggers kunnen achtergrondruis worden in plaats van bevelen.\nMisschien is herstel niet terugkeren naar wie je was.\nMisschien is het wakker worden tot wie je nu kunt worden.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"13 juni 2025","externalUrl":null,"permalink":"/neuroplasticiteit-complexe-ptss-en-moral-injury/","section":"Blog","summary":"","title":"Neuroplasticiteit bij (complexe) PTSS en Moral Injury: hoe het brein nieuwe paden leert","type":"posts"},{"content":" Structuur is geen discipline. Het is regulatie. # Voor veel mensen roept structuur weerstand op. Het klinkt streng, saai of controlerend. Zeker als je al moe bent, slecht slaapt of moeite hebt om de dag door te komen.\nToch is een vast dagritme voor een ontregeld zenuwstelsel vaak geen beperking, maar steun. Regelmaat in slapen, licht, eten en beweging geeft voorspelbaarheid. Minder verrassingen betekent minder paraatheid. Minder paraatheid betekent meer herstel.\nBij PTSS is structuur niet bedoeld om perfect te presteren. Het helpt het lichaam opnieuw leren wanneer het mag activeren en wanneer het mag ontspannen.\nWaarom een vast dagritme helpt bij PTSS # PTSS raakt niet alleen gedachten en emoties. Het beïnvloedt ook slaap, energie, hormonen, concentratie en lichamelijke spanning.\nVeel mensen herkennen het patroon: laat in slaap vallen, vroeg wakker schrikken, overdag uitgeput zijn, \u0026rsquo;s avonds juist opleven, moeite met plannen, onrust bij lege dagen, en crashen na drukte. Een betrouwbaar ritme kan helpen om deze ontregeling langzaam te verzachten.\nWaarom structuur soms juist moeilijk voelt # Dat is geen onwil. Er kunnen goede redenen zijn: onrustige nachten, onregelmatige werktijden, een gevoel van dwang dat bij structuur opkomt, perfectionisme dat elke poging zwaar maakt, een geschiedenis van \u0026ldquo;gefaalde\u0026rdquo; pogingen, of simpelweg het idee dat vrijheid veiliger voelt dan planning.\nBegin daarom niet groot. Begin haalbaar.\nHet belangrijkste anker: vaste opstaantijd # Ook na een slechte nacht kan een redelijk vaste opstaantijd helpen je biologische klok te stabiliseren.\nNiet perfect elke dag, wel zo consistent mogelijk.\nHet ondersteunt het cortisolritme, helpt slaapdruk opbouwen, geeft de dag een begin en vermindert het gevoel van chaos.\nOchtendlicht als reset van je systeem # Daglicht in de ochtend is een van de krachtigste signalen voor je interne klok.\nPraktisch: ga binnen een uur na opstaan naar buiten — 10 tot 20 minuten is al waardevol, wandelen helpt extra, en alleen naar een scherm kijken telt niet mee. Dit is geen lifestyle-hack. Dit is biologie.\nKoffie iets later kan helpen # Cortisol stijgt van nature in de eerste periode na het wakker worden. Cafeïne daar direct bovenop kan sommige mensen extra onrustig maken.\nExperiment: Drink eerst water, pak daglicht mee, stel koffie 45 tot 90 minuten uit, en kijk wat jouw systeem doet.\nLees ook: Cortisol en PTSS\nBeweging en timing # Beweging helpt spanning ontladen en regulatie ondersteunen.\nWat vaak helpt: wandelen, fietsen, krachttraining, rekken, of een andere vorm van ritmische beweging. Voor veel mensen werkt ochtend of middag beter dan laat op de avond.\nStructuur in de dag zonder verstikking # Een goede dagstructuur hoeft niet vol te zitten.\nDenk aan drie hoofdactiviteiten, vaste eetmomenten, korte rustpauzes, een duidelijke overgang tussen werk en rust, en ruimte voor herstel.\nTe leeg geeft onrust. Te vol geeft overbelasting. De kunst zit ertussen.\nEnergie slim verdelen # Niet elk uur vraagt hetzelfde.\nOchtend: rustig opstarten en activeren Middag: werken, bewegen, doen Namiddag: afbouwen Avond: ontprikkelen en vertragen Wanneer het lichaam weet wat ongeveer komt, hoeft het minder te scannen.\nDe Vierde Weg en ritme # Binnen de Vierde Weg krijgt dagelijks leven een oefenfunctie. Kleine bewuste handelingen, herhaling en aandacht ordenen energie.\nNiet uit dwang, maar uit aanwezigheid.\nOok een eenvoudig ritme kan zo meer worden dan planning. Het wordt een manier om wakker aanwezig te leven.\nOok relevant bij moral injury # Bij moral injury spelen vaak schuld, schaamte en betekenisverlies. Juist dan kan ritme helpen. Niet omdat het existentiële vragen oplost, maar omdat het lichaam houvast krijgt terwijl het innerlijk zoekt.\nLees ook: Wat is het verschil tussen PTSS en moral injury?\nBegin kleiner dan je denkt # Niet je hele leven omgooien. Kies één anker — een vaste opstaantijd, elke ochtend daglicht, een dagelijkse wandeling, een schermvrij laatste halfuur, of koffie wat later. Herhaal dat eerst.\nLees ook # Cortisol en PTSS Ademhaling bij PTSS Stilte bij PTSS De helende kracht van natuur bij PTSS Trauma en het lichaam Conclusie # Structuur is geen strak schema. Het is een ritme dat je zenuwstelsel veiligheid biedt.\nVaste tijden. Licht. Beweging. Rustmomenten. Eenvoudige herhaling.\nVoor mensen met PTSS kan dat het verschil maken tussen voortdurend reageren en langzaam herstellen.\nNiet perfect. Wel betrouwbaar.\nVeelgestelde vragen # Helpt structuur echt bij PTSS? # Vaak wel. Regelmaat in slaap, licht en activiteit ondersteunt stressregulatie.\nHoe strak moet een dagritme zijn? # Niet rigide. Wel herkenbaar en haalbaar.\nWat als ik een slechte nacht heb gehad? # Pak alsnog één anker, zoals opstaan en ochtendlicht.\nWat is het belangrijkste beginpunt? # Voor veel mensen: vaste opstaantijd en ochtendlicht.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/dagritme-ptss-structuur/","section":"Blog","summary":"","title":"Dagritme bij PTSS: waarom structuur je zenuwstelsel kalmeert","type":"posts"},{"content":"Veel mensen met PTSS merken het pas laat: hun adem staat voortdurend op scherp. Kort, hoog, gejaagd of bijna onzichtbaar. Alsof het lichaam geen toestemming krijgt om tot rust te komen. Hier begint herstel vaak niet in het hoofd, maar in de volgende uitademing.\nInleiding # Trauma verdwijnt niet altijd wanneer de gebeurtenis voorbij is. Het kan blijven doorwerken in spieren, slaap, waakzaamheid, schrikreacties en ademhaling. Het lichaam leeft verder alsof gevaar nog steeds in de buurt is. Dat is geen zwakte. Het is een beschermingssysteem dat te lang aan blijft staan.\nDaarom zoeken steeds meer mensen naast gesprekstherapie ook naar lichamelijke ingangen tot herstel. Ademhaling is zo\u0026rsquo;n ingang. Adem is altijd aanwezig, direct beïnvloedbaar en nauw verbonden met ons zenuwstelsel.\nBij PTSS, CPTSS en moral injury kan bewuste ademregulatie helpen om opnieuw veiligheid, ritme en ruimte te ervaren.\nWat gebeurt er met ademhaling bij PTSS? # Wanneer het brein gevaar verwacht, schakelt het lichaam over op overleving. De adem versnelt, spieren spannen aan en aandacht vernauwt zich. In acute situaties is dat nuttig. Maar bij PTSS kan dit patroon actief blijven lang nadat het gevaar voorbij is.\nVeelvoorkomende signalen zijn:\nsnelle of hoge borstademhaling vaak zuchten zonder opluchting adem inhouden zonder het te merken druk op borst of keel moeite met diep uitademen benauwd gevoel zonder medische oorzaak onrust zodra het stil wordt De adem liegt niet. Vaak laat hij eerder dan woorden zien hoe het werkelijk met je gaat.\nWaarom de adem zo krachtig is # Ademhaling is uniek. Het gaat automatisch, maar we kunnen het ook bewust beïnvloeden. Daarmee vormt de adem een brug tussen autonome processen en bewuste aandacht.\nDat maakt het zo waardevol bij trauma. Via de adem kun je het lichaam signalen geven dat het huidige moment veiliger is dan het verleden.\nNiet door jezelf iets wijs te maken, maar via het lichaam.\nDe nervus vagus en veiligheid # De nervus vagus is een belangrijke zenuwbaan tussen hersenen, hart, longen en buikorganen. Het speelt een rol in rust, herstel, spijsvertering en sociale betrokkenheid. Stephen Porges werkte dit uit in de Polyvagal Theory.\nWanneer je rustiger en ritmischer ademt, vooral met een langere uitademing, krijgt het lichaam vaak signalen dat directe dreiging afneemt. Dat kan merkbaar worden in:\nlagere hartslag minder spierspanning helderder denken meer gevoel van aanwezigheid sneller herstel na stress Ademhaling is geen wondermiddel. Wel is het een directe ingang tot regulatie.\nWat is HRV-biofeedback? # HRV staat voor Heart Rate Variability: de kleine variatie in tijd tussen opeenvolgende hartslagen. Een gezond systeem klopt niet star als een machine, maar beweegt flexibel mee met wat nodig is.\nBij langdurige stress of PTSS raakt die flexibiliteit vaak verminderd. Het systeem blijft hangen in paraatheid of uitputting.\nMet HRV-biofeedback gebruik je een sensor of app die laat zien hoe hartslag en ademhaling op elkaar reageren. Zo wordt zichtbaar wat normaal onzichtbaar blijft.\nDat helpt om te trainen op regulatie. Niet op perfectie, maar op afstemming.\nWat biofeedback kan opleveren # Mensen rapporteren vaak verbetering in:\nstressregulatie herstel na triggers slaapkwaliteit concentratie emotieregulatie gevoel van grip Biofeedback wist geen trauma uit. Het leert het lichaam wel dat verandering mogelijk is.\nWaarom rustig ademen soms eerst niet werkt # Veel mensen stoppen omdat ademhalingsoefeningen in het begin spanning oproepen. Dat is normaal en vaak logisch.\nStilte voelt onveilig # Als je systeem gewend is aan alarm, kan rust vreemd voelen.\nGevoel komt omhoog # Wanneer spanning zakt, worden verdriet, angst of schaamte soms voelbaar.\nTe veel controle # Te diep ademen of presteren maakt de oefening vaak onrustiger.\nDissociatie # Sommige mensen voelen weinig contact met hun lichaam. Dan begint herstel met waarnemen, niet sturen.\nAdemhaling en moral injury # Bij moral injury gaat het vaak niet alleen om angst, maar om schuld, schaamte, verraad of verlies van morele samenhang. Ook dat leeft in het lichaam.\nMensen maken zich kleiner, houden hun stem in, slikken spanning weg of ademen alsof ze geen ruimte mogen innemen.\nZachte ademregulatie kan dan helpen om opnieuw ruimte toe te laten. Niet als truc, maar als oefening in waardigheid en aanwezigheid.\nOude tradities wisten dit al # Lang voor moderne stresswetenschap bestond, kenden tradities de verbinding tussen adem en bewustzijn.\nPrana verwijst in het Sanskriet naar levenskracht. Ruach betekent in het Hebreeuws zowel adem als geest. In boeddhistische meditatie is adem een anker voor aandacht. In soefi-tradities ondersteunt adem verstilling en innerlijke herinnering. De taal verschilt. Het inzicht is oud: wie de adem leert kennen, leert zichzelf kennen.\nGurdjieff en de Vierde Weg # G.I. Gurdjieff stelde dat mensen vaak mechanisch leven: gestuurd door gewoonte, impuls en automatische reactie. Veel mensen met trauma herkennen dat onmiddellijk. Niet uit zwakte, maar omdat het zenuwstelsel automatisch reageert op oude dreiging.\nZijn antwoord was geen vlucht uit het leven, maar wakker worden in het leven. Via aandacht, zelfobservatie en aanwezigheid.\nZelfherinnering als oefening # Zelfherinnering betekent een dubbele aandacht:\nik ben hier én ik merk mezelf op terwijl ik hier ben Bij triggers vernauwt bewustzijn zich vaak volledig tot de reactie. Zelfherinnering opent weer ruimte.\nEen eenvoudige vorm:\nvoel je voeten op de grond merk je adem op kijk om je heen noem drie dingen die je ziet zeg innerlijk: ik ben hier Dat is tegelijk grounding, aandacht en zenuwregulatie.\nDe drie centra # Gurdjieff sprak over drie centra:\ndenken voelen bewegen / instinct Bij trauma raken die vaak uit balans. Iemand kan alles begrijpen maar niets voelen. Of alles voelen maar niet helder kunnen denken.\nAdemhaling werkt direct op het lichamelijke centrum. Relatie en therapie helpen het emotionele en cognitieve centrum. Werkelijke integratie vraagt alle drie.\nPraktische ademhalingsoefeningen bij PTSS # Kies klein. Veiligheid gaat voor prestatie.\n1. Alleen waarnemen # Ga twee minuten zitten. Verander niets. Merk alleen op:\nwaar voel ik de adem? snel of traag? soepel of vast? wat gebeurt er in mij? Bewust zien is vaak de eerste stap.\n2. Verlengde uitademing # Adem 4 tellen in en 6 tellen uit. Rustig, zonder persen. Doe dit 10 rondes.\nGoed bij:\nonrust piekeren spanning na een trigger 3. Hand op borst en buik # Leg één hand op borst en één op buik. Voel beweging zonder oordeel. Dit helpt contact herstellen.\n4. Bewegen op adem # Adem in terwijl je armen langzaam omhoog gaan. Adem uit terwijl je ze laat zakken. Ritme in beweging geeft veel mensen meer veiligheid dan stilzitten.\n5. Voor de nacht # Liggend: adem 4 tellen in, 6 tellen uit. Tel alleen de uitademingen tot tien en begin opnieuw.\nSaai is prima. Saai is soms precies wat een overbelast systeem nodig heeft.\nVeelgemaakte fouten # Te diep ademen # Rustiger is vaak beter dan dieper.\nResultaat eisen # Regulatie groeit door herhaling, niet door forceren.\nAlleen oefenen in crisis # Train ook op rustige momenten.\nOordelen over jezelf # Elke ademhaling vertelt iets. Niets daarvan is mislukt.\nWanneer extra hulp verstandig is # Zoek begeleiding wanneer ademwerk sterke paniek, herbelevingen of ontregeling oproept. Ademhaling kan veel doen, maar soms is co-regulatie met een therapeut of begeleider nodig.\nLees ook # Dagritme bij PTSS Cortisol en PTSS Het lichaam onthoudt trauma Verschil tussen PTSS en Moral Injury Voeding en supplementen bij PTSS Bronnen en literatuur # Porges, S. The Polyvagal Theory. Porges, S. A Science of Safety. Lehrer, P. \u0026amp; Gevirtz, R. publicaties over HRV-biofeedback. Van der Kolk, B. The Body Keeps the Score. Kabat-Zinn, J. Gezond leven met Mindfulness. Gurdjieff, G.I. (1950). Beëlzebub\u0026rsquo;s Tales to His Grandson Ouspensky, P.D. In Search of the Miraculous Conclusie # PTSS voelt vaak als leven in een huis vol alarmen. Alles staat te scherp afgesteld. De kleinste prikkel kan een oud noodsysteem activeren.\nAdemhaling en biofeedback bieden geen spectaculaire ontsnapping, maar iets duurzamers: een weg terug naar innerlijke orde. Niet omdat alle pijn meteen verdwijnt, maar omdat je opnieuw ervaart dat invloed mogelijk is.\nMisschien begint herstel kleiner dan gehoopt en eenvoudiger dan gedacht: met één uitademing die vandaag vrijer voelt dan gisteren.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"13 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/ademhaling-bij-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Ademhaling bij PTSS: biofeedback, nervus vagus en herstel van het zenuwstelsel","type":"posts"},{"content":"Sommige mensen verlangen naar stilte en schrikken ervan zodra zij verschijnt. Dat is begrijpelijk. Voor een zenuwstelsel dat gewend is aan spanning kan rust vreemd voelen. Toch ligt juist daar vaak een ingang naar herstel.\nStilte is niet alleen de afwezigheid van geluid. Het is ook minder moeten, minder reageren en minder overspoeld worden. Een ruimte waarin het lichaam kan merken dat niet alles direct hoeft.\nWaarom stilte helpt bij PTSS # Bij PTSS staat het alarmsysteem vaak te scherp afgesteld. Het lichaam scant voortdurend op gevaar. Minder prikkels kan dan helpen om activatie te laten zakken.\nMogelijke effecten van stilte:\nlagere spanning tragere ademhaling meer lichaamsbewustzijn helderder denken sneller herstel na drukte Waarom stilte soms eerst moeilijk is # Veel mensen denken dat stilte direct prettig moet zijn. Dat is niet zo.\nStilte kan confronterend zijn omdat:\ngevoelens voelbaar worden onrust zichtbaar wordt afleiding wegvalt het lichaam ontwent van constante alertheid Begin daarom klein en vriendelijk.\nPersoonlijke ervaring met stilte # Tijdens mijn opleiding tot veranderkundige aan de Pulsar Academie werd stilte bewust ingezet in een groep. In het begin voelde dat ongemakkelijk, bijna onnatuurlijk. Niet mogen spreken riep bij mij weerstand op. ik voelde boosheid, onrust en een stroom aan gedachten die zich opdrongen zodra de afleiding wegviel.\nMaar na verloop van tijd veranderde er iets. De strijd maakte langzaam plaats voor overgave. Onder de onrust bleek rust te liggen. Toen de stilte werd opgeheven, merkte ik tot mijn verrassing dat ik ernaar terugverlangde.\nDie ervaring liet mij zien dat stilte niet leeg is. Stilte kan confronteren, ontregelen en tegelijk diep voeden.\nJe moet gewoon even stil blijven zitten en wachten tot het lawaai in je hoofd ophoudt.\nErling Kagge uit \u0026ldquo;Stilte in tijden van lawaai\u0026rdquo;\nPraktische oefeningen in verstilling # 1. Vijf minuten zonder input # Geen telefoon, geen muziek, geen taak. Alleen zitten en ademen.\n2. Luisteren zonder zoeken # Welke geluiden zijn er al? Wind, vogels, verkeer, ademhaling.\n3. Stille wandeling # Loop langzaam zonder doel. Merk je voeten en je omgeving op.\n4. Eén rustige hoek in huis # Maak een plek zonder schermen waar je regelmatig landt.\nStilte is niet hetzelfde als eenzaamheid # Eenzaamheid snijdt af. Stilte kan juist verbinden. Met jezelf, met je lichaam, met wat onder de ruis aanwezig bleef.\nBrug naar natuur # Voor veel mensen wordt stilte toegankelijker buiten. In de natuur voelt stilte vaak levend in plaats van leeg.\nLees ook: De helende kracht van natuur bij PTSS\nConclusie # Stilte hoeft niet groots of perfect te zijn. Soms begint herstel met drie rustige minuten waarin niets hoeft. In die eenvoud kan iets terugkeren dat lang op afstand bleef: aanwezigheid.\n","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/stilte-ptss-innerlijke-rust/","section":"Blog","summary":"","title":"Stilte bij PTSS: waarom innerlijke rust het zenuwstelsel helpt herstellen","type":"posts"},{"content":"PTSS wordt vaak beschreven in termen van geheugen, prikkels en zenuwstelsel. Moral Injury legt daar nog een laag onder: niet alleen wat iemand heeft meegemaakt, maar wat het deed met het besef van wie hij is. Mensen beschrijven het als een breuk in betekenis. Een verlies van vertrouwen. Een gevoel dat het oude verhaal niet meer klopt.\nIn dat soort ervaringen schiet psychologische taal soms tekort. Niet omdat de taal verkeerd is, maar omdat ze ontworpen is om vat te krijgen op iets dat zich juist onttrekt aan vat. Daar ontstaat ruimte voor andere taal: poëzie, beeld, ritme, verhaal.\nHet werk van Jalal ad-Din Muhammad Rumi (1207–1273) is daar een voorbeeld van. Zijn verzen duiken op in therapieruimtes, retraites en rouwprocessen. Niet omdat hij eenvoudige antwoorden geeft (integendeel) maar omdat hij ruimte laat voor wat zich niet laat oplossen.\nWie was Rumi? # Jalal ad-Din Muhammad Rumi werd geboren in 1207, vermoedelijk in Balch in het huidige Afghanistan. Zijn familie vluchtte westwaarts voor de oprukkende Mongoolse legers en vestigde zich uiteindelijk in Konya, in het huidige Turkije. Ontworteling en verlies waren in zijn leven geen abstracte thema\u0026rsquo;s, ze waren de werkelijkheid waarin hij opgroeide.\nAanvankelijk was Rumi geen dichter. Hij was een gerespecteerd islamitisch geleerde: jurist, theoloog, docent, religieus leider. Iemand met aanzien. Iemand met een duidelijk verhaal over wie hij was en wat hij deed.\nDat verhaal hield op te kloppen na zijn ontmoeting met de rondreizende mysticus Shams van Tabriz.\nDe ontmoeting — en het verlies van Shams # Biografieën beschrijven die ontmoeting als een kantelmoment. Shams confronteerde Rumi met een eenvoudige maar ontwrichtende vraag: leef je werkelijk wat je onderwijst? Vanaf dat moment veranderde Rumi. De keurige geleerde begon poëzie te schrijven, muziek te maken en zich te begeven in mystieke ervaring in plaats van alleen religieuze kennis.\nEn toen verdween Shams.\nWaarschijnlijk werd hij vermoord, mogelijk vanuit spanningen in Rumi\u0026rsquo;s eigen omgeving. Historisch is daar discussie over, maar voor Rumi voelde het verlies als een existentiële breuk. Veel van wat hij daarna schreef, ontstond uit die wond niet erover, maar erdoorheen.\nMoral Injury: wanneer het morele kompas breekt # Moral Injury is geen DSM-diagnose, maar een begrip dat steeds vaker gebruikt wordt in onderzoek naar oorlog, politie, zorg en crisissituaties. Onderzoekers zoals Jonathan Shay en Brett Litz beschrijven het als een innerlijke breuk die ontstaat wanneer iemand iets doet dat indruist tegen diepgewortelde waarden, getuige is van morele schendingen, of zich verraden voelt door autoriteiten of mensen op wie hij vertrouwde.\nHet gevolg is vaak geen klassieke angstreactie, maar schuld, schaamte, innerlijke vervreemding en existentiële leegte. Een verlies van vertrouwen: in anderen, in jezelf, in de orde der dingen.\nWat het verlies van Shams voor Rumi was, raakt aan dezelfde laag. Het was geen abstracte tegenslag. Het was een gat in zijn morele en spirituele wereld. Wat hij daarna schreef, schreef hij niet vanuit herstel, maar vanuit aanwezigheid bij de breuk. Dat is precies waarom zijn werk eeuwen later nog zo nauw aansluit bij mensen die door iets soortgelijks zijn gegaan.\nWat Rumi kan laten zien bij PTSS en Moral Injury # Het is belangrijk om helder te blijven: Rumi is geen therapeutische methode. Zijn poëzie vervangt geen behandeling. Maar zijn werk biedt wel een ander perspectief een taal die naast therapie, lichaamswerk en gemeenschap kan staan.\n1. Taal voor wat geen taal heeft # Veel mensen die met trauma leven herkennen het: het is moeilijk uit te leggen wat er gebeurd is. Niet omdat er geen woorden zijn, maar omdat de woorden tekortschieten. Logica grijpt niet om wat er werkelijk heeft plaatsgevonden.\nPoëzie werkt anders. Ze hoeft niet uit te leggen. Ze hoeft niet op te lossen. Ze laat staan wat er is en geeft het ruimte. Voor mensen die zich verstomd voelen kan dat, letterlijk, bevrijdend werken: er bestaat iemand die het al heeft gezegd. Daar zit een vorm van erkenning die zelfs een goede behandelaar niet altijd kan bieden.\n2. Aanwezig blijven bij wat pijn doet # Veel traumatherapieën erkennen tegenwoordig dat chronische vermijding PTSS in stand kan houden. Mensen raken afgesneden van hun gevoel, lichaam of relaties om te overleven. Op korte termijn helpt dat. Op lange termijn maakt het kleiner.\nRumi schrijft juist over aanwezig blijven bij wat pijn doet. Niet analytisch, niet stoïcijns, maar ervaringsgericht. Stil worden. Luisteren. Verdragen wat verdragen kan worden. Niet wegvluchten in controle of verdoving.\nDat betekent niet dat iemand zijn trauma \u0026ldquo;gewoon moet voelen\u0026rdquo;. Zonder veiligheid kan dat juist schadelijk zijn. Maar binnen een veilige bedding kan deze houding ondersteunend zijn als aanvulling op herstelwerk, niet als vervanging.\n3. De wond als toegang — zonder romantisering # Een veelgeciteerde regel die aan Rumi wordt toegeschreven luidt in een hedendaagse quote \u0026ldquo;de wond is de plek waar het licht naar binnen komt\u0026rdquo;. Die zin wordt vaak gebruikt alsof lijden automatisch tot groei leidt. Zo eenvoudig is Rumi niet.\nHij romantiseert pijn niet. Wat hij beschrijft is eerder dit: soms breekt trauma de illusie van controle open. Niet omdat dat mooi is, maar omdat het oude verhaal niet meer houdbaar blijkt.\nDat sluit aan bij wat tegenwoordig post-traumatische groei wordt genoemd. Belangrijk daarbij is nuance: groei is geen verplichting. Niet iedereen groeit aan trauma. En groei betekent niet dat het leed \u0026ldquo;goed\u0026rdquo; was. Bij Rumi blijft de wond zichtbaar daar zit zijn integriteit.\n4. Ritme en lichaam: de draaiende derwisjen # Na het verlies van Shams ontstond binnen de traditie die Rumi droeg de Mevlevi-orde, internationaal bekend van de draaiende derwisjen. Van buitenaf lijkt het soms exotisch of folkloristisch. Onderliggend gaat het om iets veel concreters: ritme, adem, aandacht, herhaling, muziek en lichamelijke regulatie binnen veilige gemeenschap.\nModern traumaonderzoek bevestigt steeds duidelijker dat herstel niet alleen via taal verloopt. Het autonome zenuwstelsel speelt een centrale rol, zoals de polyvagaal theorie van Porges laat zien. Praktijken met ritme en beweging in groepsverband kunnen ondersteunen bij regulatie en integratie. Niet als wondermiddel wel als bouwsteen.\n5. Verbondenheid in plaats van controle # Misschien is dit Rumi\u0026rsquo;s belangrijkste thema. Niet perfectie. Niet verlichting. Niet \u0026ldquo;genezen zijn\u0026rdquo;. Maar verbonden blijven: met jezelf, met anderen, met het lichaam, met schoonheid, met natuur, met iets wat groter voelt dan het geïsoleerde ik.\nTrauma vernauwt vaak het leven. Schaamte trekt iemand naar binnen. Vermijding maakt de wereld kleiner. Rumi probeert die vernauwing voorzichtig weer open te breken niet door pijn weg te poetsen, maar door menselijkheid terug te brengen.\nWat zegt wetenschappelijk onderzoek hierover? # De link tussen spiritualiteit, betekenis en trauma wordt steeds vaker onderzocht. Belangrijke inzichten komen onder andere uit het werk van Bessel van der Kolk, die in The Body Keeps the Score beschrijft hoe trauma zich in het lichaam vastzet en hoe herstel vaak via ervaring, ritme en relatie verloopt niet alleen via gesprek. Jonathan Shay introduceerde het begrip Moral Injury in relatie tot Vietnam-veteranen en benadrukte dat herstel van moreel letsel niet zonder gemeenschap kan. Brett Litz en collega\u0026rsquo;s beschreven Moral Injury later als een verstoring van morele schema\u0026rsquo;s die leidt tot schuld en schaamte. En Kenneth Pargament heeft uitgebreid onderzocht hoe religieuze en spirituele hulpbronnen kunnen helpen bij ingrijpende ervaringen of, omgekeerd, het herstel kunnen blokkeren wanneer ze worden gebruikt om pijn te vermijden.\nWat hierin opvalt: herstel gaat niet alleen over symptoomreductie, maar ook over betekenis, relatie en integratie. Precies de lagen waar Rumi al eeuwen taal voor heeft.\nMystiek als ondersteunende laag, niet als oplossing # Dat onderscheid is belangrijk. Mystiek lost PTSS of Moral Injury niet op. Trauma vraagt vaak om professionele behandeling, lichaamsgerichte therapie, veilige relaties, sociale erkenning, rust, regulatie van het zenuwstelsel en soms medicatie of langdurige begeleiding.\nRumi biedt geen vervanging daarvoor. Wat zijn werk wel kan bieden is taal voor existentiële ervaringen, ruimte voor paradox, verbinding met iets groters dan het eigen isolement, en een manier om betekenis te hervinden zonder de pijn te ontkennen.\nVoor sommige mensen ontstaat daar opnieuw een gevoel van menselijkheid. Niet als beloning voor goed herstellen, maar als een laag die naast het herstelwerk weer toegankelijk wordt.\nVerbondenheid na de breuk # Wat Rumi misschien meer dan iets anders laat zien, is dit: na een breuk hoef je niet eerst \u0026ldquo;weer heel\u0026rdquo; te worden om weer in verbinding te kunnen zijn. Verbondenheid en kwetsbaarheid kunnen tegelijkertijd bestaan.\nVoor mensen die met PTSS of Moral Injury leven kan dat een belangrijke verschuiving zijn. De gedachte \u0026ldquo;ik mag pas weer meedoen als ik genezen ben\u0026rdquo; sluit mensen vaak buiten precies de gemeenschap die hun herstel zou kunnen dragen. Rumi keert dat om: meedoen, verbonden blijven, is geen einddoel maar een ingang. Zijn poëzie is in die zin geen vlucht uit de werkelijkheid, maar een uitnodiging om er anders in te staan.\nEen persoonlijke noot: de Pulsar-lijn # Dat zowel Franciscus van Assisi als Rumi op deze site een eigen post hebben, is niet toevallig. Marcel Derkse de inspirator van de Pulsar Academie en de vertaler die Rumi\u0026rsquo;s Masnavi naar het Nederlands bracht, putte uit beide tradities. Bij hem stonden Franciscus en Rumi niet tegenover elkaar, maar naast elkaar: twee mannen uit dezelfde dertiende eeuw, vanuit volstrekt verschillende religieuze tradities, die ieder op hun manier laten zien hoe een mens in kwetsbaarheid menselijk kan blijven.\nMijn eigen kennismaking met Rumi en het Universeel Soefisme liep via die Pulsar-lijn. Dat is waarom in deze post de praktische, lichamelijke en relationele kanten van mystiek zwaarder wegen dan de zuiver tekstuele exegese. Niet omdat de teksten niet belangrijk zijn maar omdat ze, in de traditie waarin ik ze leerde kennen, altijd gekoppeld waren aan leven, ademen, oefenen en gemeenschap.\nLees ook # Franciscus van Assisi en PTSS en Moral Injury Wat is het verschil tussen PTSS en moral injury? Post-traumatische groei Polyvagaal theorie van Porges Schaamte na trauma Stilte bij PTSS Conclusie: een andere taal voor herstel # Rumi biedt geen snel antwoord op PTSS of Moral Injury. Wat hij wel biedt is een andere taal. Een taal voor verlies van identiteit, verscheurde verbondenheid, innerlijke leegte, verlangen en de zoektocht naar betekenis na ontwrichting.\nZijn werk kan helpen om ruimte te maken voor wat gebroken is zonder dat direct te hoeven repareren. Niet als therapie, maar als ervaringsweg ernaast. Een laag waarin het breukvlak zelf taal krijgt.\nMisschien is dat waarom zijn woorden eeuwen later nog steeds resoneren. Niet omdat ze trauma oplossen. Maar omdat ze menselijkheid terugbrengen waar mensen zichzelf soms zijn kwijtgeraakt.\nBronnen en wetenschappelijke publicaties # Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Porges, S.W. (2011). The Polyvagal Theory Shay, J. (1994). Achilles in Vietnam - Combat Trauma and the Undoing of Character Litz, B. et al. (2009). Moral Injury and Moral Repair in War Veterans. Clinical Psychology Review Pargament, K. (1997). The Psychology of Religion and Coping Rumi, J. The Masnavi (Engelse vertalingen o.a. door Reynold A. Nicholson en Jawid Mojaddedi) Rumi, J. The Divan of Shams of Tabriz Derkse, M. — Nederlandse vertaling van Rumi\u0026rsquo;s Masnavi; zie ook De Pulsar Visie Schimmel, A. (1993). The Triumphal Sun: A Study of the Works of Jalaloddin Rumi Chittick, W. (1983). The Sufi Path of Love: The Spiritual Teachings of Rumi Elif Shafak (2010). Liefde kent veertig regels Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/rumi-ptss-moral-injury/","section":"Blog","summary":"","title":"Rumi en PTSS en Moral Injury – poëzie en verbondenheid na de breuk","type":"posts"},{"content":"PTSS wordt vaak beschreven in termen van stress, geheugen en het zenuwstelsel. Moral Injury gaat een stap verder: het gaat niet alleen om wat iemand heeft meegemaakt, maar om wat het heeft gedaan met het innerlijke morele kompas.\nMensen beschrijven het als een breuk in betekenis. Schuld die niet weggaat. Schaamte die zich vastzet. Of een gevoel van vervreemding van zichzelf, anderen of het leven.\nIn die ruimte waar taal tekortschiet, ontstaan soms onverwachte bronnen van betekenis. Niet als oplossing, maar als spiegel. Het leven van Franciscus van Assisi is daar een voorbeeld van.\nWie was Franciscus van Assisi? # Franciscus van Assisi (1181–1226) groeide op in een welgestelde koopmansfamilie in Italië. Hij leefde in een wereld van ambitie, status en sociale verwachtingen. Zijn vroege leven draaide om idealen van eer en succes.\nMaar zijn levenspad kantelde abrupt. Oorlog, gevangenschap en ziekte brachten hem in een existentiële crisis. De identiteit die hij had opgebouwd viel weg.\nWat daarna ontstond was geen terugkeer naar het oude leven, maar een radicale heroriëntatie. Franciscus koos voor eenvoud, armoede en nabijheid tot mensen die buiten de samenleving vielen.\nZijn spiritualiteit draaide niet om abstracte ideeën, maar om concrete menselijkheid: leven met eenvoud, zorg voor de kwetsbaren, verbondenheid met de natuur, vrede en verzoening, en radicale gelijkwaardigheid.\nMoral Injury: wanneer het morele kompas breekt # Moral Injury is geen officiële diagnose, maar een begrip dat steeds meer gebruikt wordt in onderzoek naar oorlog, politie, zorg en crisissituaties.\nOnderzoekers zoals Jonathan Shay en Brett Litz beschrijven Moral Injury als een innerlijke breuk die ontstaat wanneer iemand iets doet dat indruist tegen diepgewortelde waarden, getuige is van morele schendingen, of zich verraden voelt door autoriteiten of systemen.\nHet gevolg is vaak geen klassieke angstreactie, maar schuld en schaamte, innerlijke vervreemding, verlies van vertrouwen, en existentiële leegte.\nWat Franciscus kan laten zien bij PTSS en Moral Injury # Het is belangrijk om helder te blijven: Franciscus is geen therapeutische methode. Zijn leven is geen behandelprotocol. Maar zijn houding biedt wel een ander perspectief op herstel.\n1. Van identiteit naar heroriëntatie # Franciscus verloor niet alleen zekerheid, maar ook zijn oude identiteit. Dat lijkt op wat veel mensen met trauma ervaren: het oude zelf werkt niet meer.\nIn plaats van dat te repareren, koos hij voor heroriëntatie. Niet terug naar wie hij was, maar vooruit naar wie hij kon worden in relatie tot het leven zelf.\n2. Eenvoud als bescherming tegen innerlijke ruis # Na trauma kan het innerlijk leven chaotisch worden: gedachten, beelden, herinneringen, spanning.\nFranciscus leefde extreem eenvoudig. Niet als romantisch ideaal, maar als manier om ruis te verminderen. Eenvoud wordt dan geen esthetiek, maar stabiliteit.\n3. Nabijheid tot wat vermeden wordt # Een van de meest bekende verhalen is zijn ontmoeting met een melaatse. Waar hij eerst afkeer voelde, ontwikkelde zich later compassie en nabijheid.\nIn traumatermen zou je kunnen zeggen: hij bewoog richting wat hij eerst vermeed. Niet door forceren, maar door geleidelijke verandering in houding.\n4. Herstel van verbondenheid # Moral Injury draait vaak om verbroken verbinding: met mensen, gemeenschap, of morele orde.\nFranciscus koos voor radicale verbondenheid — met armen en zieken, met de natuur, met het dagelijks leven. Niet als theorie, maar als praktijk van nabijheid.\nWat zegt wetenschappelijk onderzoek hierover? # De link tussen spiritualiteit, betekenis en trauma wordt steeds vaker onderzocht.\nBelangrijke inzichten komen uit:\nBessel van der Kolk – beschrijft in The Body Keeps the Score hoe trauma zich in het lichaam vastzet en hoe herstel vaak via ervaring, ritme en relatie verloopt. Jonathan Shay – introduceerde Moral Injury in relatie tot Vietnam-veteranen en benadrukte het belang van herstel van vertrouwen en gemeenschap. Brett Litz et al. (2009) – beschrijven Moral Injury als een verstoring van morele schema’s die leidt tot schuld en schaamte. Onderzoek naar existentiële en spirituele zorg in de psychologie (o.a. Kenneth Pargament) laat zien dat betekenisgeving een belangrijke factor is in herstelprocessen. Wat hierin opvalt: herstel gaat niet alleen over symptoomreductie, maar ook over betekenis, relatie en integratie.\nMystiek als ondersteunende laag, niet als oplossing # Franciscus laat iets zien wat dicht bij mystiek ligt, maar ook heel aards blijft.\nMystiek betekent hier niet ontsnappen aan de werkelijkheid. Het betekent aanwezig blijven bij wat er is, zonder directe fixatie of oplossing, met aandacht voor verbinding.\nBij PTSS en Moral Injury kan dat betekenen: ruimte maken voor wat gevoeld wordt — zonder erdoor overspoeld te worden, en zonder het te ontkennen. Het is geen vervanging van therapie, maar kan wel een aanvullende laag zijn waarin betekenis opnieuw voorzichtig vorm krijgt.\nDe spanning tussen pijn en betekenis # Wat Franciscus interessant maakt, is dat hij niet vertrekt vanuit “oplossing”, maar vanuit relatie.\nZijn leven suggereert iets eenvoudigs: pijn hoeft niet eerst opgelost te worden om menselijkheid te ervaren, betekenis kan ontstaan midden in kwetsbaarheid, en verbondenheid is vaak belangrijker dan controle.\nDat is geen romantisering van lijden. Het is eerder een erkenning dat herstel vaak niet lineair is.\nEen persoonlijke noot: de Pulsar-lijn # Dat zowel Franciscus van Assisi als Rumi op deze site een eigen post hebben, is niet toevallig. Marcel Derkse de inspirator van de Pulsar Academie en de vertaler die Rumi\u0026rsquo;s Masnavi naar het Nederlands bracht, putte uit beide tradities. Bij hem stonden Franciscus en Rumi niet tegenover elkaar, maar naast elkaar: twee mannen uit dezelfde dertiende eeuw, vanuit volstrekt verschillende religieuze tradities, die ieder op hun manier laten zien hoe een mens in kwetsbaarheid menselijk kan blijven.\nMijn eigen kennismaking met Franciscus liep via die Pulsar-lijn. Dat is waarom in deze post de praktische, lichamelijke en relationele kanten van mystiek zwaarder wegen dan de zuiver historische of doctrinaire kanten. Niet omdat die niet belangrijk zijn maar omdat ze, in de traditie waarin ik Franciscus leerde kennen, altijd gekoppeld waren aan leven, ademen, oefenen en gemeenschap.\nLees ook # Rumi en PTSS en Moral Injury Wat is het verschil tussen PTSS en moral injury? Post-traumatische groei Stilte bij PTSS Schaamte na trauma Conclusie: een andere taal voor herstel # Franciscus van Assisi biedt geen methode tegen PTSS of Moral Injury. Wat hij wel biedt is een andere taal.\nEen taal van eenvoud, nabijheid en verbondenheid. Een manier van leven waarin kwetsbaarheid niet meteen een probleem is dat opgelost moet worden, maar een realiteit waarin menselijkheid opnieuw kan ontstaan.\nIn een tijd waarin trauma vaak wordt benaderd via protocollen en systemen, herinnert zijn leven eraan dat herstel ook iets anders kan zijn: langzaam, relationeel en diep menselijk.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"27 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/franciscus-van-assisi/","section":"Blog","summary":"","title":"Franciscus van Assisi en PTSS en Moral Injury – mystiek als menselijke herstelweg","type":"posts"},{"content":"Soms is het niet alleen je zenuwstelsel dat ontregeld raakt na trauma. Soms breekt ook je verhaal. Wat ooit logisch voelde, klopt niet meer. Wie je was past niet meer bij wat je hebt meegemaakt. De toekomst waar je op rekende is verdwenen. Veel mensen merken dan: ik ben niet alleen gewond, ik ben ook de draad kwijt.\nDaarom gaat herstel niet alleen over klachten verminderen. Het gaat vaak ook over betekenis hervinden. Over je levensverhaal opnieuw leren verstaan.\nInleiding # Mensen denken in verhalen. We begrijpen onszelf via herinneringen, keuzes, verliezen, keerpunten en hoop. Psychologen noemen dat narratieve identiteit: het verhaal waarmee je betekenis geeft aan wie je bent.\nTrauma kan dat verhaal verscheuren. Gebeurtenissen voelen losstaand, zinloos of onwerkelijk. Er ontstaan gaten, breuken en hoofdstukken die niemand wil lezen.\nStorytelling kan dan meer zijn dan creativiteit. Het kan een vorm van herstel worden.\nWat trauma doet met je levensverhaal # Na ingrijpende ervaringen zijn de oppervlaktegedachten herkenbaar: ik voel me anders. Ik slaap slecht. Ik ben gespannen. Maar daaronder leven moeilijker vragen: ik herken mezelf niet meer. Mijn oude leven past niet meer. Ik vertrouw mijn keuzes niet meer. Hoe moet dit ooit ergens bij horen? Wie ben ik geworden?\nDat zijn geen kleine vragen. Dat zijn identiteitsvragen.\nWaarom verhalen helend kunnen zijn # Een verhaal brengt samen wat losgeraakt is.\nHet helpt om gebeurtenissen in context te plaatsen, chaos te ordenen, verlies te erkennen, betekenis te ontdekken, ontwikkeling te zien en de toekomst weer voorstelbaar te maken. Dat betekent niet dat alles mooi of rond hoeft te worden. Wel dat wat versnipperd was weer in relatie komt te staan.\nFabula en sujet: wat is het verschil? # In de narratologie wordt vaak onderscheid gemaakt tussen:\nFabula # De ruwe volgorde van gebeurtenissen zoals ze gebeurden.\nSujet # De manier waarop die gebeurtenissen verteld en geordend worden.\nWaarom is dat relevant? Omdat twee mensen vergelijkbare gebeurtenissen kunnen meemaken, maar er een totaal ander verhaal over dragen.\nNiet alleen wat er gebeurde telt, maar ook hoe het betekenis krijgt.\nTrauma maakt fragmenten # Veel traumatische ervaringen worden niet herinnerd als een rustig chronologisch verhaal. Ze leven vaak als flarden — beelden, lichaamssensaties, losse zinnen, schaamtegolven, gaten in herinnering, intense reacties zonder duidelijke oorzaak. Juist daarom kan zorgvuldig vertellen helpen. Niet om iets te verzinnen, maar om fragmenten langzaam te verbinden.\nDe heldenreis als herstelmodel # Joseph Campbell beschreef een patroon dat in veel mythen terugkomt: de heldenreis. Geen formule, maar een menselijke beweging.\nBij trauma kan die structuur herkenning geven.\nDe roep # Er gebeurt iets dat je leven openbreekt.\nDe weigering # Je wilt niet voelen, niet kijken, niet geloven wat gebeurd is.\nHelpers verschijnen # Therapie, vrienden, boeken, stilte, gemeenschap, een onverwacht gesprek.\nDe afdaling # Je ontmoet angst, verdriet, schaamte of herinneringen die lang vermeden zijn.\nDe verandering # Langzaam ontstaat meer waarheid, draagkracht of mededogen.\nDe terugkeer # Je wordt niet wie je was, maar iemand die iets meebrengt uit de diepte.\nBelangrijk: dit is geen romantisch script. Niet iedereen ervaart herstel lineair. Het is een kaart, geen verplicht pad.\nGurdjieff en wakker worden in je eigen verhaal # G.I. Gurdjieff stelde dat mensen vaak mechanisch leven: gestuurd door oude patronen, automatische reacties en onbewuste herhaling. Trauma versterkt dat vaak.\nDan leef je niet alleen met een pijnlijk verleden, maar ook met een verhaal dat zichzelf blijft herhalen.\nZijn uitnodiging was wakker worden in het leven dat je al leeft. Bewust aanwezig raken in denken, voelen en handelen.\nDat maakt storytelling meer dan terugkijken. Het wordt een oefening in bewust kiezen hoe je verder vertelt.\nHoofd, hart en buik in narratief herstel # Een nieuw verhaal ontstaat niet alleen in het hoofd.\nHoofd # Zoekt samenhang en woorden.\nHart # Voelt verlies, verlangen en betekenis.\nBuik / lichaam # Reageert met spanning, opluchting, weerstand of rust.\nSoms weet je rationeel hoe het zit, maar voelt je lichaam nog gevaar. Soms voel je veel, maar ontbreken woorden. Werkelijk herstel betrekt alle drie.\nPraktische oefeningen om je verhaal te herschrijven # 1. Hoofdstukken van je leven # Verdeel je leven in hoofdstukken. Geef elk hoofdstuk een titel.\nBijvoorbeeld:\nJaren van overleven Alles viel stil Leren ademen Voorzichtig opnieuw beginnen 2. Keerpunt herkennen # Welke gebeurtenis veranderde je kijk op jezelf?\n3. Helpers benoemen # Wie of wat hielp, hoe klein ook? Een mens. Een boek. Therapie. Natuur. Geloof. Muziek. Discipline.\n4. Oude zin, nieuw verhaal # Schrijf een oude overtuiging op:\n\u0026ldquo;Ik ben kapot.\u0026rdquo;\nSchrijf daarna iets eerlijkers:\n\u0026ldquo;Ik ben geraakt, maar niet verdwenen.\u0026rdquo;\n5. Toekomstpagina # Schrijf één pagina vanuit een versie van jezelf over twee jaar. Niet perfect. Wel eerlijker en wijzer.\nWanneer vertellen niet helpt # Soms is iemand nog te ontregeld om woorden te vinden. Dan komt eerst regulatie — ademhaling, slaapherstel, veiligheid, ritme, en co-regulatie met anderen. Eerst stabiliteit, dan verhaal.\nMoral injury en het beschadigde verhaal # Bij moral injury raakt niet alleen veiligheid beschadigd, maar ook het morele zelfbeeld.\nMensen denken bijvoorbeeld:\nik ben niet wie ik dacht hoe leef ik hiermee verder? wat betekent verantwoordelijkheid nu? kan ik mezelf nog respecteren? Daar vraagt herstel vaak om een eerlijk verhaal waarin schuld, context, menselijkheid en waardigheid samen mogen bestaan.\nLees ook # De kracht van taal bij PTSS Rouw bij PTSS en Moral Injury Ademhaling bij PTSS Hoofd, hart en buik Posttraumatische groei Bronnen en literatuur # Campbell, J. The Hero with a Thousand Faces. McAdams, D. publicaties over narratieve identiteit. White, M. \u0026amp; Epston, D. werken over narratieve therapie. Gurdjieff, G.I. Beëlzebub\u0026rsquo;s Tales to His Grandson. Damasio, A. The Feeling of What Happens. Pert, C. Molecules of Emotion. Conclusie # Trauma kan meer breken dan rust of vertrouwen. Het kan ook het verhaal breken waarmee je wist wie je was.\nHerstel betekent dan vaak niet teruggaan naar het oude script. Het betekent leren leven met waarheid, verlies en nieuwe betekenis in hetzelfde verhaal.\nMisschien is dat de diepste vorm van heling: dat je niet langer alleen slachtoffer bent van wat gebeurde, maar opnieuw auteur wordt van wat volgt.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/storytelling-fabula-innerlijke-reis/","section":"Blog","summary":"","title":"Je levensverhaal herschrijven na trauma: storytelling en herstel","type":"posts"},{"content":"Sommige inzichten veranderen niet alleen wat je denkt, maar ook hoe je jezelf begrijpt. Het werk van Candace Pert was voor mij zo\u0026rsquo;n inzicht. Voor het eerst las ik in wetenschappelijke taal iets wat ik dagelijks in mijn lichaam herkende: mijn hoofd kon weten dat iets voorbij was, terwijl mijn lijf nog steeds spanning, verdriet of dreiging voelde.\nDaarmee gaf zij woorden aan een ervaring die veel mensen met trauma kennen. Het lichaam leeft soms nog in een werkelijkheid die het denken allang heeft verlaten.\nWie was Candace Pert? # Candace Pert was neurofarmacoloog en verwierf bekendheid door haar rol in het onderzoek naar de opiaatreceptor. Dat werk droeg bij aan een bredere verschuiving in denken over lichaam en geest.\nLater werd zij wereldwijd bekend door haar boek Molecules of Emotion (1997), waarin zij beschreef hoe emoties samenhangen met boodschapperstoffen, receptoren en communicatieprocessen in het hele lichaam.\nWaarom haar werk baanbrekend was # Lang gold in de populaire cultuur en soms ook in de zorg het idee dat emoties vooral \u0026ldquo;tussen de oren\u0026rdquo; zaten. Alsof voelen hoofdzakelijk een mentaal verschijnsel was.\nPert liet zien dat dit beeld te smal is.\nReceptoren voor signaalstoffen bevinden zich niet alleen in de hersenen, maar ook elders in het lichaam. Dat betekent niet dat je knie letterlijk denkt zoals een brein denkt. Wel dat emotionele processen lichamelijk ingebed zijn en dat lichaam en brein voortdurend met elkaar communiceren.\nDat inzicht was voor velen revolutionair.\nNeurotransmitters, neuropeptiden en receptoren # Eenvoudig gezegd:\nNeurotransmitters helpen zenuwcellen met elkaar communiceren. Neuropeptiden zijn signaalmoleculen die betrokken zijn bij regulatie, stemming en stressreacties. Receptoren zijn de ontvangers die deze signalen herkennen en erop reageren. Via zulke systemen beïnvloeden ervaring, stress en emotie het hele organisme.\nJe lichaam is je onbewuste gemoed # Voor mij vat die zin samen waarom Pert zo belangrijk is.\nWat we niet volledig kunnen verwoorden, laat zich vaak toch voelen via het lichaam: spanning in de buik, druk op de borst, verkrampte kaken, plots verdriet, onrust zonder duidelijke reden, opluchting na een ontlading.\nHet lichaam spreekt een taal die ouder is dan woorden.\nWat dit betekent voor trauma # Bij PTSS en andere traumaklachten ervaren veel mensen een kloof tussen inzicht en gevoel.\nZe denken: ik ben veilig. Het is voorbij. Ik weet beter. Maar het lichaam antwoordt in een andere taal — schrik, vermijding, slapeloosheid, een hoge ademhaling, spanning, terugtrekking.\nDat betekent niet dat iemand faalt. Het betekent dat herstel niet alleen cognitief kan zijn. Het lichaam moet mee kunnen bewegen.\nLichaamsgeheugen zorgvuldig begrepen # Wanneer mensen zeggen dat trauma in het lichaam zit, bedoelen ze meestal niet dat herinneringen letterlijk in spieren liggen opgeslagen als bestanden in een archief.\nBeter gezegd:\nTrauma laat sporen na in patronen van activatie, associatie, houding, reflexen, hormonale reacties en waarneming. Het lichaam heeft geleerd hoe het moet overleven.\nEn wat geleerd is, kan ook opnieuw geleerd worden.\nVerbinding met moderne inzichten # Veel hedendaags onderzoek sluit aan bij de richting die Pert hielp openen:\nEmbodied cognition: denken is belichaamd. Interoceptie: het waarnemen van interne signalen. Polyvagaal denken: veiligheid beïnvloedt gedrag en contact. Darm-brein communicatie: stemming en fysiologie beïnvloeden elkaar wederzijds. De taal verschilt, maar de beweging is vergelijkbaar: weg van een mensbeeld waarin het hoofd alles bepaalt.\nWaarom dit een rode draad in mijn werk werd # Het werk van Pert gaf mij geen theorie alleen. Het gaf erkenning.\nIk hoefde niet langer te kiezen tussen \u0026ldquo;het zit in je hoofd\u0026rdquo; of \u0026ldquo;het zit in je lijf\u0026rdquo;. Die tegenstelling klopte niet. De mens is één geheel.\nDat inzicht loopt als een rode draad door alles wat ik schrijf over trauma, herstel, stilte, ademhaling, rouw en morele verwonding.\nWat helpt praktisch? # Als emoties en stress lichamelijk meespelen, helpt vaak ook een lichamelijke ingang tot herstel: ademregulatie, wandelen, krachttraining of andere beweging, slaapherstel, veilige relaties, lichaamsgerichte therapie, ritme en routine, en tijd in natuur of verstilling. Niet als truc. Als het opnieuw leren van veiligheid.\nKritiek en nuance # Zoals bij veel pionierswerk zijn sommige populaire interpretaties van Pert later versimpeld of overdreven weergegeven. Het is daarom goed om zorgvuldig te blijven formuleren.\nMaar haar centrale bijdrage blijft waardevol: lichaam en emotie zijn veel inniger verweven dan lang werd aangenomen.\nLees ook # Trauma en het lichaam Ademhaling bij PTSS Hoofd, hart en buik De kracht van taal Conclusie # Candace Pert hielp zichtbaar maken wat veel mensen al voelden: je lijf doet mee in alles wat je meemaakt. Het draagt spanning, vreugde, verlies en herstel niet als machine, maar als levend systeem.\nMisschien wist je lichaam sommige dingen al lang voordat je ze kon uitleggen. Soms begint heling precies daar: waar ervaring eindelijk erkenning krijgt.\n","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/candace-pert-trauma/","section":"Blog","summary":"","title":"Je lichaam is je onbewuste gemoed: Candace Pert en trauma","type":"posts"},{"content":"Voor sommige mensen begint de spanning pas echt wanneer het stil wordt.\nOverdag lukt het nog om bezig te blijven. Werk. Gesprekken. Afleiding. Structuur. Maar zodra de avond valt en de wereld vertraagt, komt er ruimte voor iets anders. Onrust. Herinneringen. Alertheid. Nachtmerries. Een lichaam dat niet wil slapen, alsof slaap onveilig is geworden.\nVeel mensen met posttraumatische stressstoornis herkennen dat. Ook mensen met moral injury (morele verwonding) ervaren vaak dat de nacht geen plaats van herstel meer is, maar een gebied waarin schuld, verlies, angst of innerlijke conflicten terugkeren.\nDat is niet vreemd. Slaap vraagt overgave. En precies dat vermogen raakt bij trauma vaak beschadigd.\nWaarom slaap essentieel is bij PTSS en moral injury # Slaap is geen luxe. Het is biologisch herstelwerk.\nTijdens de slaap herstelt het lichaam, verwerkt het brein informatie en reguleert het zenuwstelsel emoties. Zonder voldoende slaap raken mensen sneller ontregeld, angstiger, emotioneler en lichamelijk uitgeput.\nBij trauma wordt die cirkel vaak omgekeerd:\ntrauma verstoort slaap slechte slaap versterkt stress stress vergroot hyperalertheid hyperalertheid verstoort opnieuw de slaap Zo ontstaat een vicieuze cirkel.\nVolgens Matthew Walker, auteur van Why We Sleep, is slaap fundamenteel voor emotionele verwerking, geheugen, immuunsysteem en psychisch herstel. Walker noemt slaap zelfs \u0026ldquo;de nachtelijke therapie van de hersenen\u0026rdquo;. Dat beeld klopt opvallend goed bij trauma.\nHet brein blijft wakker terwijl jij probeert te slapen # Veel mensen met PTSS slapen technisch gezien wel, maar niet diep genoeg. Het zenuwstelsel blijft scannen op gevaar. Kleine geluiden worden geregistreerd. Het lichaam blijft gespannen. De hartslag zakt minder diep. Mensen worden vaak wakker rond dezelfde tijden of schrikken abrupt uit dromen.\nVan buiten lijkt iemand te rusten. Van binnen blijft een deel van het systeem op wacht staan.\nDat verklaart waarom mensen soms acht uur slapen en toch uitgeput wakker worden. Het lichaam heeft dan wel gelegen, maar nauwelijks werkelijk hersteld.\nWat gebeurt er tijdens gezonde slaap? # Slaap bestaat uit verschillende fasen die elkaar cyclisch afwisselen.\nDiepe slaap # Tijdens diepe slaap herstelt het lichaam fysiek:\nspieren ontspannen afweersysteem werkt hersenen \u0026ldquo;ruimen op\u0026rdquo; stresshormonen dalen Walker beschrijft dat tijdens diepe slaap afvalstoffen uit het brein worden afgevoerd via het glymfatisch systeem. Alsof de hersenen \u0026rsquo;s nachts letterlijk worden schoongespoeld.\nREM-slaap # Tijdens de REM-slaap (de fase waarin de meeste dromen ontstaan) verwerkt het brein emoties en herinneringen. Bij gezonde verwerking worden ervaringen als het ware opnieuw bekeken in een veilige neurochemische toestand.\nDat is cruciaal. Want trauma\u0026rsquo;s zijn niet alleen herinneringen. Het zijn herinneringen die nog steeds als actueel gevaar worden beleefd. REM-slaap helpt normaal gesproken om emotionele lading geleidelijk te verzachten. Maar bij PTSS raakt dat proces vaak verstoord.\nNachtmerries: het brein dat probeert te verwerken # Nachtmerries worden vaak gezien als een vervelend symptoom. Maar vanuit traumaonderzoek lijken ze ook een poging van het brein om overweldigende ervaringen te verwerken.\nHet probleem is dat het systeem vastloopt. De droom brengt iemand niet dichter bij integratie, maar trekt hem telkens opnieuw het trauma in.\nMensen dromen bijvoorbeeld:\nachtervolgingen machteloosheid oorlog verlies van controle dood schuld falen verlaten worden Soms zijn de dromen letterlijk traumatisch. Soms symbolisch. Maar bijna altijd draait het om onveiligheid, verlies van controle of onafgemaakte spanning.\nMoral injury en nachtelijke schuld # Bij moral injury krijgen nachtmerries vaak een andere kleur. Daar staat niet alleen angst centraal, maar ook geweten. Mensen dromen dan bijvoorbeeld over:\nmensen die ze niet konden helpen fouten die gemaakt zijn gezichten van slachtoffers verlaten situaties verraad oordeel terugkerende keuzes Sommige mensen worden wakker met een overweldigend gevoel van schuld zonder directe herinnering aan de droom zelf. Alsof het lichaam de emotie onthoudt terwijl het verhaal verdwenen is.\nDat maakt moral injury vaak existentiëler dan klassieke angsttrauma\u0026rsquo;s. De nacht wordt dan niet alleen een plaats van gevaar, maar ook van confrontatie met jezelf.\nPersoonlijk # Ook ik heb dagen gekend waarin ik overdag vocht tegen de slaap, en \u0026rsquo;s nachts om wakker te blijven.\nWaarom dromen zoveel betekenis kregen in mystieke tradities # Lang voordat neurowetenschap bestond, zagen spirituele tradities dromen al als betekenisvol. Niet altijd letterlijk profetisch, maar wel als een spiegel van de ziel. In veel oude tradities werd de slaap gezien als een overgangstoestand waarin de gewone controle van het ego tijdelijk zachter wordt.\nDromen als boodschap # In het christendom, soefisme, jodendom en oude Griekse tradities verschijnen dromen vaak als dragers van inzicht of waarschuwing. Ook in de islamitische mystiek werden sommige dromen gezien als ontmoetingsplaatsen tussen bewustzijn en diepere waarheid.\nCarl Jung bouwde later deels voort op dat idee: dromen tonen niet alleen willekeurige beelden, maar symbolen van innerlijke processen.\nDe nacht als spiegel # Mystieke tradities beschrijven de nacht vaak als een ruimte waarin verborgen delen van de mens zichtbaar worden. Dat betekent niet dat elke droom letterlijk uitgelegd moet worden. Wel dat dromen soms iets zichtbaar maken wat overdag verdrongen wordt. Verdriet. Angst. Schuld. Verlangen. Onverwerkt verlies. Of juist hoop.\nGurdjieff en de slapende mens # George Ivanovich Gurdjieff sprak over de mens als een wezen dat grotendeels \u0026ldquo;slaapt\u0026rdquo; terwijl hij wakker denkt te zijn. Volgens hem leven mensen vaak automatisch, gestuurd door emoties, impulsen en conditioneringen.\nTrauma maakt dat nog sterker. Een getraumatiseerd zenuwstelsel leeft vaak reactief — niet bewust gekozen, maar automatisch. Dat geldt ook \u0026rsquo;s nachts.\nVanuit die gedachte is herstel niet alleen symptoomvermindering, maar een vorm van ontwaken: opnieuw aanwezig leren zijn in lichaam, gevoel en bewustzijn. Misschien daarom ervaren sommige mensen momenten vlak voor slaap of vlak na ontwaken als bijzonder open of kwetsbaar. De controlelaag van de dag is dan dunner.\nWaarom slaapveiligheid zo belangrijk is # Mensen met trauma proberen vaak controle te houden. Dat is logisch. Maar slaap vraagt juist het tegenovergestelde: loslaten.\nDaarom helpt slaapherstel meestal niet via discipline alleen, maar via veiligheid. Niet alleen mentale veiligheid ook lichamelijke veiligheid. Het zenuwstelsel moet langzaam opnieuw leren: de nacht is niet langer oorlogsterrein.\nPraktische aanwijzingen voor betere slaap bij PTSS # Er bestaat geen magische oplossing. Wel zijn er patronen die veel mensen helpen.\n1. Verminder hyperactivatie voor het slapen # Geen fel schermlicht, zware discussies of constante prikkels vlak voor bed. Het zenuwstelsel heeft overgangstijd nodig.\n2. Werk met rituelen # Rituelen geven voorspelbaarheid: thee, douchen, ademhaling, rustige muziek, lezen, kaarslicht, stilte. Kleine vaste handelingen helpen het lichaam herkennen dat de dag eindigt.\n3. Adem langzamer uit # Een langere uitademing activeert vaak het parasympathische zenuwstelsel. Bijvoorbeeld: vier tellen inademen, zes of acht tellen uitademen. Eenvoudig, maar biologisch effectief.\n4. Zie nachtmerries niet direct als vijand # Dat klinkt vreemd. Maar hoe harder mensen vechten tegen dromen, hoe meer spanning ontstaat. Nieuwsgierigheid helpt soms meer dan controle:\n\u0026ldquo;Wat probeert mijn systeem mij te laten zien?\u0026rdquo;\n5. Zoek professionele hulp wanneer slaap structureel ontregeld blijft # Chronische slapeloosheid en terugkerende nachtmerries zijn niet iets waar iemand zich \u0026ldquo;gewoon overheen moet zetten\u0026rdquo;. Traumatherapie, EMDR, lichaamsgerichte therapie of slaapgerichte begeleiding kunnen wezenlijk helpen.\nDe paradox van slaap en trauma # Slaap is kwetsbaarheid. En precies daarom raakt trauma de slaap zo diep. Een lichaam dat gevaar verwacht, wil niet volledig ontspannen.\nDat is geen defect. Dat is een intelligent overlevingssysteem dat te lang actief bleef.\nHerstel begint vaak wanneer mensen stoppen zichzelf te veroordelen voor hun ontregeling. Niet:\n\u0026ldquo;Waarom lukt slapen mij niet?\u0026rdquo;\nMaar:\n\u0026ldquo;Wat probeert mijn zenuwstelsel te beschermen?\u0026rdquo;\nDie vraag verandert iets.\nVeelgestelde vragen # Waarom word ik moe wakker terwijl ik wel heb geslapen? # Bij PTSS blijft het zenuwstelsel vaak in een lichte vorm van paraatheid, ook in de slaap. Diepe slaap wordt korter, hartslag zakt minder. Het lichaam ligt wel, maar herstelt minder. Bespreek dit met je behandelaar. Soms zegt een slaapstudie meer dan de subjectieve ervaring.\nHelpen slaapmedicatie of melatonine? # Soms tijdelijk, maar bijna altijd alleen als brug naast andere behandeling. Slaapmedicatie onderdrukt diepe slaap en REM eerder dan dat het ze herstelt. Bespreek het met je huisarts en wees voorzichtig met langdurig gebruik.\nWat helpt tegen terugkerende nachtmerries? # Bij hardnekkige PTSS-nachtmerries kan Imagery Rehearsal Therapy (IRT) helpen. Een methode waarin je overdag een andere afloop voor de droom oefent. Ook EMDR, lichaamsgerichte therapie en in sommige gevallen prazosine worden toegepast. Doe dit onder begeleiding.\nKan ik leren omgaan met nachtmerries zonder ze te willen \u0026ldquo;weghalen\u0026rdquo;? # Ja. Voor veel mensen brengt nieuwsgierigheid meer rust dan strijd. Een droomdagboek bijhouden zonder oordeel, of de droom \u0026rsquo;s ochtends even neerschrijven, kan het brein helpen verwerken zonder dat je het volledig hoeft te begrijpen.\nMijn partner heeft PTSS en slaapt slecht — wat kan ik doen? # Het belangrijkste is geen druk leggen. Praat overdag, niet \u0026rsquo;s nachts. Help met rituelen zonder ze op te leggen. Erken dat slaapproblemen niet \u0026ldquo;aanstellerij\u0026rdquo; zijn maar een fysiologisch gevolg. En zorg ook voor je eigen slaap / co-regulatie werkt twee kanten op.\nConclusie: de nacht als plaats van herstel én confrontatie # Voor mensen met PTSS en moral injury is slaap zelden alleen biologisch. De nacht raakt aan veiligheid, controle, herinnering, schuld en overgave. Soms wordt de nacht een spiegel van wat overdag verborgen blijft.\nToch blijft slaap ook een van de krachtigste bronnen van herstel die we hebben. Niet omdat slaap problemen oplost, maar omdat lichaam en geest juist daar proberen opnieuw evenwicht te vinden.\nMisschien is dat de diepste boodschap van slaap: dat de mens, zelfs na ontregeling en verlies, nog steeds een vermogen tot herstel in zich draagt. Zelfs wanneer hij dat zelf nauwelijks meer gelooft.\nVerder lezen # Polyvagaal theorie van Porges — waarom het zenuwstelsel niet \u0026ldquo;uit\u0026rdquo; gaat Dagritme bij PTSS — hoe ritme overdag de nacht voorbereidt Ademhaling bij PTSS — praktische bouwstenen voor het zenuwstelsel Bronnen en wetenschappelijke publicaties # Walker, M. (2017). Why We Sleep Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Germain, A. Sleep Disturbances as the Hallmark of PTSD Nielsen, T. \u0026amp; Levin, R. Nightmares: A New Neurocognitive Model Krakow, B. — onderzoek naar nachtmerries en trauma (o.a. Imagery Rehearsal Therapy) Hobson, J.A. — slaap- en droomonderzoek Jung, C.G. — werk over dromen en symboliek Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/slapen-herstel-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Slapen met een waakzaam zenuwstelsel: PTSS, nachtmerries en de nachtelijke strijd om veiligheid","type":"posts"},{"content":"Sommige reacties voelen niet helemaal van jezelf. Een schrik die te groot is voor de aanleiding. Een schaamte zonder duidelijke bron. Een loyaliteit aan iets wat je nooit zelf hebt meegemaakt. Bij PTSS en moral injury speelt soms iets dat ouder is dan jouw eigen biografie: ervaringen van eerdere generaties die in jouw lichaam, gedrag en relaties doorwerken.\nIn deze post leg ik drie lenzen op dat fenomeen naast elkaar: de epigenetica van Rachel Yehuda en Mark Wolynn, het systemisch werk van Bert Hellinger, en de \u0026ldquo;vele ikken\u0026rdquo; uit de Vierde Weg van Gurdjieff. Drie verschillende talen voor hetzelfde verschijnsel: dat een mens niet alleen zichzelf is, maar ook drager van een lijn.\nEen vraag die zich opdringt # Wie lang met PTSS of moral injury leeft, komt vroeg of laat de vraag tegen: waarom voel ik dit zo zwaar? Niet alleen vanwege wat je zelf hebt meegemaakt, maar dieper. Alsof er meer in jou meedoet dan jouw eigen geschiedenis verklaart.\nVoor mensen uit beroepen die met trauma in aanraking komen; politie, militair, hulpverlening is die vraag extra geladen. Zij dragen niet alleen wat ze zelf hebben gezien, maar vaak ook iets uit een familielijn waarin oorlog, geweld, ziekte of verlies een hoofdrol speelden.\nWat Wolynn aandraagt: trauma erft mee # Mark Wolynn zet in Het is niet met jou begonnen (2016) de wetenschappelijke basis op een rijtje. Hij steunt zwaar op het werk van Rachel Yehuda, een Amerikaanse onderzoeker die jarenlang Holocaust-overlevenden en hun kinderen bestudeerde.\nYehuda en haar collega\u0026rsquo;s vonden iets opvallends: bij kinderen van Holocaust-overlevenden zaten chemische merktekens op een specifiek gen, FKBP5, dat betrokken is bij de stressrespons. Diezelfde merktekens waren in vergelijkbare vorm aanwezig bij hun ouders. Trauma had zich dus niet alleen verteld, het had zich afgedrukt (zie Intergenerational effects on FKBP5 methylation).\nDit verschijnsel heet epigenetica: de DNA-volgorde verandert niet, maar wélke genen worden afgelezen, en hoe sterk, kan onder invloed van ervaring verschuiven. En dat patroon kan deels worden doorgegeven.\nWolynn vertaalt dit naar leesbare taal en koppelt het aan een eenvoudige zoekvraag: zoek in je familie de gebeurtenis die overeenkomt met de toon van je eigen klacht. Een onverklaarbare angst voor verstikking? Een grootouder die in een kelder schuilde. Een hardnekkige schaamte? Een vader die iets meemaakte en zijn mond hield.\nHet idee is niet dat alles te herleiden is. Het idee is dat sommige van je reacties pas op hun plaats vallen wanneer je ze in een familielijn ziet, niet als persoonlijk gebrek.\nWat Hellinger toevoegde: systemisch werk # Lang voordat Wolynn schreef, ontwikkelde Bert Hellinger (1925–2019), Duits ex-priester en psychotherapeut, een methode om dit terrein te verkennen: de familieopstelling. In een groep neemt iemand het verlies, de schuld of de uitsluiting van een voorouder symbolisch in beeld. Andere deelnemers staan ter plaatse voor familieleden. Door zorgvuldig kijken en kleine bewegingen probeert de begeleider iets zichtbaar te maken wat in het systeem blokkeerde.\nHellingers theoretische bagage rust op een paar grondnoties:\nDe ordeningen van de liefde — in elk familiesysteem zijn er regels (wie hoort erbij, wie kwam eerst, wie werd uitgesloten). Verstoring van die ordening leidt tot symptomen bij latere generaties. Loyaliteit — een nakomeling neemt onbewust pijn, schuld of ziekte over uit liefde voor een voorouder. Verwikkeling (Verstrickung) — wie verwikkeld raakt in het lot van een ander, leidt geen vrij eigen leven. Acknowledging what is — herstel begint niet met veranderen, maar met erkennen: zien wat er gebeurd is, zonder oordeel, zonder oplossen. Hier raakt Hellinger aan een oude wijsheid die ook in andere tradities terugkomt. Ik kom verderop terug op de controverses rond Hellinger. Maar zijn waarneming dat een mens drager kan zijn van wat eerder niet gerouwd, niet erkend of niet gezien werd, is door veel praktijkmensen herkend.\nDrie lenzen op één fenomeen # Wat opvalt: de epigenetica, het systemisch werk en het traumatische dissociatie-onderzoek wijzen alle drie naar hetzelfde grondpatroon. Een mens is niet één gesloten geheel, maar een verzameling van delen, lijnen en lagen die niet allemaal van zichzelf afkomen.\nEpigenetica (Yehuda, Wolynn) noemt dit erfelijke afdruk: biologisch. Een gen dat sterker of zwakker spreekt door wat een voorouder meemaakte. Systemisch werk (Hellinger) noemt dit verwikkeling: relationeel. Een patroon dat zich vasthecht aan een rol of plek in het systeem. Trauma-onderzoek (Van der Hart e.a.) noemt dit structurele dissociatie: psychisch. Delen van de persoonlijkheid die afgesplitst leven omdat samenwonen niet ging. Zie The Haunted Self. De Vierde Weg (Gurdjieff) noemt dit de vele ikken: filosofisch. Een wisselend gezelschap van stemmen die niet allemaal hetzelfde willen. Vier woorden, vier verklaringen, één observatie: jij bent niet zomaar één.\nDe brug naar moral injury # Voor moral injury is dit fenomeen extra relevant. Moral injury draait om handelen of getuige zijn van handelingen die tegen je waarden ingaan. De pijn die volgt: schuld, schaamte, verlies van betekenis laat zich vaak niet herleiden tot één moment.\nWie als politieman of militair een ingrijpende ervaring meemaakte, kan ontdekken dat die ervaring resoneert met iets ouders. Een grootvader die in oorlog handelde tegen zijn waarden. Een familielid wiens verhaal nooit verteld werd. De huidige gebeurtenis is dan niet de enige bron van de pijn; ze opent een lijn.\nDat ontslaat niemand van eigen verantwoordelijkheid. Wat het wel doet: het maakt zichtbaar dat morele pijn soms méér draagt dan jouw eigen geweten alleen kan dragen. En dat herstel niet alleen jouw werk is, maar ook werk voor een lijn. Het verwerken van rouw rond moral injury krijgt zo een extra dimensie: niet alleen rouwen om wat jij meemaakte, maar ook om wat eerder onverwerkt bleef.\nDe brug naar de Vierde Weg # In De Vierde Weg heb ik de vele ikken beschreven als wisselende stemmen binnen een mens. Wolynn en Hellinger voegen daar een dimensie aan toe: sommige van die stemmen zijn niet jouw eigen stem. Het zijn stemmen van daarvoor. Een ochtend-ik die geen zin heeft, kan jouw eigen vermoeidheid zijn of de uitputting van een grootmoeder die nooit rustte.\nGurdjieff vroeg om die ikken te zien in plaats van te bestrijden. Hellinger vroeg om voorouders te erkennen in plaats van te negeren. Wolynn vraagt om de zin te begrijpen waarmee een patroon ontstond. In wezen vragen ze hetzelfde: stop met vechten tegen wat in je leeft, en geef het zijn plaats. Pas dan kan iets nieuws ontstaan.\nVoor wie traumatisch werk doet of doormaakte, is dit een hoopvol perspectief. Het ontslaat je niet van inspanning. Het herinnert je eraan dat je niet alleen werkt; je werkt voor een lijn die voor jou begon.\nWat systemisch werk niet is # Voor evenwicht, net als bij de Vierde Weg, een aantal eerlijke kanttekeningen.\nHet is geen wetenschappelijk bewezen methode. De epigenetica is wél onderbouwd, maar de praktische toepassingen van Wolynn en Hellinger gaan soms verder dan het onderzoek strikt rechtvaardigt. Voor familieopstellingen als therapievorm is het bewijs beperkt. Hellinger blijft controversieel. Sommige uitspraken van hem over slachtoffers van misbruik, Holocaust-overlevenden en gender zijn met recht bekritiseerd. Wie systemisch werk verkent, doet er goed aan kritisch te lezen en geen autoriteit boven gezond verstand te plaatsen. Familieopstellingen zijn niet voor iedereen. Voor mensen met PTSS, complex trauma of structurele dissociatie kan een opstelling triggerend zijn. Doe dit alleen onder begeleiding van een opgeleide en trauma-bewuste begeleider, en bij voorkeur naast een vaste behandelrelatie. Het is geen vervanging voor therapie. Inzicht in patronen is iets anders dan verwerken. Beide zijn nodig. Niet alles is transgenerationeel. De verleiding om elke klacht naar een voorouder te herleiden is groot, maar onjuist. Het meeste is gewoon van jou. Soms is iets ouder. Het verschil te kunnen zien, is de vaardigheid. Praktisch: wat je er als lezer mee kunt # Geen oefeningen om in je eentje opstellingen te doen daarvoor verwijs ik naar opgeleide begeleiders. Wel een paar denkstappen die je kunt zetten zonder risico.\nKijk naar het patroon zelf, niet naar de inhoud. Welke gevoelens komen onevenredig vaak terug? Welke reacties voelen \u0026ldquo;groter\u0026rdquo; dan ze zouden moeten zijn? Vraag binnen je familie naar onverwerkte verhalen. Niet om te oordelen, maar om te weten. Oorlog, verlies, vlucht, geheim, uitsluiting allemaal kandidaten voor doorwerking. Sluit niemand uit. In Hellingers werk telt \u0026ldquo;wie hoort erbij\u0026rdquo; zwaar. Een uitgesloten familielid (een doodgeboren kind, een ontkende relatie, een zwart schaap) kan in latere generaties terug komen vragen om erkenning. Lees Wolynn voordat je Hellinger leest. Wolynn is hedendaagser, voorzichtiger geformuleerd, en steunt expliciet op onderzoek. Bespreek het met je behandelaar. Vooral als je in traumatherapie zit. Sommige therapieën sluiten goed aan op systemisch denken, andere niet. Goed afstemmen voorkomt verwarring. Veelgestelde vragen # Is transgenerationeel trauma wetenschappelijk bewezen? # Deels. De epigenetische mechanismen rond stress en cortisolregulatie zijn aangetoond bij dieren en bij groepen mensen, zoals Holocaust-overlevenden en hun kinderen. Hoe specifiek dit naar individuele klachten te vertalen is, blijft onderwerp van onderzoek. Het concept is wetenschappelijk plausibel; de vertaling in een blogpost of opstelling is interpretatie, geen bewijs.\nMoet ik in opstellingen geloven om Wolynn nuttig te vinden? # Nee. Wolynns methode (de \u0026ldquo;core language\u0026rdquo; van klacht en familie) kun je gebruiken zonder ook maar één opstelling te volgen. De epigenetica staat los van Hellinger.\nKan dit helpen bij moral injury? # Soms. Moral injury heeft vaak een morele dimensie die verwantschap toont met familielijnen, bijvoorbeeld bij beroepen die door generaties heen morele dilemma\u0026rsquo;s tegenkwamen. Onderzoeken naar betekenis, gemeenschap en erkenning blijken belangrijk; daar past systemisch denken bij. Maar weer: aanvullend, niet vervangend.\nWat als mijn familie weinig wil of kan vertellen? # Dat is gebruikelijk. Veel families dragen geheimen of zwijgen. Wolynn beschrijft hoe je ook met fragmenten kunt werken: één naam, één foto, één vermoeden. Een professional kan helpen om uit weinig veel te leren.\nWat is het verschil met IFS (Internal Family Systems)? # IFS werkt met \u0026ldquo;delen\u0026rdquo; binnen een persoon: managers, brandweerlieden, verbannen delen. Systemisch werk plaatst die delen in een familiesysteem en kijkt naar herkomst. De methodes vullen elkaar in de praktijk vaak goed aan.\nConclusie # Niet alles is van jou. Sommige reacties dragen het gewicht van een lijn. Daar erkenning aan geven is geen excuus en geen ontsnapping. Het is precies het tegenovergestelde: het is zien waar je staat, in welke stroom, wat je hebt meegekregen en wat je doorgeeft.\nVoor wie met PTSS of moral injury leeft, kan dit perspectief lucht geven. De last wordt iets minder eenzaam wanneer je vermoedt dat hij niet alleen van jou is. En de inspanning krijgt een andere kleur: je werkt niet alleen voor jezelf. Je werkt voor wat je in liefde mocht ontvangen, en voor wat je nu verandert in de richting van wat na jou komt.\nDaar begint het.\nVerder lezen # De Vierde Weg — over de \u0026ldquo;vele ikken\u0026rdquo; als levenspraktijk Verschil PTSS, CPTSS en moral injury — voor de begrippen Post-traumatische groei — over wat er na verwerking mogelijk wordt Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/transgenerationeel-trauma-ptss-moral-injury/","section":"Blog","summary":"","title":"Wat heb ik geërfd? Transgenerationeel trauma, moral injury en de vele ikken","type":"posts"},{"content":" Cortisol ontmaskerd: het stresshormoon als bondgenoot én waarschuwer # Op social media is cortisol vaak de vijand. Het zou buikvet veroorzaken, je slaap slopen, je hormonen ontregelen en je zenuwstelsel op hol jagen. Daarna volgt meestal een oplossing: detoxes, hacks, supplementen of een ochtendroutine die alles zou fixen.\nMaar het lichaam is geen slogan.\nCortisol is geen fout in het systeem. Zonder cortisol kom je \u0026rsquo;s ochtends je bed niet uit. Zonder cortisol kun je reageren op gevaar. Zonder cortisol stort je energieregulatie in.\nTegelijk geldt ook: langdurige ontregeling van cortisol en het stresssysteem kan lichaam en geest zwaar belasten. Hier zit de nuance. Niet demoniseren, maar begrijpen.\nWat is cortisol? # Cortisol is een hormoon dat wordt aangemaakt in de bijnierschors. De afgifte verloopt via de HPA-as: hypothalamus, hypofyse en bijnieren. Zodra het brein stress of verhoogde vraag detecteert, wordt deze as geactiveerd. Cortisol helpt bij energie vrijmaken, bloedsuiker reguleren, alertheid verhogen, ontstekingsreacties beïnvloeden, bloeddruk ondersteunen en aanpassen aan belasting. Het is dus geen vijand, maar een regelmechanisme.\nHet natuurlijke dagritme van cortisol # Cortisol hoort te schommelen over de dag. In de eerste 30 tot 45 minuten na het wakker worden stijgt het meestal sterk. Dit wordt de cortisol awakening response genoemd.\nDie ochtendpiek helpt bij wakker worden, mentale scherpte, het mobiliseren van energie, en de overgang van slaap naar activiteit. Later op de dag daalt cortisol normaal gesproken geleidelijk.\nWanneer dit ritme verstoord raakt, kunnen mensen zich moe, opgejaagd of ontregeld voelen.\nHoe voelt een ontregeld stresssysteem? # Niet iedereen merkt cortisol direct, maar veel mensen herkennen het patroon: moe en gespannen tegelijk, \u0026rsquo;s nachts aan staan, vroeg wakker worden, energiedips overdag, snel schrikken, moeilijk ontspannen, cravings naar suiker of cafeïne, en een crash na drukte.\nDat betekent niet automatisch dat cortisol de enige oorzaak is. Wel dat stressregulatie aandacht verdient.\nCortisol en PTSS: complexer dan vaak wordt gedacht # Veel mensen denken dat PTSS gelijkstaat aan permanent hoog cortisol. Zo simpel is het niet.\nOnderzoek laat verschillende patronen zien, waaronder:\nlagere basale cortisolwaarden sterkere stressreactiviteit verstoorde negatieve feedback ontregeld dag-nachtritme Met andere woorden: het systeem kan hyperalert zijn zonder dat cortisol voortdurend hoog is.\nDat helpt verklaren waarom iemand zich gespannen kan voelen terwijl standaard bloedwaarden weinig zeggen.\nCortisol en slaap # Cortisol werkt samen met je biologische klok en met hormonen zoals melatonine. Overdag ondersteunt het activiteit. In de avond hoort het lager te worden zodat rust makkelijker ontstaat.\nBij chronische stress of trauma kan dit verschuiven. Het lichaam blijft dan te waakzaam.\nGevolgen kunnen zijn: moeilijk inslapen, vaak wakker worden, onrustige slaap, te vroeg wakker worden, en niet uitgerust opstaan.\nCortisol en koffie: wanneer drinken helpt of hindert # Cafeïne kan de alertheidsrespons versterken. Voor sommige mensen is dat prima. Voor anderen stapelt het op een al geactiveerd systeem.\nDirect koffie na het wakker worden kan bij gevoelige mensen leiden tot nervositeit, hartkloppingen, trillen, een snelle energiedaling later, en meer onrust.\nPraktisch experiment: wacht eens 60 tot 90 minuten na opstaan en kijk wat dat doet. Geen dogma. Gewoon testen.\nCortisol, voeding en bloedsuiker # Cortisol en bloedsuiker beïnvloeden elkaar. Bij lage beschikbaarheid van energie helpt cortisol glucose vrijmaken. Grote schommelingen in bloedsuiker kunnen stressreacties versterken.\nWat vaak helpt: regelmatig eten, voldoende eiwitten, vezelrijke maaltijden, minder pieken door snelle suikers, en voldoende hydratatie. Geen perfect dieet nodig. Wel meer stabiliteit.\nCortisol en lichaamsgewicht # Chronische stress hangt samen met veranderingen in eetlust, vetopslag, slaap en beweeggedrag. Daardoor kan gewicht toenemen, vooral rond de buikstreek.\nMaar zeggen dat cortisol je dik maakt is te simpel.\nVaak speelt een combinatie van factoren: slaaptekort, stresseten, minder beweging, energiedips, hormonale adaptatie, en langdurige spanning.\nLangdurige stress en insulinegevoeligheid # Wanneer het systeem langdurig geactiveerd blijft, kan dat samenhangen met verminderde insulinegevoeligheid en metabole ontregeling.\nDat proces ontstaat meestal over langere tijd en hangt samen met meerdere leefstijl- en stressfactoren.\nBij mensen met PTSS wordt vaker metabole problematiek gezien. Dat is geen gebrek aan discipline, maar vaak een fysiologische belasting die serieus genomen moet worden.\nHoe kun je herstel ondersteunen? # Niet met hacks, maar met ritme.\n1. Licht in de ochtend # Daglicht helpt je biologische klok afstemmen.\n2. Regelmatig slapen # Vaste tijden zijn krachtiger dan incidentele perfectie.\n3. Bewegen # Wandelen en krachttraining helpen regulatie.\n4. Adem en ontspanning # Langere uitademing, rustmomenten en herstelpauzes helpen het systeem zakken.\n5. Voeding met stabiliteit # Minder pieken, meer regelmaat.\n6. Trauma behandelen # Bij PTSS is psychologische of lichaamsgerichte behandeling vaak essentieel.\n7. Alcohol beperken # Alcohol verstoort slaap en herstel vaker dan mensen denken.\nWat niet helpt # Obsessief cortisol willen verlagen helpt niet. Net zomin als elk lichaamssignaal pathologiseren, supplementen jagen zonder dat de basis op orde is, chronisch slaaptekort negeren, leven op cafeïne en suiker, of denken dat wilskracht alles oplost.\nLees ook # Ademhaling bij PTSS Dagritme bij PTSS Trauma en het lichaam Stilte bij PTSS De helende kracht van natuur bij PTSS Conclusie # Cortisol is geen vijand. Het is een slimme schakel tussen brein, lichaam en omgeving. Het probleem is meestal niet het bestaan van cortisol, maar een systeem dat te lang onder druk staat.\nHet doel is daarom niet cortisol uitroeien, maar ritme herstellen. Meer licht, meer slaap, meer regulatie, minder chronische belasting.\nGeen magie. Wel biologie.\n","date":"3 juli 2025","externalUrl":null,"permalink":"/cortisol-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Cortisol en PTSS: wat het stresshormoon echt doet","type":"posts"},{"content":"Sommige verliezen zijn zichtbaar. Een overlijden, een scheiding, een ontslag. Andere verliezen blijven verborgen. Je functioneert misschien nog, maar van binnen is iets verschoven. Vertrouwen is beschadigd. Richting ontbreekt. De oude versie van jezelf voelt onbereikbaar. Dat is vaak de rouw bij PTSS en moral injury: echt, diep en voor de buitenwereld nauwelijks zichtbaar.\nHet risico van liefde is verlies, en de prijs van verlies is verdriet. Maar de pijn van verdriet is slechts een schaduw in vergelijking met de pijn van het nooit riskeren van liefde.\nHilary Stanton Zunin\nRouw wordt meestal gekoppeld aan de dood van een geliefde. Maar mensen rouwen ook om veiligheid, gezondheid, geloof, identiteit, relaties en toekomstbeelden. Trauma kan al die lagen raken. Bij PTSS gaat het vaak om een zenuwstelsel dat blijft reageren alsof het gevaar nog aanwezig is. Bij moral injury speelt daarnaast een morele wond: schuld, schaamte, verraad of het gevoel tegen eigen waarden in te hebben moeten handelen. Dat laat niet alleen stress achter, maar ook verlies.\nDe vraag is dan niet alleen: wat is er gebeurd? De diepere vraag wordt: wie ben ik geworden door wat er is gebeurd?\nWelke rouw hoort bij PTSS? # Rouw bij trauma heeft veel gezichten. Het gaat lang niet altijd om één gebeurtenis. Vaak gaat het om stapeling. Mensen rouwen om verlies van veiligheid en van vertrouwen: in anderen, in zichzelf. Om verlies van gezondheid, van werk of roeping, van relaties die niet meer dezelfde zijn. Om verlies van spontaniteit, van geloof of levensvisie, van toekomstbeelden die niet meer kloppen. En vaak ook: om verlies van de persoon die men vroeger was.\nJuist omdat deze verliezen moeilijk meetbaar zijn, worden ze vaak onderschat.\nWaarom deze rouw vaak niet wordt herkend # Veel mensen zeggen: \u0026ldquo;Maar er is toch niemand overleden?\u0026rdquo; Of: \u0026ldquo;Je moet verder.\u0026rdquo; Daarmee missen ze de kern. Rouw gaat niet alleen over dood. Rouw gaat over betekenisvol verlies.\nBij PTSS komt daar nog iets bij: overleven vraagt veel energie. Daardoor is er vaak weinig ruimte om stil te staan bij wat verloren ging. Eerst moet men functioneren. Pas later meldt de rouw zich.\nSoms jaren later\u0026hellip;.\nSymptomen van verborgen rouw # Rouw bij PTSS ziet er niet altijd uit als huilen. Ze kan zich tonen als leegte of cynisme, als prikkelbaarheid of vermoeidheid, als gevoelloosheid of schaamte. Als terugtrekken uit relaties of moeite met genieten. Soms ook als onrust zonder duidelijke reden een verdriet dat nergens heen lijkt te kunnen.\nWat niet gevoeld wordt, verdwijnt zelden. Het zoekt een andere weg naar buiten.\nMoral Injury: de wond van het geweten # Moral injury ontstaat wanneer iemand betrokken raakt bij gebeurtenissen die botsen met diepe waarden. Dat kan gaan over wat je deed, wat je naliet, wat je zag gebeuren of wat anderen jou aandeden. Iemand niet hebben kunnen beschermen. Bevelen uitvoeren die innerlijk verkeerd voelden. Verraad door leiderschap of instituties. Getuige zijn van onrecht zonder te kunnen ingrijpen. Of het leven, terwijl anderen stierven.\nDe pijn zit dan niet alleen in angst, maar in betekenis. Niet alleen in stress, maar in de vraag: hoe leef ik verder met dit verhaal? Onderzoekers zoals Jonathan Shay en Brett Litz brachten dit thema sterk onder de aandacht.\nDe mystieke laag van rouw # In veel tradities wordt rouw niet gezien als storing, maar als doorgang. Niet iets dat snel moet verdwijnen, maar iets dat de mens verandert.\nDe christelijke mystiek spreekt over de donkere nacht van de ziel. In het soefisme heet het het smelten van het hart. In joodse tradities bestaat het beeld van een breuk waar licht doorheen kan vallen.\nDat betekent niet dat lijden romantisch gemaakt moet worden. Wel dat verlies soms een overgang markeert: het oude werkt niet meer, het nieuwe is nog niet geboren. Veel mensen herkennen precies die tussenruimte. Men is op zoek naar een nieuw ritme in het leven.\nGurdjieff en bewust lijden # G.I. Gurdjieff maakte binnen de Vierde Weg onderscheid tussen zinloos en bewust lijden. Zinloos lijden herhaalt zichzelf automatisch: dezelfde gedachten, dezelfde reacties, hetzelfde patroon dat geen verandering brengt. Bewust lijden wordt gedragen, gezien en doorleefd. Het verandert iets in degene die het draagt.\nDat is geen oproep om pijn op te zoeken. Het is een uitnodiging om niet alleen weg te lopen voor wat gevoeld wil worden. Rouw vraagt vaak precies dat: aanwezig blijven bij wat waar is, zonder jezelf erin te verliezen.\nHoofd, hart en buik in de rouw # Rouw raakt de hele mens. Het denken zoekt verklaringen; waarom gebeurde dit, had ik iets kunnen voorkomen? Het hart draagt verdriet, liefde, verlangen en gemis. Het lichaam draagt spanning, moeheid, ademverandering, darmklachten en onrust.\nWanneer één laag wordt overgeslagen, stokt het proces vaak. Alleen begrijpen is niet genoeg. Alleen voelen ook niet. Het lichaam moet mee mogen doen.\nHet lichaam als drager van herstel # Onderzoek van Antonio Damasio en Bessel van der Kolk laat zien hoe nauw lichaam, emotie en betekenis verweven zijn. Trauma is niet alleen een herinnering in het hoofd. Het leeft ook in zenuwstelsel, houding, reflexen en ritme.\nDaarom kan rouwverwerking soms beginnen op onverwachte plekken. Een diepe uitademing. Eindelijk kunnen huilen. Weer honger voelen. Een wandeling zonder haast. Voor het eerst veilig stil kunnen zitten. Warmte toelaten van een ander mens.\nKleine signalen. Grote betekenis.\nHoe kun je rouwen zonder woorden? # Niet iedereen kan direct praten over verlies. Dat hoeft ook niet. Er zijn andere ingangen.\nSoms helpt schrijven leg vast wat verloren ging, en leg óók vast wat gebleven is. Soms helpt wandelen, omdat ritme in beweging het systeem vaak meer helpt dan forceren aan tafel. Soms helpt ademwerk: een langere uitademing kan ruimte maken voor gevoel dat vastzat. Soms opent muziek wat taal niet bereikt. Soms helpt ritueel een kaars, een steen, een brief, een symbolisch afscheid. En soms is het simpelweg getuige-aanwezigheid: iemand die blijft zonder te willen fixen. Soms heelt niet de techniek, maar dat blijven.\nWat helpt niet? # Wat zelden helpt: alles rationaliseren, jezelf opjagen, doen alsof het meevalt, je pijn vergelijken met die van anderen, spirituele slogans gebruiken om gevoel te vermijden, of wachten tot het \u0026ldquo;over\u0026rdquo; is.\nRouw is geen taak die je afvinkt.\nWanneer professionele hulp verstandig is # Zoek extra steun wanneer rouw samengaat met suïcidale gedachten, ernstige dissociatie, verslaving, complete uitputting, voortdurende herbelevingen, sociaal isolement of het niet meer kunnen functioneren in het dagelijks leven.\nDan is dragen samen verstandiger dan alleen.\nLees ook # Verschil tussen PTSS en Moral Injury Ademhaling bij PTSS Trauma en het lichaam Lichaamsgerichte therapie bij PTSS Dagritme bij PTSS Post-traumatische groei Schaamte na trauma Conclusie: iemand nieuws durven worden # Rouw bij PTSS en moral injury gaat vaak niet alleen over wat gebeurde, maar over wat verloren raakte. Veiligheid. Vertrouwen. Identiteit. Richting. Soms zelfs het gevoel thuis te zijn in jezelf.\nDie rouw vraagt geen haast. Ze vraagt ruimte, aandacht en waarheid. Niet alles hoeft direct opgelost te worden. Sommige delen willen eerst erkend worden.\nMisschien is heling niet dat je terugkeert naar wie je was. Misschien is heling dat je, met alles wat verloren ging, langzaam iemand nieuws durft te worden.\nBronnen en wetenschappelijke publicaties # Shay, J. (1994). Achilles in Vietnam Litz, B. et al. (2009). Moral Injury and Moral Repair in War Veterans Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Damasio, A. (1999). The Feeling of What Happens Frankl, V. (1946). De zin van het bestaan (Man\u0026rsquo;s Search for Meaning) Ouspensky, P.D. In Search of the Miraculous Herman, J.L. (1992). Trauma and Recovery Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"20 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/rouw-ptss-moral-injury/","section":"Blog","summary":"","title":"Rouw bij PTSS en Moral Injury: verlies dat niemand ziet","type":"posts"},{"content":"Sommige woorden blijven jaren hangen. Niet omdat ze hard werden uitgesproken, maar omdat ze van binnen waarheid zijn geworden. Veel mensen met PTSS of moral injury dragen zinnen met zich mee als onzichtbare bagage: ik had moeten ingrijpen, ik ben kapot, niemand zal mij begrijpen. Woorden kunnen snijden. Maar woorden kunnen ook openen.\nDaarom is taal geen detail in herstel. Taal vormt mee hoe we voelen, herinneren en betekenis geven.\nInleiding # Taal lijkt vanzelfsprekend. We gebruiken woorden de hele dag. Toch is taal nooit neutraal. De manier waarop iemand over zichzelf spreekt beïnvloedt stress, schaamte, hoop en verbinding.\nBij trauma wordt dat extra zichtbaar. Sommige ervaringen zijn moeilijk onder woorden te brengen. Andere worden juist eindeloos herhaald in harde, beschuldigende zinnen. Dan is taal niet alleen communicatie, maar onderdeel van de wond.\nHet omgekeerde geldt ook: wanneer woorden eerlijker, vriendelijker en preciezer worden, ontstaat vaak ruimte voor herstel.\nHoe trauma taal beïnvloedt # Trauma ontregelt niet alleen het zenuwstelsel. Het verandert vaak ook het verhaal dat iemand over zichzelf en de wereld vertelt.\nVeelvoorkomende overtuigingen zijn:\nik ben niet veilig het is mijn schuld ik had sterker moeten zijn mensen zijn niet te vertrouwen ik mag geen rust nemen niemand begrijpt wat er gebeurd is Sommige zinnen worden zo vaak herhaald dat ze als feiten, als waarheid gaan voelen.\nInnerlijke dialoog bij PTSS # De hardste stem in een mensenleven is niet altijd die van buiten. Vaak is het de stem van binnen.\nInnerlijke taal kan eruitzien als:\nvoortdurende zelfkritiek jezelf vergelijken met anderen rampscenario\u0026rsquo;s herhalen schuld blijven herkauwen eigen behoeften wegpraten jezelf streng toespreken om te blijven functioneren Het lichaam reageert daarop. Harde innerlijke dialoog houdt spanning vaak in stand.\nWaarom woorden lichamelijk effect hebben # Onderzoek van Matthew Lieberman liet zien dat het benoemen van emoties invloed kan hebben op hersengebieden die betrokken zijn bij stressregulatie. James Pennebaker liet zien dat schrijven over ingrijpende ervaringen voor veel mensen helpend kan zijn.\nDat betekent niet dat praten alles oplost. Wel dat woorden kunnen ordenen wat chaotisch voelde.\nSoms zakt spanning al wanneer iemand eindelijk kan zeggen:\nik ben bang ik ben boos ik mis wat ik kwijt ben geraakt dit was niet mijn schuld ik weet het nog niet Eerlijke taal brengt vaak meer rust dan perfecte taal.\nDe mystieke kijk op het woord # In veel tradities krijgt taal een bijzondere plaats.\nIn de christelijke traditie begint de schepping met het Woord. In het soefisme wordt aandacht gegeven aan de kracht van naam en klank. Don Miguel Ruiz beschrijft het woord als iets dat kan zegenen of vergiftigen. Gurdjieff benadrukte het belang van zelfobservatie: merken welke innerlijke zinnen ons besturen. Je hoeft daar niets letterlijk van te geloven om de kern te herkennen: woorden scheppen werkelijkheid in de manier waarop wij die beleven.\nDe drie centra en taal # Taal werkt op meerdere lagen tegelijk.\nHoofd # Woorden geven structuur, betekenis en onderscheid.\nHart # Toon, timing en intentie bepalen of woorden landen als verbinding of als afstand.\nBuik / lichaam # Het lichaam voelt vaak eerder dan het hoofd of woorden waarachtig zijn.\nDaarom helpt niet alleen wat je zegt, maar ook hoe je het zegt. Een vriendelijke zin op gejaagde toon voelt anders dan dezelfde zin in rust.\nWelke taal helpt herstel? # Niet alle positieve taal werkt. Holle affirmaties worden vaak direct afgewezen.\nZinvoller zijn woorden die waar én vriendelijk zijn.\nIn plaats van: # Ik moet me niet zo aanstellen.\nEerder: # Ik merk dat dit me raakt.\nIn plaats van: # Ik ben zwak.\nEerder: # Ik ben moe en heb iets meegemaakt.\nIn plaats van: # Ik moet eroverheen zijn.\nEerder: # Herstel heeft tijd nodig.\nIn plaats van: # Niemand begrijpt mij.\nEerder: # Niet iedereen begrijpt het, maar sommigen misschien wel.\nKleine verschuivingen. Groot effect.\nSchrijven als vorm van herstel # Voor veel mensen is schrijven veiliger dan direct spreken.\nMogelijkheden:\nVrij schrijven # Tien minuten alles opschrijven zonder censuur.\nBrief die je niet verstuurt # Schrijf aan iemand, aan jezelf of aan het verleden.\nNieuwe taal vinden # Maak zinnen die eerlijker zijn dan je oude overtuigingen.\nDagelijkse check-in # Wat voel ik? Wat heb ik nodig? Wat is vandaag waar?\nWat helpt in contact met anderen? # Ook de taal van partners, vrienden en hulpverleners doet ertoe.\nVaak helpend:\nik geloof je je hoeft het niet alleen te dragen we hoeven het nu niet op te lossen ik ben er wat heb je nu nodig? Vaak niet helpend:\nlaat het los denk positief het valt wel mee anderen hebben het erger je moet gewoon verder Wanneer woorden nog niet lukken # Soms komt taal pas later. Eerst is er alleen spanning, boosheid, stilte of tranen. Dat is niet verkeerd.\nBij trauma geldt vaak: eerst veiligheid, dan woorden.\nAdemhaling, ritme, wandelen of simpelweg samen aanwezig zijn kunnen dan belangrijker zijn dan praten.\nWaarom dit relevant is bij moral injury # Bij moral injury gaat het vaak om schuld, schaamte en waarden. De innerlijke taal wordt dan snel hard en veroordelend.\nik had meer moeten doen n- ik ben niet wie ik dacht dat ik was ik verdien geen rust Juist daar is zorgvuldige taal essentieel. Niet om verantwoordelijkheid te ontkennen, maar om waarheid en menselijkheid samen te laten bestaan.\nLees ook # Rouw bij PTSS en Moral Injury Ademhaling bij PTSS Hoofd, hart en buik Het lichaam onthoudt trauma Posttraumatische groei Bronnen en literatuur # Lieberman, M. (2007). Putting Feelings Into Words. Pennebaker, J. publicaties over expressive writing. Neff, K. publicaties over self-compassion. Van der Kolk, B. The Body Keeps the Score. Ruiz, D.M. De vier inzichten. Gurdjieff, G.I. werken over zelfobservatie en bewustzijn. Conclusie # Woorden zijn geen bijzaak. Ze vormen mee hoe we onszelf zien, hoe we pijn dragen en hoe we contact maken met anderen.\nBij PTSS en moral injury kunnen woorden wonden openhouden. Maar ze kunnen ook beginnen met helen wanneer ze eerlijker, zachter en meer waar worden.\nMisschien begint verandering niet altijd met een groot inzicht.\nSoms begint het met één zin die minder hard is dan gisteren.\nVragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact op te nemen.\n","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/kracht-van-taal/","section":"Blog","summary":"","title":"De kracht van taal bij PTSS: hoe woorden helen of verwonden","type":"posts"},{"content":" Sommige mensen dragen geen zichtbare wond — maar verdwijnen langzaam van binnen # Trauma wordt vaak verbonden met angst. Flashbacks. Paniek. Nachtmerries. Hyperalertheid. Dat zijn herkenbare signalen. Ze passen in het beeld dat veel mensen hebben van posttraumatische stressstoornis.\nMaar onder die zichtbare laag leeft vaak een andere emotie. Stiller. Dieper. Moeilijker uit te spreken.\nSchaamte.\nNiet de gewone schaamte van een ongemakkelijk moment of een fout op een verjaardag. Maar existentiële schaamte: de ervaring dat er iets fundamenteel mis is met jou als mens.\nVeel mensen met trauma dragen die schaamte jarenlang zonder woorden. Niet omdat ze niets voelen, maar juist omdat het te dichtbij komt.\nWat is schaamte eigenlijk? # Schaamte is een sociale en existentiële emotie. Ze ontstaat wanneer iemand ervaart dat hij tekortschiet in de ogen van anderen — of in zijn eigen ogen.\nSchuld zegt meestal:\n\u0026ldquo;Ik deed iets verkeerd.\u0026rdquo;\nSchaamte zegt:\n\u0026ldquo;Ik bén verkeerd.\u0026rdquo;\nDat verschil is enorm. Schuld gaat over gedrag. Schaamte raakt identiteit.\nOnderzoek van Tangney en Dearing bevestigde dit onderscheid. Ook Brené Brown bouwde haar werk rond deze tweedeling: schuld kan productief zijn omdat ze wijst op gedrag dat hersteld kan worden, terwijl toxische schaamte vaker verlamt en mensen klein, stil of eenzaam maakt.\nDaarom trekt schaamte mensen vaak naar binnen. Ze gaan zwijgen, vermijden, zichzelf verbergen of aanpassen. Niet zelden verliezen ze langzaam het gevoel werkelijk nog contact te hebben met anderen.\nSchaamte wil onzichtbaar worden.\nWaarom trauma zo vaak schaamte oproept # Trauma gaat bijna altijd gepaard met machteloosheid. En machteloosheid botst diep met hoe mensen zichzelf willen zien.\nMensen willen geloven dat ze controle hebben. Dat ze zichzelf kunnen beschermen. Dat ze zullen handelen wanneer het nodig is.\nTrauma breekt dat beeld open. Iemand bevriest. Rent weg. Overleeft. Zwijgt. Kan niets doen. Of doet juist iets waar later schaamte over ontstaat.\nVan buitenaf lijken dat misschien logische overlevingsreacties. Van binnen voelen ze vaak als falen.\nMoral injury: schaamte van het geweten # Bij moral injury wordt schaamte nog dieper. Daar ontstaat de wond niet alleen door gevaar, maar door botsing met het eigen morele kompas.\nBijvoorbeeld:\niemand deed iets tegen zijn geweten in iemand hielp niet terwijl hij dat wilde iemand zweeg uit loyaliteit of angst iemand werd verraden door een systeem waarin hij geloofde De pijn zit dan niet alleen in wat gebeurde, maar in wat het zegt over jezelf. Mensen vragen zich af:\nBen ik nog een goed mens? Hoe kon ik dit doen? Waarom deed ik niets? Kan ik mezelf nog respecteren? Als anderen dit wisten, zouden ze mij afwijzen? Dat zijn geen simpele gedachten. Dat zijn identiteitsvragen. Het verwerken van rouw rond moral injury raakt daardoor onlosmakelijk aan schaamte.\nWaarom schaamte een vergeten emotie is # Opvallend genoeg praten we weinig over schaamte. We spreken makkelijker over angst, stress of depressie. Schaamte blijft vaak verborgen.\nWaarom? Omdat schaamte zichzelf verstopt. Mensen schamen zich vaak óók voor hun schaamte.\nDaarnaast leeft in veel culturen het idee dat sterke mensen zichzelf moeten herstellen. Dat kwetsbaarheid snel opgelost moet worden. Of dat trauma vooral technisch behandeld kan worden.\nMaar schaamte laat zich niet eenvoudig \u0026ldquo;wegtherapeutiseren\u0026rdquo;. Ze leeft diep in het lichaam, in relaties en in het zelfbeeld. Soms zelfs generaties lang.\nSchaamte woont niet alleen in het hoofd # Schaamte is lichamelijk. Veel mensen herkennen:\nogen neerslaan spanning in borst of buik verstijven kleiner willen worden moeite met oogcontact warmte in gezicht of nek adem inhouden verdwijnen in stilte Volgens onderzoek van onder andere Bessel van der Kolk en Stephen Porges zijn trauma en schaamte sterk verbonden met het autonome zenuwstelsel. Wanneer iemand zich diep onveilig voelt, trekt het lichaam zich terug. Niet alleen sociaal — letterlijk biologisch.\nVoor wie de neurobiologische achtergrond wil verkennen: in polyvagaal-perspectief hoort schaamte vaak bij de dorsale vagale toestand: een diepere overlevingsreactie waarin het lichaam zich afsluit van contact.\nWaarom schaamte zo isolerend werkt # Angst zoekt bescherming. Verdriet zoekt troost. Maar schaamte zoekt afzondering.\nMensen met diepe schaamte denken vaak:\n\u0026ldquo;Als mensen mij echt kennen, wijzen ze mij af.\u0026rdquo; \u0026ldquo;Ik ben teveel.\u0026rdquo; \u0026ldquo;Ik ben beschadigd.\u0026rdquo; \u0026ldquo;Ik hoor er niet meer bij.\u0026rdquo;\nPsycholoog Donald Nathanson beschreef vier veelvoorkomende reacties op schaamte: terugtrekken, vermijden, aanvallen op zichzelf, of aanvallen op anderen. Wie zichzelf herkent in een van die patronen, ziet dat schaamte zelden iets neutraals doet — ze stuurt gedrag.\nDaardoor raken mensen geïsoleerd terwijl verbinding juist nodig is voor herstel. Dat maakt schaamte zo verraderlijk. Ze verhindert precies datgene wat helend zou kunnen zijn.\nSchaamte en slaap: waarom de nacht vaak zwaarder wordt # Veel mensen met trauma ervaren dat schaamte sterker wordt in de nacht. Overdag is er afleiding. \u0026rsquo;s Nachts wordt het stiller. Dan verschijnen herinneringen, innerlijke stemmen en oude overtuigingen.\nSommige mensen worden wakker met een gevoel van dreiging of schuld zonder precies te weten waarom. Nachtmerries spelen hierin vaak een rol — dromen lijken soms een poging van het brein om onverwerkte ervaringen alsnog betekenis te geven, maar bij trauma loopt dat proces vaak vast.\nVolgens slaaponderzoeker Matthew Walker speelt gezonde REM-slaap een belangrijke rol bij emotionele verwerking. Bij PTSS raakt juist die verwerking vaak verstoord. Het gevolg: het lichaam rust onvoldoende uit, terwijl schaamte en spanning zich verder verdiepen.\nSchaamte in mystieke tradities # Opvallend genoeg beschrijven veel mystieke tradities schaamte niet alleen als psychologisch probleem, maar ook als verlies van verbinding.\nDe eerste schaamte # In joodse en christelijke tradities verschijnt schaamte al vroeg in het verhaal van Adam en Eva. Niet direct als schuld, maar als plotseling bewustzijn van afgescheidenheid en naaktheid. Ze verbergen zich.\nDat beeld is krachtig. Schaamte trekt de mens weg uit open aanwezigheid.\nMystiek en waardigheid # In veel spirituele tradities draait herstel daarom niet alleen om vergeving, maar om herinnering: herinneren dat de mens méér is dan zijn falen.\nBinnen soefisme, christelijke mystiek en boeddhistische tradities wordt vaak gesproken over compassie, nederigheid en innerlijke waarheid. Niet als goedkope positiviteit, maar als langzaam herstel van menselijke waardigheid.\nGurdjieff en de gefragmenteerde mens # George Ivanovich Gurdjieff beschreef de mens als innerlijk verdeeld. Volgens hem bestaat de mens uit tegenstrijdige delen die elkaar voortdurend afwisselen.\nTrauma versterkt die verdeeldheid. Een deel wil spreken. Een ander deel wil verdwijnen. Een deel verlangt naar verbinding. Een ander vertrouwt niemand meer.\nSchaamte houdt die innerlijke fragmentatie vaak in stand. Daarom vraagt herstel niet alleen inzicht, maar ook aanwezigheid. Leren verdragen dat alle delen van jezelf bestaan — zonder direct weg te kijken.\nWat helpt bij herstel van schaamte? # Schaamte verdwijnt zelden door argumenten. Mensen weten rationeel vaak allang dat ze niet slecht zijn. Maar hun zenuwstelsel gelooft het nog niet. Herstel gebeurt meestal langzaam en relationeel.\n1. Benoemen zonder oordeel # Schaamte verliest kracht wanneer ze voorzichtig uitgesproken mag worden. Niet geforceerd. Wel eerlijk.\n2. Veilige verbinding # Een mens die werkelijk aanwezig blijft zonder afwijzing kan diep helend zijn. Dat klinkt eenvoudig. Dat is het niet. Co-regulatie — het reguleren van je zenuwstelsel via het zenuwstelsel van een ander — werkt juist hier.\n3. Begrijpen van overlevingsreacties # Veel mensen schamen zich voor reacties die biologisch normaal zijn:\nbevriezen zwijgen aanpassen dissociëren gehoorzamen Inzicht haalt niet alles weg, maar vermindert vaak zelfhaat.\n4. Lichaamswerk en regulatie # Omdat schaamte lichamelijk is opgeslagen, helpen vaak ook:\nademhaling lichaamsgerichte therapie wandelen meditatie rust en ritme veilige aanraking 5. Ruimte voor betekenis # Sommige vragen zijn niet puur psychologisch:\nWie ben ik geworden? Wat betekent waardigheid nog? Kan ik mezelf opnieuw ontmoeten? Dat zijn existentiële vragen. Een gesprek met een therapeut, geestelijk begeleider of vertrouwde naaste kan helpen ze niet te ontwijken — én niet te dramatiseren.\nWat schaamte niet is # Voor evenwicht — net zoals bij de Vierde Weg en het verhaal over moral injury — een paar eerlijke kanttekeningen.\nSchaamte is niet hetzelfde als schuld. Schuld kan productief zijn (het wijst op gedrag dat hersteld kan worden). Toxische schaamte is dat zelden — die zegt dat jij het probleem bent. Het onderscheid leren maken is belangrijk. Schaamte is niet altijd negatief. Een gezonde vorm van schaamte beschermt sociale verbinding: ze houdt mensen alert op de impact die ze hebben op anderen. Probleem ontstaat pas wanneer schaamte chronisch wordt of het zelfbeeld vernietigt. Schaamte is niet uit te praten. Cognitieve technieken alleen werken zelden. Schaamte zit in het lichaam, in relaties en in vroege ervaringen. Herstel vraagt tijd, contact en geduld. Schaamte is geen teken van zwakte. Juist mensen met een sterk geweten zijn vatbaar voor diepe schaamte. Het is in zekere zin het teken van morele gevoeligheid. Veelgestelde vragen # Wat is het verschil tussen schaamte en schuld? # Schuld zegt: \u0026ldquo;Ik deed iets verkeerd.\u0026rdquo; Schaamte zegt: \u0026ldquo;Ik bén verkeerd.\u0026rdquo; Schuld gaat over een gedraging die hersteld of erkend kan worden. Schaamte raakt aan wie iemand denkt te zijn, en is daardoor moeilijker te repareren.\nHoe herken ik schaamte bij mezelf? # Vaak niet meteen aan een gedachte, maar aan lichamelijke signalen: warmte in nek of gezicht, neiging om oogcontact te vermijden, plotseling stil worden in een gesprek, het verlangen om te verdwijnen of weg te gaan. Wie geleerd heeft te overleven, voelt schaamte vaker als spanning of leegte dan als emotie.\nWat als ik mijn schaamte niet kan uitspreken? # Begin niet met de zwaarste herinnering. Begin met benoemen dat er iets is wat zich moeilijk laat zeggen. Een therapeut kan ruimte maken zonder dat alles direct verteld hoeft te worden. Soms helpt schrijven, lichaamswerk of stilte meer dan praten.\nHelpt therapie tegen schaamte? # Vaak wel, maar niet elke vorm even goed. Compassion Focused Therapy, schemagerichte therapie, EMDR (gericht op vroege ervaringen), lichaamsgerichte therapie en delen-werk zoals IFS hebben specifieke handvatten voor schaamte. Zoek iemand die expliciet met dit thema werkt.\nSpeelt schaamte ook een rol bij naasten? # Ja. Partners en familieleden kunnen secundaire schaamte ontwikkelen — \u0026ldquo;Waarom kan ik mijn geliefde niet helpen?\u0026rdquo;, \u0026ldquo;Ben ik tekortgeschoten?\u0026rdquo;. Erkennen dat schaamte besmettelijk is in een systeem, helpt om er sámen mee te leren leven in plaats van het stil te verzwijgen.\nConclusie: schaamte wil verdwijnen — herstel vraagt verschijnen # Schaamte is misschien wel een van de meest verborgen gevolgen van trauma. Niet spectaculair zichtbaar. Wel langzaam ondermijnend.\nZe maakt mensen kleiner dan ze zijn. Stiller. Voorzichtiger. Verder verwijderd van zichzelf.\nToch ligt juist daar vaak een begin van herstel: niet in perfect worden, maar in langzaam opnieuw zichtbaar durven zijn. Met littekens. Met tegenstrijdigheden. Met menselijke kwetsbaarheid.\nMisschien is dat uiteindelijk het tegenovergestelde van schaamte: niet trots, maar aanwezigheid.\nVerder lezen # Verschil PTSS, CPTSS en moral injury — voor de begrippen Rouw bij PTSS en moral injury — over verlies dat verbonden is met schaamte De Vierde Weg — over de gefragmenteerde mens en aanwezig leren zijn Bronnen en wetenschappelijke publicaties # Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Porges, S.W. (2011). The Polyvagal Theory Walker, M. (2017). Why We Sleep Brown, B. — onderzoek naar schaamte, kwetsbaarheid en compassie (De kracht van kwetsbaarheid, 2012) Nathanson, D.L. (1992). Shame and Pride Tangney, J.P. \u0026amp; Dearing, R.L. (2002). Shame and Guilt Jung, C.G. — werk over schaduw en symboliek Litz, B. et al. (2009). Moral Injury and Moral Repair in War Veterans Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/schaamte-na-trauma/","section":"Blog","summary":"","title":"Schaamte na trauma: de vergeten emotie achter PTSS en moral injury","type":"posts"},{"content":"Soms lukt rust binnen niet, maar buiten wel. Een pad, bomen, water, wind of open lucht kunnen iets doen wat woorden niet direct bereiken. Het lichaam zakt. De blik verruimt. Adem wordt vrijer.\nDat is niet zweverig. Veel mensen ervaren dat natuur helpt reguleren.\nWaarom natuur helpt bij trauma en stress # De natuur biedt vaak precies wat een overbelast systeem nodig heeft:\nminder kunstmatige prikkels voorspelbare ritmes zachte zintuiglijke input ruimte om te bewegen aandacht zonder prestatie gevoel van perspectief Het zenuwstelsel en buiten zijn # Buiten zijn nodigt vaak uit tot bredere aandacht. Niet alleen het probleem, maar ook horizon, lucht, geur en beweging komen in beeld. Dat kan helpen om uit vernauwing te komen.\nVeel mensen merken:\nminder piekeren tijdens wandelen diepere ademhaling minder spierspanning betere stemming meer draagkracht Praktische vormen van natuurherstel # 1. Dagelijkse herstelwandeling # 20 minuten lopen zonder doel of prestatiedruk.\n2. Sit spot # Ga regelmatig op dezelfde plek zitten en neem waar wat verandert.\n3. Water opzoeken # Rivier, zee, regen of sloot. Water werkt voor veel mensen regulerend.\n4. Werken met seizoenen # Merk op wat in jou past bij winter, lente, zomer en herfst.\n5. Gronden via zintuigen # Noem vijf dingen die je ziet, vier die je voelt, drie die je hoort.\nNatuur vervangt geen behandeling # Natuur is geen wondermiddel. Wel kan het een krachtige bondgenoot zijn naast therapie, ademwerk, ritme en steun van anderen.\nBrug naar stilte # Wat natuur vaak geeft, is niet alleen frisse lucht of beweging. Het geeft ook een vorm van stilte.\nLees ook: Stilte bij PTSS\nConclusie # Soms vraagt herstel niet om meer woorden, maar om een pad onder je voeten en lucht in je longen. Buiten zijn lost niet alles op. Maar het herinnert veel mensen eraan dat het systeem kan zakken, dat aandacht kan verruimen en dat leven nog beweegt.\n","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/natuur-ptss-herstel/","section":"Blog","summary":"","title":"De helende kracht van natuur bij PTSS: waarom buiten zijn helpt herstellen","type":"posts"},{"content":"Wie trauma heeft meegemaakt, merkt vaak dat het lichaam niet meer vanzelfsprekend voelt. Het draagt spanning. Het reageert sneller dan woorden kunnen volgen. Het blijft soms waakzaam terwijl het gevaar al lang voorbij is.\nVoor veel mensen wordt sport dan meer dan hobby. Het wordt een manier om met spanning om te gaan, beter te slapen, energie kwijt te raken of opnieuw kracht te voelen. Dat kan waardevol zijn. Maar er zit ook een andere kant aan.\nSoms beweeg je om te herstellen. Soms beweeg je om niet te hoeven voelen. Daarom verdient sport bij PTSS een eerlijk verhaal.\nWaarom sport kan helpen bij PTSS # Onderzoek laat zien dat regelmatige lichaamsbeweging kan bijdragen aan vermindering van PTSS-klachten. Beweging ondersteunt de slaapkwaliteit, helpt de stemming, draagt bij aan stressregulatie en bouwt conditie, energie en zelfvertrouwen op. Daarnaast biedt het ruimte om spanning te ontladen en lichaamsbewustzijn op te bouwen. Twee dingen die bij trauma vaak onder druk staan.\nBeweging beïnvloedt onder meer stresshormonen, neuroplasticiteit en het autonome zenuwstelsel. Maar los van de wetenschap ervaren veel mensen iets eenvoudigers: na bewegen ontstaat meer ruimte in hoofd en lijf.\nHet lichaam uit alarm halen # Bij PTSS en moral injury staat het systeem vaak in paraatheid. De ademhaling zit hoog, de spieren staan gespannen, slaap komt moeizaam, schrikreacties zijn fel en rust kan paradoxaal genoeg juist onrustig voelen. Dat is geen karakterfout, het is een zenuwstelsel dat heeft geleerd waakzaam te blijven.\nRitmische en regelmatige beweging kan dat systeem helpen opnieuw te schakelen tussen activatie en herstel. Dat is precies wat de polyvagaal theorie van Porges beschrijft: een zenuwstelsel dat tussen mobilisatie en kalmte kan navigeren in plaats van vast te zitten in één modus.\nWelke vormen van sport kunnen helpen? # Niet elke sport werkt hetzelfde. Kies niet wat stoer klinkt, maar wat regulerend voelt.\nWandelen # Laagdrempelig, ritmisch en goed te combineren met natuur en daglicht.\nHardlopen # Kan spanning ontladen en mentale ruimte geven, mits gedoseerd. Voor sommigen zijn de eerste tien minuten ongemakkelijk en de rest weldadig. Voor anderen werkt korter en vaker beter dan lang.\nKrachttraining # Helpt stevigheid, lichaamsvertrouwen en het ervaren van eigen energie. Vooral waardevol voor wie het lichaam ervaart als iets dat hem overkomt in plaats van iets dat van hem is.\nBoksen # Kan helpen bij grenzen voelen, kracht doseren en aanwezig blijven onder activatie. Voor sommigen werkt het uitstekend. Voor wie geweld in zijn voorgeschiedenis heeft, kan het juist ontregelend zijn. Luister naar wat je lichaam zegt in de eerste lessen.\nYoga of rustige mobiliteit # Ondersteunt ademhaling, lichaamsbewustzijn en het vermogen om te vertragen.\nZwemmen # Voor sommige mensen regulerend door ritme, ademdiscipline en de druk van water op het lichaam.\nSloeproeien: ritme en verbondenheid # Sloeproeien is voor veel mensen met PTSS bijzonder waardevol. Het ritme van de slagen, het water, de gezamenlijke cadans en de fysieke inspanning maken het intens en tegelijk regulerend. Je draagt samen de boot vooruit. Dat geeft niet alleen beweging, maar ook verbondenheid.\nIn die cadans kan het zenuwstelsel leren dat kracht niet hetzelfde is als gevaar.\nWanneer sport een vlucht wordt # Hier zit de schaduwkant.\nIk ben zelf fysiek ver gegaan. Verder dan goed voor mij was. Er waren periodes waarin ik niet sportte om te herstellen, maar om uitgeput te raken. Als ik moe genoeg was, hoopte ik beter te slapen en minder te dromen en te voelen.\nZolang ik trainde, bleef ik weg van wat onder de oppervlakte leefde. Maar zodra ik stopte, kwam het terug.\nDat patroon komt vaker voor. Sport kan tijdelijk dempen, verdoven of controle geven. Dan wordt beweging geen brug, maar een muur.\nHet patroon herken je vaak aan een paar dingen: altijd harder moeten trainen om hetzelfde effect te krijgen, onrust op rustdagen, schuldgevoel bij overslaan, alleen rust voelen na complete uitputting, blessures negeren, emoties vermijden via training, of de identiteit volledig ophangen aan prestatie. Eén signaal is niet meteen zorgwekkend; meerdere samen vragen om eerlijk kijken.\nWanneer sport averechts werkt: cortisol en herstel # Intensieve training verhoogt tijdelijk cortisol en andere stressreacties. Dat is op zichzelf normaal, het lichaam maakt energie vrij om de inspanning aan te kunnen. Problemen ontstaan meestal niet door één zware training, maar wanneer hoge belasting zich opstapelt zonder voldoende slaap, rust en herstel.\nBij mensen met PTSS is dat extra relevant. Een zenuwstelsel dat al op scherp staat heeft soms meer baat bij gedoseerde regelmaat dan bij voortdurende piekbelasting. Als je merkt dat sporten je slechter laat slapen, prikkelbaarder maakt of de uitputting voorbij dagen blijft hangen, werkt vaak niet méér trainen beter, maar slimmer doseren.\nMatig is vaak krachtiger dan extreem # Zware training is niet verkeerd, maar meer is niet altijd beter. Zeker bij een overbelast stresssysteem werkt gedoseerde regelmaat vaak sterker dan extreme pieken. Consistent bewegen verslaat heroïsche uitputting.\nSport als onderdeel van behandeling # Beweging wordt ook ingezet binnen traumabehandeling. Sommige programma\u0026rsquo;s combineren therapie met fysieke training, omdat het lichaam actief meespeelt in herstel.\nEen Nederlands voorbeeld is PsyTrec in Bilthoven, een centrum dat intensieve trauma-behandelingen aanbiedt waarin EMDR en imaginaire exposure worden gecombineerd met fysieke inspanning en psycho-educatie. Het idee daarachter: door het zenuwstelsel rond de therapie via beweging te activeren, wordt verwerking ondersteund. Onderzoek vanuit PsyTrec laat redelijke behandelresultaten zien, ook bij complexere PTSS.\nTegelijk lopen ervaringen van (voormalige) patiënten online uiteen. Voor sommigen werkte het intensieve, korte traject sterk; anderen vonden het tempo te hoog of misten nazorg. Dat zegt niet dat de aanpak slecht is. Het zegt iets wat voor veel intensieve programma\u0026rsquo;s geldt: een vorm die voor de één bevrijdend is, kan voor de ander overweldigend zijn. Wat voor jou werkt hangt af van waar je staat in je proces, welke begeleiding je daaromheen hebt, en hoeveel intensiteit je zenuwstelsel op dat moment aankan.\nHet belangrijke verschil blijft: sport vervangt therapie niet altijd, maar kan therapie wel ondersteunen.\nWat zegt wetenschappelijk onderzoek hierover? # Er is inmiddels behoorlijk wat onderzoek gedaan naar lichaamsbeweging bij PTSS. De algemene lijn is positief: bewegen kan voor veel mensen klachten verminderen en herstel ondersteunen. Systematische reviews en meta-analyses laten onder meer zien dat regelmatige fysieke activiteit kan bijdragen aan vermindering van PTSS-symptomen, betere slaap, minder angst en somberheid, hogere kwaliteit van leven, meer lichaamsvertrouwen en betere stressregulatie.\nVooral combinaties van cardio, krachttraining en lichaamsbewuste vormen zoals yoga lijken gunstig. Ook groepssport kan extra waarde hebben door verbondenheid en motivatie.\nBelangrijke nuance: beweging is vaak een krachtige bouwsteen, maar niet altijd een vervanging van traumagerichte therapie.\nNederlandse voorbeelden en initiatieven # Ook in Nederland bestaan initiatieven waarin beweging en herstel samenkomen. Er zijn sportactiviteiten en ontmoetingen via de BNMO, roei- en buitenactiviteiten voor veteranen en mensen met PTSS, en lokale lotgenotenprojecten waarin samen bewegen centraal staat. Dat laat zien: je hoeft het niet alleen te doen.\nHoe kies je verstandig? # Vraag niet alleen wat effectief is. Vraag ook:\nVoel ik mij hierbij veiliger of opgejaagder? Geeft dit energie of rooft het alles? Ben ik aanwezig tijdens het bewegen? Helpt dit herstel of vermijding? Past dit bij mijn huidige belastbaarheid?\nHet zijn geen vragen met een goed of fout antwoord. Het zijn vragen die richting geven.\nBegin klein # Je hoeft geen topsporter te worden. Tien minuten wandelen, lichte krachttraining, fietsen naar buiten, samen sporten, vaste beweegmomenten, rekken en ademen dat zijn al volwaardige bouwstenen. Herstel zit vaak in herhaling, niet in heroïek.\nLees ook # Trauma en het lichaam Slapen met een waakzaam zenuwstelsel Dagritme bij PTSS Cortisol en PTSS Polyvagaal theorie van Porges Stilte bij PTSS Post-traumatische groei Conclusie: bewegen om aanwezig te zijn # Sport kan een krachtige bondgenoot zijn bij herstel van trauma. Het kan slaap verbeteren, spanning reguleren, kracht teruggeven en opnieuw vertrouwen geven in het lichaam.\nMaar sport is geen wondermiddel. Soms wordt het ook een manier om pijn te ontwijken. Het verschil zit niet alleen in de training, maar in bewustzijn.\nNiet bewegen om te verdwijnen. Maar bewegen om aanwezig te zijn.\nBronnen en wetenschappelijke publicaties # Rosenbaum, S. et al. (2015). Physical activity interventions for PTSD: systematic review and meta-analysis Björkman, F. et al. (2022). Physical Exercise as Treatment for PTSD: systematic review and meta-analysis Jadhakhan, F. et al. (2022). Exercise interventions for PTSD symptoms Martinez-Calderon, J. et al. (2024). Exercise therapy and quality of life in PTSD Yuan, Y. et al. (2025). Physical activity for PTSD, anxiety, depression and sleep: meta-analysis Reis, A. et al. (2022). Exercise interventions for military veterans with PTSD Powers, M.B. et al. (2015). Exercise augmentation of exposure therapy Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"13 juni 2025","externalUrl":null,"permalink":"/sport-bij-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Sport bij PTSS: tussen herstel en vermijding","type":"posts"},{"content":" Herstel begint niet alleen in het hoofd # Wie met PTSS leeft, merkt vaak dat het lichaam een eigen verhaal vertelt. Slechte slaap. Spanning die blijft hangen. Energie die piekt en instort. Prikkelbaarheid zonder duidelijke reden. Therapie kan helpen, maar soms voelt het lichaam alsof het achterblijft.\nDat is niet vreemd. Trauma raakt niet alleen gedachten en herinneringen, maar ook stressregulatie, slaap, stofwisseling en ontstekingsprocessen. Daarom groeit de aandacht voor voeding als ondersteunende factor bij herstel.\nVoeding en supplementen zijn geen wondermiddel. Ze vervangen geen traumatherapie. Maar ze kunnen wel omstandigheden creëren waarin herstel beter mogelijk wordt.\nPTSS is ook fysiologie # Onderzoek laat zien dat PTSS samen kan gaan met veranderingen in de HPA-as, cortisolregulatie, slaaparchitectuur, ontstekingsmarkers en metabole gezondheid. Rachel Yehuda beschreef al hoe stressregulatie bij PTSS langdurig ontregeld kan blijven.\nDat betekent niet dat iedereen dezelfde afwijkingen heeft. Wel dat PTSS vaak het hele systeem raakt.\nEerst de basis, dan supplementen # Voor veel mensen levert de basis meer op dan een kast vol potjes: regelmatige maaltijden met voldoende eiwit en vezels, een stabiel slaapritme, beweging en voldoende daglicht, minder alcohol, minder cafeïne als je daar gevoelig voor bent, en — daarnaast — traumabehandeling en sociale steun. Supplementen kunnen daarna aanvullend zinvol zijn.\nBloedsuiker en stressreactiviteit # Schommelingen in bloedsuiker kunnen spanning versterken. Veel mensen herkennen het patroon: trillerigheid, prikkelbaarheid, cravings, energiedips en slechter slapen. Stress verhoogt glucosebeschikbaarheid via hormonen zoals cortisol en adrenaline. Andersom kan instabiele energievoorziening het stresssysteem extra prikkelen.\nWat helpt vaak praktisch? # Regelmatig eten, met eiwitrijke basismaaltijden, vezelrijke koolhydraten en gezonde vetten, en minder ultra-bewerkte piekvoeding. Geen dieet. Wel meer stabiliteit.\nOmega-3 vetzuren # Omega-3 (EPA en DHA) behoren tot de best onderzochte supplementen bij stemming en stressgerelateerde klachten. Mogelijke effecten zijn ondersteuning van hersenfunctie, invloed op ontstekingsprocessen, lichte verbetering van stemming en mogelijk ondersteuning bij stressherstel. Er zijn studies bij trauma en militairen die suggereren dat omega-3 relevant kan zijn, al zijn effecten meestal bescheiden en niet bij iedereen gelijk.\nMagnesium # Magnesium speelt een rol in zenuwgeleiding, spierfunctie, slaap en stressrespons. Een tekort kan samengaan met vermoeidheid, spierspanning en onrust.\nSuppletie kan vooral zinvol zijn bij onvoldoende inname of verhoogde behoefte. Het effect varieert per persoon.\nBelangrijk: niet elke vorm wordt even goed verdragen.\nVitamine D # Lage vitamine-D-spiegels komen relatief vaak voor, zeker bij weinig zonlicht, binnenleven of beperkte voeding. Tekorten worden geassocieerd met somberheid, immuunfunctie en vermoeidheid.\nAanvullen is vooral logisch bij vastgesteld tekort.\nDe darm-brein as # De relatie tussen darmmicrobioom en mentale gezondheid krijgt veel aandacht. Darmbacteriën beïnvloeden onder meer immuunactiviteit, stofwisseling en mogelijk stressreacties.\nSpecifiek PTSS-onderzoek staat nog in ontwikkeling, maar vezelrijke voeding, gevarieerd eten en gefermenteerde voeding passen binnen wat we nu weten over algemene gezondheid.\nCafeïne en alcohol # Cafeïne # Cafeïne kan alertheid verhogen, maar bij sommige mensen ook hyperarousal versterken. Kijk hoe je reageert, neem koffie niet gedachteloos, en beperk laat gebruik als je slaapproblemen hebt.\nAlcohol # Alcohol lijkt soms te ontspannen, maar verstoort slaapkwaliteit en emotionele verwerking. Bij PTSS kan dat herstel ondermijnen.\nNAC (N-acetylcysteïne) # NAC wordt onderzocht vanwege invloed op glutamaat, oxidatieve stress en compulsieve patronen. Er zijn kleine studies bij trauma-gerelateerde klachten, maar het bewijs is nog voorlopig.\nInteressant, maar geen standaardadvies.\nAdaptogenen: voorzichtig blijven # Kruiden zoals ashwagandha of rhodiola worden vaak verkocht als stressoplossing. Sommige studies laten positieve signalen zien, maar kwaliteit en toepasbaarheid verschillen sterk.\nVoor PTSS is het bewijs beperkt. Voorzichtigheid en nuchterheid zijn hier verstandig.\nWanneer laten testen zinvol kan zijn # Bespreek met arts of behandelaar of onderzoek passend is, bijvoorbeeld naar:\nvitamine D B12 ferritine / ijzerstatus glucose of HbA1c schildklierfunctie algemeen voedingspatroon Niet alles hoeft getest. Gericht kijken is vaak beter dan willekeurig suppleren.\nLet op met zelfdokteren # Supplementen zijn niet automatisch onschuldig.\nLet op bij:\nmedicatie-interacties hoge doseringen lever- of nierproblemen zwangerschap meerdere middelen tegelijk vage online claims Professioneel advies is vaak verstandiger dan experimenteren op goed geluk.\nSlaap als hefboom # Veel winst van voedingsaanpassingen ontstaat indirect via betere slaap. En slaap is cruciaal voor emotionele verwerking, geheugenintegratie en stressherstel. Wat vaak helpt: regelmaat, minder alcohol, cafeïne op tijd stoppen, niet te zwaar eten laat op de avond, en overdag voldoende voeding binnenkrijgen.\nLees ook # Dagritme bij PTSS Cortisol en PTSS Sport bij PTSS Trauma en het lichaam Stilte bij PTSS Conclusie # Voeding geneest trauma niet. Maar een lichaam dat stabieler slaapt, gelijkmatiger energie heeft en minder belast wordt, draagt herstel vaak beter.\nBegin daarom zelden met exotische oplossingen. Begin met basis: ritme, volwaardige voeding, slaap, beweging en passende hulp.\nSoms zit vooruitgang niet in meer proberen, maar in beter voeden.\nBronnen en referenties # Yehuda, R. et al. (2015). PTSD. New England Journal of Medicine. Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score. Walker, M. (2017). Why We Sleep. Marx, W. et al. Reviews on diet and mental health. Sarris, J. et al. Nutritional medicine in psychiatry reviews. Su, K.-P. et al. Omega-3 fatty acids and stress-related disorders. Boyle, N. et al. Magnesium supplementation and subjective anxiety/stress reviews. Cryan, J. \u0026amp; Dinan, T. Gut-brain axis publications. Lovallo, W. Caffeine and stress response research. ","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/voeding-en-supplementen-bij-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Voeding en supplementen bij PTSS: wat echt kan ondersteunen","type":"posts"},{"content":"Bij PTSS en moral injury lijdt zelden maar één persoon. Trauma raakt vaak ook relaties. Partners, kinderen, familieleden en goede vrienden voelen de spanning mee. Soms dichtbij, soms stil op afstand. Juist daarom kan nabijheid een bron van herstel zijn maar alleen wanneer die nabijheid ook ruimte laat voor grenzen, eerlijkheid en wederkerigheid.\nVeel mensen denken bij trauma vooral aan individuele behandeling. Therapie, medicatie, ademhaling, verwerking. Belangrijk allemaal. Maar herstel gebeurt zelden in isolatie. Mensen reguleren ook via contact: een rustige stem, voorspelbaarheid, samen zwijgen, samen eten, samen ademen. Tegelijk vraagt dit iets van de omgeving. Liefde alleen is niet altijd genoeg. Goede bedoelingen kunnen omslaan in uitputting wanneer niemand oog heeft voor de draaglast van naasten.\nWaarom relaties zo belangrijk zijn bij PTSS # Veilige relaties helpen het zenuwstelsel kalmeren. In de psychologie wordt dat co-regulatie genoemd: het vermogen van mensen om via contact spanning te helpen zakken. De polyvagaal theorie van Porges beschrijft dat mechanisme uitgebreid. Een rustig zenuwstelsel naast je kan jouw zenuwstelsel uitnodigen om mee te zakken.\nIn de praktijk zit dat in kleine dingen. Een rustige toon. Voorspelbaarheid. Aanwezig blijven zonder druk te leggen. Samen wandelen of een hand op de schouder. Ruimte laten voor stilte. Niet alles willen oplossen. Voor iemand met trauma kan dit een verschil maken dat groter is dan het lijkt.\nDe stille kracht van aanwezigheid # Naasten voelen zich vaak machteloos. Ze willen iets doen, maar weten niet wat. Toch ligt steun lang niet altijd in oplossingen. Vaak zit ze in blijven, luisteren en niet weggaan wanneer het moeilijk wordt.\nSoms is het meest helende gebaar geen antwoord, maar betrouwbare aanwezigheid.\nWanneer nabijheid zwaar wordt: walking on eggshells # Niet elke vorm van steun voelt licht. Partners en familieleden kunnen terechtkomen in een patroon dat vaak wordt omschreven als walking on eggshells: voortdurend op eieren lopen.\nHet patroon herken je aan een paar dingen die zich opstapelen. Voortdurend de stemming scannen. Triggers proberen te vermijden. Woorden wegen uit angst voor escalatie. Eigen gevoelens inslikken. Altijd alert zijn thuis. Jezelf onbewust aanpassen om de rust te bewaren.\nDit ontstaat meestal niet uit onwil, maar uit overleving. Toch is het belangrijk het te herkennen. Langdurig op eieren lopen put mensen uit en maakt relaties smaller. Wat begon als zorg, eindigt soms als verdwijning van het eigen ik in het gezinssysteem.\nSecundaire traumatisering # Naasten kunnen ook zelf klachten ontwikkelen door langdurige blootstelling aan stress, heftige verhalen of voortdurende spanning in de relatie. Dat wordt secundaire traumatisering genoemd.\nNiet iedere partner krijgt dit, maar mogelijke signalen zijn slecht slapen, prikkelbaarheid, angst, emotionele uitputting, somberheid, spanning in het lichaam en zelf ook hyperalert worden. Hier geldt hetzelfde principe als bij de persoon met PTSS zelf: serieus nemen wat het lichaam laat zien, en niet wachten tot het breekt voordat je hulp zoekt.\nWat helpt partners en familie concreet? # Steun zonder te redden # Je hoeft niet alles op te lossen om helpend te zijn. Vaak willen mensen vooral gehoord worden. Een goede vraag is soms meer waard dan een goed advies, en luisteren zonder onmiddellijk in te grijpen geeft de ander de ruimte om zelf richting te vinden.\nGrenzen bewaken # Ook jouw rust en veiligheid tellen mee. Steun geven betekent niet jezelf verliezen. Wie voortdurend over de eigen grens gaat, raakt op den duur leeg. Daarmee verdwijnt ook de capaciteit om er werkelijk voor de ander te zijn. Grenzen zijn geen afwijzing van de relatie; ze houden de relatie levend.\nEerlijk communiceren # Zeg wat je opmerkt en wat je nodig hebt. Niet alle ongemak laat zich voorzichtig verpakken. Een directe zin op het juiste moment redt soms meer dan weken van voorzichtig manoeuvreren. Eerlijkheid binnen een liefdevolle context is geen aanval het is een vorm van vertrouwen.\nLiefde komt met een mes.\nRumi\nEigen leven behouden # Vriendschappen, hobby\u0026rsquo;s en herstelruimte blijven belangrijk. Je bent meer dan iemands steun. Een rijk eigen leven is geen ontrouw aan de relatie. Het is een voorwaarde om langdurig betrokken te kunnen zijn. Wie alleen nog leeft in de schaduw van de PTSS van de ander, verliest zichzelf en uiteindelijk ook de relatie.\nHulp inschakelen # Relatietherapie, psycho-educatie of begeleiding voor naasten kan veel betekenen. Buiten het gezin doorpraten over wat speelt, geeft vaak weer ruimte aan wat thuis vastliep. Het is geen teken van falen om hulp te vragen, het is het tegenovergestelde.\nAls familie niet veilig is # Niet iedere familie is een bron van steun. Voor sommige mensen ligt juist daar de wond. Dan kan herstel vragen om afstand, duidelijke grenzen of het vinden van gekozen familie: vrienden, gemeenschap, therapeutische relaties.\nSteun hoeft niet biologisch verwant te zijn om echt te zijn. Het systeem waarbinnen iemand veilig kan herstellen, is niet altijd het systeem waarin hij geboren is.\nDe drie centra in relaties # Relaties raken altijd meerdere lagen tegelijk. Het hoofd weegt en interpreteert gedrag en conflict. Het hart voelt liefde, gemis, pijn of verbinding. Het lichaam registreert of contact veilig, gespannen of onvoorspelbaar is, vaak voordat er een woord aan te pas komt.\nHerstel in relaties vraagt aandacht voor alle drie. Iemand die alleen op het denken vertrouwt, mist de halve waarheid. Iemand die alleen op gevoel reageert, raakt sneller uitgeput. Het samenspel van hoofd, hart en lichaam draagt de relatie.\nPraktische vragen voor samen herstel # Een paar vragen die je samen kunt stellen, bij voorkeur op een rustig moment en niet midden in een conflict:\nWat helpt jou wanneer spanning stijgt? Hoe merk ik dat ik over mijn grens ga? Welke woorden werken wel en welke niet? Hoe houden we contact zonder druk? Wie ondersteunt ons als het zwaar wordt?\nNiet om in één gesprek te beantwoorden — wel om het gesprek mee te beginnen.\nJe hebt PTSS niet alleen # PTSS raakt niet alleen degene die klachten heeft. Ook partners, kinderen en andere naasten leven vaak mee met spanning, vermijding, stemmingswisselingen of de gevolgen van trauma in het dagelijks leven. Daarom hoeft niemand dit alleen te dragen.\nEr bestaan lotgenoten- en ondersteuningsgroepen voor partners en gezinnen, onder andere via het Veteraneninstituut en de BNMO. Zulke plekken bieden erkenning, praktische steun en herkenning. Ook buiten veteranennetwerken zijn er lotgenoteninitiatieven, therapiegroepen en steunpunten beschikbaar.\nSoms begint verlichting al bij het besef dat je niet de enige bent.\nLees ook # Rouw bij PTSS en Moral Injury De kracht van taal Stilte bij PTSS Trauma en het lichaam Polyvagaal theorie van Porges Transgenerationeel trauma Conclusie: tussen nabijheid en grenzen # Trauma raakt relaties, maar relaties kunnen ook helpen helen. Niet door perfect te zijn, maar door betrouwbaar, eerlijk en menselijk te blijven.\nNabijheid zonder grenzen put uit. Grenzen zonder nabijheid verharden. Herstel groeit vaak ergens daartussen: waar waarheid en verbondenheid elkaar ontmoeten.\nBronnen en wetenschappelijke publicaties # Porges, S.W. (2011). The Polyvagal Theory Herman, J.L. (1992). Trauma and Recovery Wolynn, M. (2016). Het is niet met jou begonnen Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score Mason, P. \u0026amp; Kreger, R. (1998). Stop Walking on Eggshells — oorspronkelijk geschreven voor naasten van mensen met borderline, maar het patroon dat zij beschrijven raakt ook gezinnen rond PTSS Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/familie-ptss-steun/","section":"Blog","summary":"","title":"Hoe partner en familie kunnen helpen bij PTSS: nabijheid, grenzen en herstel","type":"posts"},{"content":" Niet magie. Niet onzin. Wel een serieus onderzoeksveld. # PTSS is geen herinnering die maar niet wil verdwijnen. Het is een alarmsysteem dat actief blijft lang nadat het gevaar voorbij is. Het lichaam schrikt, het zenuwstelsel waakt, de geest herhaalt wat niet verwerkt kon worden.\nVoor veel mensen helpen traumatherapie, EMDR, exposuretherapie of medicatie. Voor anderen blijft de wond hardnekkig aanwezig. Juist daar groeit de belangstelling voor psychedelica-ondersteunde therapie.\nNiet als wondermiddel. Niet als shortcut. Wel als mogelijke aanvullende route voor mensen bij wie bestaande behandeling onvoldoende helpt.\nWat zijn psychedelica? # Psychedelica zijn middelen die waarneming, emotie, betekenisgeving en bewustzijn tijdelijk kunnen veranderen.\nBekende voorbeelden:\nPsilocybine – werkzame stof in bepaalde paddenstoelen en truffels LSD – klassiek synthetisch psychedelicum DMT / ayahuasca – vaak gebruikt in rituele contexten MDMA – geen klassiek psychedelicum, maar wel onderdeel van dit therapeutische veld Ketamine – dissociatief middel met bestaande medische toepassingen Bij PTSS gaat de meeste wetenschappelijke aandacht momenteel uit naar MDMA, ketamine en in toenemende mate psilocybine.\nWaarom juist bij PTSS? # Trauma is vaak geen gebrek aan inzicht. Veel mensen weten rationeel precies wat er gebeurd is. Het probleem zit dieper: automatische angstreacties, schaamte, vermijding, verstarring, verlies van vertrouwen, en een zenuwstelsel dat veiligheid niet meer gelooft.\nJuist daar lijken sommige middelen therapeutische ruimte te kunnen creëren, niet door het verleden te wissen, maar door de omstandigheden voor verwerking te veranderen.\nMogelijke werkingsmechanismen # Waarom zouden middelen als MDMA of psilocybine iets kunnen doen wat jaren therapie soms niet lukt? Het antwoord zit waarschijnlijk niet in magie, maar in biologie.\n1. Minder activatie van het alarmsysteem # Bij PTSS staat de amygdala (het hersengebied dat dreigingssignalen verwerkt) vaak chronisch op scherp. MDMA lijkt de activiteit van de amygdala tijdelijk te verlagen, terwijl tegelijk de aanmaak van oxytocine en serotonine toeneemt. Het gevolg: een gevoel van veiligheid en verbondenheid dat normaal moeilijk bereikbaar is.\nDat maakt een verschil in therapie. Traumatische herinneringen ophalen activeert normaal gesproken hetzelfde alarmsysteem. Binnen een MDMA-sessie kan dat anders liggen; de herinnering is toegankelijk, maar minder overweldigend.\n2. Herconsolidatie van herinneringen # Herinneringen zijn geen vaststaande opnames. Elke keer dat je een herinnering ophaalt, wordt die tijdelijk instabiel en daarna opnieuw opgeslagen. Dit heet reconsolidatie.\nEr zijn aanwijzingen dat sommige middelen dit venster verbreden of verlengen. Dat betekent theoretisch dat traumatische herinneringen, terwijl ze toegankelijk zijn, ook anders gekleurd kunnen worden; minder geladen, minder bevroren in angst. Dit is een van de interessantste hypothesen in het veld, al is het mechanisme nog niet volledig begrepen.\n3. Verhoogde neuroplasticiteit # Psilocybine werkt onder andere via de 5-HT2A-receptor (een serotoninereceptor die een rol speelt bij leren, flexibiliteit en aanpassing). Onderzoek suggereert dat psilocybine tijdelijk de neuroplasticiteit verhoogt: de hersenen worden ontvankelijker voor nieuwe verbindingen en leerprocessen.\nDat kan verklaren waarom de periode na een sessie therapeutisch zo belangrijk is. De hersenen staan als het ware meer open, wat integratie en nieuwe betekenisgeving makkelijker kan maken.\n4. Minder gefixeerd denken # Bij trauma, maar ook bij depressie en angst, zien onderzoekers vaak rigide, zichzelf herhalende patronen van denken en voelen. Psilocybine lijkt de activiteit van het default mode network (het hersennetwerk dat actief is bij zelfgereferentieel denken en piekeren) tijdelijk te onderbreken.\nMensen beschrijven dit soms als een gevoel van ruimte, afstand of perspectief. Niet als ontsnapping, maar als tijdelijke losheid van vastgezette denkpatronen.\n5. Meer zelfcompassie en verbondenheid # Bij trauma spelen schaamte en zelfhaat vaak een grote rol een diepgeworteld gevoel van ik ben kapot of ik ben schuldig. Zowel MDMA als psilocybine worden in verband gebracht met een toegenomen gevoel van verbondenheid, mildheid en zelfcompassie.\nDat is geen bijwerking. Het is mogelijk een werkzame factor.\nBelangrijk voorbehoud: deze mechanismen zijn hypothesen en modellen, geen vaststaande verklaringen. Het onderzoek is veelbelovend maar nog volop in ontwikkeling.\nHoe ziet therapie eruit? # Serieuze behandeling is veel meer dan een middel innemen. Meestal bestaat het uit drie fasen.\n1. Voorbereiding # Uitgebreide screening, intake, psycho-educatie en het formuleren van doelen. In deze fase bouw je een vertrouwensrelatie op met de begeleider(s), wat essentieel is voor wat volgt. Een goede voorbereiding bepaalt voor een groot deel hoe veilig en bruikbaar de sessie wordt.\n2. De sessie # Een begeleide sessie in een veilige, rustige setting met getrainde professionals. Afhankelijk van het middel duurt dit enkele uren. De begeleider is de hele tijd aanwezig, maar stuurt niet. De focus ligt op wat de deelnemer ervaart.\n3. Integratie # Waarschijnlijk het belangrijkste deel, en tegelijk het meest onderbelichte.\nWat is er gevoeld of gezien? Welke inzichten zijn bruikbaar? Hoe krijgt dat vorm in het dagelijks leven?\nIntegratie vraagt tijd: dagen, weken, soms maanden. Gesprekken met de therapeut, schrijven, lichaamswerk, lotgenotencontact: alles wat helpt om de ervaring te vertalen naar duurzame verandering. Zonder integratie blijft zelfs een diepe ervaring soms slechts een herinnering.\nWat zegt onderzoek? # De laatste jaren groeide het onderzoek sterk, maar ook de nuance.\nMDMA bij PTSS # De meest uitgebreide onderzoekslijn komt van MAPS (Multidisciplinary Association for Psychedelic Studies). Meerdere fase 2-studies lieten duidelijke vermindering van PTSS-klachten zien bij deelnemers die MDMA-geassisteerde therapie kregen, ook bij mensen bij wie eerder niets werkte.\nEen grote fase 3-studie (Mitchell et al., 2023, Nature Medicine) bevestigde die resultaten: 71% van de deelnemers in de MDMA-groep voldeed na behandeling niet meer aan de criteria voor PTSS, tegenover 48% in de placebogroep.\nToch: de FDA keurde de behandeling in augustus 2024 niet goed. De Amerikaanse medicijnautoriteit had bezwaren over de opzet van de studies, met name over de moeilijkheid van blindering (deelnemers merken of ze MDMA hebben gekregen) en vragen over generalisatie van de resultaten. Dat betekent niet dat de therapie niet werkt. Wel dat er meer en robuuster onderzoek nodig is voordat reguliere goedkeuring volgt.\nPsilocybine bij PTSS # Het onderzoek naar psilocybine bij PTSS staat nog in de kinderschoenen vergeleken met MDMA, maar is in ontwikkeling. Voor depressie en existentiële angst (ook bij ernstig zieke patiënten) zijn al veelbelovende resultaten gevonden. De overgang naar PTSS wordt nu actief onderzocht, mede omdat de mechanismen (neuroplasticiteit, versoepeling van rigide denkpatronen) goed aansluiten bij de problematiek.\nKetamine # Ketamine wordt al klinisch gebruikt, met name bij therapieresistente depressie. De werking verschilt van klassieke psychedelica: het effect is korter en het werkingsmechanisme loopt via het glutamaatsysteem in plaats van serotonine. Bij PTSS wordt onderzocht of ketamine kan helpen als onderdeel van bredere behandeling, maar de evidentie is nog beperkter dan bij MDMA.\nWat al dit onderzoek gemeen heeft # Veel studies werken met kleine groepen, strenge selectie en intensieve begeleiding — omstandigheden die in de praktijk niet altijd te repliceren zijn. Veelbelovend betekent dus niet automatisch: geschikt voor iedereen, beschikbaar overal, of vrijgesteld van risico.\nIs het legaal in Nederland? # De situatie in Nederland is genuanceerder dan vaak wordt gedacht.\nMDMA staat op lijst I van de Opiumwet en is buiten goedgekeurd onderzoek niet legaal toe te passen, ook niet in therapeutische context. Psilocybine (droge paddenstoelen) staat eveneens op lijst I. Truffels (sclerotia) zijn formeel niet verboden en worden in Nederland commercieel verkocht. Daardoor is er een groeiend aanbod van truffelceremonies en sessies maar die vallen niet onder medische kwaliteitsstandaarden. Ketamine is een geregistreerd geneesmiddel en mag alleen door artsen worden voorgeschreven. Het wordt in sommige Nederlandse klinieken off-label ingezet bij depressie en trauma. Buitenlandse klinieken In landen als België, Zwitserland of Jamaica, werken onder andere regelgeving. Wat daar legaal is, kan in Nederland nog steeds strafbaar zijn bij invoer of gebruik. Commerciële aanbieders zonder medische achtergrond vallen buiten het zorgkader. Dat betekent geen toezicht, geen klachtrecht en geen vergoeding. Controleer altijd de actuele wet- en regelgeving én de kwalificaties van aanbieders.\nVoor wie is extra voorzichtigheid nodig? # Niet iedereen is een goede kandidaat. Grondige screening is geen formaliteit. Het is bescherming!\nExtra aandacht is nodig bij:\n(familie)geschiedenis van psychose of schizofrenie bipolaire stoornis ernstige persoonlijkheidsproblematiek actieve verslaving bepaalde hart- en vaatziekten gebruik van serotoninerge medicatie (risico op serotoninesyndroom bij MDMA) acute instabiliteit of crisis Mogelijke risico\u0026rsquo;s # acute angst of paniek tijdens de sessie desoriëntatie of verwarring hertraumatisering bij onvoldoende voorbereiding of begeleiding tijdelijke verergering van klachten impulsief gedrag in onveilige setting lichamelijke belasting (met name hartslag en bloeddruk bij MDMA) teleurstelling of destabilisering na te hoge verwachtingen misbruik in therapeutische relatie — een reëel en gedocumenteerd risico bij kwetsbare deelnemers Oude tradities en rituelen # Lang voor moderne psychiatrie gebruikten verschillende culturen bewustzijnsveranderende planten in rituelen rond heling, rouw, gemeenschap en betekenis. Ayahuasca in Amazonia, psilocybine-paddenstoelen bij Mazateken in Mexico, peyote bij inheemse volkeren in Noord-Amerika.\nDat maakt traditioneel gebruik niet automatisch veilig of overdraagbaar naar moderne westerse context. Rituelen zijn ingebed in gemeenschap, kennis en betekenissystemen die je niet eenvoudig importeert. Wel laat het zien dat mensen al lang zoeken naar manieren om lijden, inzicht en herstel met elkaar te verbinden.\nGeen vervanging van basisherstel # Zelfs wanneer deze therapieën helpen, blijven de fundamenten belangrijk: veiligheid, slaap, relaties, beweging, therapie, ritme, en zingeving. Geen middel vervangt een leven dat gedragen moet worden.\nHoop zonder hype # Het is mogelijk dat psychedelica-ondersteunde therapie voor sommige mensen een waardevolle doorbraak biedt, juist daar waar andere behandeling vastliep. Het is ook mogelijk dat het niet past, niet nodig is, of te vroeg komt.\nDe FDA-afwijzing van 2024 is geen bewijs dat het niet werkt. Het is een signaal dat de wetenschap verder moet en dat zorgvuldigheid belangrijker is dan snelheid.\nNuchterheid beschermt beter dan sensatie.\nLees ook # Wat is het verschil tussen PTSS en moral injury? Trauma en het lichaam Dagritme bij PTSS Cortisol en PTSS Post traumatische groei Bronnen en wetenschappelijke publicaties # Mitchell, J. M. et al. (2021, 2023). MDMA-assisted therapy for severe PTSD. Nature Medicine. FDA Briefing Document (2024). Advisory Committee Meeting: Midomafetamine Capsules (MDMA). US Food and Drug Administration. Feduccia, A. A. et al. Reviews over MDMA-assisted psychotherapy and PTSD. Oehen, P. et al. (2013). Pilot study MDMA-assisted psychotherapy for treatment-resistant PTSD. Krediet, E. et al. Reviews on psychedelics for PTSD and trauma-related disorders. Reiff, C. M. et al. (2020). Psychedelics and psychedelic-assisted psychotherapy. American Journal of Psychiatry. Bahji, A. et al. Meta-analyses on ketamine for trauma-related symptoms and depression. Carhart-Harris, R. L. et al. Psilocybin studies on depression, cognition and psychological flexibility. Davis, A. K. et al. Psilocybin-assisted therapy research on depression and meaning-making. MAPS / Lykos clinical trial publications on MDMA-assisted therapy — zie MDMA-assisted therapy. Conclusie # Psychedelica-ondersteunde therapie bij PTSS is geen hype en geen magie. Het is een serieus onderzoeksveld met echte potentie én echte risico\u0026rsquo;s — en met een regulatoire werkelijkheid die complexer is dan social media vaak laat zien.\nVoor sommige mensen kan het een deur openen waar andere behandeling vastliep. Voor anderen is het niet passend of niet nodig.\nDe essentie zit waarschijnlijk niet alleen in de stof, maar in wat daaromheen gebouwd wordt: veiligheid, vakmanschap, begeleiding, integratie — en de moed om te voelen wat ooit te groot was.\n","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/psychedelica-ondersteunde-therapie-bij-ptss/","section":"Blog","summary":"","title":"Psychedelica-ondersteunde therapie bij PTSS: hoop zonder hype","type":"posts"},{"content":"Achilles in Vietnam by Jonathan Shay examines the psychological consequences of war experiences among Vietnam veterans. Shay uses the story of Achilles from Homer\u0026rsquo;s Iliad to show that war trauma and moral injury have existed for thousands of years.\nAccording to Shay, severe trauma arises not only from fear or mortal danger, but primarily when someone experiences profound betrayal by leaders, organizations, or the group they trusted. He calls this “moral injury.” Soldiers are damaged when what they experience or are forced to do clashes with their moral convictions and sense of justice.\nThe book describes how such experiences can lead to anger, alienation, guilt, mistrust, emotional closure, and a loss of meaning. Many veterans feel cut off from society after their return because others do not understand their experiences.\nShay emphasizes that recovery is not just a medical or psychological matter. Recovery also requires recognition, truth, community, and moral restoration. Safety and trust must be rebuilt. The strength of the book lies in the combination of classic literature, psychiatry, and stories from veterans. Through this, Shay shows that trauma is not only about what someone has experienced, but also about the loss of humanity, loyalty, and connection.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/achilles-in-vietnam/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Awareness Through Movement by Moshe Feldenkrais describes how conscious movement can contribute to greater body awareness, flexibility, and the changing of ingrained patterns.\nThe core of the Feldenkrais method is that body and mind form a single whole. Many physical and emotional patterns occur automatically: how someone sits, walks, breathes, or holds tension. Through slow, mindful movements, people can learn to recognize these patterns and discover new possibilities.\nInstead of training for strength or performance, Feldenkrais focuses on subtle perception. Small differences in movement help the nervous system function more efficiently and with less tension. The goal is not to “work harder,” but to move more easily and consciously.\nThe book contains many practical movement exercises where attention is central. By curiously exploring how a movement feels, more relaxation, coordination, and self-regulation often emerge. This can influence pain, stress, and the sense of presence in the body. Although the book does not specifically address trauma, the method has influenced modern body-oriented therapies. In particular, the calm pace, the focus on safety, and the increase in body awareness align well with contemporary insights regarding nervous system regulation and recovery from chronic tension or trauma.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/awareness-through-movement/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Anees Bahji and colleagues published multiple meta-analyses on ketamine in mood and trauma-related disorders. A meta-analysis systematically summarizes the results of many individual studies, allowing for stronger statements about the actual magnitude of an effect.\nFor depression, Bahji\u0026rsquo;s work shows that ketamine (and the derivative form esketamine) can lead to a rapid reduction in symptoms in treatment-resistant depression, sometimes noticeable within hours. However, the effect is short-lived in a portion of patients and requires repeated administration or gradual treatment to maintain results.\nFor PTSD and trauma symptoms, the picture is more cautious. Bahji describes several smaller studies indicating a decrease in re-experiencing, hyperalertness, and intrusive thoughts after ketamine infusions, especially when combined with trauma-focused therapy. However, the number of studies is small, protocols vary widely, and long-term effects have not yet been sufficiently investigated.\nA valuable contribution of the work is the trade-off between efficacy and risks. Ketamine has dissociative and addictive potential; repeated use outside of medical supervision can be harmful. Bahji therefore advocates for strict indication, careful follow-up, and integration into a broader treatment plan, rather than isolated infusions without context.\nThese insights are relevant for Dutch practice. Ketamine is already being used off-label for depression in some clinics, and Bahji\u0026rsquo;s findings help to critically monitor that application. For PTSD, it remains experimental. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/bahji-ketamine-meta-analysis/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In Beelzebub’s Tales to His Grandson (1950), G.I. Gurdjieff unfolds a complex, spiritual-philosophical narrative intended to shake the reader awake from a mechanical, unconscious life. Packaged as a science-fiction-like travelogue, Beelzebub, a fallen angel traveling through the universe, tells his grandson about humanity and its peculiarities. But behind these narratives lies a deep critique of the state of the human mind, our habits, and the loss of an inner compass.\nGurdjieff believes that most people live on autopilot: driven by habit, social conditioning, and inner conflict. Beelzebub’s Tales is written as a kind of inner exercise book, but coded. The style is deliberately complex, slow, and sometimes confusing. Not to irritate, but to compel the reader to read attentively, to break old patterns.\nCentral to this is the idea that true human evolution is possible, but only through conscious effort and sincere self-observation. The path to ‘objective consciousness’ is not an intellectual one, but a long-term and integral exercise in which body, feelings, and thoughts must be brought back into balance.\nThis book is not a spiritual handbook in the traditional sense, but an alchemical work that confronts the reader with themselves. Beelzebub’s Tales is a myth, an indictment, and an invitation: to wake up, to not take your word for it, and to become truly human, through trial and error.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/beelzebubs-tales-to-his-grandson/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Bioenergetics by Alexander Lowen describes how emotions, tension, and psychological patterns express themselves in the body. Lowen built upon the work of Wilhelm Reich and developed a body-oriented form of psychotherapy: bioenergetics.\nAccording to Lowen, people store emotions and stress not only psychologically but also physically. Chronic tension in muscles, posture, and breathing forms, as it were, an “armor” that suppresses feelings. That armor can offer protection, but at the same time limits liveliness, spontaneity, and contact with oneself.\nThe book describes how body posture, breathing, and movement are connected to emotional patterns. For example, people who constantly maintain control or suppress emotions can literally become tense, stiff, or closed off.\nBioenergetic exercises focus on grounding, breathing, movement, expression, and releasing tension. By feeling the body more and discharging tension, emotions can be experienced more consciously, and greater vitality can emerge. Lowen places great emphasis on restoring contact with the body as the basis for mental health. According to him, true change arises not only through insight or analysis, but also through bodily experience.\nAlthough some of Lowen\u0026rsquo;s theories are nowadays considered outdated or difficult to test scientifically, his work has had a significant influence on modern body-oriented therapies and trauma approaches.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/bioenergetics/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Yehuda (2002) in Biological Psychiatry investigated biological characteristics of post-traumatic stress disorder (PTSD), with an emphasis on the regulation of the stress hormone cortisol and the hypothalamic-pituitary-adrenal axis (HPA axis). Rachel Yehuda and colleagues studied people with PTSD—often following war experiences or other severe traumas—and compared their hormonal profiles with those of control subjects.\nA central finding was that PTSD is not simply associated with elevated cortisol, as had long been assumed. On the contrary: many people with chronic PTSD actually exhibit lower basal cortisol levels, but an increased sensitivity of the stress axis to negative feedback. Using dexamethasone suppression tests, the researchers showed that the HPA axis in PTSD often responds more strongly to inhibitory signals. This points to a dysregulated system: the stress response is activated quickly but also abnormally inhibited, which can contribute to hyperalertness, flashbacks, and difficulty recovering from stress.\nThe study also discusses intergenerational and early-life influences. Trauma, especially early in life, can cause lasting changes in stress regulation. These changes influence how an individual responds to stress later in life and can increase vulnerability to PTSD. Yehuda emphasizes that biological markers such as cortisol patterns are not simple diagnostic tools, but they do provide insight into the physiology of trauma.\nThe broader conclusion is that PTSD is associated with specific neuroendocrine patterns rather than a general “overactivation” of stress hormones. This refines the understanding of trauma: it involves a complex dysregulation of stress systems, with implications for treatment, prevention, and research into how trauma is permanently embedded in the body and brain.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/biological-psychiatry/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Ānāpānasati is an ancient Buddhist form of meditation that revolves around attention to the breath. The word comes from Pali:\nānā = inhale apāna = exhale sati = attention or mindfulness Therefore, Ānāpānasati literally means: being attentive to the inhalation and exhalation.\nWhat is the goal of ānāpānasati? # Ānāpānasati is more than a technique to find peace. It is a path of insight and liberation, leading from calmness to deep wisdom (vipassanā). By observing the breath for a prolonged and meticulous period, the mind calms down, distractions disappear, and the transience of all experience becomes visible. ## The Four Stages (Tetrads)\nĀnāpānasati is systematically structured into 16 contemplations, divided into 4 main areas:\n1. Body (kāya) # Awareness of long or short breath Feeling the whole body with the breath Calming the body 2. Feelings (vedanā) # Awareness of joy and happiness Refining feelings Calming feelings 3. Mind (citta) # Observing the mind (sharp, spacious, concentrated) Rejoicing or calming the mind Freeing the mind from distraction 4. Mental Objects (dhamma) # Insight into impermanence, letting go, and the falling away of attachment Leads to liberation (nibbāna) ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/boeddhistische-anapanasati/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Brené Brown spent years researching shame, vulnerability, and human connection. In her book Daring Greatly (2012), she describes how shame is one of the most hidden yet influential emotions people experience.\nAccording to Brown, shame arises when someone believes deep down that they are not good enough. People are afraid of being rejected when others truly see their mistakes, pain, or vulnerability. As a result, many people begin to protect themselves through control, perfectionism, adaptation, or emotional distance.\nBrown makes an important distinction between guilt and shame.\nGuilt is about behavior: I did something wrong.\nShame is about identity: *I am wrong*. It is precisely this conviction that can make people feel small, quiet, and lonely. Brown does not view vulnerability as weakness, but as courage. According to her, genuine connection with others only arises when people dare to be honest about insecurity, sadness, or fear. This requires taking risks, because openness also makes rejection possible.\nCompassion plays an important role in this. People often do not recover by being harder on themselves, but by learning to view themselves with more gentleness and understanding. Connection with others helps greatly in this regard.\nBrown shows that true strength does not arise from perfection or control, but from the willingness to be visibly human — including mistakes, emotions, and vulnerability.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/brown-daring-greatly/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Robin L. Carhart-Harris is one of the most well-known researchers in the field of psilocybin. From Imperial College London and later the University of California San Francisco, he and his team published a long series of studies on the effects of psilocybin in the brain and its application in depression, anxiety, and related disorders.\nA central idea in his work is that psilocybin temporarily reduces the activity of the default mode network (a brain network active during rumination, self-referential thinking, and negative self-images). In depression and PTSD, this network is often overactive. Temporarily loosening fixed patterns can create space for new perspectives and more flexible thinking. In addition, Carhart-Harris investigates how psilocybin increases neuroplasticity (the brain\u0026rsquo;s ability to form new connections). This explains why the period after a session is so therapeutically important. The brain is temporarily more open to learning and reform.\nClinical studies under his supervision showed strong reductions in symptoms in treatment-resistant depression, even compared to classic antidepressants (SSRIs). Direct research on PTSD is more limited, but the mechanism of flexibility and self-compassion aligns with what is needed for trauma processing.\nCarhart-Harris is sometimes interpreted too enthusiastically by the media. His own tone is more cautious: psychedelics are instruments, not miracle cures. According to him, the therapeutic context, preparation, and integration are at least as important as the substance itself. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/carhart-harris-psilocybin/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Hasidic stories are short, often mystical and deeply symbolic narratives originating from the Hasidic tradition within Judaism. They originated primarily in Eastern Europe in the 18th and 19th centuries, within the circle of the Hasidic movement which was inspired by Rabbi Israel ben Eliezer, better known as the Baal Shem Tov (Master of the Good Name).\nWhat makes Chassidic stories special? # 🕯️ They convey spiritual wisdom in an accessible, human way. They are not dry dogmas, but stories that speak to the heart.\n🧭 They often concern ordinary people who come into contact with the divine at an unexpected moment. * 🫀 The emphasis is on inner experience, joy, simplicity, and connection with God in everyday life.\n🪞 They prompt you to self-reflect — often in a gentle yet confronting way.\n💡 Many stories revolve around paradoxes, such as a fool who turns out to be wiser than the rabbi, or a sinner who proves to be closer to God than a devout believer.\nRecurring themes: # The hidden righteous (the tzaddik) The importance of kavanah (inner intention) Finding God in everyday life The power of music, dance, and silence The mystery of prayer A well-known example:\nA student asks the rabbi: “Where does God live?” The rabbi answers: “Where He is let in.” ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/chassidische-verhalen/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Summary of Koch et al. (2019): Dance Movement Therapy and trauma # The article by Sabine C. Koch and colleagues (2019) concerns a systematic review and meta-analysis of the effects of dance movement therapy (DMT) and other body-oriented movement interventions on psychological functioning, including trauma- and stress-related complaints. The study combines results from multiple studies to determine whether structured, rhythmic movement has a therapeutic effect on emotional regulation, body awareness, and psychological symptoms.\nThe authors conclude that body-oriented forms of movement—such as dance, rhythmic coordination, and expressive movement—can have a measurable positive effect on stress reduction, mood, and interoception (the ability to perceive bodily signals). In people with trauma and PTSD, these interventions appear to work primarily through bottom-up regulation: the body is engaged through rhythm, posture, and movement, allowing the autonomic nervous system to stabilize.\nAn important mechanism described is sensorimotor integration. Through repeated, mindful movements, motor, emotional, and cognitive processes are activated simultaneously. This can help reduce fragmentation—a core problem in trauma. Additionally, rhythm appears to have a regulatory effect on arousal and stress response, comparable to findings from research into breath regulation and co-regulation.\nThe meta-analysis shows that DMT can have significant effects on depressive symptoms, anxiety, and body awareness. Studies for PTSD populations are still limited, but the results point towards improved regulation and a reduction in dissociation.\nKoch and colleagues emphasize that body-oriented interventions are particularly effective when integrated into a broader therapeutic context. They do not replace trauma-focused psychotherapy but can strengthen the physical component of recovery. The research thus supports the growing understanding that trauma must be processed not only cognitively, but also physically.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/dance-movement-therapy-en-trauma/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Alan K. Davis (Johns Hopkins University and later Ohio State University) has been researching the application of psilocybin for depression, anxiety, and loss of meaning for years. His work stands out due to the combination of clinical and qualitative research: he not only measures symptoms but also listens to what participants experience and how they later integrate that experience into their lives.\nIn a major 2020 study published in JAMA Psychiatry, Davis and colleagues showed that two psilocybin sessions combined with psychotherapy led to a rapid and sustained reduction in depressive symptoms in adults with severe depression. A large proportion of the participants were in remission after four weeks.\nA characteristic theme in Davis\u0026rsquo; research is meaning-making. Many participants describe a sense of rediscovered meaning, connection, or a new perspective on life after a psilocybin session. This does not appear to be a side effect, but possibly an active factor. For people with PTSD, moral injury, and existential despair, rediscovering meaning is often key to recovery.\nDavis emphasizes that psilocybin therapy is not an easy path. The experience itself can be intense and confronting, and subsequent integration requires attention and guidance. However, according to his research, for people for whom other treatments have stalled, it can be a valuable addition to the existing range of care.\nDavis advocates for accessible, well-regulated treatment, with attention to the diversity and vulnerability of participants. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/davis-psilocybin-meaning-making/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The article by the American Diabetes Association (2004) in Diabetes Care provides an overview of the diagnosis and classification of diabetes mellitus and the underlying pathophysiology. The ADA primarily distinguishes between type 1 diabetes, type 2 diabetes, gestational diabetes, and several specific forms with genetic or medical causes. The central point is that diabetes is characterized by chronically elevated blood glucose due to problems with insulin production, insulin action, or both.\nType 1 diabetes arises from autoimmune destruction of the beta cells in the pancreas, causing insulin production to cease. Type 2 diabetes—by far the most common form—is characterized by insulin resistance combined with a gradual insulin deficiency. Risk factors include being overweight, lack of physical activity, genetic predisposition, and age. The article describes diagnostic criteria based on fasting glucose values, oral glucose tolerance tests, and symptoms of hyperglycemia. The ADA emphasizes that prolonged elevated glucose leads to microvascular and macrovascular complications: retinopathy, nephropathy, neuropathy, cardiovascular disease, and stroke. Early detection and strict regulation of blood glucose, blood pressure, and lipids are therefore essential. Treatment includes lifestyle interventions (diet, exercise, weight management), medication, and, for type 1, always insulin. Blood glucose self-monitoring and patient education are considered core components of effective care.\nAn important point in the article is that diabetes management must be multidisciplinary and focused on the long term. The condition is viewed not only as a disorder of glucose metabolism but as a systemic disease affecting multiple organs and regulatory systems. Early intervention and consistent treatment can significantly reduce complications and improve quality of life.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/diabetes-care/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Carl Gustav Jung did not view dreams as random images, but as messages from the unconscious. According to Jung, a dream reveals what often remains hidden in daily consciousness. Dreams can therefore help you understand yourself better.\nAn important idea of ​​Jung\u0026rsquo;s is that people have not only a personal unconscious, but also a collective unconscious. Ancient images and patterns are stored within it that recur across cultures. Jung called these images archetypes. Examples include the wise old man, the mother, the hero, or the shadow.\nThe shadow plays a major role in his work. These are parts of yourself that you would rather not see or that you suppress. In dreams, these parts can become visible in symbolic form. According to Jung, it is important not to push that shadow away, but to learn to understand it. That helps with inner growth.\nJung therefore viewed dreams not only as a processing of experiences, but also as an attempt by the psyche to restore balance. A dream can warn, provide direction, or make hidden feelings visible. His work has had a major influence on psychology, spirituality, art, and modern ideas regarding personal development and awareness.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/dreams-and-symbolism/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" The study by Kral et al. (2018) sheds fresh light on the impact of mindfulness meditation on the brain, particularly in people who integrate this practice into their daily lives long-term and intensively. Instead of measuring superficial changes, the research focuses on deep, structural shifts in brain activity and connectivity, and on what this means for attention, emotion, and sense of self. A striking finding is that long-term mindfulness practice leads to a stronger connection between brain regions involved in interoception (feeling your body from within) and regions important for attention and self-regulation. Simply put: people who meditate frequently not only feel what is happening in their bodies better, but they can also stay with it with more focus and calm. The study also examines changes in the default mode network (DMN), the network that is active when we daydream or are preoccupied with ourselves. In experienced meditators, this network is less dominant and more flexible, indicating a less stuck, more open form of self-experience.\nWhat Kral et al. show is that mindfulness not only reduces stress or ‘relaxes,’ but actually rearranges the brain — towards greater presence, embodied self-knowledge, and emotional resilience.\nThis study invites curiosity: what if attention training is not merely incidental, but a key to inner growth and mental health? And how can we apply these insights in therapy, education, or our daily lives?\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/effect-meditation-mindfullness/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Embodied cognition is an approach within cognitive science that posits that thinking does not take place solely in the brain, but in the entire body and in interaction with the environment. Cognition arises from the continuous interplay between the brain, senses, motor skills, and context. According to this view, the classic image of the human being as a brain that processes information separate from the body is too limited.\nA core idea is that perception and action are inextricably linked. What someone perceives is partly determined by what he or she is physically capable of doing. A staircase looks different to a child than to an adult because their bodies have different capabilities. Thinking is therefore not just about manipulating representations in the head, but also about being prepared to act in the world.\nFurthermore, the body influences emotions and decision-making. Posture, breathing, and muscle tension have a direct impact on mood, attention, and risk assessment. Someone who sits tensely thinks differently than someone who moves in a relaxed manner. In this approach, emotions are viewed as physical states that guide thinking, not as purely mental labels.\nThe environment is also part of the cognitive system. Tools such as pen and paper, a computer terminal, or a workbench function as extensions of thinking. By placing things outside the head—notes, diagrams, physical objects—cognitive load is reduced, creating space for more complex reasoning. Cognition is thus distributed across brain, body, and world.\nEmbodied cognition influences various domains. In education, it emphasizes learning by doing and moving. In therapy, the focus lies on bodily regulation alongside conversation. In robotics and artificial intelligence, there is a growing awareness that intelligent behavior is difficult to understand without a body capable of perceiving and acting.\nIn short: thinking is not a standalone process in the head, but a dynamic interplay of body, brain, and environment.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/embodied-cognition/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Born \u0026amp; Fehm (2000) in Endocrine Reviews provide an overview of the interaction between sleep and the endocrine system. Their central point: sleep is not a passive state, but an actively regulated process closely linked to hormonal rhythms. Many hormones follow a circadian pattern and are specifically influenced by different sleep phases, particularly deep sleep (slow-wave sleep).\nThe authors describe how the hypothalamus-pituitary-adrenal axis (HPA axis), growth hormone, prolactin, melatonin, and cortisol are interconnected with sleep architecture. For instance, growth hormone is primarily released during the first cycles of deep sleep, which is important for recovery and metabolism. Cortisol, on the other hand, drops in the early night and rises towards morning. Sleep disruption—due to stress, shift work, or sleep deprivation—can disrupt these rhythms and lead to elevated cortisol levels, reduced insulin sensitivity, and other metabolic consequences. The article also emphasizes the role of sleep in memory, immune function, and energy balance via hormonal pathways. Chronic sleep disruption can contribute to obesity, mood disorders, and impaired stress regulation. Conversely, hormonal changes (for example, due to stress or illness) can disrupt the sleep structure itself, which can create a vicious cycle.\nBorn and Fehm conclude that healthy sleep is essential for endocrine stability. Sleep deprivation or fragmentation impacts multiple hormonal systems and thereby affects both physical and mental health. The article underscores that sleep and hormonal regulation should be viewed as one integrated system, not as separate processes.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/endocrine-reviews/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The publication by Meaney and Szyf (2005) describes how early environmental influences—particularly parental care—have long-lasting effects on the regulation of the stress system. Their work is based on animal research, especially in rats, and shows that differences in maternal behavior (such as licking and grooming) cause lasting changes in the stress response of offspring.\nCentral to this is the hypothalamic-pituitary-adrenal axis (HPA axis), the system that regulates the production of stress hormones such as cortisol (in humans). Rat pups that receive a lot of care develop a more efficient negative feedback in this system. This means that their stress response calms down more quickly. Pups that receive less care, on the other hand, show an increased and longer-lasting stress response.\nAccording to the authors, the key to these differences lies in epigenetic mechanisms, particularly DNA methylation. They demonstrate that maternal behavior influences the methylation of the gene encoding the glucocorticoid receptor in the hippocampus. More care leads to less methylation and thus to higher gene expression, resulting in better stress regulation. Less care produces the opposite effect.\nRemarkably, these changes remain stable into adulthood but are not immutable. Experimental interventions were able to partially reverse the epigenetic markers. With this, Meaney and Szyf underscore that genes do not determine a fixed fate: environmental influences “program” biological systems, but plasticity persists.\nThe study provides fundamental evidence that early experiences leave biological traces that influence behavior and stress sensitivity. The work formed an important basis for subsequent studies into the intergenerational transmission of stress and trauma in humans.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/environmental-programming-of-stress-responses/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Expressive Writing: Words That Heal by James W. Pennebaker and John Evans explains how writing about profound or emotionally charged experiences can contribute to both psychological and physical recovery. The book builds on decades of research by Pennebaker, which shows that people often benefit from short, structured writing sessions in which they write down what is bothering them honestly and without censorship. It is not about beautiful writing, grammar, or style, but about giving meaning to experiences.\nThe core message is simple: write about what keeps you awake. By putting thoughts and feelings into words, more order often emerges from chaos. People see connections, recognize patterns, and gain distance from overwhelming emotions. That process can reduce stress and increase mental clarity. The book states that writing is sometimes more effective than talking, because you can explore what is really going on in silence and at your own pace.\nThe authors also describe how to approach this practically. A well-known method is to write for about 15 to 20 minutes over a few days about a difficult event, including facts, emotions, and its impact on your life. It is important that you write privately and be honest. The text does not need to be saved or shared. It is precisely this freedom that makes openness possible.\nAt the same time, the book warns that expressive writing is not a miracle cure. Not everyone benefits in the same way, and professional guidance may be necessary in cases of severe trauma or acute psychological complaints. The book\u0026rsquo;s strongest point is the combination of science and practical applicability: it makes a simple tool accessible that many people can use independently for processing, insight, and resilience.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/expressive-writing/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In August 2024, the U.S. Food and Drug Administration (FDA) published an extensive briefing document regarding MDMA-assisted therapy for post-traumatic stress disorder (PTSD). This was prompted by the application from Lykos Therapeutics (formerly MAPS) to officially approve the treatment as a medicine.\nThe FDA experts reviewed the Phase 3 studies by Mitchell and colleagues. Despite the positive results — a large proportion of participants no longer met the criteria for PTSD after treatment — the committee identified significant methodological issues. The main objection concerned blinding: participants and therapists could almost always distinguish whether someone had received MDMA or a placebo. This undermines the validity of the outcomes. In addition, the committee had concerns regarding participant selection, reliance on a specific therapy protocol, the reporting of side effects, and signs of potential transgressive behavior within some research settings.\nBased on this assessment, the committee recommended by a majority vote to reject the application. The FDA followed this recommendation. Important to note: the rejection does not mean that MDMA-assisted therapy does not work. It means that better, standardized, and more transparent research is needed before regular approval can follow.\nThe decision has indirect consequences for the European and Dutch situation. FDA approval was often a stepping stone to broader clinical availability. Now, it will take longer for MDMA therapy for PTSD to become available in a regulated setting — although the research will continue. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/fda-briefing-mdma-2024/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In recent years, Allison A. Feduccia has published several review articles with colleagues on MDMA-assisted therapy for PTSD. Feduccia worked for a long time as a researcher at MAPS (later Lykos Therapeutics) and is one of the most referenced voices in this field.\nHer reviews summarize the state of research on three points.\nEfficacy. Several studies — pilot, phase 2, and ultimately phase 3 — consistently show a decrease in PTSD symptoms in participants who received MDMA therapy, even in people for whom previous treatments were insufficient. Effects usually remained visible for months to a year after treatment. Mechanisms of action. Feduccia discusses how MDMA temporarily dampens the activity of the amygdala (the alarm system in the brain), while increasing feelings of connectedness and self-compassion via oxytocin and serotonin. This creates a window in which trauma processing can take place in a less overwhelming way.\nSafety and boundaries. The reviews also mention the risks: temporary increases in heart rate and blood pressure, possible psychological destabilization, and the importance of trained supervisors. Examples of boundary-crossing behavior within research settings are explicitly discussed. Following the FDA rejection in 2024, Feduccia left Lykos and became a critical voice within the field. Her more recent publications advocate for stricter methodology and better protection of participants in future research. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/feduccia-mdma-review/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Full Catastrophe Living by Jon Kabat-Zinn describes how mindfulness can help with stress, pain, illness, and emotional overload. The book forms the basis of the MBSR (Mindfulness-Based Stress Reduction) program, which is used worldwide in healthcare and therapy.\nKabat-Zinn explains mindfulness as being consciously present in the current moment, without immediately judging or pushing away what you are experiencing. According to him, many people live largely on autopilot: constantly preoccupied with the past, the future, or control. As a result, the body and mind often become chronically tense.\nThe book combines practical exercises with explanations regarding stress, emotions, and physical health. Breathing, meditation, body awareness, and mindful movement help to notice signs of tension sooner and to deal with difficult experiences differently.\nKabat-Zinn emphasizes that mindfulness does not mean that problems disappear or that one must always be calm. It is precisely about learning to remain present with “full life” — including pain, uncertainty, grief, and chaos — without being completely swept away by it.\nThe core of the book is that attention and awareness can create space between stimulus and reaction. This creates more freedom of choice, peace, and resilience, even in the midst of difficult circumstances.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/full-catastrophe-living/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Haptonomy: Science of Affectivity by Frans Veldman (NL)describes haptonomy as an approach in which feeling, contact, and bodily experience take center stage. Veldman developed his ideas based on observations regarding human touch, safety, and affective connection.\nAccording to Veldman, the way people experience physical and emotional contact has a major influence on their sense of safety, identity, and presence. Loving affirmation and safe touch help a person feel open, connected, and alive. Conversely, a lack of safety or rejection can lead to closure, tension, and withdrawal.\nHaptonomy focuses strongly on the conscious experience of the body and the emotional world. This involves not only emotions but also how a person is literally present within themselves, in contact with others, and in the space around them.\nThe book describes affectivity as a fundamental human quality: the ability to be touched and to touch others in a safe and human way. Touch often plays an important role in this, but always in relation to trust, respect, and attunement. Although the scientific basis for haptonomy is limited and controversial within mainstream science, the approach has had a significant influence in the Netherlands, particularly within guidance regarding pregnancy, care, bodywork, and personal development.\nThe core of Veldman\u0026rsquo;s vision is that human recovery and growth do not proceed solely cognitively, but are deeply connected to bodily experience, safety, contact, and affective connection.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/haptonomy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In an Unspoken Voice by Peter A. Levine builds upon the ideas from Waking the Tiger. In this book, Levine explains in more detail how trauma affects the brain, body, and emotions, and why recovery is not possible through talking alone.\nAccording to Levine, trauma occurs when the nervous system becomes overwhelmed and remains stuck in a state of threat. The body then continues to react as if the danger is still present. This can manifest as anxiety, tension, anger, dissociation, insomnia, or physical complaints without a clear medical cause.\nLevine emphasizes that trauma is not only stored in memories or thoughts but also in automatic bodily reactions. Therefore, recovery focuses on relearning to feel safe within the body. Small signals such as breathing, posture, tension, or subtle movements play an important role in this.\nThe book describes how people can connect with difficult feelings step by step without becoming overwhelmed again. By gently moving back and forth between activation and rest, the nervous system can slowly discharge and re-regulate. The central message is that recovery is possible when the brain, body, and consciousness become more connected again. Safety, presence, and body awareness form the basis for this.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/in-an-unspoken-voice/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Search of the Miraculous is a spiritual and philosophical book by P. D. Ouspensky about the teachings of George Ivanovich Gurdjieff. The book describes Ouspensky\u0026rsquo;s quest for deeper knowledge about humanity, consciousness, and inner development.\nThe core of the book is that people usually live in a kind of sleep state. We think we act consciously, but according to Gurdjieff, we often react automatically to habits, emotions, and external influences. True freedom only arises when one learns to observe oneself and live more consciously.\nAn important idea in the book is that humans do not have a fixed “I.” Instead, we consist of many different parts that constantly alternate. As a result, people are inwardly divided and contradictory. Through attention, self-inquiry, and practice, one can develop greater unity.\nThe book also describes various spiritual paths. Gurdjieff calls his method “the fourth way”: a path in which one works inwardly while remaining fully engaged in daily life. The book combines psychology, mysticism, philosophy, and practical exercises. For many readers, it is a confronting yet inspiring work on awareness and human development.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/in-search-of-the-miraculous/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The study Holocaust exposure induced intergenerational effects on FKBP5 methylation by Yehuda (2016) investigates whether traumatic experiences from the Holocaust can leave biological traces that are visible in subsequent generations. The researchers focused on the FKBP5 gene, which is involved in the regulation of the stress hormone system (the HPA axis). Changes in the regulation of this gene can influence how the body copes with stress.\nThe study compared three groups: Holocaust survivors, their adult children, and a control group without direct Holocaust exposure. In both survivors and their descendants, the researchers found changes in DNA methylation of the FKBP5 gene. Methylation is an epigenetic process that determines how active a gene is without altering the genetic code itself. Notably, the methylation patterns in parents and children were not identical, but were clearly correlated. This points to a form of intergenerational transmission of stress-related biological changes.\nThe results suggest that extreme traumatic experiences can have long-lasting effects on stress regulation, and that these effects remain partially visible in the next generation. The study does not demonstrate deterministic transmission of trauma, but rather an increased sensitivity of the stress system. According to the authors, this may contribute to greater vulnerability to stress-related complaints, depending on later life circumstances and resilience factors.\nImportantly, the researchers emphasize that epigenetic changes remain modifiable. Environmental factors, therapy, and social context can reshape the regulation of the stress system. The study thus provides a biologically substantiated indication that intergenerational trauma can have an impact not only psychologically but also physically, while simultaneously leaving room for recovery and plasticity.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/intergenerational-effects-on-fkbp5-methylation/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" It Didn't Start With You by Mark Wolynn deals with intergenerational trauma: psychological and emotional patterns that you did not cause yourself, but inherited from previous generations. Wolynn argues that inexplicable fears, depressions, relationship problems, or physical complaints can often be traced back to unprocessed experiences of parents, grandparents, or even further back. War, loss, exclusion, violence, or shame leave traces that continue to reverberate within family systems. The core: what is not processed is passed on. This happens through behavior, language, loyalty, and sometimes even through epigenetic changes. People unconsciously adopt roles or beliefs to keep the family system “whole.” As a result, you may carry feelings that do not seem to fit your own life experiences.\nWolynn combines systemic work, trauma therapy, and case studies from his practice. He shows how recurring phrases, persistent fears, or relational patterns often provide an entry point to the origin of the problem. By recognizing and naming that origin, the burden can shift. The goal is not to assign blame, but to see what belongs to you and what does not. That distinction creates space.\nThe book offers concrete steps: mapping out family history, recognizing “core phrases” that drive your inner beliefs, and reformulating them so that you break free from old loyalties. According to Wolynn, recovery occurs when you acknowledge the past, take the right place in the system, and stop carrying what is not yours. This results in greater autonomy, peace, and a more realistic connection with others. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/it-didnt-start-with-you/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"According to Carl Gustav Jung, a person is much larger than the part of themselves that they consciously know. Beneath everyday consciousness, according to him, lies the unconscious: a deeper layer in which feelings, memories, desires, and repressed parts of the personality are hidden.\nAn important concept in his work is the shadow. The shadow consists of traits or emotions that a person would rather not see in themselves. These can be anger, fear, or jealousy, but also strength, spontaneity, or vulnerability. People often suppress these parts because they do not fit with how they want to see themselves or how they think others want to see them.\nJung believed that the shadow often reveals itself through dreams, symbols, and projections onto other people. For example, someone may be strongly annoyed by the behavior of another, while that behavior actually reflects something of a hidden part of themselves.\nIn addition, Jung worked extensively with symbolism. He viewed symbols as bridges between the conscious and the unconscious. According to him, images such as water, mountains, fire, shadows, or ancient sages do not appear by chance. They refer to deeper psychological processes that recur worldwide in stories, religions, and myths.\nAccording to Jung, inner growth does not arise from perfect control, but from awareness. Whoever learns to recognize and tolerate their shadow becomes more fully human and lives less from automatic patterns.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/jung-shadow-symbolism/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Kabbalistic breath meditations are spiritual exercises from the Jewish mystical tradition (the Kabbalah) in which conscious breathing is combined with visualization, sacred sounds (such as Hebrew letters or names of God), and intention (kavanah). The goal is not only relaxation, but the opening of spiritual layers of consciousness and aligning with the inner dimensions of creation.\nIn the Kabbalistic view, breath (neshima) is directly connected to the soul (neshama). Every breath is an opportunity to reconnect with the divine. Breath is not merely physiological, but a channel of spiritual energy.\nHow does it work? # 🕊️ Conscious breathing: Slow, rhythmic breathing helps to quiet the mind. * 🔠 Visualization of Hebrew letters: Some meditations have you, for example, inhale and exhale the letters of the name יהוה (JHWH).\n🧘 Body focus: The energy centers in the body (such as the heart, the forehead, or the pelvis) are consciously felt or activated during breathing.\n🧩 Kabbalistic Tree of Life: Some exercises guide the breath along the sefirot (the 10 energy channels of the Tree of Life).\n✡️ Divine names: The breath is connected to sacred sounds or combinations of letters, such as \u0026ldquo;Eheieh\u0026rdquo;, \u0026ldquo;Adonai\u0026rdquo;, or \u0026ldquo;Shaddai\u0026rdquo;.\nWhy do people do this? * To soften the ego # To gain insight To open oneself to the Oneness And often also simply to be more deeply present ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/kabbalistic-breath-meditation/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In 2020, Erwin Krediet and colleagues published a comprehensive review article on psychedelic-assisted therapy for PTSD and related trauma disorders. The article appeared in a psychiatric scientific journal and is among the most cited Dutch-language contributions to this field.\nKrediet maps out three groups of substances. MDMA is discussed as the best-researched form, with strong effects in pilot and phase 2 studies. Psilocybin and LSD are placed in an earlier research stage, but with promising mechanisms via neuroplasticity and the loosening of rigid thought patterns. Ketamine receives attention due to its existing clinical application in depression and the first indications that it may also help with PTSD symptoms. A strong point of the review is the attention paid to what happens within the session. Krediet emphasizes that the substance alone does not do the work. The therapeutic context, the relationship with the facilitator, the preparation, and the subsequent integration are equally decisive for the result. The authors refer to this as \u0026ldquo;set and setting\u0026rdquo; — a concept from the early psychedelic research tradition.\nThe review concludes with a sober agenda. More and larger studies are needed, with better blinding, longer follow-up, and clear protocols for screening and integration. For the Dutch situation, Krediet advocates for a regulated research setting with sound ethical frameworks, instead of the current grey area of ​​commercial truffle providers. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/krediet-psychedelics-ptss-review/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In the Sufi tradition, there is a form of meditation called Latifa. The word literally means: subtlety, gentleness, or inner refinement. The practice focuses not on control or performance, but on gently opening attention to what lives deep within. It is precisely in this respect that Latifa can be valuable for people with PTSD or Moral Injury.\nIn the case of trauma, the nervous system is often constantly tense. The body remains alert, as if danger is still present. With Moral Injury, something else is often added to this: guilt, shame, loss of trust, or a damaged moral compass. Many people try to suppress that pain, but in doing so, they actually become further removed from themselves.\nLatifa works differently. During the meditation, one focuses attention calmly on various inner layers of experience: the heart, the breath, feelings, memories, and silence. Not to solve everything immediately, but to remain present without judgment with what is felt. That requires gentleness instead of struggle. That is where the seven dimensions of meaning-making touch upon the exercise.\nAcceptance begins with acknowledging what is truly there, without pushing yourself away. Desire is about the realization that, despite everything, life and direction are still present within a person. Hope often arises in a very small way: a moment of calm, a deepening breath. Trust grows slowly when the body notices that silence does not always mean danger. Letting go does not mean forgetting, but stopping the constant inner tension. Love appears when gentleness towards yourself and others can return. And ultimately, willing emerges again: the readiness to participate in life once more. The Latifa is therefore not a quick fix. It is rather a quiet path back to humanity, connection, and inner space. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/latifa/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Live! a small book written by one of my teachers during my training at the Pulsa Academy: Jan de Dreu, offers original and proven ingredients to let you be guided and surprised by your answers to your life questions. The knowledge presented in these eight uplifting pointers relates to various aspects of our daily lives.\nask yourself what you want to learn now accept all that is wrestle with your most dominant shortcoming be still, and listen dare to be special, peculiar, and unpredictable let go of the old baggage be kind to the other say what you want and receive the answer ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/leef/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Brett T. Litz is one of the leading researchers regarding the concept of “moral injury.” His work focuses primarily on military personnel, veterans, and other professions where people are confronted with situations that conflict with their moral convictions.\nOne of the best-known publications is:\nMoral Injury and Moral Repair in War Veterans\nIn this work, Litz and colleagues describe moral injury as the psychological, social, and spiritual damage that occurs when someone:\npersonally does something that goes against their own values,\nwitnesses serious moral transgressions,\nor feels betrayed by leaders or institutions.\nAccording to Litz, moral injury goes beyond anxiety trauma or classic PTSD. Guilt, shame, self-condemnation, loss of trust, and loss of meaning are central. People may get the feeling that they no longer fit within their own moral worldview. In this article, Litz also describes a model in which recovery revolves not only around symptom reduction, but also around:\nrecognition, responsibility, grief, self-compassion, restoration of connection, and finding meaning anew. Litz emphasizes that moral injury is not the same as a psychiatric disorder. It is often an existential and moral wound. Therefore, recovery requires more than just exposure or symptom treatment; ethics, community, identity, and human relationships also play a major role.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/litz/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Man\u0026rsquo;s Search For Meaning, Viktor Frankl shows that people can find meaning even under the most severe circumstances. His ideas were shaped by his experiences in concentration camps during the Second World War. There, he saw that people live not only on food or safety, but also on hope and a purpose.\nAccording to Frankl, the most important human drive is not pleasure or power, but the search for meaning. Whoever knows what they live for can endure much. Meaning is not something general that is the same for everyone. Every person must discover it for themselves in the concrete situation of the moment.\nFrankl names three paths to meaning. The first is creating or doing something valuable, such as working, caring, or contributing. The second is love and experiencing beauty, nature, or art. The third is the attitude one chooses towards inevitable suffering. If pain cannot be changed, freedom remains in the way one deals with it.\nAn important concept in the book is responsibility. According to Frankl, freedom does not mean doing what you want, but responding to what life asks of you. People are not playthings of circumstances. There always remains room to make an inner choice.\nThe message of the book is hopeful and realistic. Suffering is not romanticized, but seen as part of existence. At the same time, Frankl emphasizes that a person is more than their past or their pain. Meaning, dignity, and direction remain possible, even in difficult times.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/mans-search-for-meaning/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" The studies by Mitchell and colleagues (2021 and 2023) investigated the effect of MDMA-assisted therapy in people with severe post-traumatic stress disorder (PTSD). This involved people who had often had symptoms for years and for whom previous treatments were insufficient. In the study, participants received multiple therapy sessions combined with controlled administration of MDMA. During these sessions, participants were guided by specially trained therapists. Additionally, there were preparatory conversations and integration sessions afterwards. The control group received therapy with a placebo or a very low dose of MDMA.\nThe results were striking. Many participants showed a strong decrease in PTSD symptoms. A large proportion no longer even met the criteria for PTSD after the program ended. Symptoms such as depression, anxiety, and social withdrawal also often decreased. The effects remained visible in many participants for months afterward. According to the researchers, MDMA likely helps by reducing feelings of anxiety and mistrust. As a result, people can look back on traumatic experiences more safely without immediately becoming overwhelmed. At the same time, feelings of connectedness, self-compassion, and trust actually seem to increase. This can deepen the therapeutic process.\nThe studies show that MDMA-assisted therapy is promising for people with severe PTSD. At the same time, the researchers emphasize that this treatment can only be safely applied within a professional therapeutic setting with medical supervision.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/mdma-assisted-therapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Rosenbaum et al. (2015) in Metabolism investigated how changes in body weight, particularly weight loss, affect energy metabolism and hormonal regulation. The article builds upon previous work showing that the body actively “defends” against weight loss. When people lose weight, energy expenditure and certain hormone levels drop more sharply than one would expect based on lower body weight alone. This phenomenon is often referred to as “adaptive thermogenesis.”\nThe authors describe how the body becomes more efficient after weight loss: resting metabolism, spontaneous activity, and thermic response to food decrease. At the same time, hormones involved in hunger and satiety change. Leptin decreases, which can intensify feelings of hunger and further reduce energy expenditure. Thyroid hormones and sympathetic nervous activity can also change, causing the body to consume fewer calories. Together, these adaptations increase the likelihood of weight gain after a diet. The article also discusses the role of the brain, particularly hypothalamic circuits that regulate energy intake and expenditure. The body appears to have a “setpoint” for weight that it attempts to maintain via hormonal and neural signals. After weight loss, this system often remains set to the previous, higher weight, making relapse biologically more likely.\nImportantly, these reactions can persist for a long time. Even when someone successfully loses weight, the metabolic and hormonal adaptations persist and make weight maintenance difficult. The authors conclude that obesity and weight regulation are not only behavioral issues but are also strongly biologically driven. Effective treatment must therefore take these adaptive counter-reactions of the body into account.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/metabolism/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Molecules of Emotion (1997), Candace Pert takes us on a fascinating journey through the body and mind and how the two are intertwined much more deeply than we ever thought. As a neuroscientist, Pert discovered the opioid receptor in the brain in the 1970s, which led her to a groundbreaking vision of emotions: they are not vague inner states, but concrete biochemical processes taking place throughout the entire body.\nHer core idea is that emotions are driven by neuropeptides, small molecules that act as messengers between the brain and the body. These molecules (and their associated receptors) are found not only in the brain, but also in the immune system, the gut, and the heart. In other words: your entire body feels and thinks along.\nPert argues that body and mind are not two separate domains, but one integrated system. According to her, the separation traditionally maintained by Western medicine between the physical and the mental, between doctor and patient, is untenable. Molecules of Emotion is therefore more than a scientific book: it is a plea for a new, holistic approach to health, in which emotions, consciousness, and bodily processes are understood together.\nThe tone of the book is personal and inquisitive. Pert combines scientific explanations with stories from her own life and research. In doing so, she invites the reader to look with fresh eyes at stress, illness, healing, and especially at the power of the feeling body.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/molecules-of-emotion/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Moral Injury and Moral Repair in War Veterans (2009), Litz and colleagues focus attention on a form of inner suffering that has long remained underexposed: moral injury. While post-traumatic stress disorder (PTSD) primarily revolves around fear and survival stress, moral injury describes the deep psychological pain that arises when someone does—or fails to do—something that goes against their moral compass. Think of killing civilians, being unable to prevent violence, or experiencing betrayal by leaders.\nThe authors argue that moral injury carries a different emotional charge than classic traumas: it is not about ‘danger’, but about guilt, shame, loss of trust, and meaning. This can lead to depression, isolation, self-contempt, and existential confusion. The moral self-image is damaged—and with it, the ability to give meaning to one’s own life and actions. Important in the study is the plea for moral repair: recovery requires not only therapy, but also recognition, forgiveness (of oneself or others), responsibility, and the rediscovery of a moral compass. This process is deeply human and often relational: listening without judgment, bearing witness to the suffering, offering space for truth.\nThis study opens an important window onto what war (and other extreme experiences) can do to a person, beyond diagnostic codes. *Moral injury* shows that recovery sometimes does not begin with forgetting what was, but with daring to face it — and reconnecting with who you are at your deepest core. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/moral-injury-and-moral-repair-in-war-veterans/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Shame and Pride, Donald Nathanson describes shame as one of the most defining human emotions. According to Nathanson, shame arises when a sense of connection, appreciation, or pride is suddenly interrupted. A person feels rejected, inadequate, or perceived in a painful way.\nAccording to him, shame touches directly on identity. It is not just about what someone does, but primarily about how someone perceives themselves in relation to others. As a result, shame can have a deep and lasting impact.\nNathanson describes that people often react automatically to shame without being aware of it. He names four common reactions:\nwithdrawing and avoiding attacking oneself attacking others pretending nothing is wrong These reactions provide temporary protection against pain, but can damage relationships and self-image if they persist for a long time.\nIn addition, Nathanson shows that pride and shame are closely connected. People have a need for recognition, connection, and dignity. When those needs are met in a healthy way, healthy pride and self-confidence emerge. When connection is lost or humiliation occurs, shame grows.\nAccording to Nathanson, recovery is only possible when shame is recognized and discussed. People need safe relationships in which they do not have to hide themselves. Only then can shame slowly transform into greater self-acceptance, connection, and emotional freedom.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/nathanson-shame-and-pride/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Barry Krakow became known for his research into nightmares in relation to trauma and Post-Traumatic Stress Disorder. He investigated why traumatic dreams often keep recurring and how people can learn to cope with them better.\nAccording to Krakow, nightmares are not just an annoying symptom, but a sign that the brain is getting stuck in the processing of fear and stress. People repeatedly experience feelings of danger, powerlessness, or threat in their sleep. As a result, sleep quality is also severely disrupted.\nAn important method from his work is Imagery Rehearsal Therapy (IRT). In this method, a person writes down a recurring nightmare and then consciously changes the course of the dream. For example, the dream is given a safer, calmer, or more powerful ending. Afterward, the person regularly practices this new dream image in their mind during the day.\nThe goal is not to deny what happened, but to allow the brain to experience new possibilities. Research shows that this method reduces the frequency and intensity of nightmares in many people. Krakow also emphasizes that sleep is an important part of trauma recovery. Poor sleep often exacerbates anxiety, tension, and emotional dysregulation, whereas better sleep actually supports recovery.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/nightmares-in-relation-to-trauma/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In 2013, Peter Oehen and colleagues published the first pilot study of MDMA-assisted psychotherapy outside the United States. The Swiss study focused on people with treatment-resistant PTSD, a group for whom previous treatments were insufficient.\nTwelve participants received three experimental sessions, combined with intensive therapeutic guidance. Half received a full dose of MDMA, while the other half received a very low dose as an active placebo. Before and after the treatment, the severity of PTSD symptoms was measured using standardized instruments.\nThe results were encouraging, but cautious. Participants in the group that received the active dose showed, on average, a stronger reduction in symptoms than the placebo group. However, the difference was not as large as in later, larger studies. The researchers themselves noted that a dose of 25 mg, originally intended as a placebo, might already have a mild therapeutic effect.\nAn important outcome was that the treatment proved to be safe. There were no serious side effects, and participants indicated that the sessions—despite their intensity—were perceived as valuable. A one-year follow-up showed that some of the participants retained the benefits.\nOehen\u0026rsquo;s study constituted an important step towards the later phase 2 and phase 3 trials of MAPS. It demonstrated that the protocol was also workable in a European, non-MAPS context, and that the efficacy was not solely attributable to the American research tradition. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/oehen-mdma-pilot-2013/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" The parables of Jesus are short, powerful stories that do more than simply inform. They invite reflection, wonder and inner movement. Rather than theological arguments, Jesus chose images from everyday life: a sower, a shepherd, a merchant, a father. This simplicity makes them accessible, while their layers of meaning are timeless and profound. Parables are not intended to give clear-cut answers, but rather to awaken consciousness. Jesus used this form to confront his listeners with their assumptions, to provoke new ways of thinking and to make a spiritual reality tangible.\n🌾 Well-known parables of Jesus # Parable Theme The Sower (Matthew 13) How the word of God is received differently — depending on the \u0026ldquo;soil\u0026rdquo; of a person\u0026rsquo;s heart. The Prodigal Son (Luke 15) Forgiveness, homecoming and the abundant love of the father (God). The Good Samaritan (Luke 10) True love of neighbour sometimes comes from unexpected places. The Workers in the Vineyard (Matthew 20) Divine justice is not the same as human merit. The Hidden Treasure \u0026amp; The Pearl of Great Price (Matthew 13) The kingdom of God is precious and calls for complete surrender. The Unforgiving Servant (Matthew 18) Whoever receives forgiveness ought also to give forgiveness. The Mustard Seed (Matthew 13) The kingdom begins small but grows powerfully. The Ten Virgins (Matthew 25) Stay awake, be prepared for what is to come. The Lost Coin (Luke 15) The joy of finding something precious — an image of God\u0026rsquo;s joy over repentance. Why parables? # Jesus spoke in parables to make people think. They form a bridge between the visible and the invisible, the earthly and the heavenly. They invite inner work, much as mystical traditions do: through experience, not through reason alone.\nThe true power of a parable lies in the question it leaves behind, not the answer it provides.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/parabels-of-jesus/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In their influential 2004 article, Richard Tedeschi and Lawrence Calhoun describe the concept of Post-Traumatic Growth. By this, they mean positive psychological changes that sometimes occur after a profound or shocking event. Importantly, this growth does not arise from the trauma itself, but from the struggle with what has happened.\nA trauma can shake up a person\u0026rsquo;s old beliefs. Ideas such as “the world is safe,” “I am in control,” or “I know who I am” can fall away. This creates a period of uncertainty, grief, and confusion. Growth can arise precisely in the process of reflecting, feeling, processing, and finding direction anew. Tedeschi and Calhoun name five areas in which this growth often becomes visible:\ngreater appreciation for life deeper and more honest relationships more inner strength new possibilities and choices spiritual or existential deepening The authors also emphasize that growth and pain can coexist. Someone may still suffer from anxiety, grief, or stress symptoms, and yet notice that something positive has changed. Growth, therefore, does not mean that the damage has disappeared.\nNot everyone experiences post-traumatic growth. Factors such as social support, safety, and time and space for processing play an important role. It is therefore not a mandatory final destination and not proof of success.\nThe core of the article is clear: trauma is not the teacher. The way someone deals with disruption can sometimes lead to greater depth, wisdom, and conscious living.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/post-traumatic-growth/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Summary of Yehuda (2015): Post-traumatic stress disorder # In the review article Post-traumatic stress disorder (2015), neurobiologist and psychiatrist Rachel Yehuda describes the neurobiological and psychological mechanisms underlying PTSD. The article compiles decades of research into stress regulation, hormones, memory, and intergenerational effects of trauma.\nYehuda emphasizes that PTSD is not merely a psychological reaction, but a dysregulation of the stress system. In particular, the HPA axis (hypothalamus-pituitary-adrenal axis), which regulates the production of the stress hormone cortisol, functions differently in people with PTSD. Instead of chronically elevated cortisol levels, as was long assumed, many people with PTSD actually exhibit lower basal cortisol levels in combination with a hypersensitive stress response. This points to disrupted negative feedback in the stress system.\nAdditionally, Yehuda discusses changes in brain regions involved in threat detection and emotion regulation, such as the amygdala, hippocampus, and prefrontal cortex. These networks play a role in retaining trauma memories and the difficulty in dampening stress responses. The concept of intergenerational transmission is also addressed: traumatic experiences can influence stress regulation in subsequent generations through epigenetic and relational processes.\nThe article emphasizes that effective treatment of PTSD must address both psychological and biological components. Trauma-focused therapies, medication, sleep restoration, and interventions that regulate the nervous system can all contribute to recovery. According to Yehuda, PTSD is not a static condition, but a dynamic dysregulation of stress and memory systems that, with the right interventions, can also change.\nThe work forms an important basis for the current understanding of PTSD as an interplay of body, brain, and experience.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/post-traumatic-stress-disorder/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The Psychology of Religion and Coping by Kenneth Pargament\nWhy do some people turn to religion to cope with a crisis, while others turn away from it?\nIs religious belief merely a defense mechanism or a form of denial?\nIs spirituality a help or a hindrance in stressful times?\nThis book builds a much-needed bridge between two different worlds of thought and practice, namely religion and psychology, and it sensitively combines theory with personal experiences, clinical insights, and scientific research.\nThe book emphasizes the need for more attention to religion and spirituality in the context of helping relationships and suggests various ways in which faith can be better utilized to help people in crisis. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/psychology-of-religion-and-coping/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Pruessner et al. (2007) in Psychoneuroendocrinology investigated how chronic stress is associated with changes in the brain, particularly the hippocampus, and with the regulation of cortisol. The study builds upon earlier work showing that prolonged exposure to stress hormones can have structural and functional effects on brain regions involved in memory, emotion regulation, and stress response.\nThe authors focused on healthy adults and examined differences in cortisol reactivity (via stress protocols and saliva measurements) and brain structure (via MRI). A key finding was that individuals with elevated or long-term dysregulated cortisol levels often showed a smaller hippocampal volume. The hippocampus plays a crucial role in inhibiting the stress axis (HPA axis). When this area functions less effectively, it can lead to a vicious cycle: poorer inhibition of the stress response → more cortisol → further impact on brain structure.\nThe article also discusses individual differences in vulnerability. Not everyone experiencing stress experiences the same neurobiological consequences. Factors such as early life stress, genetic predisposition, and coping style influence how strongly the HPA axis responds and how well recovery occurs after stress.\nImportantly, the authors are cautious regarding causality. A smaller hippocampus can be both a consequence and a risk factor for increased stress sensitivity. The study supports the idea that chronic stress has an impact that is not only psychological but also measurably biological.\nThe broader implication: prolonged stress has tangible neuroendocrine consequences. Therefore, stress prevention and regulation are not only mentally relevant but also structural for brain health.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/psychoneuroendocrinology/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Lovallo et al. (2005) in Psychosomatic Medicine investigated how early life stress relates to later regulation of the stress response, specifically the hypothalamus-pituitary-adrenal axis (HPA axis) and cortisol responses. The study focused on healthy young adults without clinical disorders, but with varying levels of reported childhood stress, such as neglect, conflict, or unpredictable home situations. The aim was to see whether early experiences leave lasting traces in physiological stress responses.\nThe researchers used standardized stress protocols (such as mental arithmetic tasks and social evaluation) and measured cortisol via saliva. A central finding was that individuals with higher levels of early stress often exhibited a flattened or reduced cortisol response to acute stress. This does not indicate a “stronger” stress response, but rather a system that is tuned differently. Chronic exposure to stress in childhood can modify the HPA axis in such a way that later responses are dampened or dysregulated. Such a pattern is seen as a potential risk factor for later problems with mood, impulse control, and addiction.\nThe article discusses that these changes are subtle and variable. Not everyone with early stress develops the same physiological patterns; genetic predisposition, later environment, and coping play a role. Nevertheless, the results support the idea that stress regulation is partly “programmed” by early experiences.\nThe broader implication is that psychosocial circumstances in childhood can have measurable effects on adult stress biology, even in seemingly healthy people. This reinforces the insight that prevention and early intervention are important, because prolonged stress during developmental stages can cause lasting adaptations in neuroendocrine systems.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/psychosomatic-medicine/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The Pulsar vision assumes that everything in our lives is, and ought to be, continuously in motion. The art is to (want to) see this continuous movement time and again and to want to learn from the insights provided by it. The Pulsar vision focuses on sustainable change: much attention is given to people\u0026rsquo;s ability to change themselves. It concerns a profound change, integrated within the individual or organization, towards a larger and more creative living space.\nMore information about this subject is only available in Dutch.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/pulsar-vision/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In the study Putting Feelings into Words (2007), Matthew Lieberman and his colleagues investigate a phenomenon that many already know intuitively: it helps to put your feelings into words. But this study makes it visible in the brain. Using fMRI scans, the researchers discovered that naming emotions — also known as *affect labeling* — leads to a calming effect on the amygdala, the brain region involved in emotional responses such as fear and anger. When subjects name a negative emotion (“I feel angry” or “I am sad”), activity in the amygdala decreases. At the same time, activity increases in the right ventrolateral prefrontal cortex, an area associated with self-reflection and regulation. Simply put: verbalizing feelings creates more inner peace and clarity. What makes this study so special is that it provides neurological evidence for something that has long been applied in therapy, meditation, and even friendship: putting words to what you feel has a healing effect. It is not suppression or analysis, but a direct way to get a grip on inner chaos.\nPutting Feelings into Words thus offers more than scientific insights — it is a confirmation of something fundamentally human. Emotions want to be felt, but also seen and acknowledged. And sometimes that simply begins with daring to say: “I feel this way.” That small act of language turns out to be a key to regulation, connection, and change.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/putting-feelings-into-words/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In 2020, an authoritative review article by Collin M. Reiff and colleagues on psychedelics and psychedelic-assisted psychotherapy appeared in the American Journal of Psychiatry. The article was written on behalf of the Research Working Group of the American Psychiatric Association — an important signal that the mainstream of psychiatry has started taking the subject seriously.\nThe authors discuss five substances that were most researched at the time: MDMA, psilocybin, LSD, ayahuasca, and ibogaine. For each substance, the mechanisms of action, clinical applications, effect sizes, and side effects are listed.\nRegarding PTSD, it is notable that MDMA is already further along in research than the other substances. For depression, psilocybin studies are promising, especially in people with a life-threatening illness or treatment-resistant depression. For addiction problems, research into ibogaine and ayahuasca is described, but the evidence in this area is still limited.\nAn important merit of the article is the attention paid to warnings. Reiff and colleagues emphasize risks for people with psychotic vulnerability, the importance of careful screening, the role of set and setting, and the fact that many available studies are small and employ strict selection criteria. The results therefore cannot simply be translated to the broader population.\nFor many psychiatrists, the article was their first systematic introduction to this field. It set the tone for later guidelines and discussions within American professional associations, and has since been widely cited internationally. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/reiff-psychedelics-psychotherapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Research at the University of Amsterdam into what is popularly called the “head-heart-gut” idea actually falls under several serious research fields: cognitive neuroscience, psychoneuroimmunology, and the so-called gut-brain axis. The UvA uses those terms, not the model of three separate brains. Central to UvA research is the interaction between brain, body, and behavior. A significant part focuses on the gut-brain axis: the enteric nervous system in the intestines, the microbiome, and their influence on stress, mood, and cognitive functions. Researchers investigate how gut bacteria send signals to the brain via immune responses, hormones, and the vagus nerve. These processes prove relevant to depression, anxiety, and stress regulation. It is not a matter of a “gut brain” that thinks independently, but rather a complex feedback system between peripheral nervous systems and the central nervous system. A second line of research investigates the role of body signals such as heart rate and breathing in emotion and decision-making. Within cognitive and affective neuroscience at the UvA, for example, researchers look at heart rate variability (HRV) and interoception: how well people perceive internal body signals and how this relates to stress, trauma, and emotional regulation. These studies show that heart and respiratory signals influence brain activity and vice versa. In this context, the heart functions as part of a regulatory system, not as a separate brain.\nThe UvA places these findings within an integrated model of body and brain. The nervous system, the immune system, and hormonal systems together form a network that influences behavior and mental health. The popular metaphor of three brains can sometimes be helpful in therapy or coaching, but is not used literally in academic research. Instead, one speaks of mutual regulation between brain, body, and environment. In short: UvA research confirms strong bidirectional communication between the brain, heart, and gut. However, the idea of ​​multiple “brains” is primarily a simplified metaphor for a complex, integrated biological system.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/research-uva/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Summary of LeDoux (2012): Rethinking the Emotional Brain # In his 2012 article, Joseph LeDoux reformulates the way we view the “emotional brain” and, in particular, the role of fear and threat responses. LeDoux, a leading neuroscientist, focuses on the neurobiology of threat detection and the associated defense responses of the nervous system, not primarily on ‘fear’ as a conscious emotion, but on the automatic processes that prepare the body for survival.\nCentral to this work is the idea that stimuli that are originally meaningless can acquire meanings of danger through association with real threats. A process that is often studied via Pavlovian threat conditioning. In this process, the brain links a cue (for example, sound or image) to an aversive experience, causing the same cue to automatically trigger a defense response later, even without conscious experience of fear. LeDoux emphasizes that the neural circuits enabling these automatic responses (particularly within the amygdala and related subcortical systems) do not automatically cause the conscious emotion of ‘fear’. Instead, they influence physiological and behavioral responses to threat. These circuits operate independently of the higher cognitive interpretation of experience, which takes place in other brain regions (such as the prefrontal cortex).\nThis is relevant for trauma research because it highlights that survival responses are deeply rooted in the nervous system and often lie beyond conscious control. It explains why trauma responses can persist physically, regardless of what someone rationally knows or says.\nIn LeDoux’s view, this means that effective therapies must address both automatic (body \u0026amp; circuit level) and conscious (cognitive) processes.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/rethinking-the-emotional-brain/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In her influential article Six Views of Embodied Cognition (2002), Margaret Wilson outlines six different perspectives that together shape the growing field of embodied cognition. In doing so, she challenges the classic idea that cognition takes place primarily ‘in the head,’ separate from the body and environment. Instead, she examines how thinking arises from and depends on our bodily experiences, motor actions, and the world around us.\nThe six views she discusses range from the role of bodily interaction in cognitive processes to the proposition that our brain and our environment work together as a single system. Some approaches emphasize how perception and action directly influence each other, without the need for ‘abstract thinking’ to intervene. Others emphasize how we form mental representations based on sensorimotor experiences.\nWilson is critical and analytical: she evaluates the strengths and limitations of each perspective. Her conclusion is nuanced. Not all ideas under the banner of embodied cognition are equally convincing or empirically substantiated, but together they form a powerful alternative to traditional cognitive science. She particularly emphasizes the importance of further research that takes these bodily dimensions of thinking seriously.\nThis article invites reconsideration: what if thinking is less of a ‘head matter’ and more of a dance between brain, body, and world? Wilson’s overview is clear, thought-provoking, and forms an excellent starting point for anyone wishing to delve into the embodied mind.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/six-views-of-embodied-cognition/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" SSufi breathing exercises are part of an ancient mystical tradition in which breath is seen as a bridge between the material and the divine. Within Sufism — the inner path of Islam — breath (nafas) is not merely a physiological phenomenon, but a spiritual vehicle: every breath is an opportunity to draw closer to God (Allah).\nImportance of breath in Sufism # Breath plays a central role in spiritual awakening. Sufi masters emphasize that awareness of the breath opens the heart, softens the ego, and purifies the soul.\nIn some Sufi orders (such as the Naqshbandiyya or Mevlevi), breathing techniques are linked to specific dhikr practices (repetition of God\u0026rsquo;s names). The goal is presence in the moment and the penetration of the divine into every cell of the body.\nExamples of Sufi breathing exercises # 1. Conscious breathing with God\u0026rsquo;s name # On the inhalation: Allaaah silently think or whisper On the exhalation: silence, or Hu (the inner name of God) ​​This breathing is often combined with heart focus: as if you are breathing through your heart. 2. Four-part breathing # Inhale → hold → exhale → silence Each phase can be accompanied by a mantra or inner prayer 3. Breath and movement # In the Mevlevi dance (the whirling dervishes), breathing is connected with rhythm, surrender, and centering in the heart. These exercises do not constitute dogma but an invitation to stillness, connection, and surrender. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/sufi-breathing-exercises/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Sufi parables are short, often poetic stories used within the Sufi tradition, the mystical branch of Islam. They appear simple, but contain multiple layers of meaning. These stories are not told to explain something, but to awaken the spirit and touch the heart. What makes Sufi parables special?\n🌙 They invite insight through experience, not through reasoning.\n🧩 They are full of paradoxes and unexpected twists that break logical patterns.\n💫 They appeal to inner knowing, rather than intellectual understanding.\n🌾 They are often funny or playful, but have a deep, spiritual undertone. 🔍 They invite the listener to reflection, as if the true meaning is only unveiled later.\nRecurring themes:\nThe search for the true Self\nThe illusion of separateness\nThe folly of the ego\nThe hiddenness of the divine in the everyday\nThe role of the master (the sheikh) and the disciple\nA well-known example (often attributed to Nasreddin Hodja):\nNasreddin searches for his key under a lamppost. “Did you lose it here?” someone asks. “No,” he says, “but the light is better here.”\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/sufi-parables/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In Shame and Guilt, Tangney and Dearing investigated the difference between shame and guilt. Although these emotions are often used interchangeably, they show that psychologically, they involve two distinct experiences.\nAccording to their research, guilt focuses primarily on behavior. A person thinks:\n“I did something wrong.”\nShame focuses on the person themselves:\n“There is something wrong with me.”\nThat difference has major consequences. Guilt can help people take responsibility, apologize, or change their behavior. Shame more often leads to withdrawal, self-criticism, avoidance, or anger.\nTangney and Dearing describe that shame is often associated with a negative self-image and psychological complaints such as depression, anxiety, and relationship problems. People feel smaller, inferior, or rejected. As a result, open contact with others becomes more difficult. Guilt is usually less destructive because the focus lies on a concrete action rather than on the person\u0026rsquo;s identity.\nThe researchers emphasize that healthy development requires gentleness and realistic responsibility. People do not have to be perfect to remain valuable.\nTheir work has become important within trauma therapy and research into moral injury, because many people after trauma struggle not only with what they did, but especially with who they think they have become.\n← Back t\n","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/tangney-dearing-shame-and-guilt/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Guyton \u0026amp; Hall’s Textbook of Medical Physiology is a standard work in medicine that explains the functioning of the human body systematically and mechanistically. Originally developed by Arthur C. Guyton and later revised by John E. Hall, the book emphasizes cause-and-effect relationships and the integration between organ systems.\nThe core is homeostasis: the body maintains stable internal conditions via tightly regulated feedback mechanisms. The book first covers the basics – cell membrane physiology, transport mechanisms, action potentials – and then builds up to organ systems such as the cardiovascular, respiratory, renal, endocrine, and nervous systems. Each system is explained not only anatomically but, above all, functionally: how is blood pressure regulated, how does ventilation adapt to exertion, and how do the kidneys control fluid and electrolyte balance?\nA strong point is the quantitative approach. Guyton \u0026amp; Hall use diagrams, graphs, and conceptual models to make regulation understandable. The kidney, for example, receives extensive attention as the central regulator of blood volume and blood pressure. The interaction between the nervous system and hormones also recurs throughout: rapid neural control versus slower hormonal modulation.\nPathophysiology is linked to normal physiology. Many chapters show how disturbances in one link—for example, insulin deficiency or reduced cardiac output—cause cascades in other systems. This provides insight into disease as a dysregulation of normal regulatory mechanisms.\nIn short, the book offers an integrated and analytical framework for understanding the human body. The focus is not on isolated facts, but on interconnected regulatory systems.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/textbook-of-medical-physiology/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"The Aftermath of Violence — From Domestic Abuse to Political Terror by Judith Lewis Herman examines the long-term consequences of violence, abuse, and terror on individuals and societies. The book builds upon her earlier work on trauma and places a strong emphasis on power, insecurity, and human relationships.\nHerman shows that violence often causes not only physical harm but also a deep erosion of trust, identity, and belonging. This applies to domestic violence as well as war, torture, and political oppression. Victims often lose their sense of safety and control over their own lives.\nAn important theme is that trauma often arises within relationships or systems where dependency and power play a role. As a result, people are wounded not only by what happens but also by betrayal, silence, or denial from those around them.\nThe book emphasizes that recovery is not just an individual process. Recognition by others, social support, and civic responsibility play a major role. Without recognition, victims often remain isolated, and shame and mistrust can persist. The central message is that violence damages human connection, but that recovery becomes possible precisely through safety, truth, community, and the rebuilding of relationships and meaning.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-aftermath-of-violence/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Body Keeps the Score (2014), psychiatrist Bessel van der Kolk shows how deeply trauma takes root in body and mind and how it can disrupt our perception, relationships, and sense of self. He draws on decades of clinical work, brain research, and personal stories to make clear: trauma is not a ‘past’ that is over, but an experience that becomes fixed in the nervous system and is relived over and over again, often without words.\nVan der Kolk explains how the brain changes under trauma: the amygdala remains hyperactive, the language center often partially shuts down, and the capacity for self-regulation becomes disrupted. This explains why talking alone does not always help. The body must be included in the healing process; after all, it knows what happened.\nIn addition to traditional therapies, he explores alternative routes to recovery, such as EMDR, yoga, neurofeedback, and body-oriented therapy. What these approaches have in common is that they help to experience the body as safe again, and to remove the nervous system from a constant state of threat.\nThe book is deeply human and at the same time scientifically grounded. Van der Kolk writes with compassion and urgency, and he shows that healing is possible not by thinking away the trauma, but by gradually integrating it.\nThe Body Keeps the Score is a powerful invitation to understand trauma as a bodily reality, and recovery as something that begins with safety, connection, and rediscovering the self, within the body.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-body-keeps-the-score/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Developing Mind, Daniel Siegel compellingly brings together brain science, psychology, and attachment theory to create a new understanding of how our mind originates and takes shape. His central question: how do the body, brain, and relationships together develop the self and consciousness? Siegel argues that the brain is not a standalone organ, but is deeply interwoven with our social experiences. The mind lives in connection with our body *and* with others. A core concept in the book is integration: the ability to connect different parts of the brain, and of our experience, into a coherent whole. A well-integrated brain can respond flexibly, regulate emotions, and form meaningful relationships. But if integration falters, for example due to trauma, neglect, or insecure attachment, development becomes unbalanced.\nSiegel connects neurobiological insights with practical examples from parenting, therapy, and daily life. In this way, he shows how secure relationships literally shape the wiring of the young brain, and how empathy, reflection, and connection contribute to a healthy mind. His approach, known as interpersonal neurobiology, advocates for a holistic view of human functioning.\nThe Developing Mind is not dry science, but an invitation to look deeper: at how our brain grows, how our mind is shaped, and how important relationships are in this process. Whoever reads it gains not only more insight into child development, but also into the vulnerable, powerful dynamics of being human itself.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-developing-mind/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" The Embodied Mind by Francisco Varela, Evan Thompson, and Eleanor Rosch is a groundbreaking work that connects Western cognitive science and Buddhist philosophy. The central message? Cognition is not something that takes place solely in our heads; it arises in the interaction between body, brain, and environment. Knowing is not an objective record of an ‘external world’, but a process of embodied engagement: we know the world because we act within it. The authors criticize the traditional view of the mind as a kind of computer that processes input. Instead, they introduce the concept of enactivism: meaning does not arise from the outside, but is actively created in the relationship between observer and world. Our consciousness is therefore always situated, dependent on context, bodily experience, and history. What makes this book special is how it connects insights from phenomenology (particularly Husserl and Merleau-Ponty) with Buddhist meditation practices. The authors advocate for neurophenomenology: an approach in which subjective experience is examined from within, alongside objective measurements of the brain. In this context, meditation is not viewed as airy-fairy, but as a serious method for getting to know the mind from within.\nThe Embodied Mind invites wonder: about what consciousness truly is, how we know what we know, and how we can learn to look differently not only at ourselves, but also at science. The book challenges, disrupts, and opens a path to a more embodied understanding of the human mind.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-embodied-mind/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In the Energetic Heart (2009), Rollin McCraty and his team at the HeartMath Institute explore an intriguing perspective: the heart is not just a pump, but also an intelligent, communicative, and energetic center. The study shows that the heart emits a powerful electromagnetic field — the largest of all organs — and that this field not only influences our brain function and emotions internally, but also affects our interactions with others externally. Central to this is the concept of heart coherence: a state in which heart rhythm, breathing, the nervous system, and emotions are in harmony. In such a state, we function optimally — both physically and mentally. Heart coherence proves to be measurable, trainable, and linked to increased clarity, resilience, and connectedness. What we feel in our heart therefore has a direct impact on how we think, act, and interact with others. The study goes beyond classical physiology and opens the door to a more subtle awareness of the role of the heart in human experience. The researchers even suggest that the heart sends signals to the brain that influence cognitive processes — a reversal of the traditional idea that the brain ‘controls’ the body.\nThe Energetic Heart is simultaneously scientifically grounded and invitingly spiritual in tone. It invites a re-evaluation of intuition, emotion, and energetic attunement. In a world full of mental stimuli, this study offers a surprisingly clear plea: listen to your heart — not only figuratively, but also literally, for it might well be wiser than you think. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-energetic-heart/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Feeling of What Happens, neurologist Antonio Damasio explores an intriguing question: how does the self arise? His answer does not begin with thinking, but with feeling. According to Damasio, consciousness is not an abstract thought process, but is rooted in the physical experience of the body in emotions, feelings, and the awareness of ourselves as a body in motion.\nHe distinguishes between three layers of the self: the proto-self (the automatic regulation of bodily states), the core self (the direct, moment-to-moment consciousness that “I” feel that “I” experience something), and the autobiographical self (the narrative in which we shape our life and our identity). What is remarkable is that these layers all build upon bodily processes. Without a body, Damasio argues, there is no self. A key claim in the book is that feelings often viewed as irrational or disruptive are crucial for consciousness and for sensible decision-making. People whose brain\u0026rsquo;s emotional system is damaged can often still reason perfectly well, but make dramatically poor choices. Emotion and reason are therefore not opposites, but partners in thinking.\nDamasio’s style is clear and inviting, his argument peppered with examples from the clinic, evolution, and neurological research. The Feeling of What Happens opens up a surprising perspective on who we are. Not a mind separate from the body, but a living, feeling organism that experiences itself. It is a book that invites us to rethink consciousness not as something ethereal, but as something deeply bodily.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-feeling-of-what-happens/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Four Agreements (1997), Don Miguel Ruiz shares centuries-old wisdom from the Toltec tradition, translated into clear, practical guidelines for a freer and more conscious life. According to Ruiz, many people live in a dream full of fear, judgment, and self-limiting beliefs — a dream that keeps us trapped in pain, guilt, and repetition. The path to liberation? Four simple yet deeply transformative insights. Be impeccable with your words: words are powerful. They can heal or destroy. By speaking honestly, carefully, and lovingly, you set in motion a movement of inner truth and pure relationships.\nTake nothing personally: what others say or do says more about them than about you. By letting go of other people\u0026rsquo;s projections, you free yourself from unnecessary suffering. Do not make assumptions: we constantly fill in the blanks without truly checking them. Asking questions and communicating clearly prevents misunderstandings and creates genuine connection.\nAlways do your best: not perfectly, but sincerely. Doing your best is different every day — and that is precisely what makes it liberating. It prevents both self-reproach and procrastination.\nRuiz writes with simplicity and depth. His insights may sound logical, but prove surprisingly powerful in practice. TThe Four Agreements is not a theoretical book, but an invitation to daily practice. Whoever has the courage to truly apply these guidelines will notice that the inner dream changes — from fear to freedom, from judgment to love.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-four-agreements/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"In The Haunted Self, Onno van der Hart, Ellert Nijenhuis, and Kathy Steele explain how severe and prolonged traumatic experiences can divide the personality. They call this structural dissociation. According to the authors, dissociation is not merely \u0026ldquo;feeling cut off,\u0026rdquo; but a genuine separation between parts of the personality that carry different tasks.\nOne part focuses on daily life and tries to function normally. This is called the seemingly normal part. Other parts remain connected to fear, pain, memories, and survival responses such as fight, flight, or freeze. These trauma-oriented parts can suddenly become active due to triggers in the present.\nThe authors describe that symptoms such as flashbacks, panic, shame, physical tension, memory problems, and erratic behavior are often better understood from this internal division. People then do not react \u0026ldquo;illogically,\u0026rdquo; but from parts that were once necessary for survival.\nTreatment therefore requires a safe and step-by-step approach. First comes stabilization: increasing safety, learning to regulate emotions, and building cooperation between parts. After that, trauma processing can take place. In the final phase, integration is central: greater coherence, freedom of choice, and participation in everyday life.\nThe book connects theory, research, and practice. It shows that trauma can leave deep marks on body and mind, but also that recovery is possible. With understanding, pace, and a good therapeutic relationship, split-off experiences can be processed step by step. The core message is that symptoms are often survival reactions and not a sign of weakness or unwillingness.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-haunted-self/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Hero with a Thousand Faces, mythologist Joseph Campbell reveals a universal pattern hidden in myths, fairy tales, and religious stories from around the world: the monomyth, or the hero's journey. According to Campbell, virtually every mythical figure — from Odysseus to Buddha, from Gilgamesh to modern movie heroes — follows a similar trajectory of calling, trial, transformation, and return. This so-called hero’s journey often begins with an inner or outer call to adventure, followed by confrontations with obstacles, inner dragons, and guides. Ultimately, the hero undergoes a fundamental transformation that not only changes him but also gives something back to the community. What Campbell demonstrates with this is that myths are not old stories to be preserved in books, but vivid mirrors of our own inner path of development.\nHis work is steeped in symbolism, psychology (particularly influenced by Jung), and deep reverence for the power of stories. Campbell invites us not to seek the hero in distant times or fictional worlds, but to recognize him within ourselves. Every person is challenged to leave the familiar behind, enter the unknown, and reinvent themselves.\nThe Hero with a Thousand Faces is more than a study of myths: it is a guide to inner growth. Campbell offers no ready-made path, but a universal structure in which we can recognize our own way. A book that demands not only to be read, but also to be lived. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-hero-with-a-thousand-faces/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Neuroscience of Human Relationships (2006), Louis Cozolino examines how our brains are shaped in, by, and for relationships. His central message is clear yet profound: the brain is a social organ. Our neurological development from infancy to adulthood takes place within human connection. Without secure relationships, that development stagnates; with loving attunement, it flourishes. Cozolino combines insights from attachment theory, psychotherapy, and neuroscience into a compelling argument. He demonstrates how key brain regions, such as the limbic system and the prefrontal cortex, develop in close interaction with the social environment. Emotional attunement, empathy, and security are not luxuries in this context, but basic biological needs.\nA striking aspect of the book is the emphasis on neuroplasticity: the idea that the brain continues to adapt throughout life. This opens the door to healing, even for those who were damaged in their youth. Therapy, friendship, and even profound conversations can literally change brain connections. Relationships thus become a form of brain architecture.\nCozolino writes with warmth and curiosity. His style is clear and accessible, even to readers without a medical background. What makes this book special is the way it connects scientific knowledge with something we often already know intuitively: that genuine encounters have a healing effect.\nThe Neuroscience of Human Relationships is an invitation to view relationships not only as something social or psychological, but also as something physical, serving as nourishment for the brain and the foundation of our humanity.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-neuroscience-of-human-relationships/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" In The Polyvagal Theory (2011), Stephen Porges introduces an innovative view of the autonomic nervous system, the part of our nervous system that unconsciously regulates heart rate, breathing, and stress responses. His theory explains why we can connect in a relaxed way in certain situations, while in others we suddenly freeze or fight/flight. The key? The vagus nerve — and especially its evolutionary layers. Porges describes three ‘defense systems’ in our nervous system. The oldest, the dorsal vagal system, causes freezing or dissociation in the face of danger. The sympathetic system prepares us to fight or flee. And the most recent, the ventral vagal system, enables us to feel safe, connect, and respond socially. These three systems function like switches: depending on how safe or threatened we feel, the body automatically activates one of these modes.\nWhat makes this theory special is the emphasis on neuroception; the unconscious way in which our nervous system constantly assesses whether a situation is safe, unsafe, or life-threatening, long before we are consciously aware of it. That explains why someone with trauma seemingly ‘just’ loses contact or reacts intensely: the nervous system perceives danger, even when it is objectively not there.\nPorges’ work sheds new light on therapy, parenting, and social interaction. It reminds us that safety is not a secondary matter, but a prerequisite for connection and growth. The Polyvagal Theory invites us to listen to ourselves and others not only with the head, but also with the body. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/the-polyvagal-theory/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Trauma and Recovery by Judith Lewis Herman is regarded as one of the most important books on psychological trauma. Herman demonstrates that trauma does not arise solely from a shocking event, but primarily from prolonged powerlessness, violence, or insecurity. She discusses, among other things, war trauma, domestic violence, sexual abuse, and political oppression.\nA key idea in the book is that trauma often leads to a loss of safety, trust, and connection with others. People may develop symptoms such as anxiety, flashbacks, emotional numbness, shame, anger, or dissociation. Herman also describes how prolonged trauma affects identity, relationships, and the sense of control over one\u0026rsquo;s own life.\nIn addition, she introduces the concept of “complex trauma.” This refers to trauma that recurs repeatedly, often within dependent relationships. The consequences of this are usually deeper and longer-lasting than those of a single shocking event.\nHerman describes recovery as a three-phase process. First, sufficient safety and stability must be established. Afterward, space can be created for the processing of memories and emotions. In the final phase, recovery revolves around reconnecting with everyday life, relationships, and a sense of purpose.\nThe core of the book is that recovery is possible, but that this requires time, safety, recognition, and human connection.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/trauma-and-recovery/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Trauma and the Body by Pat Ogden describes how trauma not only affects thoughts and emotions but becomes deeply visible in the body. The book forms the basis of “Sensorimotor Psychotherapy,” a body-oriented form of trauma therapy.\nOgden shows that traumatic experiences are often stored in automatic bodily reactions: muscle tension, posture, breathing, movements, and reflexes. For example, people may be constantly alert, stiffen, shrink, or hold tension without being aware of it.\nAccording to Ogden, talking alone sometimes falls short because trauma often originates in parts of the nervous system that are non-verbal. Therefore, therapy also focuses on bodily perception and subtle signals of activation and relaxation.\nThe book describes how clients learn step by step to notice bodily reactions without becoming overwhelmed. Small movements or unfinished defense reactions—such as pushing away, withdrawing, or setting boundaries—can still be consciously completed. This helps the nervous system to experience more regulation and safety. The core of the book is that body and mind cannot be viewed separately. Recovery from trauma requires attention to the entire system: thinking, feeling, moving, and physical experience.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/trauma-and-the-body/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"TRE (Tension \u0026amp; Trauma Releasing Exercises) is a method developed by American therapist David Berceli. The goal is to release tension and stress that have built up in the body through natural vibrations of the muscles and nervous system.\nThe method consists of a series of simple exercises that primarily activate the legs, hips, and lower back. Afterward, a slight vibration often occurs spontaneously in the body. According to Berceli, this is a natural mechanism of the nervous system to release tension, similar to how animals sometimes tremble after stress.\nPeople use TRE for stress, tension, burnout, PTSD, and chronic anxiety. Some experience more relaxation, better sleep, or less physical tension. At the same time, TRE is not a miracle cure. In people with severe trauma or dissociation, it can also evoke intense emotions or reactions. Therefore, guidance by a well-trained TRE provider is important, especially in cases of complex trauma.\nScientific research into TRE is growing, but is still limited. There are indications that it can help with relaxation and stress regulation, but the method has been researched less extensively than, for example, EMDR or cognitive trauma therapy.\nTRE fits within a broader development in which the body and nervous system are increasingly taken into account in the recovery from trauma and long-term stress.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/trauma-releasing-exercises/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Trauma-Sensitive Yoga in Therapy by David Emerson describes how yoga can be adapted for people with trauma and complex PTSD. The book is based on the work of the Trauma Center in Boston and combines knowledge about trauma, body awareness, and the nervous system.\nEmerson shows that trauma often leads to alienation from the body. Many people feel tension, numbness, or even overwhelm, which can make contact with bodily signals feel difficult or unsafe. Trauma-sensitive yoga attempts to gently restore that contact.\nThe emphasis is not on performance, perfect postures, or spiritual ideals. Freedom of choice, safety, and body awareness are more important. Instructions are therefore given in an inviting rather than coercive manner. People maintain as much control as possible over their own movements and boundaries.\nThe book describes how simple movements, breathing, and attention can help to better recognize signals of tension and relaxation. As a result, more regulation of the nervous system and a greater sense of presence in the body gradually emerge. An important premise is that recovery from trauma does not occur solely through thinking or talking. The body plays a central role. By rebuilding safe experiences within the body, people can develop more connection, stability, and self-confidence step by step.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/trauma-sensitive-yoga/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"Peter A. Levine\u0026rsquo;s Waking the Tiger describes trauma not primarily as a psychological problem, but as something that becomes stuck in the nervous system. According to Levine, trauma arises when a person becomes overwhelmed and the body cannot complete a stress response. Energy intended for fighting, fleeing, or freezing then remains stuck, as it were.\nLevine looks extensively at animals in nature in this regard. A wild animal can often tremble, shake, or take a deep breath after danger, after which the nervous system calms down again. People often suppress such reactions due to fear, shame, or social expectations. As a result, tension remains present in the body, and symptoms such as anxiety, hyperalertness, exhaustion, dissociation, or physical pain can arise.\nThe book explains that recovery is not about reliving the trauma, but about restoring safety in the body step by step. Levine calls this “somatic experiencing.” Small, controllable movements between tension and relaxation help the nervous system to release trapped survival energy. The core of the book is hopeful: trauma does not have to be a lifelong prison. According to Levine, the body also possesses a natural capacity for recovery, regulation, and resilience.\n← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/waking-the-tiger/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":" Summary of Walker (2017): Why We Sleep # The book Why We Sleep (2017) by neuroscientist Matthew Walker is not a single experiment, but a broad synthesis of decades of sleep research from neuroscience, endocrinology, and psychiatry. Walker describes how sleep plays a fundamental role in brain recovery, emotional regulation, and physical health. His work is particularly relevant for stress- and trauma-related complaints, as disrupted sleep is a core characteristic of PTSD.\nA central finding in the book is that sleep — and particularly deep sleep and REM sleep — is essential for processing emotional experiences. During REM sleep, emotional memories are reactivated in a state where stress hormones are relatively low. This helps the brain reduce the emotional charge of experiences without erasing the memory itself. When REM sleep is disrupted, that release may fail to occur, causing memories to remain emotionally “charged.”\nWalker also discusses the effect of chronic sleep deprivation on the stress system. Lack of sleep increases the activity of the amygdala (threat detection) and reduces the regulatory influence of the prefrontal cortex. This leads to stronger emotional responses and less regulation. Additionally, sleep deprivation affects the HPA axis and the release of stress hormones, which can contribute to anxiety, irritability, and reduced resilience.\nFor people with PTSD, this means that sleep restoration is an essential part of treatment. Improving sleep patterns, light exposure, and evening routines can help stabilize the nervous system and support emotional processing. Walker emphasizes that sleep is not a passive state, but an active biological process that is crucial for psychological recovery and the integration of experiences. ← Back ","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/why-we-sleep/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"","date":"21 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/","section":"Publications","summary":"","title":"Publications","type":"publications"},{"content":"Welkom. Als je voor het eerst op deze site bent, weet je misschien niet waar te beginnen. Er staan ruim zeventig samenvattingen van bronnen, zesentwintig posts en een aantal lange pagina\u0026rsquo;s. Dat is veel ineens.\nDeze pagina geeft je een leesvolgorde. Vijf posts, samen ongeveer een uur lezen, die je een goede ingang geven tot de rest van wat hier te vinden is. Ze zijn niet de gemakkelijkste, en niet de zwaarste, maar samen vormen ze een mini-cursus die de basisbegrippen op hun plek zet.\n[Tekst gaat verder onder de afbeelding\u0026hellip;]\nEen leerpad in vijf stappen # 1. Wat is het verschil tussen PTSS, CPTSS en moral injury? # Eerst de namen. PTSS, complexe PTSS en moral injury klinken vergelijkbaar maar betekenen niet hetzelfde. Deze post legt het verschil helder uit, met voorbeelden uit beroepen waar mensen vaker met deze pijn in aanraking komen. Wie de woorden kent, kan beter benoemen wat er aan de hand is.\n→ Lees: Verschil PTSS, CPTSS en moral injury\n2. Hoofd, hart en buik: drie breinen, één mens # Een raamwerk. Hoofd, hart en buik werken als drie systemen die idealiter samenwerken, maar bij trauma vaak los van elkaar raken. Dit is de neurowetenschappelijke vertaling van een eeuwenoud inzicht en het terugkerende motief van bijna elke andere post.\n→ Lees: Drie breinen, één mens\n3. Trauma en het lichaam: hoe het lichaam herinneringen vasthoudt # De kernhypothese. Trauma zit niet alleen in je hoofd. Het zit in je zenuwstelsel, je houding, je ademhaling. Deze post legt uit waarom praten alleen vaak niet helpt, en waarom werken met het lichaam een centrale rol heeft in modern traumaherstel.\n→ Lees: Trauma en het lichaam\n4. Op het moment zelf # Een eerste praktische ingang. Hoe komt de wereld bij ons binnen en hoe reageren wij erop? De Wet van Vier (Gurdjieff/Ouspensky) verklaart de cyclus tussen lichaam, emotie en denken — en wat trauma daarmee doet.\n→ Lees: Op het moment zelf: de Wet van Vier en wat trauma met je doet\n5. Post-traumatische groei # Tot slot een hoopvol perspectief. Trauma kan een mens uithollen, maar onderzoek toont dat het ook tot vormen van groei kan leiden. Niet ondanks, maar dóór de breuk heen. Geen makkelijke positiviteit: een nuchter overzicht van wat post-traumatische groei is, en wat het niet is.\n→ Lees: Post-traumatische groei\nDaarna # Vanaf hier kun je verschillende kanten op:\nvoor verdiepende artikelen: de Blog — alle posts, met thema\u0026rsquo;s als dagritme, stilte, neuroplasticiteit, moral injury en meer voor het filosofische kader: De Vierde Weg — het pad waarop veel van deze inzichten samenkomen voor de wetenschappelijke onderbouwing: Bronnen — meer dan zeventig boek- en artikelsamenvattingen, thematisch geordend voor wie ik ben: Over mij voor de bedoeling van deze site: Over deze website Een laatste woord # Lees op je eigen tempo. Niets hoeft in één keer. Sommige posts hebben tijd nodig om te zinken. Sommige posts worden pas relevant als een bepaalde levensfase ze opzoekt.\nHoe pak je de draad van je oude leven weer op? Hoe ga je verder, als je diep in je hart begint te begrijpen dat je niet meer terug kunt?\nEr zijn dingen die de tijd niet kan helen. Sommige wonden zijn te diep en blijvend.\n— J.R.R. Tolkien, naar The Lord of the Rings: The Return of the King\nVragen of een reactie? Neem contact op.\n","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/","section":"Begin hier","summary":"","title":"Begin hier","type":"page"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/posts/","section":"Blog","summary":"","title":"Blog","type":"posts"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/body-oriented-therapy/","section":"Tags","summary":"","title":"Body-Oriented-Therapy","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/categories/","section":"Categories","summary":"","title":"Categories","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/connection/","section":"Tags","summary":"","title":"Connection","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/equine-assisted-therapy/","section":"Tags","summary":"","title":"Equine-Assisted-Therapy","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/feldenkrais/","section":"Tags","summary":"","title":"Feldenkrais","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/haptotherapie/","section":"Tags","summary":"","title":"Haptotherapie","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/haptotherapy/","section":"Tags","summary":"","title":"Haptotherapy","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/lichaamsgerichte-therapie/","section":"Tags","summary":"","title":"Lichaamsgerichte-Therapie","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/categories/moral-injury/","section":"Categories","summary":"","title":"Moral-Injury","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/categories/mysticism/","section":"Categories","summary":"","title":"Mysticism","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/mysticism/","section":"Tags","summary":"","title":"Mysticism","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/categories/mystiek/","section":"Categories","summary":"","title":"Mystiek","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/mystiek/","section":"Tags","summary":"","title":"Mystiek","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/nervous-system/","section":"Tags","summary":"","title":"Nervous-System","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/paardencoaching/","section":"Tags","summary":"","title":"Paardencoaching","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/poetry/","section":"Tags","summary":"","title":"Poetry","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/poezie/","section":"Tags","summary":"","title":"Poezie","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/categories/ptsd/","section":"Categories","summary":"","title":"Ptsd","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/categories/ptss/","section":"Categories","summary":"","title":"Ptss","type":"categories"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/rumi/","section":"Tags","summary":"","title":"Rumi","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/soefisme/","section":"Tags","summary":"","title":"Soefisme","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/somatic-experiencing/","section":"Tags","summary":"","title":"Somatic-Experiencing","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/sufism/","section":"Tags","summary":"","title":"Sufism","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/","section":"Tags","summary":"","title":"Tags","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/tre/","section":"Tags","summary":"","title":"Tre","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/verbondenheid/","section":"Tags","summary":"","title":"Verbondenheid","type":"tags"},{"content":"","date":"16 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/zenuwstelsel/","section":"Tags","summary":"","title":"Zenuwstelsel","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/dreams/","section":"Tags","summary":"","title":"Dreams","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/droom/","section":"Tags","summary":"","title":"Droom","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/fourth-way/","section":"Tags","summary":"","title":"Fourth-Way","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/nachtmerries/","section":"Tags","summary":"","title":"Nachtmerries","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/nightmares/","section":"Tags","summary":"","title":"Nightmares","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/polyvagal-theory/","section":"Tags","summary":"","title":"Polyvagal-Theory","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/polyvagale-theorie/","section":"Tags","summary":"","title":"Polyvagale-Theorie","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/rem-slaap/","section":"Tags","summary":"","title":"Rem-Slaap","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/rem-sleep/","section":"Tags","summary":"","title":"Rem-Sleep","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/slaap/","section":"Tags","summary":"","title":"Slaap","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/sleep/","section":"Tags","summary":"","title":"Sleep","type":"tags"},{"content":"","date":"9 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/vierde-weg/","section":"Tags","summary":"","title":"Vierde-Weg","type":"tags"},{"content":"Compassion Focused Therapy (CFT) is een therapeutische methode ontwikkeld door de Britse psycholoog Paul Gilbert. De aanpak is vooral bedoeld voor mensen die veel last hebben van schaamte, zelfkritiek, angst of traumatische ervaringen. CFT helpt om een vriendelijkere en stabielere relatie met jezelf op te bouwen.\nDe basis van CFT is dat ons brein niet is ontworpen om altijd rustig en gelukkig te zijn. Het brein probeert vooral te overleven. Daardoor reageren mensen snel op gevaar, afwijzing of stress. Gilbert beschrijft drie emotieregulatiesystemen die hierbij een rol spelen.\n1. Dreigingssysteem # Dit systeem beschermt ons tegen gevaar. Het activeert angst, boosheid of stress. Bij trauma of langdurige spanning kan dit systeem te vaak aanstaan.\n2. Jaagsysteem # Dit systeem helpt ons doelen bereiken. Het gaat over presteren, succes, winnen en erkenning krijgen. Het kan motiveren, maar ook uitputten.\n3. Kalmerings- en zorgsysteem # Dit systeem zorgt voor rust, veiligheid, verbondenheid en herstel. Juist dit systeem is bij veel mensen onderontwikkeld of moeilijk bereikbaar.\nCFT leert mensen om het kalmeringssysteem sterker te maken. Dat gebeurt met oefeningen in ademhaling, aandacht, lichaamsbewustzijn, verbeelding en helpende zelfspraak. Het doel is niet om problemen te ontkennen, maar om ermee om te gaan vanuit kracht en mildheid.\nEen belangrijk inzicht van Gilbert is dat veel innerlijke strijd niet ontstaat uit zwakte, maar uit oude overlevingspatronen. Zelfcompassie betekent daarom niet medelijden met jezelf, maar wijs en moedig reageren op pijn.\nDe kern van CFT is helder: wie leert vriendelijker met zichzelf om te gaan, creëert meer rust, veerkracht en ruimte voor herstel.\n← Terug ","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/publications/compassion-focused-therapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publications"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/epigenetica/","section":"Tags","summary":"","title":"Epigenetica","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/epigenetics/","section":"Tags","summary":"","title":"Epigenetics","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/familieopstellingen/","section":"Tags","summary":"","title":"Familieopstellingen","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/family-constellations/","section":"Tags","summary":"","title":"Family-Constellations","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/hellinger/","section":"Tags","summary":"","title":"Hellinger","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/many-selves/","section":"Tags","summary":"","title":"Many-Selves","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/structural-dissociation/","section":"Tags","summary":"","title":"Structural-Dissociation","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/structurele-dissociatie/","section":"Tags","summary":"","title":"Structurele-Dissociatie","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/transgenerational-trauma/","section":"Tags","summary":"","title":"Transgenerational-Trauma","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/transgenerationeel-trauma/","section":"Tags","summary":"","title":"Transgenerationeel-Trauma","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/vele-ikken/","section":"Tags","summary":"","title":"Vele-Ikken","type":"tags"},{"content":"","date":"8 mei 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/wolynn/","section":"Tags","summary":"","title":"Wolynn","type":"tags"},{"content":"Neem gerust contact op via het onderstaande formulier. Ik lees alles en reageer doorgaans binnen een paar dagen.\nNaam E-mail Onderwerp Bericht Versturen ","date":"21 april 2026","externalUrl":null,"permalink":"/contact/","section":"Contact","summary":"","title":"Contact","type":"contact"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/body/","section":"Tags","summary":"","title":"Body","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/candace-pert/","section":"Tags","summary":"","title":"Candace-Pert","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/emoties/","section":"Tags","summary":"","title":"Emoties","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/emotions/","section":"Tags","summary":"","title":"Emotions","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/lichaam/","section":"Tags","summary":"","title":"Lichaam","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/neuropeptiden/","section":"Tags","summary":"","title":"Neuropeptiden","type":"tags"},{"content":"","date":"15 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/neuropeptides/","section":"Tags","summary":"","title":"Neuropeptides","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/co-regulatie/","section":"Tags","summary":"","title":"Co-Regulatie","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/co-regulation/","section":"Tags","summary":"","title":"Co-Regulation","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/familie/","section":"Tags","summary":"","title":"Familie","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/family/","section":"Tags","summary":"","title":"Family","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/partner/","section":"Tags","summary":"","title":"Partner","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/relaties/","section":"Tags","summary":"","title":"Relaties","type":"tags"},{"content":"","date":"1 maart 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/relationships/","section":"Tags","summary":"","title":"Relationships","type":"tags"},{"content":"De informatie op deze website is bedoeld als algemene informatie en persoonlijke reflectie.\nDe inhoud is geen medisch of therapeutisch advies en vervangt geen professionele hulp.\nHeb je klachten of maak je je zorgen over je mentale gezondheid, neem dan contact op met je huisarts of een gekwalificeerde zorgverlener.\nIn een crisissituatie: bel 112 of neem contact op met de huisartsenpost.\nWorstel je met suicidale klachten: bel 113 of ga naar 113.nl\n","date":"17 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/disclaimer/","section":"Pages","summary":"","title":"Disclaimer","type":"pages"},{"content":"","date":"17 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/pages/","section":"Pages","summary":"","title":"Pages","type":"pages"},{"content":"Wij gaan zorgvuldig om met persoonsgegevens. Deze website is zo ingericht dat er zo min mogelijk gegevens worden verzameld. We gebruiken alleen wat nodig is om de site te laten werken en te begrijpen hoe deze wordt gebruikt.\nDeze site is statisch opgebouwd. Er is geen database of accountsysteem. Dat beperkt de hoeveelheid gegevens die technisch verwerkt wordt.\nAnalytics # Wij gebruiken Umami Analytics om te zien hoe de website gebruikt wordt.\nUmami is privacyvriendelijk en plaatst geen trackingcookies.\nIP-adressen worden niet opgeslagen bezoekers worden niet individueel gevolgd gegevens worden alleen geaggregeerd gebruikt er worden geen profielen opgebouwd Het doel is uitsluitend: inzicht in gebruik van de site, zodat we de website kunnen verbeteren.\nCookies # Deze website gebruikt alleen functionele cookies die nodig zijn voor de werking van de site.\nEr worden geen tracking- of marketingcookies geplaatst.\nContact # Als je contact opneemt via het contactformulier, kunnen we gegevens ontvangen zoals:\nnaam e-mailadres eventueel andere informatie die je zelf meestuurt Deze gegevens gebruiken we alleen om te reageren op je bericht.\nWe bewaren ze niet langer dan nodig en delen ze niet met derden, tenzij dat technisch nodig is om de mail te verwerken (bijvoorbeeld via een mailprovider).\nDelen van gegevens # We verkopen of verhuren geen persoonsgegevens.\nGegevens worden alleen gedeeld als dat nodig is voor het functioneren van de website (bijvoorbeeld hosting of e-mail) of wanneer we wettelijk verplicht zijn.\nBeveiliging # We nemen passende technische maatregelen om gegevens te beschermen tegen misbruik of ongeautoriseerde toegang. Omdat deze site statisch is en geen accounts of database gebruikt, is de hoeveelheid opgeslagen data beperkt.\nJouw rechten # Je hebt het recht om:\ninzage te vragen in gegevens die we van je hebben gegevens te laten corrigeren of verwijderen bezwaar te maken tegen verwerking Stuur hiervoor een bericht via het contactformulier hieronder.\nWijzigingen # Deze privacyverklaring kan worden aangepast als de website of wetgeving verandert. De meest recente versie staat altijd op deze pagina.\nContact # Voor vragen over privacy of deze website, gebruik het contactformulier.\n","date":"17 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/privacy/","section":"Pages","summary":"","title":"Privacyverklaring","type":"pages"},{"content":"","date":"15 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/body-memory/","section":"Tags","summary":"","title":"Body-Memory","type":"tags"},{"content":"","date":"15 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/lichaamsgeheugen/","section":"Tags","summary":"","title":"Lichaamsgeheugen","type":"tags"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/categories/art-of-living/","section":"Categories","summary":"","title":"Art-of-Living","type":"categories"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/grounding/","section":"Tags","summary":"","title":"Grounding","type":"tags"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/categories/levenskunst/","section":"Categories","summary":"","title":"Levenskunst","type":"categories"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/nature/","section":"Tags","summary":"","title":"Nature","type":"tags"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/natuur/","section":"Tags","summary":"","title":"Natuur","type":"tags"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/walking/","section":"Tags","summary":"","title":"Walking","type":"tags"},{"content":"","date":"1 februari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/wandelen/","section":"Tags","summary":"","title":"Wandelen","type":"tags"},{"content":"","date":"21 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/compassie/","section":"Tags","summary":"","title":"Compassie","type":"tags"},{"content":"","date":"21 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/compassion/","section":"Tags","summary":"","title":"Compassion","type":"tags"},{"content":"","date":"21 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/post-traumatic-growth/","section":"Tags","summary":"","title":"Post-Traumatic-Growth","type":"tags"},{"content":"","date":"21 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/post-traumatische-groei/","section":"Tags","summary":"","title":"Post-Traumatische-Groei","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/inner-peace/","section":"Tags","summary":"","title":"Inner-Peace","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/innerlijke-rust/","section":"Tags","summary":"","title":"Innerlijke-Rust","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/regulatie/","section":"Tags","summary":"","title":"Regulatie","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/regulation/","section":"Tags","summary":"","title":"Regulation","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/silence/","section":"Tags","summary":"","title":"Silence","type":"tags"},{"content":"","date":"10 januari 2026","externalUrl":null,"permalink":"/tags/stilte/","section":"Tags","summary":"","title":"Stilte","type":"tags"},{"content":"","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/cortisol/","section":"Tags","summary":"","title":"Cortisol","type":"tags"},{"content":"","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/dagritme/","section":"Tags","summary":"","title":"Dagritme","type":"tags"},{"content":"","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/daily-rhythm/","section":"Tags","summary":"","title":"Daily-Rhythm","type":"tags"},{"content":"","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/structure/","section":"Tags","summary":"","title":"Structure","type":"tags"},{"content":"","date":"20 december 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/structuur/","section":"Tags","summary":"","title":"Structuur","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/guilt/","section":"Tags","summary":"","title":"Guilt","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/gurdjieff/","section":"Tags","summary":"","title":"Gurdjieff","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/identiteit/","section":"Tags","summary":"","title":"Identiteit","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/identity/","section":"Tags","summary":"","title":"Identity","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/schaamte/","section":"Tags","summary":"","title":"Schaamte","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/schuld/","section":"Tags","summary":"","title":"Schuld","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/self-image/","section":"Tags","summary":"","title":"Self-Image","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/shame/","section":"Tags","summary":"","title":"Shame","type":"tags"},{"content":"","date":"23 september 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/zelfbeeld/","section":"Tags","summary":"","title":"Zelfbeeld","type":"tags"},{"content":"","date":"3 juli 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/bloedsuiker/","section":"Tags","summary":"","title":"Bloedsuiker","type":"tags"},{"content":"","date":"3 juli 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/blood-sugar/","section":"Tags","summary":"","title":"Blood-Sugar","type":"tags"},{"content":"","date":"3 juli 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/hpa-as/","section":"Tags","summary":"","title":"Hpa-As","type":"tags"},{"content":"","date":"3 juli 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/hpa-axis/","section":"Tags","summary":"","title":"Hpa-Axis","type":"tags"},{"content":"","date":"13 juni 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/sport/","section":"Tags","summary":"","title":"Sport","type":"tags"},{"content":"","date":"13 juni 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/sports/","section":"Tags","summary":"","title":"Sports","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/magnesium/","section":"Tags","summary":"","title":"Magnesium","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/nutrition/","section":"Tags","summary":"","title":"Nutrition","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/omega-3/","section":"Tags","summary":"","title":"Omega-3","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/supplementen/","section":"Tags","summary":"","title":"Supplementen","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/supplements/","section":"Tags","summary":"","title":"Supplements","type":"tags"},{"content":"","date":"17 april 2025","externalUrl":null,"permalink":"/tags/voeding/","section":"Tags","summary":"","title":"Voeding","type":"tags"},{"content":"","date":"27 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/francis-of-assisi/","section":"Tags","summary":"","title":"Francis-of-Assisi","type":"tags"},{"content":"","date":"27 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/franciscus-van-assisi/","section":"Tags","summary":"","title":"Franciscus-Van-Assisi","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/ketamine/","section":"Tags","summary":"","title":"Ketamine","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/mdma-therapie/","section":"Tags","summary":"","title":"Mdma-Therapie","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/mdma-therapy/","section":"Tags","summary":"","title":"Mdma-Therapy","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/psilocybin/","section":"Tags","summary":"","title":"Psilocybin","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/psilocybine/","section":"Tags","summary":"","title":"Psilocybine","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/psychedelica/","section":"Tags","summary":"","title":"Psychedelica","type":"tags"},{"content":"","date":"13 december 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/psychedelics/","section":"Tags","summary":"","title":"Psychedelics","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/about-this-site/","section":"Tags","summary":"","title":"About-This-Site","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/disclaimer/","section":"Tags","summary":"","title":"Disclaimer","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/moral-injury/","section":"Tags","summary":"","title":"Moral-Injury","type":"tags"},{"content":"Welkom op busch.wf, een persoonlijke website van Hans Busch over PTSS, moral injury, traumaherstel en levenskunst. Op deze site leg ik inzichten uit psychologie, neurowetenschap, filosofie en mystieke tradities naast elkaar, samen met persoonlijke ervaring en reflectie. Het doel: woorden, patronen en handvatten zoeken voor wat er na ingrijpende gebeurtenissen overblijft, en voor wat er daarna mogelijk wordt.\nWaarom deze site bestaat # Sommige ervaringen laten zich niet samenvatten in één discipline, één diagnose of één verhaal. Wie ingrijpende gebeurtenissen meemaakt; als beroepsmatige getuige, als getroffene of als naaste, merkt al snel dat taal en een standaard aanpak niet altijd voldoen. Er zijn dingen die je wereldbeeld, je morele kompas en je gevoel van richting blijvend verschuiven. Deze website is een poging om daar wél woorden aan te geven.\nDe inhoud is geen therapie, geen doctrine en geen systeem dat je moet aannemen. Het is een werkplaats. Een plek waar ervaringen, observaties en bronnen naast elkaar worden gelegd om patronen zichtbaar te maken. Trauma, morele verwonding, betekenisverlies en herstel zijn geen abstracte thema\u0026rsquo;s hier, maar concrete realiteiten. Tegelijk is het doel niet om te blijven hangen in het probleem, maar om te onderzoeken wat er ná ontregeling mogelijk wordt: helderheid, richting en een vorm van innerlijk vakmanschap.\nWat je hier vindt # De site bestaat uit een aantal hoofdonderdelen:\nBegin hier — een leesvolgorde van vijf posts voor wie nieuw is op deze site. Blog — artikelen over thema\u0026rsquo;s als ademhaling, dagritme, het lichaam als geheugen, de drie breinen, neuroplasticiteit, moral injury, post-traumatische groei en de Vierde Weg van Gurdjieff. Hier wordt onderzoek vertaald naar leesbare taal en verbonden met praktijk. Bronnen — een thematisch geordend overzicht van die bronnen, gegroepeerd per onderwerp. Haiku — korte poëzie geïnspireerd door politiewerk en stille observatie. Over mij — achtergrond van de auteur. Voor wie is deze site bedoeld? # Ik schrijf met vier lezers in gedachten:\nmensen die zelf met PTSS, complex trauma of moral injury leven en zoeken naar verdieping naast hun behandeling naasten die willen begrijpen wat een geliefde doormaakt hulpverleners die buiten het strikte protocol op zoek zijn naar context, taal en literatuur wie geïnteresseerd is in levenskunst, innerlijk werk en de raakvlakken tussen oude tradities en hedendaagse wetenschap Wie absolute waarheden zoekt, zal die elders moeten vinden. Wie zoekt naar herkenning, nuance of een ander perspectief, treft hier misschien iets bruikbaars.\nUitgangspunten en wat het niet is # Veel van wat hier staat, bouwt voort op bestaande literatuur uit psychologie, neurologie en filosofie. Die kennis is waardevol, maar zelden compleet. Daarom wordt zij aangevuld met persoonlijke reflectie en praktijkervaring. Dat maakt deze site per definitie subjectief. Geen zwakte, maar een keuze: alleen wat doorleefd is, heeft hier een plaats.\nDe website biedt geen programma om te volgen en geen belofte van snelle oplossingen. Verandering, als die plaatsvindt, is traag en vaak ongemakkelijk. Wat wel mogelijk is: scherper leren kijken naar jezelf, naar je reacties, en naar de manier waarop je betekenis geeft aan wat er gebeurt. Dat proces vraagt eerlijkheid en soms ook frictie. Deze site is bedoeld als gereedschap daarbij, niet als eindpunt. Je bent zelf het instrument.\nDe site is uitdrukkelijk geen vervanging voor professionele hulp. Wie kampt met PTSS, complex trauma of moral injury verdient passende behandeling. Wat hier staat kan gereedschap zijn naast die behandeling, niet daarvoor in de plaats. Voor de juridische en privacy-aspecten zie de disclaimer en de privacyverklaring.\nWie schrijft dit? # Alle teksten op deze site zijn geschreven door Hans Busch: Nijmegen 1968, oud-politieman, project- en programmamanager, veranderkundige en dichter. Mijn opleiding aan de Pulsar Academie en jarenlang lezen rond PTSS, moral injury en levenskunst vormen samen de achtergrond van wat hier staat. Meer over mijn werk, ervaring en motivatie lees je op over mij.\nTot slot # Kort gezegd: dit is een plek voor onderzoek en ordening. Voor het naast elkaar leggen van ervaring en inzicht. Voor wie bereid is en durft om zelf te denken en te toetsen wat hier staat. Gebruik wat werkt, laat liggen wat niet past. De verantwoordelijkheid voor interpretatie en toepassing blijft altijd bij de lezer zelf.\nVragen of een reactie? Stuur gerust een bericht via het contactformulier.\n","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/over-deze-website/","section":"Pages","summary":"","title":"Over deze website","type":"pages"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/over-deze-site/","section":"Tags","summary":"","title":"Over-Deze-Site","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/principles/","section":"Tags","summary":"","title":"Principles","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/ptsd/","section":"Tags","summary":"","title":"Ptsd","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/ptss/","section":"Tags","summary":"","title":"Ptss","type":"tags"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/categories/site/","section":"Categories","summary":"","title":"Site","type":"categories"},{"content":"","date":"17 november 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/uitgangspunten/","section":"Tags","summary":"","title":"Uitgangspunten","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/heldenreis/","section":"Tags","summary":"","title":"Heldenreis","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/hero-journey/","section":"Tags","summary":"","title":"Hero-Journey","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/joseph-campbell/","section":"Tags","summary":"","title":"Joseph-Campbell","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/meaning/","section":"Tags","summary":"","title":"Meaning","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/narratieve-psychologie/","section":"Tags","summary":"","title":"Narratieve-Psychologie","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/narrative-psychology/","section":"Tags","summary":"","title":"Narrative-Psychology","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/storytelling/","section":"Tags","summary":"","title":"Storytelling","type":"tags"},{"content":"","date":"3 september 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/zingeving/","section":"Tags","summary":"","title":"Zingeving","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/dorsaal-vagaal/","section":"Tags","summary":"","title":"Dorsaal-Vagaal","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/dorsal-vagal/","section":"Tags","summary":"","title":"Dorsal-Vagal","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/nervus-vagus/","section":"Tags","summary":"","title":"Nervus-Vagus","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/neuroceptie/","section":"Tags","summary":"","title":"Neuroceptie","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/neuroception/","section":"Tags","summary":"","title":"Neuroception","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/porges/","section":"Tags","summary":"","title":"Porges","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/sympathetic/","section":"Tags","summary":"","title":"Sympathetic","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/sympathisch/","section":"Tags","summary":"","title":"Sympathisch","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/vagus-nerve/","section":"Tags","summary":"","title":"Vagus-Nerve","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/ventraal-vagaal/","section":"Tags","summary":"","title":"Ventraal-Vagaal","type":"tags"},{"content":"","date":"27 juli 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/ventral-vagal/","section":"Tags","summary":"","title":"Ventral-Vagal","type":"tags"},{"content":"","date":"21 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/drie-centra/","section":"Tags","summary":"","title":"Drie-Centra","type":"tags"},{"content":"","date":"21 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/head-heart-gut/","section":"Tags","summary":"","title":"Head-Heart-Gut","type":"tags"},{"content":"","date":"21 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/hoofd-hart-buik/","section":"Tags","summary":"","title":"Hoofd-Hart-Buik","type":"tags"},{"content":"","date":"21 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/three-centers/","section":"Tags","summary":"","title":"Three-Centers","type":"tags"},{"content":"","date":"20 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/grief/","section":"Tags","summary":"","title":"Grief","type":"tags"},{"content":"","date":"20 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/loss/","section":"Tags","summary":"","title":"Loss","type":"tags"},{"content":"","date":"20 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/rouw/","section":"Tags","summary":"","title":"Rouw","type":"tags"},{"content":"","date":"20 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/verlies/","section":"Tags","summary":"","title":"Verlies","type":"tags"},{"content":"","date":"13 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/ademhaling/","section":"Tags","summary":"","title":"Ademhaling","type":"tags"},{"content":"","date":"13 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/biofeedback/","section":"Tags","summary":"","title":"Biofeedback","type":"tags"},{"content":"","date":"13 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/breathing/","section":"Tags","summary":"","title":"Breathing","type":"tags"},{"content":"","date":"13 mei 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/hrv/","section":"Tags","summary":"","title":"Hrv","type":"tags"},{"content":"","date":"1 januari 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/bewustzijn/","section":"Tags","summary":"","title":"Bewustzijn","type":"tags"},{"content":"","date":"1 januari 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/consciousness/","section":"Tags","summary":"","title":"Consciousness","type":"tags"},{"content":"De Vierde Weg is een spirituele en praktische ontwikkelingsweg, ontwikkeld door George Ivanovitch Gurdjieff (1866–1949). Anders dan veel spirituele paden zoekt deze geen afzondering, maar werkt hij juist in het gewone leven. Het uitgangspunt: bewust worden door denken, voelen en handelen op één lijn te brengen. Tegenwoordig blijkt de Vierde Weg ook bruikbaar als kader voor persoonlijke ontwikkeling, stressregulatie en herstel na trauma.\nInleiding: een weg midden in het leven # Er zijn spirituele paden die zich terugtrekken uit de wereld. Kloosters. Grotten. Stilte.\nDe Vierde Weg van Gurdjieff kiest een andere richting. Geen afzondering, maar het gewone leven als oefenterrein. Werk, relaties, vermoeidheid, conflict — precies daar moet het gebeuren.\nDe Armeens-Griekse mysticus G.I. Gurdjieff (1866–1949) stelde dat de mens grotendeels mechanisch leeft. We reageren automatisch. Denken, voelen en doen werken langs elkaar heen. Zijn antwoord was geen geloofssysteem, maar een praktijk van bewustzijn: integratie van hoofd, hart en lichaam in het dagelijks bestaan.\nIn deze tijd van stress, PTSS en morele verwarring blijkt zijn benadering verrassend actueel. Niet als therapie in klinische zin, maar als levenskunst. Als pad van herstel.\nWat is de Vierde Weg? # Gurdjieff onderscheidde drie traditionele spirituele wegen:\nDe weg van de fakir – via het lichaam De weg van de monnik – via het hart (devotie) De weg van de yogi – via het denken De Vierde Weg combineert deze drie. Niet in afzondering, maar in het gewone leven. Werk en relaties worden geen obstakels, maar brandstof voor innerlijke ontwikkeling.\nVeel van wat we nu over de Vierde Weg weten, kennen we via P.D. Ouspensky, een Russische denker die jarenlang met Gurdjieff werkte. Zijn boek In Search of the Miraculous is nog steeds de meest toegankelijke ingang tot deze leer.\nVier kernprincipes # De Vierde Weg rust op een aantal basisbegrippen. Ik licht er vier toe.\n1. Mechaniciteit: leven op de automatische piloot # Volgens Gurdjieff leeft de mens grotendeels \u0026ldquo;in slaap\u0026rdquo;. Met mechaniciteit (automatisch handelen, zonder bewustzijn) bedoelde hij dat we de hele dag reageren zonder te merken dat we reageren. Een prikkel komt binnen, een gedachte volgt, een emotie schiet aan, het lichaam doet mee en alles gebeurt vanzelf.\nModerne neurowetenschap beschrijft iets vergelijkbaars. Onderzoek naar automatische dreigingsreacties (LeDoux, 2012) laat zien dat het brein razendsnel en grotendeels onbewust reageert op signalen van gevaar. Bij PTSS wordt dit systeem overgevoelig. Het lichaam reageert voordat het denken kan bijsturen.\nDe Vierde Weg probeert die automatische keten zichtbaar te maken. Niet om reacties te onderdrukken, maar om er een laag van bewustzijn aan toe te voegen.\n2. Zelfherinnering: aanwezig zijn terwijl je iets doet # Zelfherinnering is misschien wel het meest eigen begrip van de Vierde Weg. Het is niet mediteren. Het is ook geen extra denkstap. Het is iets wat naast je gewone bezigheden plaatsvindt.\nEen voorbeeld. Je doet de afwas. Normaal merk je het bord en het sop, en is de rest van je aandacht ergens anders; bij plannen, zorgen of een gesprek van eerder. Zelfherinnering betekent: je voelt je voeten op de grond, je weet dat jij daar staat af te wassen, én je ziet het bord. Twee dingen tegelijk: aandacht voor wat je doet, en het besef dat je het bent die het doet.\nDit klinkt simpel. In de praktijk valt het binnen seconden weg. Het oefenen ervan is precies de praktijk.\n3. De drie centra: hoofd, hart en lichaam # Gurdjieff zag de mens als opgebouwd uit drie centra die elk hun eigen tempo en taal hebben:\nhet intellectuele centrum (denken) het emotionele centrum (voelen) het bewegings- en instinctcentrum (lichaam) In een gezond leven werken deze drie samen. Bij stress, trauma of overprikkeling raken ze los van elkaar. Het hoofd analyseert, het lichaam reageert, het hart trekt zich terug, en geen van drieën weet wat de ander doet.\nOntwikkeling betekent niet één centrum versterken, maar de samenhang herstellen. Voor de neurowetenschappelijke vertaling van dit idee, zie Drie breinen, één mens.\n4. Bewuste inspanning: de fijne afstemming # Bewuste inspanning is iets anders dan willekracht. Willekracht duwt; bewuste inspanning stuurt. Willekracht raakt uitgeput; bewuste inspanning oefent zich uit. Het verschil zit in de aandacht waarmee iets wordt gedaan.\nEen eenvoudige illustratie: vijf minuten met aandacht een trap oplopen, met besef van adem en houding, kost evenveel calorieën als achteloos rennen. Maar het bouwt iets anders op. Niet conditie alleen, maar de gewoonte om aanwezig te zijn terwijl iets moeilijk is.\nVoor wie herstelt na trauma is dit een sleutelvaardigheid: leren bij spanning blijven zonder erin te verdrinken of weg te schieten.\nDe vele ikken: het gezelschap binnenin # Eén van Gurdjieffs scherpste observaties: de mens heeft geen vast \u0026ldquo;ik\u0026rdquo;. Wat we \u0026ldquo;ik\u0026rdquo; noemen is in werkelijkheid een wisselend gezelschap van stemmingen, rollen en stemmen. De ochtend-ik wil sporten. De avond-ik wil chips. De ene ik belooft iets; een andere ik moet het waarmaken.\nVoor lezers met PTSS of complex trauma is dit beeld direct herkenbaar. In trauma-onderzoek wordt iets vergelijkbaars beschreven als structurele dissociatie: delen van de persoonlijkheid die los van elkaar functioneren (Van der Hart e.a., 2006). Die delen zijn geen ziekte, maar de manier waarop een mens onder druk overleeft.\nDe Vierde Weg vraagt niet om die delen \u0026ldquo;op te ruimen\u0026rdquo;. Hij vraagt om ze te zien. Pas vanuit dat zien kan er iets als een bewust centrum ontstaan dat ze met elkaar verbindt.\nDe stop-oefening: een praktische techniek # Een van Gurdjieffs bekendste oefeningen is verrassend simpel: midden in een handeling stoppen. Onverwacht. In welke houding je ook bent. En vervolgens kijken wat er gebeurt: in je lichaam, je adem, je gedachten.\nDe oefening werkt om twee redenen.\nTen eerste laat het zien hoe automatisch handelen verloopt. Pas wanneer je niet doorgaat, merk je hoe sterk de drang is om dat wel te doen.\nTen tweede schept het een korte ruimte van bewustzijn. Een breuk in de gewone keten van prikkel-reactie-prikkel-reactie. Die breuk is precies de plek waar de Vierde Weg haar werk doet.\nIn moderne termen heet dit een interceptiepauze: een moment waarin je voelt wat er in je lichaam gebeurt, voordat je weer in actie komt. Voor mensen met een overprikkeld zenuwstelsel kan dit een waardevolle bouwsteen zijn, mits behoedzaam toegepast.\nWat betekenen de movements? # Een van de meest kenmerkende onderdelen van Gurdjieffs werk zijn de movements: complexe, ritmische bewegingsreeksen die in groep worden uitgevoerd, begeleid door muziek.\nOp het eerste gezicht lijken ze op dans of gymnastiek. In werkelijkheid zijn ze ontworpen om meerdere centra tegelijk te activeren. Een deelnemer moet:\neen specifieke beweging uitvoeren het ritme volgen aandacht verdelen innerlijk waarnemen Dat vraagt concentratie, coördinatie en emotionele betrokkenheid tegelijk.\nHoewel er weinig specifiek onderzoek is naar de movements zelf, tonen studies naar ritmische bewegingsinterventies bij trauma vergelijkbare effecten. Lichaamsgerichte therapieën en dansinterventies kunnen bijdragen aan regulatie van het zenuwstelsel en vermindering van dissociatie (Koch e.a., 2019). Ook gewone vormen van bewegen, zoals sport en wandelen, bewegen in dezelfde richting: aandacht en lichaam terug verbinden.\nDe movements kunnen worden gezien als een vorm van geïntegreerde training van aandacht, motoriek en emotie, een praktische vorm van neuroplasticiteit.\nDe Vierde Weg en PTSS # Voor mensen met PTSS is fragmentatie een bekend fenomeen. Het lichaam reageert, het hoofd analyseert, het hart sluit zich af of overspoelt.\nDe Vierde Weg biedt geen traumatherapie, maar wel een kader:\n1. Integratie van centra # Herstel betekent niet alleen begrijpen wat er gebeurd is, maar ook het lichaam opnieuw leren bewonen. Dat sluit aan bij inzichten van Bessel van der Kolk (2014): trauma zit in het lichaam en vraagt lichamelijke integratie.\n2. Ritme en structuur # Gurdjieff benadrukte regelmaat in slaap, werk en oefening. Moderne slaapwetenschap toont dat ritme cruciaal is voor stressregulatie (Walker, 2017). Structuur kalmeert het zenuwstelsel. Zie ook Dagritme bij PTSS.\n3. Bewuste inspanning # In plaats van automatische vermijding leert men aanwezig blijven bij spanning, zonder erin te verdrinken. Dit lijkt op het vergroten van het window of tolerance: de zone waarin je spanning kunt verdragen zonder te bevriezen of in paniek te raken (Siegel, 1999).\nDe Vierde Weg kan dus dienen als aanvullende levenspraktijk naast reguliere therapie. De koppeling met neuroplasticiteit maakt aannemelijk dat oefenen daadwerkelijk verandering in het brein kan ondersteunen.\nMoral injury en innerlijke verdeeldheid # Moral injury ontstaat wanneer iemand handelt tegen eigen waarden of getuige is van morele schendingen. Het gevolg is vaak schuld, schaamte en verlies van betekenis.\nGurdjieff sprak over innerlijke tegenstrijdigheden: delen in ons die elkaar tegenspreken. Hij zag morele spanning niet als fout, maar als materiaal voor bewustwording.\nDe Vierde Weg nodigt uit om deze spanning waar te nemen zonder ermee samen te vallen. Niet jezelf reduceren tot je fout, maar ook niet ontkennen. Dat vraagt moed en aandacht. Het verwerken van rouw rond moral injury is daar een wezenlijk onderdeel van.\nModerne onderzoeken naar herstel van moral injury benadrukken het belang van betekenisgeving, gemeenschap en integratie van ervaring. Hier raakt Gurdjieffs werk aan hedendaagse psychologie.\nOvereenkomst met de Pulsar Visie van Michaël Derkse # De Pulsar Visie van Michaël Derkse beschrijft ontwikkeling als een ritmische beweging van impuls, expressie, reflectie en integratie. Groei verloopt niet lineair, maar in golven.\nDit sluit nauw aan bij de Vierde Weg:\nBeide benadrukken ritme Beide zien breukmomenten als kans tot verdieping Beide erkennen dat terugval onderdeel is van ontwikkeling Waar Gurdjieff spreekt over inspanning en herinnering, spreekt Pulsar over bewust doorlopen van ontwikkelingsgolven. Beide benaderingen beschouwen het leven zelf als leermeester.\nWat de Vierde Weg niet is # Voor evenwicht: enkele kanttekeningen die eerlijk benoemd moeten worden.\nHet is geen vervanging voor therapie. Bij PTSS, complex trauma of moral injury is professionele behandeling vrijwel altijd nodig. De Vierde Weg kan een ondersteunende oefenpraktijk zijn, geen alternatief. Het is geen wetenschappelijk bewezen methode. Veel oefeningen, waaronder de movements, zijn nooit systematisch onderzocht. De raakvlakken met traumawetenschap zijn aannemelijk, maar niet hetzelfde als bewijs. Gurdjieff was controversieel. Zijn methoden waren soms hard, sommige opvolgers hebben groepsdynamieken laten ontsporen. Wie deze weg verkent, doet er goed aan kritisch te blijven en geen gezag boven gezond verstand te plaatsen. Een leraar is geen voorwaarde, maar ook geen luxe. Veel van het werk is zonder begeleiding goed te beoefenen. Voor de movements en groepswerk is een ervaren leraar wel raadzaam. Dagelijkse aanwijzingen voor gebruik # Hoe ziet dat er concreet uit?\nOchtend # Sta op een vast tijdstip op Neem enkele minuten om adem en lichaam te voelen Begin de dag niet direct met schermen Overdag # Observeer automatische reacties Breng aandacht naar houding en adem Maak korte momenten van zelfherinnering Probeer eens een stop-oefening (zie hierboven) Avond # Reflecteer zonder oordeel Breng het dagritme bewust tot rust Verminder prikkels Kleine, herhaalde handelingen bouwen innerlijke stabiliteit op.\nWetenschappelijke raakvlakken # Hoewel de Vierde Weg zelf geen wetenschappelijk programma is, zijn er duidelijke raakvlakken met onderzoek:\nLeDoux (2012): automatische dreigingscircuits Bessel van der Kolk (2014): lichaam als opslagplaats van trauma Koch (2019): ritmische beweging en regulatie Siegel (1999): integratie van hersensystemen Walker (2017): ritme en slaapherstel Pert (1997): emoties als lichaamsbreed signaal — zie Candace Pert en trauma Deze inzichten onderstrepen dat integratie van lichaam, emotie en aandacht essentieel is voor herstel.\nDe Vierde Weg als levenskunst # De Vierde Weg is geen theorie om te bestuderen, maar een praktijk om te leven. Levenskunst betekent hier:\naandacht in handeling eerlijkheid tegenover innerlijke verdeeldheid ritme in plaats van chaos integratie van hoofd, hart en lichaam Het vraagt geen perfectie. Het vraagt oefening.\nVeelgestelde vragen # Is de Vierde Weg een religie? # Nee. Er zijn geen geloofsartikelen, geen rituelen die je moet volgen om \u0026ldquo;erbij\u0026rdquo; te horen. Wel raakt de leer aan vragen die ook religies stellen: wie ben ik, wat doe ik hier, hoe word ik wakker. Het is een werkmethode, geen geloof.\nKan ik de Vierde Weg zonder leraar beoefenen? # Voor een groot deel wel. Zelfobservatie, zelfherinnering en de stop-oefening kun je alleen doen. Voor de movements en bepaalde groepsoefeningen is een ervaren leraar aan te raden. Begin bescheiden, lees Ouspensky, en zoek pas later eventueel een leraar.\nWat is het verschil met mindfulness? # Mindfulness richt zich vooral op aandacht voor het huidige moment, vaak in stilte. De Vierde Weg richt zich op aandacht terwijl je in actie bent — afwassen, werken, praten. Mindfulness is meer een houding van waarnemen; zelfherinnering voegt daar een actief besef van het zelf aan toe. Beide kunnen elkaar goed aanvullen.\nHelpt de Vierde Weg bij PTSS? # Niet als therapie, wel als oefenpraktijk naast behandeling. De aandacht voor lichaam, ritme en het opbouwen van bewustzijn raakt aan veel wat ook in traumaherstel belangrijk is. Begin pas met intensievere oefeningen, zoals de stop of langere zelfobservatie, als je zenuwstelsel daar voldoende rust voor heeft. Bespreek het met je behandelaar.\nWat is een goed eerste boek? # In Search of the Miraculous van P.D. Ouspensky is de toegankelijkste ingang. Voor een hedendaagse, lichaamsgerichte invalshoek sluiten The Body Keeps the Score en The Polyvagal Theory er goed bij aan.\nConclusie: een pad midden in het leven # De Vierde Weg van Gurdjieff is geen snelle oplossing en geen therapieprotocol. Het is een levenshouding. Een uitnodiging om wakker te worden in het gewone leven.\nVoor mensen met PTSS en moral injury kan dit pad ondersteuning bieden naast professionele behandeling. Het lichaam wordt niet vermeden, maar betrokken. Ritme vervangt chaos. Bewustzijn vervangt automatische reactie.\nHerstel is geen sprong, maar een reeks kleine bewuste momenten. Een stap. Een adem. Een beweging met aandacht.\nDaar begint het.\nVerder lezen # Drie posts op deze site die direct aansluiten bij de Vierde Weg:\nDrie breinen, één mens — over de samenwerking van hoofd, hart en buik Dagritme bij PTSS — hoe regelmaat het zenuwstelsel kalmeert Post-traumatische groei — over ontwikkeling juist door breukmomenten heen Vragen? # Herken je dit in jezelf of in je werk met anderen? Gebruik het contactformulier om contact met mij op te nemen.\n","date":"1 januari 2024","externalUrl":null,"permalink":"/de-vierde-weg/","section":"Pages","summary":"","title":"De Vierde Weg van Gurdjieff","type":"pages"},{"content":"","date":"1 januari 2024","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/inner-work/","section":"Tags","summary":"","title":"Inner-Work","type":"tags"},{"content":"","date":"1 januari 2024","externalUrl":null,"permalink":"/tags/innerlijk-werk/","section":"Tags","summary":"","title":"Innerlijk-Werk","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/tags/betekenis/","section":"Tags","summary":"","title":"Betekenis","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/inner-dialogue/","section":"Tags","summary":"","title":"Inner-Dialogue","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/tags/innerlijke-dialoog/","section":"Tags","summary":"","title":"Innerlijke-Dialoog","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/language/","section":"Tags","summary":"","title":"Language","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/self-talk/","section":"Tags","summary":"","title":"Self-Talk","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/tags/taal/","section":"Tags","summary":"","title":"Taal","type":"tags"},{"content":"","date":"18 mei 2023","externalUrl":null,"permalink":"/tags/zelfspraak/","section":"Tags","summary":"","title":"Zelfspraak","type":"tags"},{"content":"","date":"13 februari 2022","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/cptsd/","section":"Tags","summary":"","title":"Cptsd","type":"tags"},{"content":"","date":"13 februari 2022","externalUrl":null,"permalink":"/tags/cptss/","section":"Tags","summary":"","title":"Cptss","type":"tags"},{"content":"","date":"13 februari 2022","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/difference/","section":"Tags","summary":"","title":"Difference","type":"tags"},{"content":"","date":"13 februari 2022","externalUrl":null,"permalink":"/tags/verschil/","section":"Tags","summary":"","title":"Verschil","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/tags/dissociatie/","section":"Tags","summary":"","title":"Dissociatie","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/dissociation/","section":"Tags","summary":"","title":"Dissociation","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/frame-of-reference/","section":"Tags","summary":"","title":"Frame-of-Reference","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/en/tags/law-of-four/","section":"Tags","summary":"","title":"Law-of-Four","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/tags/ouspensky/","section":"Tags","summary":"","title":"Ouspensky","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/tags/referentiekader/","section":"Tags","summary":"","title":"Referentiekader","type":"tags"},{"content":"","date":"26 maart 2020","externalUrl":null,"permalink":"/tags/wet-van-vier/","section":"Tags","summary":"","title":"Wet-Van-Vier","type":"tags"},{"content":"Nijmegen 1968, police officer, project and program manager, consultant, change management expert, and poet: a brief overview.\nMy career has led me through the worlds of public order and safety, consultancy, and ICT within environments with a high level of confidentiality, as well as the healthcare sector. Two extremes where I have worked with passion and great pleasure on wonderful assignments and results, and met remarkable people.\nDuring my career, I was trained as a change management expert at the Pulsar Academy. During this training, I discovered thematic parallels between Michaël Derkse\u0026rsquo;s Pulsar Vision and Gurdjieff\u0026rsquo;s Fourth Way. This ultimately proved to be very valuable to me in dealing with PTSD and moral injury. During the period I worked as a consultant, I noticed that I started seeing myself less and less as an advisor.\nAn advisor tells someone what to do.\nI work more as an \u0026ldquo;inviseur\u0026rdquo;: someone who helps make visible what is already present but is not yet seen. Not offering solutions, but allowing insight to emerge, so that change from within becomes possible.\nOn this website, I write about PTSD, moral injury, recovery, and the art of living, drawing on a combination of personal experience, professional background, and studies of, among others, Gurdjieff\u0026rsquo;s Fourth Way and the Pulsar Vision. My interest lies primarily in the connection between the body, meaning-making, and awareness in recovery processes.\nAdditionally, I am a member of The Guild of Millers and regularly operate the Oukoper Mill in Nieuwer ter Aa.\nFor those who want to know more about my professional life or follow my work, I can be found on LinkedIn.\nI can only follow the paths of the heart, every path of the heart. Along that path I travel, and the only real challenge is to follow the path to the end. Along the path of the heart I look around and around, breathless. - Don Juan\n","date":"28 november 2018","externalUrl":null,"permalink":"/en/about-me/","section":"Pages","summary":"","title":"About Hans Busch","type":"pages"},{"content":"","date":"28 november 2018","externalUrl":null,"permalink":"/tags/auteur/","section":"Tags","summary":"","title":"Auteur","type":"tags"},{"content":"","date":"28 november 2018","externalUrl":null,"permalink":"/tags/hans-busch/","section":"Tags","summary":"","title":"Hans-Busch","type":"tags"},{"content":"Nijmegen 1968, politieman, project- en programmamanager, inviseur, veranderkundige en dichter: in vogelvlucht.\nMijn loopbaan voert door de werelden van openbare orde en veiligheid, consultancy en ICT binnen de omgevingen met een hoog afbreuk niveau en de zorg. Twee extremen waar ik met passie en veel plezier heb gewerkt aan mooie opdrachten en resultaten en bijzondere mensen heb ontmoet.\nGedurende mijn loopbaan ben ik opgeleid als veranderkundige aan de Pulsar Academie. Tijdens deze opleiding ontdekte ik thematische paralellen tussen de Pulsar Visie van Michaël Derkse en de Vierde Weg van Gurdjieff. Dit is voor mij uiteindelijk zeer waardevol gebleken in het omgaan met PTSS en moral injury.\nGedurende de periode dat ik als consultant werkte, merkte ik dat ik mezelf steeds minder als adviseur ben gaan zien. Een adviseur vertelt wat iemand moet doen.\nIk werk eerder als \u0026ldquo;inviseur\u0026rdquo;: iemand die helpt zichtbaar maken wat al aanwezig is, maar nog niet gezien wordt. Niet oplossingen aandragen, maar inzicht laten ontstaan, zodat verandering van binnenuit mogelijk wordt.\nIk schrijf op deze website over PTSS, moral injury, herstel en levenskunst vanuit een combinatie van persoonlijke ervaring, professionele achtergrond en studie van onder andere de Vierde Weg van Gurdjieff en de Pulsar Visie. Mijn interesse ligt vooral in de verbinding tussen lichaam, betekenisgeving en bewustwording in herstelprocessen.\nDaarnaast ben ik lid van Gilde van Molenaars en laat geregeld de Oukoper Molen in Nieuwer ter Aa draaien.\nVoor wie meer wil weten over mijn werkzame leven of het werk wil volgen, ben ik te vinden op LinkedIn.\nIk kan alleen maar de wegen volgen van het hart, elke weg van het hart. Daarlangs reis ik en de enige echte uitdaging is om de weg te volgen tot het eind. Langs de weg van het hart kijk ik rond en rond, ademloos. - Don Juan\n","date":"28 november 2018","externalUrl":null,"permalink":"/over-mij/","section":"Pages","summary":"","title":"Over Hans Busch","type":"pages"},{"content":"In Acknowledging What Is (1998) deelt Bert Hellinger de essentie van zijn systemische benadering van familie en menselijke relaties, bekend als familieopstellingen. Centraal in zijn werk staat het idee dat mensen onbewust verstrikt kunnen raken in de dynamiek van hun familiesysteem — soms generaties terug — en dat deze verstrikkingen zich uiten in terugkerende patronen, innerlijke onrust of zelfs fysieke klachten.\nHellinger nodigt uit tot een radicaal andere manier van kijken: niet naar schuld of oorzaak, maar naar verbondenheid, ordening en het erkennen van dat wat er ís. Volgens hem kent elk familiesysteem een eigen ‘orde van liefde’ waarin plaats, balans en lotsverbondenheid een rol spelen. Wanneer iemand (bewust of onbewust) buitengesloten wordt of geen plek krijgt, raakt het systeem uit evenwicht — met gevolgen voor latere generaties.\nDe kracht van familieopstellingen ligt in het zichtbaar maken van die verborgen dynamiek. In een opstelling wordt het familiesysteem ruimtelijk neergezet, vaak met representanten, waardoor er ruimte ontstaat voor een andere beweging — een beweging van erkenning, respect en loslaten. De sleutel tot heling is, volgens Hellinger, erkennen wat is, zonder oordeel, zonder verzet.\nHet boek is filosofisch, spiritueel en tegelijkertijd praktisch. Het nodigt uit tot innerlijke rust, niet door iets te ‘fixen’, maar door waar te nemen met een open hart. Hellingers benadering is soms confronterend, maar altijd gericht op bevrijding. Acknowledging What Is laat zien hoe we pas werkelijk vrij kunnen worden, als we durven buigen voor het geheel waar we deel van uitmaken.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/acknowledging-what-is/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Caffeine and cortisol response\nLovallo en collega’s onderzochten in een dubbelblind crossover‑onderzoek (n=96; 48 mannen en 48 vrouwen) hoe acute en chronische cafeïne-inname de cortisolrespons beïnvloeden. De proefpersonen gebruikten gedurende vier opeenvolgende weken driemaal daags capsules met placebo (0 mg), 300 mg of 600 mg cafeïne, waarna op de testdag op 9.00, 13.00 en 18.00 uur een dosis van 0 mg of 250 mg werd gegeven. Speekselcortisol werd acht keer verzameld tussen 7.30 en 19.00 uur ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).\nBelangrijkste bevindingen:\nSterke cortisolpiek na onthouding: Na vijf dagen cafeïne‑onthouding veroorzaakte het ochtend-challenge‑dosis van 250 mg een sterke cortisolstijging over de dag (p\u0026lt;.0001) ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]). Onvolledige tolerantie bij dagelijks gebruik: Tijdens 5‑daagse inname van 300 mg of 600 mg per dag miste de ochtendpiek, maar na de 13.00‑u dosis trad opnieuw een significant cortisolverhoging op tussen 13.00–19.00 uur (p tussen .02 en .002) ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]). Terug naar rustniveau in de avond: In de avond daalden cortisolwaarden weer naar controle‑niveau ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]). Beperkte ontwikkeling van tolerantie: Hoewel matig dagelijks gebruik (300–600 mg) de vroege cortisolrespons blokkeert, blijft de HPA‑as deels gevoelig voor de middagdosis. Conclusie: Gezonde jongvolwassenen ontwikkelen slechts gedeeltelijke tolerantie voor de cortisolstimulerende effecten van cafeïne. Een ochtenddosis wordt gecompenseerd bij regulier gebruik, maar latere doses gedurende de dag blijven nog cortisolreacties uitlokken. Deze bevinding onderstreept dat zelfs regelmatige cafeïneconsumenten nog endocriene effecten ondervinden bij inname later op de dag.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/caffeine-and-cortisol-response/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" Samenvatting van Purnell \u0026amp; Brandon (2005) – Cortisol and insulin resistance: Clinical implications # In dit overzichtsartikel bespreken Purnell en Brandon (2005) de nauwe relatie tussen cortisol en insulineresistentie, en de mogelijke klinische gevolgen daarvan. Cortisol is een glucocorticoïde hormoon dat onder normale omstandigheden bijdraagt aan de handhaving van het glucosemetabolisme, vooral tijdens stress. Bij chronisch verhoogde spiegels verandert deze rol echter van adaptief naar schadelijk.\nDe auteurs leggen uit dat langdurige verhoging van cortisol leidt tot verhoogde glucoseproductie in de lever, verminderde opname van glucose in spier- en vetweefsel, en stimulatie van vetopslag, vooral in het abdominale gebied. Deze processen vormen samen de basis voor insulineresistentie, waarbij het lichaam steeds meer insuline nodig heeft om dezelfde hoeveelheid glucose op te nemen.\nEen belangrijk aandachtspunt in het artikel is het verschil tussen fysiologische en pathologische cortisolniveaus. Bij patiënten met het syndroom van Cushing, waarbij er sprake is van overproductie van cortisol, is insulineresistentie een duidelijk klinisch verschijnsel. Maar ook bij mensen zonder endocriene aandoening kunnen psychosociale stress, slaapgebrek of depressie leiden tot milde, maar langdurige verhoging van cortisol, met metabole ontregeling tot gevolg.\nConclusie: Chronisch verhoogde cortisolniveaus zijn een belangrijke risicofactor voor het ontstaan van insulineresistentie en type 2-diabetes. Het herkennen van stress-gerelateerde hormonale ontregeling is cruciaal in de preventie en behandeling van metabole aandoeningen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/cortisol-and-insulin-resistance/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"The Dark Night of the Soul (1584) beschrijft volgens Johannes van het Kruis het proces waarin een mens door een diepe innerlijke ontregeling gaat om tot een directe, ongefilterde verbinding met het goddelijke te komen. Het boek is geen roman maar een spiritueel-psychologisch stappenplan, geschreven als uitleg bij zijn eigen mystieke gedichten.\nDe kern: echte innerlijke groei verloopt via ontmanteling. Alles waar iemand normaal houvast aan heeft — overtuigingen, emoties, zingeving, zelfs het gevoel van God — wordt tijdelijk weggenomen. Dat noemt hij de “donkere nacht”. Het doel is niet lijden op zich, maar het losmaken van gehechtheden en illusies.\nJohannes onderscheidt twee fasen. De eerste is de nacht van de zintuigen. Hier verliest iemand plezier in religieuze oefeningen, succeservaringen en emotionele bevestiging. Praktijken die eerst betekenis gaven voelen leeg. Dat dwingt tot een minder egogedreven vorm van geloof en leven. Het gaat om zuivering van oppervlakkige motieven: controle, erkenning, troost zoeken.\nDe tweede fase is de nacht van de geest. Die is zwaarder. Hier vallen ook diepere zekerheden weg: identiteit, begrip, gevoel van richting. Het kan voelen als verlatenheid, zinloosheid en innerlijke chaos. Volgens Johannes is dit geen teken dat iets fout gaat, maar juist dat oude structuren afgebroken worden. Het verstand kan het proces niet sturen; het moet verdragen en doorstaan.\nDe uitkomst is wat hij “vereniging” noemt: een staat waarin de persoon minder gedreven wordt door angst, ego en behoefte aan controle. In moderne termen: meer stabiliteit, minder reactiviteit, helderder waarnemen. Niet omdat problemen verdwijnen, maar omdat de gehechtheid eraan afneemt.\nHet boek is rauw en nuchter. Geen snelle verlichting, geen feel-good spiritualiteit. Groei betekent hier: door de ontregeling heen, zonder te vluchten. Pas na de leegte ontstaat volgens Johannes een vorm van vrijheid en helderheid die niet afhankelijk is van omstandigheden.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/dark-night-of-the-soul/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"In de speciale editie van Frontiers in Psychiatry (2018) staat een vernieuwende visie op trauma en herstel centraal. De verzameling artikelen daagt traditionele denkkaders uit: in plaats van te focussen op stoornissen en symptomen, ligt de nadruk op hoe trauma het hele lichaam, brein en sociale functioneren beïnvloedt. Er wordt gekeken naar trauma als een verstoring van integratie in het zenuwstelsel, in de verbinding met anderen, en in het zelfgevoel.\nDe bijdragen komen uit verschillende hoeken: neurowetenschap, psychotherapie, ontwikkelingspsychologie en zelfs mindfulness. Wat ze delen, is een meer relationele en belichaamde benadering. Trauma wordt gezien als iets dat niet alleen ‘in het hoofd’ zit, maar letterlijk in het lichaam wordt opgeslagen met gevolgen voor hoe iemand voelt, denkt en reageert.\nEr is veel aandacht voor de rol van het autonome zenuwstelsel (bijvoorbeeld in polyvagaaltheorie), de impact van vroege hechtingservaringen, en de kracht van lichaamsgerichte therapieën. Ook wordt onderzocht hoe interventies zoals EMDR, sensorimotor psychotherapy en neurofeedback werken op het niveau van hersennetwerken en lichaamsbewustzijn.\nOpvallend is de toon van hoop en nieuwsgierigheid. Deze editie laat zien dat herstel mogelijk is niet door simpelweg symptomen te bestrijden, maar door veilige verbindingen te herstellen, het lichaam weer als thuis te leren ervaren en het verhaal van het zelf opnieuw te weven.\nVoor wie werkt met trauma, of het zelf draagt, biedt Frontiers in Psychiatry (2018) een rijke, actuele en mensgerichte kijk op wat genezing werkelijk vraagt: aanwezigheid, afstemming en belichaming.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/frontiers-in-psychiatry/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" Craig (2002) betoogt dat **interoceptie**—het waarnemen van de interne fysiologische toestand van het lichaam—een fundamentele zintuiglijke modaliteit is die de basis vormt van gevoel, emotie en zelfbewustzijn. In plaats van een vage “lichaamsfeedback” beschrijft hij een specifiek neuroanatomisch systeem dat signalen uit organen, weefsels en het autonome zenuwstelsel verzamelt en integreert. Kernpunt: interoceptieve signalen (bijv. hartslag, temperatuur, pijn, jeuk, honger, ademhaling) worden via lamina I-neuronen in het ruggenmerg en de hersenstam naar de thalamus en vervolgens naar de insula geleid. Vooral de anterieure insula fungeert als integratiegebied waar deze lichamelijke toestanden worden vertaald naar subjectieve gevoelens. Volgens Craig vormt dit een hiërarchisch model: van ruwe fysiologische signalen naar bewuste, affectieve ervaring.\nHij stelt dat emoties in essentie geïnterpreteerde lichaamstoestanden zijn. Gevoelens zijn dus geen losstaande mentale constructies maar representaties van de actuele lichamelijke conditie. Dit proces draagt bij aan homeostase: het brein gebruikt interoceptieve informatie om gedrag en autonome reacties te sturen die de interne balans bewaren.\nDaarnaast koppelt Craig interoceptie aan het gevoel van het “zelf”. De continue mapping van lichaamstoestand in de insula zou een neurale basis vormen voor subjectief bewustzijn: weten hoe je je voelt is tegelijk weten dat jij het bent die dat voelt. Dit positioneert interoceptie als een kerncomponent van zelfervaring, besluitvorming en emotionele regulatie.\nDe studie leverde een invloedrijk model waarin interoceptie, insula-functie en emotie sterk met elkaar verbonden zijn. Het werk heeft latere theorieën over embodied cognition, emotionele bewustwording en klinische stoornissen (zoals angst, depressie en somatische klachten) diepgaand beïnvloed.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/interoception/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" Samenvatting van Arendt (2005) – Melatonin: characteristics, concerns, and prospects # Melatonine is een hormoon dat geproduceerd wordt door de pijnappelklier en fungeert als een sleutelmarker van het circadiane ritme – onze interne biologische klok. De concentratie van melatonine in het bloed of speeksel geeft nauwkeurig aan wanneer ons lichaam de nachtstand ingaat. Een veelgebruikte methode om dit te meten is via het afbraakproduct 6-sulfatoxymelatonine in de urine.\nEndogene melatonine bevordert slaap door de lichaamstemperatuur te verlagen, slaperigheid op te wekken en het slaap-waakritme te synchroniseren. Exogene melatonine (supplementen) kan het ritme verschuiven wanneer het op het juiste moment wordt ingenomen. Dit is met name nuttig bij jetlag, ploegendienst, of bij mensen met een niet-24-uurs ritme, zoals blinden.\nToepassingen van melatonine gaan verder dan alleen slaap: het wordt ook onderzocht voor preventie van ritme-gerelateerde aandoeningen, zoals bepaalde vormen van kanker. Er zijn echter nog zorgen over de variatie in meetmethoden, doseringsverschillen tussen studies, en het gebrek aan langetermijnonderzoek naar veiligheid bij chronisch gebruik.\nConclusie: melatonine is een belangrijk hormoon dat verder reikt dan slaap alleen. Het helpt om het biologische ritme te stabiliseren en kan therapeutisch waardevol zijn bij uiteenlopende aandoeningen. Wel is verdere standaardisatie en onderzoek nodig voor verantwoord en effectief gebruik op lange termijn.\nBron: Arendt, J. (2005). Melatonin: characteristics, concerns, and prospects. Journal of Biological Rhythms, 20(4), 291–303. https://pubmed.ncbi.nlm.nih.gov/16077149\n","externalUrl":null,"permalink":"/archief/melatonin-characteristics-concerns-and-prospects/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" In Moral Injury and Moral Repair in War Veterans (2009) richten Litz en collega’s de aandacht op een vorm van innerlijk lijden die lang onderbelicht bleef: moral injury. Waar posttraumatische stressstoornis (PTSS) vooral draait om angst en overlevingsstress, beschrijft moral injury de diepe psychische pijn die ontstaat wanneer iemand iets doet, of nalaat, wat indruist tegen zijn of haar morele kompas. Denk aan het doden van burgers, het niet kunnen voorkomen van geweld, of het ervaren van verraad door leiders.\nDe auteurs stellen dat moral injury een andere emotionele lading heeft dan klassieke trauma’s: het gaat niet om ‘gevaar’, maar om schuld, schaamte, verlies van vertrouwen en zingeving. Dit kan leiden tot depressie, isolatie, zelfverachting en existentiële verwarring. Het morele zelfbeeld raakt beschadigd en daarmee ook het vermogen om betekenis te geven aan het eigen leven en handelen.\nBelangrijk in de studie is het pleidooi voor moral repair: herstel vraagt niet alleen om therapie, maar ook om erkenning, vergeving (van zichzelf of anderen), verantwoordelijkheid en het hervinden van een moreel kompas. Dit proces is diep menselijk en vaak relationeel: luisteren zonder oordeel, getuigen van het leed, ruimte bieden voor waarheid.\nDeze studie opent een belangrijk venster op wat oorlog (en andere extreme ervaringen) met een mens kan doen, voorbij diagnosecodes. Moral injury laat zien dat herstel soms niet begint bij het vergeten van wat was, maar bij het durven onder ogen zien en opnieuw verbinden met wie je ten diepste bent.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/moral-injury-and-moral-repair-in-war-veterans/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" In Philosophy in the Flesh stellen George Lakoff en Mark Johnson een radicale gedachte centraal: ons denken is niet los van ons lichaam, maar er diep in geworteld. Ze breken met het klassieke idee dat de geest puur rationeel of universeel is. In plaats daarvan laten ze zien dat abstracte concepten — zoals tijd, moraal of waarheid — voortkomen uit onze lichamelijke ervaringen. We begrijpen bijvoorbeeld tijd vaak als een reis of beweging (“we kijken uit naar de toekomst”), omdat ons brein die abstractie baseert op onze fysieke oriëntatie in de ruimte. De auteurs introduceren het begrip conceptuele metaforen: onbewuste denkstructuren die we gebruiken om de wereld te begrijpen. Deze metaforen zijn geen literaire versiering, maar vormen letterlijk de bouwstenen van ons denken. Door te analyseren hoe taal en metaforen werken, leggen Lakoff en Johnson bloot hoe cultuur, lichaam en brein samenwerken om betekenis te creëren.\nHet boek is zowel een filosofische als een cognitiewetenschappelijke verkenning, en stelt fundamentele vragen: als onze redenering zo lichamelijk is, hoe objectief kan kennis dan zijn? Wat betekent dat voor moraal, wetenschap, of zelfs ons zelfbeeld?\nLakoff en Johnson nodigen ons uit om vertrouwde aannames los te laten. Hun werk opent een nieuw perspectief op wat het betekent om mens te zijn: denken is niet zwevend of neutraal, maar geworteld in hoe we als belichaamde wezens in de wereld staan. Wie dit boek leest, gaat taal, denken én filosofie anders ervaren.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/philosophy-in-the-flesh/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" Samenvatting van: Physiology, Cortisol – Thau, Gandhi \u0026amp; Sharma (2023) # Cortisol, vaak aangeduid als het ‘stresshormoon’, is een steroïde glucocorticoïde afkomstig uit de zona fasciculata van de bijnieren en wordt gereguleerd via de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as). ACTH uit de hypofyse stimuleert deze productie, waarbij cholesterol via desmolase wordt omgezet in pregnenolon – de snelheidsbeperkende stap. In de bloedbaan circuleert cortisol grotendeels gebonden aan transporteiwitten en wordt lokaal geactiveerd of geïnactiveerd door enzymen 11β-HSD1 en 11β-HSD2.\nCortisol beïnvloedt vrijwel elk orgaansysteem – van het zenuwstelsel en immuunsysteem tot spijsvertering, ademhaling en skeletspieren. In acute stresssituaties bevordert het de vetverbranding, gluconeogenese en eiwitafbraak, waardoor glucose vrijkomt voor hersenen en spieren. Tegelijkertijd onderdrukt cortisol het immuunsysteem, onder andere door apoptose van immuuncellen en verminderde productie van ontstekingscytokines.\nLangdurige cortisolstijging leidt tot blijvende gluconeogenese, verhoogde glycogeensynthese in de lever, maar verminderde glucoseopname in spier- en vetweefsel – dit alles draagt bij aan insulineresistentie. Ook stimuleert het proteolyse en lipolyse, maar paradoxaal genoeg kan het bij chronische stress leiden tot vetopslag, vooral visceraal.\nVia negatieve terugkoppeling op CRH en ACTH zorgt cortisol onder normale omstandigheden voor hormonale balans. Verstoring van deze terugkoppeling kan echter leiden tot endocriene aandoeningen zoals het syndroom van Cushing of de ziekte van Addison.\nConclusie: cortisol is essentieel voor de stressrespons, energiehuishouding en immuunregulatie. Het is een krachtig en veelzijdig hormoon dat, mits in balans, een bondgenoot is – maar bij chronische activatie een stille ondermijner van gezondheid wordt.\n","externalUrl":null,"permalink":"/archief/physiology-cortisol/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Maurice Nicolls Psychological Commentaries on the Teaching of Gurdjieff and Ouspensky (1952) is een praktische uitwerking van de ideeën uit de Vierde Weg. Nicoll, zelf arts en leerling van Gurdjieff en Ouspensky, vertaalt hun vaak abstracte systeem naar dagelijkse psychologische observaties en oefeningen. De kern: de mens leeft grotendeels mechanisch, gestuurd door automatische reacties, overtuigingen en emotionele patronen. Werk begint met het zien van die mechaniek zonder jezelf ermee te vereenzelvigen.\nNicoll benadrukt het onderscheid tussen “essentie” (wat aangeboren en echt is) en “persoonlijkheid” (aangeleerd gedrag en sociale maskers). Innerlijke groei vraagt dat je persoonlijkheid observeert en relativeert, zodat essentie zich kan ontwikkelen. Hij beschrijft hoe negatieve emoties, innerlijk gepraat en voortdurende identificatie met gedachten energie verspillen en bewustzijn vernauwen. Het doel is niet onderdrukken, maar zien wat er gebeurt terwijl het gebeurt. Dat opent ruimte voor een andere reactie.\nEen terugkerend thema is zelfherinnering: gelijktijdig bewust zijn van jezelf en van wat je doet. Volgens Nicoll vormt dat de kernpraktijk die een mens minder fragmentarisch maakt. Daarnaast bespreekt hij de noodzaak van bewuste inspanning, het verdragen van innerlijke frictie en het werken met tegenslag als materiaal voor ontwikkeling. Het systeem ziet het dagelijks leven – werk, relaties, irritaties – als oefenterrein.\nDe commentaren zijn opgebouwd uit korte essays en notities voor leerlingen. Ze leggen nadruk op discipline, eerlijk zelfonderzoek en langdurige praktijk in een groep of schoolcontext. Nicoll presenteert de leer niet als theorie, maar als een methode om meer aanwezigheid, innerlijke samenhang en realistisch zelfinzicht te ontwikkelen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/psychological-commentaries-on-the-teaching-of-gurdjieff-and-ouspensky/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":" Samenvatting van Kirschbaum \u0026amp; Hellhammer (1994) – Salivary cortisol in psychoneuroendocrine research # In hun invloedrijke studie bespreken Kirschbaum en Hellhammer (1994) de waarde van speekselcortisol als een betrouwbare en niet-invasieve biomarker voor het meten van stressresponsen in psychoneuro-endocrinologisch onderzoek. Cortisol is het eindproduct van de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as) en speelt een centrale rol bij de fysiologische reactie op stress.\nDe auteurs benadrukken dat speekselmetingen van cortisol goed correleren met de vrije (biologisch actieve) fractie in het bloed. Omdat cortisol in speeksel niet aan eiwitten gebonden is, weerspiegelt het puur de actieve component. Dit maakt het bijzonder geschikt voor onderzoek naar acute en chronische stress, dagelijkse ritmes, en individuele verschillen in stressgevoeligheid.\nEen belangrijk onderdeel van de studie is het beschrijven van het cortisol awakening response (CAR) – een natuurlijke piek in cortisol binnen 30 tot 45 minuten na het ontwaken. Deze piek is een betrouwbare indicator van HPA-as-activiteit en blijkt gevoelig voor factoren als werkstress, slaapkwaliteit en psychische belasting.\nDaarnaast bieden Kirschbaum en Hellhammer praktische richtlijnen voor het verzamelen van speekselmonsters, het controleren van verstorende factoren (zoals eten, tandenpoetsen of roken) en het standaardiseren van meetmomenten. Ze pleiten voor een grotere inzet van deze methode in zowel klinisch als gedragswetenschappelijk onderzoek.\nConclusie: Speekselcortisol is een robuuste, eenvoudige en effectieve methode om stresshormonen te meten. Het maakt langdurig en herhaald meten mogelijk zonder belasting van de proefpersoon – essentieel bij studies naar stress, stemming en gezondheid.\nBron: Kirschbaum, C., \u0026amp; Hellhammer, D. H. (1994). Salivary cortisol in psychoneuroendocrine research: recent developments and applications. Psychoneuroendocrinology, 19(4), 313–333.\n","externalUrl":null,"permalink":"/archief/salivary-cortisol-in-psychoneuroendocrine-research/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Van Liempt en collega’s onderzoeken in een reeks studies de onderlinge relatie tussen slaapstoornissen en PTSS bij veteranen, gebruikmakend van prospectieve cohort-analyses, polysomnografie, hormoonmetingen en een kleinschalige geneesmiddelstudie ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).\n1. Predictieve rol van slaapstoornissen: Veteranen met pre-deployment nachtmerries hadden significant meer kans op PTSS na zes maanden. Andersom bleken insomnie-symptomen voor vertrek minder voorspellend .\n2. Objectieve slaapverstoringen: Bij PTSS zijn er vaker nachtelijke ontwakingen, en deze correlaten met verhoogde ACTH-waarden (stresshormoon) én verlaagde groeihormoonproductie, samen met verhoogde hartslagnorm . Deze hormonale ontregeling hangt samen met slechter geheugen bij opstaan.\n3. Verstoorde hormoonbalans: PTSS-patiënten lieten een duidelijke afname in GH‑afgifte ’s nachts zien. Deze verminderde hormoonuitstoot, gekoppeld aan slaapfragmentatie, lijkt geheugenconsolidatie te belemmeren .\n4. Behandeling met prazosine: In een RCT veranderde prazosine de objectieve slaapparameters niet significant, maar vermindering van nachtmerries werd wel gemeld. Andere medicamenten (zoals atypische antipsychotica) toonden enige potentie, maar het bewijs blijft beperkt ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).\nKernboodschap: Slaapstoornissen spelen een prominente rol als zowel oorzaak als gevolg van PTSS. Nachtelijke ontwakingen, hormonale dysregulatie (ACTH↑, GH↓) en nachtmerries verstoorden geheugenprocessen en vormden een vicieuze cirkel. Van Liempts werk onderstreept dat behandeling van slaapproblemen, en niet alleen de PTSS zelf, cruciaal is om het herstel te ondersteunen en de HPA‑as te resetten.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/sleep-disturbances-and-ptsd/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Stress and body shape\nDe studie onderzocht of vrouwen met meer buikvet (hoge taille-heupverhouding, WHR) een verhoogde HPA-asactiviteit door stress vertonen, zelfs bij een normaal BMI ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).\nMethode 59 gezonde, pre‑menopauzale vrouwen (30 hoge WHR, 29 lage WHR) namen deel aan vier opeenvolgende labsessies: drie stressprotocollen en één rustdag. Tijdens elke sessie werden cortisolniveaus en psychologische reacties gemeten ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]).\nBelangrijkste bevindingen\nVrouwen met hoge WHR beoordeelden stressorproeven als bedreigender, presteerden slechter en rapporteerden hogere chronische stress . Bij de eerste stressdag werd significant meer cortisol uitgescheiden door de hoge-WHR-groep vergeleken met de lage-WHR-groep ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]). Bij magerere vrouwen met centrale vetopslag ontbrak habituatie: bij herhaalde stress (dagen 2 en 3) bleef cortisolrespons verhoogd, terwijl deze daalde bij hun peers met lagere WHR ([pubmed.ncbi.nlm.nih.gov][1]). Interpretatie Deze resultaten tonen dat centrale vetophoping samenhangt met een verhoogde psychologische stressgevoeligheid en een dysregulatie van de HPA-as, vooral bij slanke vrouwen die geen gewenning laten zien . De continu verhoogde cortisolproductie kan mogelijk bijdragen aan de toename van visceraal vet.\nConclusie Stress‑groottes beïnvloeden cortisolreacties; vrouwen die vatbaar zijn voor centrale vetophoping vertonen intensere en langdurigere cortisolrespons op stress. Dit ondersteunt het model dat psychologisch stress bijdraagt aan centrale obesitas en zo het risico op diabetes, hart- en vaatziekten vergroot .\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/stress-and-body-shape/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Cortisol: Slecht? Niet altijd – Te laag is óók gevaarlijk\nOp social media wordt cortisol vaak afgeschilderd als \u0026ldquo;de boze stresshormoon\u0026rdquo;, iets wat je koste wat kost moet verlagen. Maar dat beeld is te eenzijdig. Te laag cortisol is minstens zo problematisch – en soms zelfs levensbedreigend.\nEen laag cortisolgehalte ontstaat meestal door bijnierinsufficiëntie, zoals bij de ziekte van Addison (primaire oorzaak), of door een stoornis in de hypofyse (secundaire oorzaak). Ook langdurig gebruik van corticosteroïden, zoals prednison, kan leiden tot een onderdrukte HPA-as waardoor je lichaam zelf geen cortisol meer aanmaakt.\nDe symptomen van een te laag cortisolgehalte zijn vaak vaag, maar samen verontrustend: aanhoudende vermoeidheid, spierzwakte, duizeligheid bij opstaan, lage bloeddruk, buikklachten, en soms zelfs donkere verkleuring van de huid. Psychisch kun je te maken krijgen met neerslachtigheid, angst, of een volledig gebrek aan energie en stressbestendigheid.\nIn acute situaties – zoals bij ziekte of verwonding – kan een tekort leiden tot een Addisoncrisis: levensbedreigende bloeddrukdaling, shock, en bewustzijnsverlies. Dat vereist direct medisch ingrijpen met hydrocortisoninjecties.\nDe oplossing? Diagnose via bloedonderzoek (ochtendcortisol, ACTH) en als nodig levenslange vervangende therapie met hydrocortison of vergelijkbare middelen. Belangrijk is ook educatie: mensen met bijnierinsufficiëntie moeten stressdoses kunnen toedienen, en een SOS-kaart of -penning dragen.\nKortom: cortisol is geen vijand, maar een essentieel overlevingshormoon. De kunst is balans. Minder stress is goed – maar te weinig cortisol is een serieus gezondheidsrisico.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/te-laag-cortisol/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"In the psychobiology of nutrition van Gibson (2020) en collega’s geven in deze overzichtsstudie een helder en samenhangend beeld van hoe voeding en psychobiologie samenwerken. Ze startten met het fundament: voedingsstoffen beïnvloeden niet alleen het lichaam, maar ook de hersenwerking via neurotransmitters, hormonen en het zenuwstelsel. Essentiële vetzuren, aminozuren, vitaminen en mineralen spelen cruciale rollen bij het moduleren van stemming, cognitieve functies en gedrag.\nVerder lichten ze emotioneel eten toe: stress, stemming en psychologische prikkels beperken niet alleen eetgedrag, maar worden ook beïnvloed door what we eten. Ze benadrukken de wederkerigheid – voeding beïnvloedt gemoedstoestand, en gemoedstoestand stuurt voedselkeuze.\nLeerprocessen en conditionering vormen een ander belangrijk punt. Smaak- en omgevingscues kunnen snel leiden tot geconditioneerde voorkeuren en automatiseren ons eetpatroon. Deze inzichten leggen fundamenten voor interventies bij obesitas en eetstoornissen.\nDaarnaast wordt de rol van het microbioom besproken: darmbacteriën produceren signalen die de HPA-as beïnvloeden, stressrespons wijzigen, en eetlust en stemming moduleren. Ze plaatsen dit in het bredere kader van de darm-hersen-as.\nZe analyseren verder experimenteel onderzoek over energierestrictie en selectieve voedseldeprivatie. Kortdurende onthouding leidt tot cravings, terwijl langdurige caloriebeperking regelmatig tot afname in trek leidt – een proces van uitlearning.\nTot slot bespreekt de studie implicaties voor voedingsinterventies: doelgerichte micronutriëntsuppletie, timing van maaltijden, stressmanagement en gedragsmodificatie kunnen gecombineerd leiden tot voordelen in mentale gezondheid en eetgedrag.\nKernboodschap: Psychobiologie en voeding zijn onlosmakelijk verbonden. Voeding beïnvloedt ons brein, gedrag en emotie complex, via meerdere systemen. Om eetgedrag en psychische gezondheid effectief aan te pakken, is een geïntegreerde benadering nodig die voeding, neurobiologie en gedragswetenschappen combineert.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/the-psychobiology-of-nutrition/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Understanding the stress response (Harvard Health 2018)\nDe stressrespons is een evolutionair verdedigingsmechanisme dat het lichaam voorbereidt op “vechten of vluchten”. Bij het waarnemen van een bedreiging (zoals een naderende auto of werkstress) stuurt de amygdala een alarm naar de hypothalamus, waarna het sympathisch zenuwstelsel wordt geactiveerd. De bijnieren geven adrenaline (epinefrine) af, wat leidt tot een snellere hartslag, verhoogde bloeddruk, versnelde ademhaling, verscherpte zintuigen en extra energie via vrijkomende glucose en vetten ([health.harvard.edu][1]).\nLopende activiteit van de amygdala zet de HPA-as in werking: de hypothalamus produceert CRH, gevolgd door ACTH uit de hypofyse, wat leidt tot cortisolafgifte door de bijnieren. Cortisol houdt het lichaam alert, maar zodra de bedreiging weg is, daalt het via het parasympathisch systeem .\nHoewel acute stress functioneel is, wordt chronische activering gevaarlijk. Structurele schade aan bloedvaten, verhoogde bloeddruk, arteriële plaques, gewichtstoename, depressie, angst en verslaving kunnen daaruit voortvloeien ([health.harvard.edu][1]). Cortisol stimuleert eetlust en vetopslag, terwijl adrenaline stress kan onderdrukken maar het lichaam op langere termijn uitput .\nOm de stressrespons te reguleren zijn bewezen interventies:\nOntspanningstechnieken zoals diepe buikademhaling, geleide visualisatie, yoga en tai chi (de “relaxation response”) verlagen bloeddruk en hartslag ([health.harvard.edu][1]). Beweging, zoals wandelen of aerobics, breekt de spiraal van spanning en helpt herstel . Sociale steun vormt een buffer tegen chronische stress en verbetert weerstand . Kernboodschap: De stressrespons is essentieel voor overleving, maar als deze langdurig actief blijft, schaadt dat de lichamelijke en mentale gezondheid. Gerichte ontspanning, lichaamsbeweging en sociaal contact zijn effectieve tegenstrategieën om de balans in het lichaam te herstellen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/archief/understanding-the-stress-response/","section":"Archief","summary":"","title":"","type":"archief"},{"content":"Achilles in Vietnam van Jonathan Shay onderzoekt de psychische gevolgen van oorlogservaringen bij Vietnamveteranen. Shay gebruikt het verhaal van Achilles uit de Ilias van Homerus om te laten zien dat oorlogstrauma en morele verwonding al duizenden jaren bestaan.\nVolgens Shay ontstaat ernstig trauma niet alleen door angst of levensgevaar, maar vooral wanneer iemand diep verraad ervaart door leiders, organisaties of de groep waarop hij vertrouwde. Dit noemt hij “moral injury”. Soldaten raken beschadigd wanneer wat zij meemaken of moeten doen botst met hun morele overtuigingen en gevoel van rechtvaardigheid. Het boek beschrijft hoe zulke ervaringen kunnen leiden tot woede, vervreemding, schuldgevoel, wantrouwen, emotionele afsluiting en verlies van betekenis. Veel veteranen voelen zich na terugkeer afgesneden van de samenleving omdat anderen hun ervaringen niet begrijpen. Shay benadrukt dat herstel niet alleen een medische of psychologische kwestie is. Herstel vraagt ook om erkenning, waarheid, gemeenschap en moreel herstel. Veiligheid en vertrouwen moeten opnieuw opgebouwd worden. De kracht van het boek zit in de combinatie van klassieke literatuur, psychiatrie en verhalen van veteranen. Daarmee laat Shay zien dat trauma niet alleen gaat over wat iemand heeft meegemaakt, maar ook over verlies van menselijkheid, loyaliteit en verbondenheid. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/achilles-in-vietnam/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Awareness Through Movement van Moshe Feldenkrais beschrijft hoe bewuste beweging kan bijdragen aan meer lichaamsbewustzijn, flexibiliteit en verandering van ingesleten patronen.\nDe kern van de Feldenkrais-methode is dat lichaam en geest één geheel vormen. Veel lichamelijke en emotionele patronen verlopen automatisch: hoe iemand zit, loopt, ademt of spanning vasthoudt. Door langzame, aandachtige bewegingen kunnen mensen die patronen leren herkennen en nieuwe mogelijkheden ontdekken. In plaats van trainen op kracht of prestatie richt Feldenkrais zich op subtiele waarneming. Kleine verschillen in beweging helpen het zenuwstelsel om efficiënter en minder gespannen te functioneren. Het doel is niet “harder werken”, maar gemakkelijker en bewuster bewegen. Het boek bevat veel praktische bewegingsoefeningen waarbij aandacht centraal staat. Door nieuwsgierig te onderzoeken hoe een beweging voelt, ontstaat vaak meer ontspanning, coördinatie en zelfregulatie. Dat kan invloed hebben op pijn, stress en het gevoel van aanwezigheid in het lichaam. Hoewel het boek niet specifiek over trauma gaat, heeft de methode invloed gehad op moderne lichaamsgerichte therapieën. Vooral het rustige tempo, de focus op veiligheid en het vergroten van lichaamsbewustzijn sluiten goed aan bij hedendaagse inzichten over zenuwstelselregulatie en herstel van chronische spanning of trauma. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/awareness-through-movement/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Anees Bahji en collega\u0026rsquo;s publiceerden meerdere meta-analyses over ketamine bij stemmings- en traumagerelateerde stoornissen. Een meta-analyse vat de resultaten van veel afzonderlijke studies systematisch samen, waardoor sterkere uitspraken mogelijk worden over hoe groot een effect werkelijk is.\nVoor depressie laat het werk van Bahji zien dat ketamine — en de afgeleide vorm esketamine — bij therapieresistente depressie tot een snelle, soms al binnen uren merkbare afname van klachten kan leiden. Het effect is bij een deel van de patiënten echter kortdurend en vraagt herhaalde toediening of opbouwende behandeling om resultaat vast te houden. Voor PTSS en trauma-symptomen is het beeld voorzichtiger. Bahji beschrijft enkele kleinere studies die wijzen op afname van herbeleving, hyperalertheid en intrusieve gedachten na ketamine-infusies, vooral wanneer dit gecombineerd wordt met traumagerichte therapie. Maar het aantal studies is klein, de protocollen variëren sterk, en de langere termijneffecten zijn nog onvoldoende onderzocht. Een waardevolle bijdrage van het werk is de afweging tussen werkzaamheid en risico's. Ketamine heeft een dissociatief en verslavend potentieel; herhaald gebruik buiten medisch toezicht kan schadelijk zijn. Bahji pleit daarom voor strikte indicatie, zorgvuldige opvolging en integratie in een breder behandelplan, in plaats van losse infusies zonder context. Voor de Nederlandse praktijk zijn deze inzichten relevant. Ketamine wordt in sommige klinieken al off-label ingezet bij depressie, en de bevindingen van Bahji helpen om die toepassing kritisch te volgen. Voor PTSS blijft het experimenteel. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/bahji-ketamine-meta-analysis/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In Beelzebub’s Tales to His Grandson (1950) ontvouwt G.I. Gurdjieff een complexe, spiritueel-filosofische vertelling die bedoeld is om de lezer wakker te schudden uit een mechanisch, onbewust leven. Verpakt als een sciencefictionachtig reisverhaal vertelt Beëlzebub, een gevallen engel die door het universum reist, aan zijn kleinzoon over de mensheid en haar eigenaardigheden. Maar achter deze vertellingen schuilt een diepe kritiek op de staat van de menselijke geest, onze gewoontes en het verlies van innerlijk kompas.\nGurdjieff gelooft dat de meeste mensen op automatische piloot leven: gedreven door gewoonte, sociale conditionering en innerlijke verdeeldheid. Beelzebub’s Tales is geschreven als een soort innerlijk oefenboek, maar dan gecodeerd. De stijl is bewust ingewikkeld, traag en soms verwarrend. Niet om te irriteren, maar om de lezer te dwingen met aandacht te lezen, om oude patronen te doorbreken.\nCentraal staat het idee dat echte evolutie van de mens mogelijk is, maar alleen via bewuste arbeid en oprechte zelfobservatie. De weg naar ‘objectief bewustzijn’ is geen intellectueel pad, maar een langdurige en integrale oefening waarin lichaam, gevoel en denken opnieuw in balans moeten worden gebracht.\nDit boek is geen spiritueel handboek in traditionele zin, maar een alchemistisch werk dat de lezer confronteert met zichzelf. Beelzebub’s Tales is zowel een mythe, een aanklacht als een uitnodiging: om wakker te worden, om jezelf niet te geloven op je woord, en om, met vallen en opstaan, werkelijk mens te worden.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/beelzebub-vertellingen-aan-zijn-kleinzoon/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Bioenergetics van Alexander Lowen beschrijft hoe emoties, spanning en psychische patronen zich uitdrukken in het lichaam. Lowen bouwde voort op het werk van Wilhelm Reich en ontwikkelde een lichaamsgerichte vorm van psychotherapie: bio-energetica.\nVolgens Lowen slaan mensen emoties en stress niet alleen psychisch op, maar ook lichamelijk. Chronische spanning in spieren, houding en ademhaling vormt als het ware een “pantser” dat gevoelens onderdrukt. Dat pantser kan bescherming bieden, maar beperkt tegelijk levendigheid, spontaniteit en contact met jezelf. Het boek beschrijft hoe lichaamshouding, ademhaling en beweging samenhangen met emotionele patronen. Mensen die voortdurend controle houden of emoties onderdrukken kunnen bijvoorbeeld letterlijk gespannen, stijf of afgesloten raken. Bio-energetische oefeningen richten zich op grounding, ademhaling, beweging, expressie en het losmaken van spanning. Door het lichaam meer te voelen en spanning te ontladen kunnen emoties bewuster ervaren worden en kan meer vitaliteit ontstaan. Lowen legt veel nadruk op het herstellen van contact met het lichaam als basis voor psychische gezondheid. Volgens hem ontstaat echte verandering niet alleen door inzicht of analyse, maar ook door lichamelijke ervaring. Hoewel sommige theorieën van Lowen tegenwoordig als verouderd of moeilijk wetenschappelijk toetsbaar worden gezien, heeft zijn werk veel invloed gehad op moderne lichaamsgerichte therapieën en traumabenaderingen. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/bioenergetics/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Yehuda (2002) in Biological Psychiatry onderzochten biologische kenmerken van posttraumatische stressstoornis (PTSS), met nadruk op de regulatie van het stresshormoon cortisol en de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as). Rachel Yehuda en collega’s bestudeerden mensen met PTSS – vaak na oorlogservaringen of andere ernstige trauma’s – en vergeleken hun hormonale profielen met die van controlepersonen.\nEen centrale bevinding was dat PTSS niet simpelweg gepaard gaat met verhoogd cortisol, zoals lang werd aangenomen. Integendeel: veel mensen met chronische PTSS vertonen juist lagere basale cortisolniveaus, maar een verhoogde gevoeligheid van de stress-as voor negatieve feedback. Met dexamethason-suppressietests lieten de onderzoekers zien dat de HPA-as bij PTSS vaak sterker reageert op remmende signalen. Dat wijst op een ontregeld systeem: de stressreactie wordt snel geactiveerd, maar ook abnormaal geremd, wat kan bijdragen aan hyperalertheid, herbelevingen en moeite met herstel na stress.\nDe studie bespreekt ook intergenerationele en vroege-levensinvloeden. Trauma, vooral vroeg in het leven, kan blijvende veranderingen in stressregulatie veroorzaken. Deze veranderingen beïnvloeden hoe iemand later op stress reageert en kunnen de kwetsbaarheid voor PTSS vergroten. Yehuda benadrukt dat biologische markers zoals cortisolpatronen geen simpele diagnose-instrumenten zijn, maar wel inzicht geven in de fysiologie van trauma.\nDe bredere conclusie is dat PTSS gepaard gaat met specifieke neuro-endocriene patronen in plaats van een algemene “overactivatie” van stresshormonen. Dit verfijnt het begrip van trauma: het gaat om een complexe ontregeling van stresssystemen, met implicaties voor behandeling, preventie en onderzoek naar hoe trauma langdurig in lichaam en brein wordt vastgelegd.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/biological-psychiatry/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Ānāpānasati is een eeuwenoude boeddhistische meditatievorm die draait om aandacht voor de ademhaling. Het woord komt uit het Pali:\nānā = inademen apāna = uitademen sati = aandacht of opmerkzaamheid Ānāpānasati betekent dus letterlijk: aandachtig zijn bij de in- en uitademing.\nWat is het doel van ānāpānasati? # Ānāpānasati is meer dan een techniek om tot rust te komen. Het is een pad van inzicht en bevrijding, dat leidt van kalmte naar diepe wijsheid (vipassanā). Door langdurig en nauwgezet de adem te observeren, kalmeert de geest, verdwijnen afleidingen, en wordt de vergankelijkheid van alle ervaring zichtbaar.\nDe vier fasen (tetrads) # Ānāpānasati is systematisch opgebouwd uit 16 contemplaties, verdeeld over 4 hoofdgebieden:\n1. Lichaam (kāya) # Bewust zijn van lange of korte adem Het hele lichaam voelen bij de adem Het lichaam kalmeren 2. Gevoelens (vedanā) # Bewust zijn van vreugde en geluk Gevoelens verfijnen Gevoelens kalmeren 3. Geest (citta) # De geest observeren (scherp, ruim, geconcentreerd) De geest verheugen of kalmeren De geest bevrijden van afleiding 4. Mentale objecten (dhamma) # Inzicht in vergankelijkheid, loslaten, en het wegvallen van gehechtheid Leidt naar bevrijding (nibbāna) ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/boeddhistische-anapanasati/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Brené Brown onderzocht jarenlang schaamte, kwetsbaarheid en menselijke verbinding. In haar boek Daring Greatly (2012) beschrijft zij hoe schaamte een van de meest verborgen maar invloedrijke emoties van mensen is.\nVolgens Brown ontstaat schaamte wanneer iemand diep vanbinnen gelooft niet goed genoeg te zijn. Mensen zijn bang om afgewezen te worden wanneer anderen hun fouten, pijn of kwetsbaarheid echt zien. Daardoor gaan veel mensen zichzelf beschermen door controle, perfectionisme, aanpassen of emotionele afstand. Brown maakt een belangrijk onderscheid tussen schuld en schaamte. Schuld gaat over gedrag: *ik deed iets verkeerd*. Schaamte gaat over identiteit: *ik bén verkeerd*. Juist die overtuiging kan mensen klein, stil en eenzaam maken. Kwetsbaarheid ziet Brown niet als zwakte, maar als moed. Werkelijk contact met anderen ontstaat volgens haar pas wanneer mensen eerlijk durven zijn over onzekerheid, verdriet of angst. Dat vraagt risico, omdat openheid ook afwijzing mogelijk maakt. Compassie speelt hierin een belangrijke rol. Mensen herstellen vaak niet door harder voor zichzelf te worden, maar door zichzelf met meer mildheid en begrip te leren bekijken. Verbinding met anderen helpt daarbij sterk. Brown laat zien dat echte kracht niet ontstaat door perfectie of controle, maar door de bereidheid om menselijk zichtbaar te zijn — inclusief fouten, emoties en kwetsbaarheid. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/brown-daring-greatly/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Robin L. Carhart-Harris is een van de meest bekende onderzoekers op het gebied van psilocybine. Vanuit Imperial College London en later de University of California San Francisco publiceerde hij met zijn team een lange reeks studies over de werking van psilocybine in de hersenen en de toepassing bij depressie, angst en gerelateerde aandoeningen.\nEen centraal idee in zijn werk is dat psilocybine de activiteit van het *default mode network* (een hersennetwerk dat actief is bij piekeren, zelfgereferentieel denken en negatieve zelfbeelden) tijdelijk vermindert. Bij depressie en PTSS staat dit netwerk vaak overactief. Het tijdelijk losser worden van vastgezette patronen kan ruimte geven voor nieuwe perspectieven en flexibeler denken. Daarnaast onderzoekt Carhart-Harris hoe psilocybine de neuroplasticiteit (het vermogen van het brein om nieuwe verbindingen aan te leggen) verhoogt. Dat verklaart waarom de periode na een sessie therapeutisch zo belangrijk is. De hersenen staan tijdelijk meer open voor leren en hervorming. Klinische studies onder zijn leiding lieten bij therapieresistente depressie sterke afnames van klachten zien, ook in vergelijking met klassieke antidepressiva (SSRI's). Voor PTSS is direct onderzoek beperkter, maar het mechanisme van flexibilisering en zelfcompassie sluit aan bij wat bij traumaverwerking nodig is. Carhart-Harris wordt soms te enthousiast geïnterpreteerd door de media. Zijn eigen toon is voorzichtiger: psychedelica zijn instrumenten, geen wondermiddelen. De therapeutische context, voorbereiding en integratie zijn volgens hem minstens zo belangrijk als de stof zelf. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/carhart-harris-psilocybin/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Chassidische verhalen zijn korte, vaak mystieke en diep symbolische vertellingen afkomstig uit de chassidische traditie binnen het jodendom. Ze ontstonden vooral in Oost-Europa in de 18e en 19e eeuw, in de kring van de chassidische beweging die werd geïnspireerd door rabbi Israel ben Eliezer, beter bekend als de Baäl Sjem Tov (meester van de goede naam).\nWat maakt chassidische verhalen bijzonder? # 🕯️ Ze dragen spirituele wijsheid over op een toegankelijke, menselijke manier. Het zijn geen droge dogma’s, maar verhalen die tot het hart spreken. 🧭 Ze gaan vaak over gewone mensen, die op een onverwacht moment in aanraking komen met het goddelijke. 🫀 De nadruk ligt op innerlijke beleving, vreugde, eenvoud en verbondenheid met God in het alledaagse. 🪞 Ze zetten je aan tot zelfreflectie — vaak op een zachte, maar confronterende manier. 💡 Veel verhalen draaien om paradoxen, zoals een dwaas die wijzer blijkt dan de rabbi, of een zondaar die dichter bij God blijkt te staan dan een vrome gelovige. Thema’s die vaak terugkomen: # De verborgen rechtvaardige (de tzaddiek) Het belang van kavanah (innerlijke intentie) Het vinden van God in het alledaagse leven De kracht van muziek, dans en stilte Het mysterie van het gebed Een bekend voorbeeld:\nEen leerling vraagt aan de rabbi: “Waar woont God?” De rabbi antwoordt: “Waar Hij wordt binnengelaten.”\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/chassidische-verhalen/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Compassion Focused Therapy (CFT) is een therapeutische methode ontwikkeld door de Britse psycholoog Paul Gilbert. De aanpak is vooral bedoeld voor mensen die veel last hebben van schaamte, zelfkritiek, angst of traumatische ervaringen. CFT helpt om een vriendelijkere en stabielere relatie met jezelf op te bouwen.\nDe basis van CFT is dat ons brein niet is ontworpen om altijd rustig en gelukkig te zijn. Het brein probeert vooral te overleven. Daardoor reageren mensen snel op gevaar, afwijzing of stress. Gilbert beschrijft drie emotieregulatiesystemen die hierbij een rol spelen.\n1. Dreigingssysteem # Dit systeem beschermt ons tegen gevaar. Het activeert angst, boosheid of stress. Bij trauma of langdurige spanning kan dit systeem te vaak aanstaan.\n2. Jaagsysteem # Dit systeem helpt ons doelen bereiken. Het gaat over presteren, succes, winnen en erkenning krijgen. Het kan motiveren, maar ook uitputten.\n3. Kalmerings- en zorgsysteem # Dit systeem zorgt voor rust, veiligheid, verbondenheid en herstel. Juist dit systeem is bij veel mensen onderontwikkeld of moeilijk bereikbaar.\nCFT leert mensen om het kalmeringssysteem sterker te maken. Dat gebeurt met oefeningen in ademhaling, aandacht, lichaamsbewustzijn, verbeelding en helpende zelfspraak. Het doel is niet om problemen te ontkennen, maar om ermee om te gaan vanuit kracht en mildheid.\nEen belangrijk inzicht van Gilbert is dat veel innerlijke strijd niet ontstaat uit zwakte, maar uit oude overlevingspatronen. Zelfcompassie betekent daarom niet medelijden met jezelf, maar wijs en moedig reageren op pijn.\nDe kern van CFT is helder: wie leert vriendelijker met zichzelf om te gaan, creëert meer rust, veerkracht en ruimte voor herstel.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/compassion-focused-therapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Samenvatting van Koch et al. (2019): Dance Movement Therapy en trauma # Het artikel van Sabine C. Koch en collega’s (2019) betreft een systematische review en meta-analyse naar de effecten van dance movement therapy (DMT) en andere lichaamsgerichte bewegingsinterventies op psychisch functioneren, waaronder trauma- en stressgerelateerde klachten. De studie bundelt resultaten van meerdere onderzoeken om te bepalen of gestructureerde, ritmische beweging therapeutisch effect heeft op emotionele regulatie, lichaamsbewustzijn en psychische symptomen.\nDe auteurs concluderen dat lichaamsgerichte bewegingsvormen – zoals dans, ritmische coördinatie en expressieve beweging – een meetbaar positief effect kunnen hebben op stressreductie, stemming en interoceptie (het vermogen om lichamelijke signalen waar te nemen). Bij mensen met trauma en PTSS lijken deze interventies vooral te werken via bottom-up regulatie: het lichaam wordt aangesproken via ritme, houding en beweging, waardoor het autonome zenuwstelsel zich kan stabiliseren.\nEen belangrijk mechanisme dat wordt beschreven is sensorimotor integratie. Door herhaalde, aandachtige bewegingen worden motorische, emotionele en cognitieve processen gelijktijdig geactiveerd. Dit kan helpen om fragmentatie – een kernprobleem bij trauma – te verminderen. Daarnaast blijkt ritme een regulerende werking te hebben op arousal en stressrespons, vergelijkbaar met bevindingen uit onderzoek naar ademregulatie en co-regulatie.\nDe meta-analyse laat zien dat DMT significante effecten kan hebben op depressieve symptomen, angst en lichaamsbewustzijn. Voor PTSS-populaties zijn de studies nog beperkt, maar de resultaten wijzen in de richting van verbeterde regulatie en vermindering van dissociatie.\nKoch en collega’s benadrukken dat lichaamsgerichte interventies vooral effectief zijn wanneer ze geïntegreerd worden in een bredere therapeutische context. Ze vervangen geen traumagerichte psychotherapie, maar kunnen de lichamelijke component van herstel versterken. Het onderzoek ondersteunt daarmee het groeiende inzicht dat trauma niet alleen cognitief, maar ook lichamelijk moet worden verwerkt.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/dance-movement-therapy-en-trauma/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Alan K. Davis (Johns Hopkins University en later Ohio State University) onderzoekt al jaren de toepassing van psilocybine bij depressie, angst en betekenisverlies. Zijn werk valt op door de combinatie van klinisch en kwalitatief onderzoek: hij meet niet alleen klachten, maar luistert ook naar wat deelnemers ervaren en hoe zij die ervaring later integreren in hun leven.\nIn een belangrijke studie uit 2020, gepubliceerd in *JAMA Psychiatry*, lieten Davis en collega's zien dat twee psilocybine-sessies in combinatie met psychotherapie tot snelle en aanhoudende afname van depressieve klachten leidden bij volwassenen met een ernstige depressie. Een groot deel van de deelnemers was na vier weken in remissie. Een kenmerkend thema in Davis' onderzoek is *meaning-making*. Veel deelnemers beschrijven na een psilocybine-sessie een gevoel van hervonden zin, verbondenheid of een nieuw perspectief op het leven. Dat lijkt geen bijwerking, maar mogelijk een werkzame factor. Voor mensen met PTSS, moral injury en existentiële wanhoop is juist het hervinden van zin vaak een sleutel in herstel. Davis benadrukt dat psilocybine-therapie geen gemakkelijk pad is. De ervaring zelf kan intens en confronterend zijn, en de integratie achteraf vraagt aandacht en begeleiding. Maar voor mensen bij wie andere behandelingen vastliepen, kan het volgens zijn onderzoek een waardevolle aanvulling zijn op het bestaande zorgaanbod. Davis pleit voor toegankelijke, goed gereguleerde behandeling, met aandacht voor diversiteit en kwetsbaarheid van deelnemers. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/davis-psilocybin-meaning-making/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In De Held met de Duizend Gezichten onthult mytholoog Joseph Campbell een universeel patroon dat verscholen ligt in mythen, sprookjes en religieuze verhalen van over de hele wereld: de monomythe, ofwel de reis van de held. Volgens Campbell doorloopt vrijwel elke mythische figuur — van Odysseus tot Boeddha, van Gilgamesj tot moderne filmhelden — een vergelijkbaar traject van roeping, beproeving, transformatie en terugkeer. Deze zogeheten hero’s journey begint vaak met een innerlijke of uiterlijke oproep tot avontuur, gevolgd door confrontaties met obstakels, innerlijke draken en gidsen. Uiteindelijk ondergaat de held een fundamentele transformatie, die niet alleen hemzelf verandert, maar ook iets teruggeeft aan de gemeenschap. Wat Campbell hiermee laat zien, is dat mythen geen oude verhalen zijn om te bewaren in boeken, maar levendige spiegels van onze eigen innerlijke ontwikkelingsweg. Zijn werk is doordrenkt van symboliek, psychologie (met name beïnvloed door Jung), en diepe eerbied voor de kracht van verhalen. Campbell nodigt uit om de held niet te zoeken in verre tijden of fictieve werelden, maar te herkennen in onszelf. Ieder mens wordt uitgedaagd het bekende te verlaten, het onbekende te betreden en zichzelf opnieuw uit te vinden. De Held met de Duizend Gezichten is meer dan een studie over mythen: het is een gids voor innerlijke groei. Campbell reikt geen kant-en-klaar pad aan, maar een universele structuur waarin we onze eigen weg kunnen herkennen. Een boek dat vraagt om niet alleen gelezen, maar ook geleefd te worden. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/de-held-met-de-duizend-gezichten/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In De Vier Inzichten (1997) deelt Don Miguel Ruiz eeuwenoude wijsheid uit de Tolteekse traditie, vertaald naar heldere, praktische richtlijnen voor een vrijer en bewuster leven. Volgens Ruiz leven veel mensen in een droom vol angst, oordelen en zelfbeperkende overtuigingen — een droom die ons gevangen houdt in pijn, schuld en herhaling. De weg naar bevrijding? Vier eenvoudige maar diep transformerende inzichten. Wees onberispelijk in je woorden: woorden zijn krachtig. Ze kunnen helen of vernietigen. Door eerlijk, zorgvuldig en liefdevol te spreken, zet je een beweging in gang van innerlijke waarheid en zuivere relaties.\nVat niets persoonlijk op: wat anderen zeggen of doen, zegt meer over hen dan over jou. Door los te komen van andermans projecties, bevrijd je jezelf van onnodig lijden.\nGa niet uit van veronderstellingen: we vullen voortdurend dingen in, zonder het echt te checken. Vragen stellen en helder communiceren voorkomt misverstanden en brengt echte verbinding.\nDoe altijd je best: niet perfect, maar oprecht. Je best doen is elke dag anders — en juist dat maakt het bevrijdend. Het voorkomt zelfverwijt én uitstel.\nRuiz schrijft met eenvoud en diepgang. Zijn inzichten klinken misschien logisch, maar blijken in de praktijk verrassend krachtig. De Vier Inzichten is geen theoretisch boek, maar een uitnodiging tot dagelijkse beoefening. Wie de moed heeft deze richtlijnen echt toe te passen, zal merken dat de innerlijke droom verandert — van angst naar vrijheid, van oordeel naar liefde.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/de-vier-inzichten/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Het artikel van de **American Diabetes Association (2004)**in Diabetes Care biedt een overzicht van de diagnose en classificatie van diabetes mellitus en de onderliggende pathofysiologie. De ADA onderscheidt vooral type 1-diabetes, type 2-diabetes, zwangerschapsdiabetes en enkele specifieke vormen met genetische of medische oorzaken. Centraal staat dat diabetes wordt gekenmerkt door chronisch verhoogde bloedglucose als gevolg van problemen met insulineproductie, insulinewerking of beide.\nType 1-diabetes ontstaat door auto-immuundestructie van de bètacellen in de pancreas, waardoor insulineproductie wegvalt. Type 2-diabetes – veruit de meest voorkomende vorm – wordt gekenmerkt door insulineresistentie in combinatie met een geleidelijk tekort aan insuline. Risicofactoren zijn onder meer overgewicht, weinig beweging, genetische aanleg en leeftijd. Het artikel beschrijft diagnostische criteria op basis van nuchtere glucosewaarden, orale glucosetolerantietests en symptomen van hyperglykemie.\nDe ADA benadrukt dat langdurig verhoogde glucose leidt tot microvasculaire en macrovasculaire complicaties: retinopathie, nefropathie, neuropathie, hart- en vaatziekten en beroerte. Vroege opsporing en strikte regulatie van bloedglucose, bloeddruk en lipiden zijn daarom essentieel. Behandeling omvat leefstijlinterventies (voeding, beweging, gewichtsbeheersing), medicatie en bij type 1 altijd insuline. Zelfmonitoring van bloedglucose en educatie van patiënten worden gezien als kernonderdelen van effectieve zorg.\nEen belangrijk punt in het artikel is dat diabetesmanagement multidisciplinair moet zijn en gericht op lange termijn. De aandoening wordt niet alleen als een stoornis in glucosemetabolisme gezien, maar als een systemische ziekte die meerdere organen en regulatiesystemen beïnvloedt. Vroege interventie en consistente behandeling kunnen complicaties aanzienlijk verminderen en de levenskwaliteit verbeteren.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/diabetes-care/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Carl Gustav Jung zag dromen niet als willekeurige beelden, maar als boodschappen uit het onbewuste. Volgens Jung laat een droom zien wat in het dagelijks bewustzijn vaak verborgen blijft. Dromen kunnen daarom helpen om jezelf beter te begrijpen.\nEen belangrijk idee van Jung is dat mensen niet alleen een persoonlijk onbewuste hebben, maar ook een collectief onbewuste. Daarin liggen oeroude beelden en patronen opgeslagen die overal in culturen terugkomen. Jung noemde deze beelden archetypen. Voorbeelden zijn de wijze oude man, de moeder, de held of de schaduw. De schaduw speelt een grote rol in zijn werk. Dat zijn delen van jezelf die je liever niet ziet of onderdrukt. In dromen kunnen deze delen zichtbaar worden in symbolische vorm. Volgens Jung is het belangrijk om die schaduw niet weg te drukken, maar te leren begrijpen. Dat helpt bij innerlijke groei. Jung zag dromen daarom niet alleen als verwerking van ervaringen, maar ook als een poging van de psyche om evenwicht te herstellen. Een droom kan waarschuwen, richting geven of verborgen gevoelens zichtbaar maken. Zijn werk heeft grote invloed gehad op psychologie, spiritualiteit, kunst en moderne ideeën over persoonlijke ontwikkeling en bewustwording. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/dromen-en-symboliek/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" De studie van Kral et al. (2018) werpt een fris licht op de impact van mindfulnessmeditatie op het brein, met name bij mensen die deze beoefening langdurig en intensief integreren in hun dagelijks leven. In plaats van oppervlakkige veranderingen te meten, richt het onderzoek zich op diepe, structurele verschuivingen in hersenactiviteit en connectiviteit, en op wat dit betekent voor aandacht, emotie en zelfgevoel. Een opvallende bevinding is dat langdurige mindfulnessbeoefening leidt tot een sterkere verbinding tussen hersengebieden die betrokken zijn bij interoceptie (het voelen van je lichaam van binnenuit) en gebieden die belangrijk zijn voor aandacht en zelfregulatie. Simpel gezegd: mensen die veel mediteren, voelen niet alleen beter wat er in hun lichaam gebeurt, ze kunnen er ook met meer focus en rust bij blijven.\nDe studie kijkt ook naar veranderingen in de default mode network (DMN), het netwerk dat actief is als we dagdromen of met onszelf bezig zijn. Bij ervaren mediteerders is dit netwerk minder dominant en flexibeler inzetbaar, wat wijst op een minder vastgelopen, meer open vorm van zelfervaring.\nWat Kral et al. laat zien, is dat mindfulness niet alleen stress vermindert of ‘ontspant’, maar werkelijk het brein herschikt — richting meer aanwezigheid, belichaamde zelfkennis en emotionele veerkracht.\nDeze studie nodigt uit tot nieuwsgierigheid: wat als aandachtstraining niet iets bijkomstigs is, maar een sleutel tot innerlijke groei en mentale gezondheid? En hoe kunnen we deze inzichten inzetten in therapie, onderwijs of ons dagelijks leven?\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/effect-meditatie-mindfullness/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Embodied cognition is een benadering binnen de cognitiewetenschap die stelt dat denken niet alleen in het brein plaatsvindt, maar in het hele lichaam en in interactie met de omgeving. Cognitie ontstaat uit de voortdurende wisselwerking tussen hersenen, zintuigen, motoriek en context. Het klassieke beeld van de mens als een brein dat informatie verwerkt los van het lichaam is volgens deze visie te beperkt.\nEen kernidee is dat perceptie en actie onlosmakelijk verbonden zijn. Wat iemand waarneemt, wordt mede bepaald door wat hij of zij lichamelijk kan doen. Een trap ziet er anders uit voor een kind dan voor een volwassene, omdat hun lichamen andere mogelijkheden hebben. Denken is dus niet alleen representaties in het hoofd manipuleren, maar ook voorbereid zijn op handelen in de wereld.\nHet lichaam beïnvloedt bovendien emoties en besluitvorming. Houding, ademhaling en spierspanning hebben directe impact op stemming, aandacht en risicobeoordeling. Wie gespannen zit, denkt anders dan iemand die ontspannen beweegt. Emoties worden in deze benadering gezien als lichamelijke toestanden die het denken sturen, niet als puur mentale labels.\nDe omgeving maakt ook deel uit van het cognitieve systeem. Hulpmiddelen zoals pen en papier, een computerterminal of een werkbank functioneren als verlengstukken van het denken. Door dingen buiten het hoofd te plaatsen – notities, schema’s, fysieke objecten – wordt cognitieve belasting verlaagd en ontstaat ruimte voor complexere redeneringen. Cognitie is daarmee verdeeld over brein, lichaam en wereld.\nEmbodied cognition heeft invloed op verschillende domeinen. In onderwijs benadrukt het leren door doen en bewegen. In therapie ligt de focus op lichamelijke regulatie naast gesprek. In robotica en kunstmatige intelligentie groeit het besef dat intelligent gedrag moeilijk te begrijpen is zonder een lichaam dat kan waarnemen en handelen.\nKort gezegd: denken is geen losstaand proces in het hoofd, maar een dynamisch samenspel van lichaam, brein en omgeving.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/embodied-cognition/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Born \u0026amp; Fehm (2000) in Endocrine Reviews geven een overzicht van de wisselwerking tussen slaap en het endocriene systeem. Hun centrale punt: slaap is geen passieve toestand, maar een actief gereguleerd proces dat nauw samenhangt met hormonale ritmes. Veel hormonen volgen een circadiaans patroon en worden specifiek beïnvloed door verschillende slaapfasen, vooral diepe slaap (slow-wave sleep).\nDe auteurs beschrijven hoe de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as), groeihormoon, prolactine, melatonine en cortisol onderling verbonden zijn met slaaparchitectuur. Zo wordt groeihormoon vooral afgegeven tijdens de eerste cycli van diepe slaap, wat belangrijk is voor herstel en metabolisme. Cortisol daarentegen daalt in de vroege nacht en stijgt richting de ochtend. Verstoring van slaap – door stress, ploegendiensten of slaaptekort – kan deze ritmes ontregelen en leiden tot verhoogde cortisolniveaus, verminderde insulinegevoeligheid en andere metabole gevolgen.\nHet artikel benadrukt ook de rol van slaap in geheugen, immuunfunctie en energiebalans via hormonale routes. Chronische slaapverstoring kan bijdragen aan obesitas, stemmingsstoornissen en verminderde stressregulatie. Omgekeerd kunnen hormonale veranderingen (bijvoorbeeld door stress of ziekte) de slaapstructuur zelf verstoren, wat een vicieuze cirkel kan creëren.\nBorn en Fehm concluderen dat gezonde slaap essentieel is voor endocriene stabiliteit. Slaaptekort of fragmentatie werkt door op meerdere hormoonsystemen en beïnvloedt daarmee zowel fysieke als mentale gezondheid. Het artikel onderstreept dat slaap en hormonale regulatie als één geïntegreerd systeem moeten worden gezien, niet als losse processen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/endocrine-reviews/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"De publicatie van Meaney en Szyf (2005) beschrijft hoe vroege omgevingsinvloeden – met name ouderlijke zorg – langdurige effecten hebben op de regulatie van het stresssysteem. Hun werk is gebaseerd op dieronderzoek, vooral bij ratten, en laat zien dat verschillen in moederlijk gedrag (zoals likken en verzorgen) blijvende veranderingen veroorzaken in de stressreactie van nakomelingen.\nCentraal staat de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as), het systeem dat de aanmaak van stresshormonen zoals cortisol (bij mensen) reguleert. Rattenpups die veel zorg ontvangen, ontwikkelen een efficiëntere negatieve feedback in dit systeem. Dat betekent dat hun stressreactie sneller tot rust komt. Pups die minder zorg krijgen, vertonen daarentegen een verhoogde en langdurigere stressrespons.\nDe sleutel tot deze verschillen ligt volgens de auteurs in epigenetische mechanismen, met name DNA-methylatie. Zij tonen aan dat moederlijk gedrag de methylatie beïnvloedt van het gen dat codeert voor de glucocorticoïdreceptor in de hippocampus. Meer zorg leidt tot minder methylatie en dus tot hogere genexpressie, wat resulteert in betere stressregulatie. Minder zorg geeft het omgekeerde effect.\nOpmerkelijk is dat deze veranderingen stabiel blijven tot in volwassenheid, maar niet onveranderlijk zijn. Experimentele interventies konden de epigenetische markeringen deels terugdraaien. Daarmee onderstrepen Meaney en Szyf dat genen geen vaststaand lot bepalen: omgevingsinvloeden “programmeren” biologische systemen, maar plasticiteit blijft bestaan.\nDe studie levert fundamenteel bewijs dat vroege ervaringen biologische sporen nalaten die gedrag en stressgevoeligheid beïnvloeden. Het werk vormde een belangrijke basis voor latere onderzoeken naar intergenerationele overdracht van stress en trauma bij mensen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/environmental-programming-of-stress-responses/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Expressive Writing: Words That Heal van James W. Pennebaker en John Evans legt uit hoe schrijven over ingrijpende of emotioneel beladen ervaringen kan bijdragen aan psychisch én lichamelijk herstel. Het boek bouwt voort op tientallen jaren onderzoek van Pennebaker, waaruit blijkt dat mensen vaak baat hebben bij korte, gestructureerde schrijfsessies waarin zij eerlijk en zonder censuur opschrijven wat hen bezighoudt. Het gaat niet om mooi schrijven, grammatica of stijl, maar om betekenis geven aan ervaringen.\nDe kernboodschap is eenvoudig: schrijf over wat je wakker houdt. Door gedachten en gevoelens onder woorden te brengen, ontstaat vaak meer orde in chaos. Mensen zien verbanden, herkennen patronen en krijgen afstand tot overweldigende emoties. Dat proces kan stress verminderen en mentale helderheid vergroten. Het boek stelt dat schrijven soms effectiever is dan praten, omdat je in stilte en op eigen tempo kunt onderzoeken wat er werkelijk speelt.\nDe auteurs beschrijven ook hoe je dit praktisch aanpakt. Een bekende methode is om gedurende enkele dagen ongeveer 15 tot 20 minuten te schrijven over een moeilijke gebeurtenis, inclusief feiten, emoties en de impact ervan op je leven. Belangrijk is dat je privé schrijft en eerlijk bent. De tekst hoeft niet bewaard of gedeeld te worden. Juist die vrijheid maakt openheid mogelijk.\nTegelijk waarschuwt het boek dat expressive writing geen wondermiddel is. Niet iedereen profiteert op dezelfde manier, en bij ernstige trauma’s of acute psychische klachten kan professionele begeleiding nodig zijn. Het sterkste punt van het boek is de combinatie van wetenschap en praktische toepasbaarheid: het maakt een eenvoudig hulpmiddel toegankelijk dat veel mensen zelfstandig kunnen inzetten voor verwerking, inzicht en veerkracht.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/expressive-writing/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In augustus 2024 publiceerde de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) een uitgebreid briefingdocument over MDMA-geassisteerde therapie bij posttraumatische stressstoornis (PTSS). Aanleiding was de aanvraag van Lykos Therapeutics (voorheen MAPS) om de behandeling officieel goed te keuren als geneesmiddel.\nDe FDA-experts beoordeelden de fase 3-studies van Mitchell en collega's. Ondanks de positieve resultaten — een groot deel van de deelnemers voldeed na behandeling niet meer aan de criteria voor PTSS — zag het comité belangrijke methodologische problemen. Het belangrijkste bezwaar betrof de blindering: deelnemers en therapeuten konden vrijwel altijd onderscheiden of iemand MDMA had gekregen of een placebo. Dat ondermijnt de geldigheid van de uitkomsten. Daarnaast had het comité zorgen over de selectie van deelnemers, de afhankelijkheid van een specifiek therapieprotocol, de rapportage van bijwerkingen en signalen van mogelijk grensoverschrijdend gedrag binnen sommige onderzoekssettings. Op basis van deze beoordeling adviseerde het comité in meerderheid om de aanvraag af te wijzen. De FDA volgde dit advies. Belangrijk om te weten: de afwijzing betekent niet dat MDMA-geassisteerde therapie niet werkt. Het betekent dat er beter, gestandaardiseerd en transparanter onderzoek nodig is voordat reguliere goedkeuring kan volgen. Voor de Europese en Nederlandse situatie heeft het besluit indirect gevolgen. Goedkeuring van de FDA was vaak een opmaat naar bredere klinische beschikbaarheid. Nu zal het langer duren voordat MDMA-therapie voor PTSS in een gereguleerde setting beschikbaar komt — al gaat het onderzoek wel door. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/fda-briefing-mdma-2024/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Allison A. Feduccia publiceerde in de afgelopen jaren met collega\u0026rsquo;s verschillende overzichtsartikelen over MDMA-geassisteerde therapie bij PTSS. Feduccia werkte lang als onderzoeker bij MAPS (later Lykos Therapeutics) en is een van de meest gerefereerde stemmen in dit veld.\nHaar reviews vatten de stand van het onderzoek samen op drie punten. Werkzaamheid. Verschillende studies — pilot, fase 2 en uiteindelijk fase 3 — laten consistent een afname van PTSS-klachten zien bij deelnemers die MDMA-therapie kregen, ook bij mensen bij wie eerdere behandelingen onvoldoende hielpen. Effecten bleven meestal maanden tot een jaar na behandeling zichtbaar. Werkingsmechanismen. Feduccia bespreekt hoe MDMA de activiteit van de amygdala (het alarmsysteem in de hersenen) tijdelijk dempt, terwijl het gevoelens van verbondenheid en zelfcompassie vergroot via oxytocine en serotonine. Dat creëert een venster waarin traumaverwerking minder overweldigend kan plaatsvinden. Veiligheid en grenzen. De reviews benoemen ook de risico's: tijdelijke hartslag- en bloeddrukstijging, mogelijke psychische destabilisatie, en het belang van getrainde begeleiders. Voorbeelden van grensoverschrijdend gedrag binnen onderzoekssettings worden expliciet besproken. Na de FDA-afwijzing van 2024 vertrok Feduccia bij Lykos en werd zij een kritische stem binnen het veld. Haar recentere publicaties pleiten voor strengere methodologie en betere bescherming van deelnemers in toekomstig onderzoek. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/feduccia-mdma-review/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Gezond leven met mindfulness van Jon Kabat-Zinn beschrijft hoe mindfulness kan helpen bij stress, pijn, ziekte en emotionele overbelasting. Het boek vormt de basis van het programma MBSR (Mindfulness-Based Stress Reduction), dat wereldwijd in zorg en therapie wordt gebruikt.\nKabat-Zinn legt mindfulness uit als bewust aanwezig zijn in het huidige moment, zonder direct te oordelen of weg te duwen wat je ervaart. Veel mensen leven volgens hem grotendeels op de automatische piloot: voortdurend bezig met verleden, toekomst of controle. Daardoor raken lichaam en geest vaak chronisch gespannen. Het boek combineert praktische oefeningen met uitleg over stress, emoties en lichamelijke gezondheid. Ademhaling, meditatie, lichaamsbewustzijn en aandachtige beweging helpen om signalen van spanning eerder op te merken en anders met moeilijke ervaringen om te gaan. Kabat-Zinn benadrukt dat mindfulness niet betekent dat problemen verdwijnen of dat iemand altijd rustig moet zijn. Het gaat juist om leren aanwezig blijven bij het “volle leven” — inclusief pijn, onzekerheid, verdriet en chaos — zonder er volledig door meegesleept te worden. De kern van het boek is dat aandacht en bewustzijn ruimte kunnen creëren tussen prikkel en reactie. Daardoor ontstaat meer keuzevrijheid, rust en veerkracht, ook midden in moeilijke omstandigheden. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/gezond-leven-met-mindfulness/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Haptonomie: Wetenschap van de Affectiviteit van Frans Veldman beschrijft haptonomie als een benadering waarin gevoel, contact en lichamelijke ervaring centraal staan. Veldman ontwikkelde zijn ideeën vanuit observaties over menselijke aanraking, veiligheid en affectieve verbinding.\nVolgens Veldman heeft de manier waarop mensen lichamelijk en emotioneel contact ervaren grote invloed op hun gevoel van veiligheid, identiteit en aanwezigheid. Liefdevolle bevestiging en veilige aanraking helpen iemand om zich open, verbonden en levend te voelen. Gebrek aan veiligheid of afwijzing kan juist leiden tot afsluiting, spanning en terugtrekking. Haptonomie richt zich sterk op het bewust ervaren van het lichaam en de gevoelswereld. Daarbij gaat het niet alleen om emoties, maar ook om hoe iemand letterlijk aanwezig is in zichzelf, in contact met anderen en in de ruimte om zich heen. Het boek beschrijft affectiviteit als een fundamentele menselijke kwaliteit: het vermogen geraakt te worden én anderen te raken op een veilige en menselijke manier. Aanraking speelt daarin vaak een belangrijke rol, maar altijd in relatie tot vertrouwen, respect en afstemming. Hoewel de wetenschappelijke onderbouwing van haptonomie beperkt en omstreden is binnen reguliere wetenschap, heeft de benadering veel invloed gehad in Nederland, vooral binnen begeleiding rond zwangerschap, zorg, lichaamswerk en persoonlijke ontwikkeling. De kern van Veldmans visie is dat menselijk herstel en groei niet alleen cognitief verlopen, maar diep verbonden zijn met lichamelijke ervaring, veiligheid, contact en affectieve verbondenheid. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/haptonomie/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Het is niet met jou begonnen van Mark Wolynn gaat over intergenerationeel trauma: psychische en emotionele patronen die je niet zelf hebt veroorzaakt, maar hebt geërfd van eerdere generaties. Wolynn stelt dat onverklaarbare angsten, depressies, relatieproblemen of lichamelijke klachten vaak terug te voeren zijn op onverwerkte ervaringen van ouders, grootouders of zelfs verder terug. Oorlog, verlies, uitsluiting, geweld of schaamte laten sporen na die in familiesystemen blijven rondzingen. De kern: wat niet wordt verwerkt, wordt doorgegeven. Dat gebeurt via gedrag, taal, loyaliteit en soms zelfs via epigenetische veranderingen. Mensen nemen onbewust rollen of overtuigingen over om het familiesysteem “heel” te houden. Daardoor kun je gevoelens dragen die niet bij je eigen levenservaring lijken te passen. Wolynn combineert systemisch werk, traumatherapie en casussen uit zijn praktijk. Hij laat zien hoe terugkerende zinnen, hardnekkige angsten of relationele patronen vaak een ingang vormen naar de oorsprong van het probleem. Door die oorsprong te herkennen en te benoemen, kan de lading verschuiven. Het doel is niet om schuldigen aan te wijzen, maar om te zien wat van jou is en wat niet. Dat onderscheid geeft ruimte. Het boek biedt concrete stappen: het in kaart brengen van familiegeschiedenis, het herkennen van “kernzinnen” die je innerlijke overtuigingen sturen, en het herformuleren daarvan zodat je loskomt van oude loyaliteiten. Volgens Wolynn ontstaat herstel wanneer je het verleden erkent, de juiste plek inneemt in het systeem en stopt met dragen wat niet van jou is. Dat levert meer autonomie, rust en realistischere verbinding met anderen op. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/het-is-niet-met-jou-begonnen/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In an Unspoken Voice van Peter A. Levine bouwt verder op de ideeën uit Waking the Tiger. In dit boek legt Levine uitgebreider uit hoe trauma invloed heeft op hersenen, lichaam en emoties, en waarom herstel niet alleen via praten mogelijk is.\nVolgens Levine ontstaat trauma wanneer het zenuwstelsel overweldigd raakt en vast blijft zitten in een toestand van dreiging. Het lichaam blijft dan reageren alsof het gevaar nog aanwezig is. Dat kan zichtbaar worden als angst, spanning, woede, dissociatie, slapeloosheid of lichamelijke klachten zonder duidelijke medische oorzaak. Levine benadrukt dat trauma niet alleen opgeslagen zit in herinneringen of gedachten, maar ook in automatische lichamelijke reacties. Daarom richt herstel zich op het opnieuw leren voelen van veiligheid in het lichaam. Kleine signalen zoals ademhaling, houding, spanning of subtiele bewegingen spelen daarin een belangrijke rol. Het boek beschrijft hoe mensen stap voor stap contact kunnen maken met moeilijke gevoelens zonder opnieuw overspoeld te raken. Door voorzichtig heen en weer te bewegen tussen activatie en rust kan het zenuwstelsel langzaam ontladen en opnieuw reguleren. De centrale boodschap is dat herstel mogelijk is wanneer hersenen, lichaam en bewustzijn weer meer met elkaar verbonden raken. Veiligheid, aanwezigheid en lichaamsbewustzijn vormen daarbij de basis. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/in-an-unspoken-voice/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In Search of the Miraculous is een spiritueel en filosofisch boek van P. D. Ouspensky over de leer van George Ivanovich Gurdjieff. Het boek beschrijft de zoektocht van Ouspensky naar diepere kennis over de mens, bewustzijn en innerlijke ontwikkeling.\nDe kern van het boek is dat mensen meestal leven in een soort slaaptoestand. We denken dat we bewust handelen, maar volgens Gurdjieff reageren we vaak automatisch op gewoontes, emoties en invloeden van buitenaf. Werkelijke vrijheid ontstaat pas wanneer iemand leert zichzelf waar te nemen en bewuster te leven. Een belangrijk idee in het boek is dat de mens geen vast “ik” heeft. In plaats daarvan bestaan we uit veel verschillende delen die elkaar voortdurend afwisselen. Daardoor zijn mensen innerlijk verdeeld en tegenstrijdig. Door aandacht, zelfonderzoek en oefening kan iemand meer eenheid ontwikkelen. Ook beschrijft het boek verschillende spirituele wegen. Gurdjieff noemt zijn methode “de vierde weg”: een pad waarbij iemand innerlijk werkt terwijl hij gewoon midden in het dagelijks leven blijft staan. Het boek combineert psychologie, mystiek, filosofie en praktische oefeningen. Voor veel lezers is het een confronterend maar inspirerend werk over bewustwording en menselijke ontwikkeling. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/in-search-of-the-miraculous/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"De studie Holocaust exposure induced intergenerational effects on FKBP5 methylation van Yehuda uit (2016) onderzoekt of traumatische ervaringen uit de Holocaust biologische sporen kunnen nalaten die zichtbaar zijn in volgende generaties. De onderzoekers richtten zich op het gen FKBP5, dat betrokken is bij de regulatie van het stresshormoonsysteem (de HPA-as). Veranderingen in de regulatie van dit gen kunnen invloed hebben op hoe het lichaam omgaat met stress.\nDe studie vergeleek drie groepen: Holocaustoverlevenden, hun volwassen kinderen en een controlegroep zonder directe Holocaustblootstelling. Bij zowel overlevenden als hun nakomelingen vonden de onderzoekers veranderingen in DNA-methylatie van het FKBP5-gen. Methylatie is een epigenetisch proces dat bepaalt hoe actief een gen is zonder de genetische code zelf te veranderen. Opvallend was dat de methylatiepatronen bij ouders en kinderen niet identiek waren, maar wel duidelijk samenhingen. Dit wijst op een vorm van intergenerationele overdracht van stressgerelateerde biologische veranderingen.\nDe resultaten suggereren dat extreme traumatische ervaringen langdurige effecten kunnen hebben op de stressregulatie, en dat deze effecten deels zichtbaar blijven in de volgende generatie. De studie toont geen deterministische overdracht van trauma, maar wel een verhoogde gevoeligheid van het stresssysteem. Volgens de auteurs kan dit bijdragen aan een grotere kwetsbaarheid voor stressgerelateerde klachten, afhankelijk van latere levensomstandigheden en veerkrachtfactoren.\nBelangrijk is dat de onderzoekers benadrukken dat epigenetische veranderingen beïnvloedbaar blijven. Omgevingsfactoren, therapie en sociale context kunnen de regulatie van het stresssysteem opnieuw vormgeven. De studie levert daarmee een biologisch onderbouwde aanwijzing dat intergenerationeel trauma niet alleen psychologisch, maar ook lichamelijk kan doorwerken, terwijl tegelijk ruimte blijft voor herstel en plasticiteit.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/intergenerational-effects-on-fkbp5-methylation/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Volgens Carl Gustav Jung is een mens veel groter dan het deel dat hij bewust van zichzelf kent. Onder het dagelijkse bewustzijn ligt volgens hem het onbewuste: een diepere laag waarin gevoelens, herinneringen, verlangens en verdrongen delen van de persoonlijkheid verborgen liggen.\nEen belangrijk begrip in zijn werk is de *schaduw*. De schaduw bestaat uit eigenschappen of emoties die iemand liever niet van zichzelf ziet. Dat kunnen woede, angst of jaloezie zijn, maar ook kracht, spontaniteit of kwetsbaarheid. Mensen drukken deze delen vaak weg omdat ze niet passen bij hoe zij zichzelf willen zien of hoe zij denken dat anderen hen willen zien. Jung geloofde dat de schaduw zich vaak laat zien via dromen, symbolen en projecties op andere mensen. Iemand ergert zich bijvoorbeeld sterk aan gedrag van een ander, terwijl dat gedrag eigenlijk iets weerspiegelt van een verborgen deel van zichzelf. Daarnaast werkte Jung veel met symboliek. Hij zag symbolen als bruggen tussen het bewuste en het onbewuste. Beelden zoals water, bergen, vuur, schaduwen of oude wijzen komen volgens hem niet toevallig voor. Ze verwijzen naar diepere psychologische processen die wereldwijd in verhalen, religies en mythes terugkomen. Volgens Jung ontstaat innerlijke groei niet door perfecte controle, maar door bewustwording. Wie zijn schaduw leert herkennen en verdragen, wordt vollediger menselijk en leeft minder vanuit automatische patronen. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/jung-schaduw-symboliek/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Kabbalistische ademmeditaties zijn spirituele oefeningen uit de Joodse mystieke traditie (de Kabbala) waarin bewuste ademhaling wordt gecombineerd met visualisatie, heilige klanken (zoals Hebreeuwse letters of namen van God) en intentie (kavanah). Het doel is niet alleen ontspanning, maar het openen van spirituele bewustzijnslagen en het afstemmen op de innerlijke dimensies van de schepping.\nIn de kabbalistische visie is de adem (neshima) direct verbonden met de ziel (neshama). Iedere ademhaling is een kans om je opnieuw te verbinden met het goddelijke. Adem is niet zomaar fysiologisch, maar een kanaal van spirituele energie.\nHoe werkt het? # 🕊️ Bewuste ademhaling: Langzame, ritmische ademhaling helpt om de geest stil te maken. 🔠 Visualisatie van Hebreeuwse letters: Sommige meditaties laten je bijv. de letters van de naam יהוה (JHWH) inademen en uitademen. 🧘 Lichamelijke focus: De energiecentra in het lichaam (zoals het hart, het voorhoofd of het bekken) worden bewust gevoeld of geactiveerd tijdens het ademen. 🧩 Kabbalistische boom van het leven: Sommige oefeningen begeleiden de adem langs de sefirot (de 10 energiekanalen van de levensboom). ✡️ Goddelijke namen: De adem wordt verbonden aan heilige klanken of combinaties van letters, zoals \u0026ldquo;Eheieh\u0026rdquo;, \u0026ldquo;Adonai\u0026rdquo; of \u0026ldquo;Shaddai\u0026rdquo;. Waarom doen mensen dit? # Om het ego te verzachten Om inzicht te verkrijgen Om zich te openen voor de Eenheid En vaak ook gewoon om dieper aanwezig te zijn ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/kabbalistische-ademmeditatie/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Erwin Krediet en collega\u0026rsquo;s publiceerden in 2020 een uitgebreid overzichtsartikel over psychedelica-ondersteunde therapie bij PTSS en aanverwante traumastoornissen. Het artikel verscheen in een psychiatrisch wetenschappelijk tijdschrift en behoort tot de meest geciteerde Nederlandstalige bijdragen aan dit veld.\nKrediet brengt drie groepen middelen in kaart. MDMA wordt besproken als de best onderzochte vorm, met sterke effecten in pilot- en fase 2-studies. Psilocybine en LSD worden geplaatst in een vroeger onderzoeksstadium, maar met veelbelovende mechanismen via neuroplasticiteit en het versoepelen van rigide denkpatronen. Ketamine krijgt aandacht vanwege de bestaande klinische toepassing bij depressie en de eerste signalen dat het ook bij PTSS-symptomen kan helpen. Een sterk punt van de review is de aandacht voor wat binnen de sessie gebeurt. Krediet benadrukt dat het middel alleen niet het werk doet. De therapeutische context, de relatie met de begeleider, de voorbereiding en de integratie achteraf zijn even bepalend voor het resultaat. De auteurs spreken hierover als \"set en setting\" — een begrip uit de vroege psychedelische onderzoekstraditie. De review eindigt met een nuchtere agenda. Meer en grotere studies zijn nodig, met betere blindering, langere follow-up en heldere protocollen voor screening en integratie. Voor de Nederlandse situatie pleit Krediet voor een gereguleerde onderzoekssetting met goede ethische kaders, in plaats van het huidige grijze gebied van commerciële truffelaanbieders. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/krediet-psychedelics-ptss-review/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Er bestaat in de soefi-traditie een vorm van meditatie die Latifa wordt genoemd. Het woord betekent letterlijk: subtiliteit, zachtheid of innerlijke verfijning. De oefening richt zich niet op controle of prestatie, maar op het voorzichtig openen van aandacht voor wat diep van binnen leeft. Juist daarin kan de Latifa waardevol zijn voor mensen met PTSS of Moral Injury.\nBij trauma staat het zenuwstelsel vaak voortdurend gespannen. Het lichaam blijft alert, alsof gevaar nog steeds aanwezig is. Bij Moral Injury komt daar vaak iets anders bij: schuld, schaamte, verlies van vertrouwen of een beschadigd moreel kompas. Veel mensen proberen die pijn weg te drukken, maar raken daardoor juist verder verwijderd van zichzelf. De Latifa werkt anders. Tijdens de meditatie richt iemand de aandacht rustig op verschillende innerlijke lagen van ervaring: het hart, de adem, gevoelens, herinneringen en stilte. Niet om alles direct op te lossen, maar om zonder oordeel aanwezig te blijven bij wat gevoeld wordt. Dat vraagt zachtheid in plaats van strijd. Daar raken de zeven dimensies van zingeving aan de oefening. Aanvaarden begint bij erkennen wat er werkelijk is, zonder jezelf weg te duwen. Verlangen gaat over het besef dat er ondanks alles nog leven en richting in iemand aanwezig zijn. Hopen ontstaat vaak heel klein: een moment van rust, een ademhaling die zakt. Vertrouwen groeit langzaam wanneer het lichaam merkt dat stilte niet altijd gevaar betekent. Loslaten betekent niet vergeten, maar stoppen met voortdurende innerlijke verkramping. Liefde verschijnt als mildheid voor jezelf en anderen terug kan keren. En uiteindelijk ontstaat weer willen: de bereidheid om opnieuw deel te nemen aan het leven. De Latifa is daarmee geen snelle oplossing. Het is eerder een rustige weg terug naar menselijkheid, verbinding en innerlijke ruimte. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/latifa/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Leef! biedt originele en beproefde ingrediënten om je te laten leiden en verassen door jouw antwoorden op jouw levensvragen. De kennis die in deze acht opwekkende aanwijzingen wordt aangereikt, heeft betrekking op diverse aspecten van ons dagelijks leven.\n- vraag je af wat je nu wilt leren - aanvaard al wat is - worstel met je meest dominante tekortkoming - wees stil, en luister - durf bijzonder, eigenaardig en onvoorspelbaar te zijn - laat de oude ballast gaan - wees lief voor de ander - zeg wat je wilt en ontvang het antwoord ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/leef/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Brett T. Litz is een van de belangrijkste onderzoekers rond het begrip “moral injury”. Zijn werk richt zich vooral op militairen, veteranen en andere beroepen waarin mensen geconfronteerd worden met situaties die botsen met hun morele overtuigingen.\nEen van de bekendste publicaties is: Moral Injury and Moral Repair in War Veterans Hierin beschrijven Litz en collega’s moral injury als de psychische, sociale en spirituele schade die ontstaat wanneer iemand:\nzelf iets doet dat tegen eigen waarden ingaat, getuige is van ernstige morele overtredingen, of zich verraden voelt door leiders of instituties. Volgens Litz gaat moral injury verder dan angsttrauma of klassieke PTSS. Schuld, schaamte, zelfveroordeling, verlies van vertrouwen en verlies van betekenis staan centraal. Mensen kunnen het gevoel krijgen dat ze niet meer passen binnen hun eigen morele wereldbeeld.\nOok beschrijft Litz binnen dit artikel een model waarin herstel niet alleen draait om symptoomvermindering, maar ook om:\nerkenning, verantwoordelijkheid, rouw, zelfcompassie, herstel van verbinding, en opnieuw betekenis vinden. Litz benadrukt dat moral injury niet hetzelfde is als een psychiatrische stoornis. Het is vaak een existentiële en morele wond. Daarom vraagt herstel meer dan alleen exposure of symptoombehandeling; ook ethiek, gemeenschap, identiteit en menselijke relaties spelen een grote rol.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/litz/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" De studies van Mitchell en collega’s (2021 en 2023) onderzochten het effect van MDMA-geassisteerde therapie bij mensen met ernstige posttraumatische stressstoornis (PTSS). Het ging om mensen die vaak al jarenlang klachten hadden en waarbij eerdere behandelingen onvoldoende hielpen. In het onderzoek kregen deelnemers meerdere therapiesessies gecombineerd met gecontroleerde toediening van MDMA. Tijdens deze sessies werden deelnemers begeleid door speciaal getrainde therapeuten. Daarnaast waren er voorbereidende gesprekken en integratiesessies achteraf. De controlegroep kreeg therapie met een placebo of een zeer lage dosis MDMA. De resultaten waren opvallend. Veel deelnemers lieten een sterke afname van PTSS-klachten zien. Een groot deel voldeed na afloop zelfs niet meer aan de criteria voor PTSS. Ook klachten zoals depressie, angst en sociaal terugtrekken namen vaak af. De effecten bleven bij veel deelnemers maanden later nog zichtbaar. Volgens de onderzoekers helpt MDMA waarschijnlijk doordat het gevoelens van angst en wantrouwen vermindert. Daardoor kunnen mensen veiliger terugkijken naar traumatische ervaringen zonder direct overspoeld te raken. Tegelijk lijken gevoelens van verbondenheid, zelfcompassie en vertrouwen juist toe te nemen. Dit kan het therapeutisch proces verdiepen. De studies laten zien dat MDMA-geassisteerde therapie veelbelovend is voor mensen met ernstige PTSS. Tegelijk benadrukken de onderzoekers dat deze behandeling alleen veilig toegepast kan worden binnen een professionele therapeutische setting met medische begeleiding. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/mdma-assisted-therapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Rosenbaum et al. (2015) in Metabolism onderzochten hoe veranderingen in lichaamsgewicht, vooral gewichtsverlies, de energiehuishouding en hormonale regulatie beïnvloeden. Het artikel bouwt voort op eerder werk waaruit blijkt dat het lichaam actief tegen gewichtsverlies “verdedigt”. Wanneer mensen gewicht verliezen, dalen energieverbruik en bepaalde hormoonspiegels sterker dan je op basis van het lagere lichaamsgewicht alleen zou verwachten. Dat fenomeen wordt vaak “adaptieve thermogenese” genoemd.\nDe auteurs beschrijven hoe het lichaam na gewichtsverlies efficiënter wordt: rustmetabolisme, spontane activiteit en thermische respons op voedsel nemen af. Tegelijk veranderen hormonen die betrokken zijn bij honger en verzadiging. Leptine daalt, wat hongergevoelens kan versterken en energieverbruik verder kan verlagen. Schildklierhormonen en sympathische zenuwactiviteit kunnen eveneens veranderen, waardoor het lichaam minder calorieën verbruikt. Samen verhogen deze aanpassingen de kans op gewichtstoename na een dieet.\nHet artikel bespreekt ook de rol van de hersenen, met name hypothalamische circuits die energie-inname en -verbruik reguleren. Het lichaam lijkt een “setpoint” voor gewicht te hebben dat het probeert te handhaven via hormonale en neurale signalen. Na gewichtsverlies blijft dit systeem vaak ingesteld op het eerdere, hogere gewicht, waardoor terugval biologisch waarschijnlijker wordt.\nBelangrijk is dat deze reacties langdurig kunnen aanhouden. Zelfs wanneer iemand succesvol gewicht verliest, blijven de metabole en hormonale aanpassingen bestaan en maken ze gewichtsbehoud moeilijk. De auteurs concluderen dat obesitas en gewichtsregulatie niet alleen gedragskwesties zijn, maar ook sterk biologisch gestuurd. Effectieve behandeling moet daarom rekening houden met deze adaptieve tegenreacties van het lichaam.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/metabolism/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In Molecules of Emotion (1997) neemt Candace Pert ons mee op een fascinerende reis door het lichaam en de geest en hoe die twee veel dieper met elkaar verweven zijn dan we ooit dachten. Als neurowetenschapper ontdekte Pert in de jaren ’70 de opiaatreceptor in de hersenen, wat haar leidde naar een baanbrekende visie op emoties: ze zijn geen vage innerlijke toestanden, maar concrete biochemische processen die zich afspelen in het hele lichaam.\nHaar kernidee is dat emoties worden aangestuurd door neuropeptiden, kleine moleculen die fungeren als boodschappers tussen hersenen en lichaam. Deze moleculen (en hun bijbehorende receptoren) bevinden zich niet alleen in het brein, maar ook in het immuunsysteem, de darmen, het hart. Met andere woorden: je hele lichaam voelt en denkt mee.\nPert stelt dat lichaam en geest niet twee gescheiden domeinen zijn, maar één geïntegreerd systeem. De scheiding die de westerse geneeskunde traditioneel aanhoudt tussen fysiek en mentaal, tussen arts en patiënt is volgens haar onhoudbaar. Molecules of Emotion is dan ook meer dan een wetenschappelijk boek: het is een pleidooi voor een nieuwe, holistische benadering van gezondheid, waarin emoties, bewustzijn en lichamelijke processen samen worden begrepen.\nDe toon van het boek is persoonlijk en nieuwsgierig. Pert combineert wetenschappelijke uitleg met verhalen uit haar eigen leven en onderzoek. Zo nodigt ze de lezer uit om met andere ogen te kijken naar stress, ziekte, genezing en vooral naar de kracht van het voelende lichaam.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/molecules-of-emotion/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In Moral Injury and Moral Repair in War Veterans (2009) richten Litz en collega’s de aandacht op een vorm van innerlijk lijden die lang onderbelicht bleef: moral injury. Waar posttraumatische stressstoornis (PTSS) vooral draait om angst en overlevingsstress, beschrijft moral injury de diepe psychische pijn die ontstaat wanneer iemand iets doet — of nalaat — wat indruist tegen zijn of haar morele kompas. Denk aan het doden van burgers, het niet kunnen voorkomen van geweld, of het ervaren van verraad door leiders.\nDe auteurs stellen dat moral injury een andere emotionele lading heeft dan klassieke trauma’s: het gaat niet om ‘gevaar’, maar om *schuld, schaamte, verlies van vertrouwen en zingeving*. Dit kan leiden tot depressie, isolatie, zelfverachting en existentiële verwarring. Het morele zelfbeeld raakt beschadigd — en daarmee ook het vermogen om betekenis te geven aan het eigen leven en handelen. Belangrijk in de studie is het pleidooi voor *moral repair*: herstel vraagt niet alleen om therapie, maar ook om erkenning, vergeving (van zichzelf of anderen), verantwoordelijkheid en het hervinden van een moreel kompas. Dit proces is diep menselijk en vaak relationeel: luisteren zonder oordeel, getuigen van het leed, ruimte bieden voor waarheid. Deze studie opent een belangrijk venster op wat oorlog (en andere extreme ervaringen) met een mens kan doen, voorbij diagnosecodes. *Moral injury* laat zien dat herstel soms niet begint bij het vergeten van wat was, maar bij het durven onder ogen zien — en opnieuw verbinden met wie je ten diepste bent. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/moral-injury-and-moral-repair-in-war-veterans/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Barry Krakow is bekend geworden door zijn onderzoek naar nachtmerries bij trauma en Posttraumatische stressstoornis. Hij onderzocht waarom traumatische dromen vaak blijven terugkomen en hoe mensen daar beter mee kunnen leren omgaan.\nVolgens Krakow zijn nachtmerries niet alleen een vervelend symptoom, maar een teken dat het brein vastloopt in de verwerking van angst en stress. Mensen beleven in hun slaap steeds opnieuw gevoelens van gevaar, machteloosheid of dreiging. Daardoor raakt ook de slaapkwaliteit ernstig verstoord. Een belangrijke methode uit zijn werk is Imagery Rehearsal Therapy (IRT). Daarbij schrijft iemand een terugkerende nachtmerrie op en verandert vervolgens bewust het verloop van de droom. De droom krijgt bijvoorbeeld een veiliger, rustiger of krachtiger einde. Daarna oefent iemand dit nieuwe droombeeld regelmatig overdag in gedachten. Het doel is niet om te ontkennen wat er gebeurd is, maar om het brein nieuwe mogelijkheden te laten ervaren. Onderzoek laat zien dat deze methode bij veel mensen de frequentie en intensiteit van nachtmerries vermindert. Krakow benadrukt ook dat slaap een belangrijk onderdeel is van traumaherstel. Slechte slaap versterkt vaak angst, spanning en emotionele ontregeling, terwijl betere slaap juist herstel ondersteunt. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/nachtmerries-en-trauma/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Donald Nathanson beschrijft in Shame and Pride schaamte als een van de meest bepalende menselijke emoties. Volgens Nathanson ontstaat schaamte wanneer een gevoel van verbinding, waardering of trots plotseling wordt onderbroken. Iemand voelt zich afgewezen, tekortschieten of gezien op een pijnlijke manier.\nSchaamte raakt volgens hem direct aan identiteit. Het gaat niet alleen over wat iemand doet, maar vooral over hoe iemand zichzelf ervaart tegenover anderen. Daardoor kan schaamte diep en langdurig doorwerken. Nathanson beschrijft dat mensen vaak automatisch reageren op schaamte zonder zich daarvan bewust te zijn. Hij noemt vier veelvoorkomende reacties: - terugtrekken en vermijden - jezelf aanvallen - anderen aanvallen - doen alsof er niets aan de hand is Deze reacties beschermen tijdelijk tegen pijn, maar kunnen relaties en zelfbeeld beschadigen wanneer ze langdurig blijven bestaan. Daarnaast laat Nathanson zien dat trots en schaamte nauw verbonden zijn. Mensen hebben behoefte aan erkenning, verbinding en waardigheid. Wanneer die behoeften gezond vervuld worden, ontstaat gezonde trots en zelfvertrouwen. Wanneer verbinding wegvalt of vernedering ontstaat, groeit schaamte. Volgens Nathanson is herstel alleen mogelijk wanneer schaamte herkend en bespreekbaar wordt. Mensen hebben veilige relaties nodig waarin zij zichzelf niet hoeven verbergen. Pas dan kan schaamte langzaam veranderen in meer zelfacceptatie, verbinding en emotionele vrijheid. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/nathanson-shame-and-pride/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In 2013 publiceerden Peter Oehen en collega\u0026rsquo;s de eerste pilotstudie naar MDMA-geassisteerde psychotherapie buiten de Verenigde Staten. Het Zwitserse onderzoek richtte zich op mensen met therapieresistente PTSS, een groep voor wie eerdere behandelingen onvoldoende hielpen.\nTwaalf deelnemers ontvingen drie experimentele sessies, gecombineerd met intensieve therapeutische begeleiding. De helft kreeg een volledige dosis MDMA, de andere helft kreeg een zeer lage dosis als actieve placebo. Voor en na de behandeling werd de ernst van de PTSS-klachten gemeten met gestandaardiseerde meetinstrumenten. De resultaten waren bemoedigend, maar voorzichtig. Deelnemers in de groep die de werkzame dosis ontving lieten gemiddeld een sterkere afname van klachten zien dan de placebogroep. Toch was het verschil niet zo groot als in latere, grotere studies. De onderzoekers noemden zelf dat een dosis van 25 mg, oorspronkelijk bedoeld als placebo, mogelijk al een mild therapeutisch effect had. Een belangrijke uitkomst was dat de behandeling veilig bleek. Er waren geen ernstige bijwerkingen, en deelnemers gaven aan dat de sessies — ondanks hun zwaarte — als waardevol werden ervaren. Een follow-up na een jaar liet zien dat een deel van de deelnemers de winst behield. De studie van Oehen vormde een belangrijke stap richting de latere fase 2- en fase 3-trials van MAPS. Het liet zien dat het protocol ook in een Europese, niet-MAPS-context werkbaar was, en dat de werkzaamheid niet uitsluitend toe te schrijven was aan de Amerikaanse onderzoekstraditie. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/oehen-mdma-pilot-2013/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam naar wat populair het “hoofd-hart-buik”-idee heet, valt in werkelijkheid onder meerdere serieuze onderzoeksvelden: cognitieve neurowetenschap, psychoneuro-immunologie en de zogeheten gut-brain-axis. De UvA gebruikt die termen, niet het model van drie afzonderlijke breinen. Binnen het UvA-onderzoek staat de interactie tussen hersenen, lichaam en gedrag centraal. Een belangrijk deel richt zich op de darm-brein-as: het enterisch zenuwstelsel in de darmen, het microbioom en hun invloed op stress, stemming en cognitieve functies. Onderzoekers kijken hoe darmbacteriën via immuunreacties, hormonen en de nervus vagus signalen naar het brein sturen. Deze processen blijken relevant bij depressie, angst en stressregulatie. Het gaat niet om een “buikbrein” dat zelfstandig denkt, maar om een complex feedbacksysteem tussen perifere zenuwstelsels en het centrale zenuwstelsel. Een tweede lijn onderzoekt de rol van lichaamssignalen zoals hartslag en ademhaling in emotie en besluitvorming. Binnen de cognitieve en affectieve neurowetenschap aan de UvA wordt bijvoorbeeld gekeken naar hartslagvariatie (HRV) en interoceptie: hoe goed mensen interne lichaamssignalen waarnemen en hoe dat samenhangt met stress, trauma en emotionele regulatie. Deze studies tonen dat hart- en ademhalingssignalen hersenactiviteit beïnvloeden en omgekeerd. Het hart fungeert daarbij als onderdeel van een regulatiesysteem, niet als apart brein. De UvA plaatst deze bevindingen in een geïntegreerd model van lichaam en brein. Het zenuwstelsel, het immuunsysteem en hormonale systemen vormen samen een netwerk dat gedrag en mentale gezondheid beïnvloedt. De populaire metafoor van drie breinen kan soms helpen in therapie of coaching, maar wordt in het academisch onderzoek niet letterlijk gebruikt. In plaats daarvan spreekt men over wederzijdse regulatie tussen hersenen, lichaam en omgeving. Kort samengevat: UvA-onderzoek bevestigt sterke tweerichtingscommunicatie tussen hersenen, hart en darmen. Het idee van meerdere “breinen” is echter vooral een vereenvoudigde metafoor voor een complex, geïntegreerd biologisch systeem. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/onderzoek-uva/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" De parabels van Jezus zijn korte, krachtige verhalen die meer doen dan alleen informeren. Ze nodigen uit tot reflectie, verwondering en innerlijke beweging. In plaats van theologische betogen koos Jezus voor beelden uit het dagelijkse leven: een zaaier, een herder, een koopman, een vader. Deze eenvoud maakt ze toegankelijk, terwijl hun lagen van betekenis tijdloos en diepgaand zijn. Parabels hebben niet als doel om eenduidige antwoorden te geven, maar juist om het bewustzijn wakker te schudden. Jezus gebruikte deze vorm om zijn toehoorders te confronteren met hun aannames, omdenken uit te lokken en een spirituele realiteit tastbaar te maken.\n🌾 Bekende parabels van Jezus # Parabel Thema De zaaier (Mattheüs 13) Hoe het woord van God verschillend ontvangen wordt — afhankelijk van de “grond” van iemands hart. De verloren zoon (Lukas 15) Vergeving, thuiskomen en de overvloedige liefde van de vader (God). De barmhartige Samaritaan (Lukas 10) Ware naastenliefde komt soms uit onverwachte hoek. De arbeiders in de wijngaard (Mattheüs 20) Goddelijke rechtvaardigheid is niet hetzelfde als menselijke verdienste. De schat in de akker \u0026amp; de parel van grote waarde (Mattheüs 13) Het koninkrijk van God is kostbaar en vraagt volledige overgave. De onbarmhartige dienaar (Mattheüs 18) Wie vergeving ontvangt, hoort ook vergeving te geven. Het mosterdzaadje (Mattheüs 13) Het koninkrijk begint klein maar groeit krachtig. De tien maagden (Mattheüs 25) Wakker zijn, voorbereid zijn op wat komt. De verloren munt (Lukas 15) De vreugde van het vinden van iets dat dierbaar is — een beeld voor Gods vreugde over bekering. Waarom parabels? # Jezus sprak in parabels om mensen aan het denken te zetten. Ze vormen een brug tussen het zichtbare en het onzichtbare, het aardse en het hemelse. Ze nodigen uit tot innerlijk werk, precies zoals ook mystieke tradities dat doen: door ervaring, niet alleen door verstand.\nDe ware kracht van een parabel ligt in de vraag die ze achterlaat, niet het antwoord dat ze geeft.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/parabels-van-jezus/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Samenvatting van Yehuda (2015): Post-traumatic stress disorder # In het overzichtsartikel Post-traumatic stress disorder (2015) beschrijft neurobioloog en psychiater Rachel Yehuda de neurobiologische en psychologische mechanismen die ten grondslag liggen aan PTSS. Het artikel bundelt tientallen jaren onderzoek naar stressregulatie, hormonen, geheugen en intergenerationele effecten van trauma.\nYehuda benadrukt dat PTSS niet alleen een psychologische reactie is, maar een ontregeling van het stresssysteem. Met name de HPA-as (hypothalamus-hypofyse-bijnier-as), die de productie van het stresshormoon cortisol regelt, functioneert anders bij mensen met PTSS. In plaats van chronisch verhoogde cortisolwaarden, zoals lang werd aangenomen, vertonen veel mensen met PTSS juist lagere basale cortisolspiegels in combinatie met een overgevoelige stressrespons. Dit wijst op een verstoorde negatieve feedback in het stresssysteem.\nDaarnaast bespreekt Yehuda veranderingen in hersengebieden die betrokken zijn bij dreigingsdetectie en emotieregulatie, zoals de amygdala, hippocampus en prefrontale cortex. Deze netwerken spelen een rol bij het vasthouden van traumaherinneringen en het moeilijk kunnen dempen van stressreacties. Ook komt het concept van intergenerationele overdracht aan bod: traumatische ervaringen kunnen via epigenetische en relationele processen invloed hebben op stressregulatie in volgende generaties.\nHet artikel benadrukt dat effectieve behandeling van PTSS zowel psychologische als biologische componenten moet adresseren. Traumagerichte therapieën, medicatie, slaapherstel en interventies die het zenuwstelsel reguleren kunnen allemaal bijdragen aan herstel. Volgens Yehuda is PTSS geen statische aandoening, maar een dynamische ontregeling van stress- en geheugensystemen die, met de juiste interventies, ook weer kunnen veranderen.\nHet werk vormt een belangrijke basis voor het huidige begrip van PTSS als een samenspel van lichaam, brein en ervaring.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/post-traumatic-stress-disorder/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In hun invloedrijke artikel uit 2004 beschrijven Richard Tedeschi en Lawrence Calhoun het begrip Post Traumatische Groei. Daarmee bedoelen zij positieve psychologische veranderingen die soms ontstaan na een ingrijpende of schokkende gebeurtenis. Belangrijk is dat deze groei niet ontstaat door het trauma zelf, maar door de worsteling met wat er is gebeurd.\nEen trauma kan iemands oude overtuigingen door elkaar schudden. Ideeën zoals “de wereld is veilig”, “ik heb controle” of “ik weet wie ik ben” kunnen wegvallen. Daardoor ontstaat een periode van onzekerheid, verdriet en verwarring. Juist in het proces van nadenken, voelen, verwerken en opnieuw richting vinden kan groei ontstaan.\nTedeschi en Calhoun noemen vijf gebieden waarin deze groei vaak zichtbaar wordt:\nmeer waardering voor het leven diepere en eerlijkere relaties meer innerlijke kracht nieuwe mogelijkheden en keuzes spirituele of existentiële verdieping De auteurs benadrukken ook dat groei en pijn tegelijk kunnen bestaan. Iemand kan nog steeds last hebben van angst, rouw of stressklachten, en toch merken dat er iets positiefs veranderd is. Groei betekent dus niet dat de schade verdwenen is.\nNiet iedereen ervaart post traumatische groei. Factoren zoals sociale steun, veiligheid, tijd en ruimte voor verwerking spelen een belangrijke rol. Het is daarom geen verplicht eindstation en geen bewijs van succes.\nDe kern van het artikel is helder: trauma is niet de leraar. De manier waarop iemand omgaat met ontwrichting kan soms leiden tot meer diepgang, wijsheid en bewust leven.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/post-traumatische-groei/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"The Psychology of Religion and Coping van Kenneth Pargament\nWaarom wenden sommige mensen zich tot religie om met een crisis om te gaan, terwijl anderen zich er juist van afkeren? Is religieus geloof slechts een verdedigingsmechanisme of een vorm van ontkenning? Is spiritualiteit een hulp of een belemmering in stressvolle tijden? Dit boek slaat een broodnodige brug tussen twee verschillende denk- en praktijkwerelden namelijk: religie en psychologie en het combineert op gevoelige wijze theorie met persoonlijke ervaringen, klinische inzichten en wetenschappelijk onderzoek. Het boek benadrukt de noodzaak van meer aandacht voor religie en spiritualiteit in de context van hulpverleningsrelaties en suggereert diverse manieren waarop geloof beter ingezet kan worden om mensen in crisis te helpen. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/psychology-of-religion-and-coping/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Pruessner et al. (2007) in Psychoneuroendocrinology onderzochten hoe chronische stress samenhangt met veranderingen in de hersenen, met name de hippocampus, en met de regulatie van cortisol. De studie bouwt voort op eerder werk dat laat zien dat langdurige blootstelling aan stresshormonen structurele en functionele effecten kan hebben op hersengebieden die betrokken zijn bij geheugen, emotieregulatie en stressrespons.\nDe auteurs richtten zich op gezonde volwassenen en keken naar verschillen in cortisolreactiviteit (via stressprotocollen en speekselmetingen) en hersenstructuur (via MRI). Een kernbevinding was dat individuen met verhoogde of langdurig ontregelde cortisolniveaus vaak een kleinere hippocampale volume lieten zien. De hippocampus speelt een cruciale rol in het remmen van de stress-as (HPA-as). Wanneer dit gebied minder effectief functioneert, kan dat leiden tot een vicieuze cirkel: slechtere remming van de stressrespons → meer cortisol → verdere impact op hersenstructuur.\nHet artikel bespreekt ook individuele verschillen in kwetsbaarheid. Niet iedereen met stress ervaart dezelfde neurobiologische gevolgen. Factoren zoals vroege levensstress, genetische aanleg en copingstijl beïnvloeden hoe sterk de HPA-as reageert en hoe goed herstel optreedt na stress.\nBelangrijk is dat de auteurs voorzichtig zijn met causaliteit. Een kleinere hippocampus kan zowel gevolg als risicofactor zijn voor verhoogde stressgevoeligheid. De studie ondersteunt het idee dat chronische stress niet alleen psychologisch, maar ook meetbaar biologisch doorwerkt.\nDe bredere implicatie: langdurige stress heeft tastbare neuro-endocriene gevolgen. Preventie en regulatie van stress zijn dus niet alleen mentaal relevant, maar ook structureel voor hersengezondheid.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/psychoneuroendocrinology/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Lovallo et al. (2005) in Psychosomatic Medicine onderzochten hoe vroege levensstress samenhangt met latere regulatie van de stressrespons, met name de hypothalamus-hypofyse-bijnier-as (HPA-as) en cortisolreacties. De studie richtte zich op gezonde jongvolwassenen zonder klinische stoornissen, maar met verschillende niveaus van gemelde jeugdstress, zoals verwaarlozing, conflict of onvoorspelbare thuissituaties. Doel was te zien of vroege ervaringen blijvende sporen nalaten in fysiologische stressreacties.\nDe onderzoekers gebruikten gestandaardiseerde stressprotocollen (zoals mentale rekentaken en sociale evaluatie) en maten cortisol via speeksel. Een centrale bevinding was dat personen met hogere niveaus van vroege stress vaak een afgevlakte of verminderde cortisolreactie op acute stress vertoonden. Dat wijst niet op een “sterkere” stressreactie, maar op een systeem dat anders is afgesteld. Chronische blootstelling aan stress in de jeugd kan de HPA-as zodanig aanpassen dat latere reacties gedempt of ontregeld zijn. Zo’n patroon wordt gezien als een mogelijke risicofactor voor latere problemen met stemming, impulscontrole en verslaving.\nHet artikel bespreekt dat deze veranderingen subtiel en variabel zijn. Niet iedereen met vroege stress ontwikkelt dezelfde fysiologische patronen; genetische aanleg, latere omgeving en coping spelen mee. Toch ondersteunen de resultaten het idee dat stressregulatie deels wordt “geprogrammeerd” door vroege ervaringen.\nDe bredere implicatie is dat psychosociale omstandigheden in de jeugd meetbare effecten kunnen hebben op volwassen stressbiologie, zelfs bij ogenschijnlijk gezonde mensen. Dat versterkt het inzicht dat preventie en vroege interventie belangrijk zijn, omdat langdurige stress in ontwikkelingsfasen blijvende aanpassingen in neuro-endocriene systemen kan veroorzaken.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/psychosomatic-medicine/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"De Pulsar visie gaat er van uit dat alles in ons leven continu in beweging is en behoort te zijn. De kunst is om deze continue beweging telkens weer te (willen) zien en te willen leren van de inzichten die hierdoor worden aangereikt. De Pulsar visie concentreert zich op duurzame verandering: er wordt veel aandacht gegeven aan het vermogen van mensen zichzelf te veranderen. Het gaat om een diepgaande en in de mens of organisatie geïntegreerde verandering naar een grotere en meer creatieve levensruimte.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/pulsar-visie/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In de studie Putting Feelings into Words (2007) onderzoekt Matthew Lieberman samen met collega’s een fenomeen dat velen intuïtief al kennen: het helpt om je gevoelens onder woorden te brengen. Maar deze studie maakt het zichtbaar in het brein. Met behulp van fMRI-scans ontdekten de onderzoekers dat het benoemen van emoties — ook wel *affect labeling* genoemd — leidt tot een kalmerend effect op de amygdala, het hersengebied dat betrokken is bij emotionele reacties zoals angst en woede. Wanneer proefpersonen een negatieve emotie benoemen (“ik voel me boos” of “ik ben verdrietig”), wordt de activiteit in de amygdala kleiner. Tegelijkertijd neemt de activiteit toe in de rechter ventrolaterale prefrontale cortex, een gebied dat geassocieerd is met zelfreflectie en regulatie. Simpel gezegd: door gevoelens te verwoorden, ontstaat er meer innerlijke rust en overzicht.\nWat deze studie zo bijzonder maakt, is dat het neurologisch bewijs levert voor iets wat in therapie, meditatie en zelfs vriendschap al lang wordt toegepast: woorden geven aan wat je voelt werkt helend. Het is geen onderdrukking of analyse, maar een directe manier om grip te krijgen op innerlijke chaos.\nPutting Feelings into Words biedt daarmee meer dan wetenschappelijke inzichten — het is een bevestiging van iets fundamenteel menselijks. Emoties willen gevoeld worden, maar ook gezien en erkend. En soms begint dat simpelweg met het durven zeggen: “ik voel me zo.” Die kleine daad van taal blijkt een sleutel tot regulatie, verbinding en verandering.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/putting-feelings-into-words/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In 2020 verscheen in het American Journal of Psychiatry een gezaghebbend overzichtsartikel van Collin M. Reiff en collega\u0026rsquo;s over psychedelica en psychedelica-ondersteunde psychotherapie. Het artikel werd geschreven namens de werkgroep onderzoek van de American Psychiatric Association — een belangrijk signaal dat de hoofdstroom van de psychiatrie het onderwerp serieus is gaan nemen.\nDe auteurs bespreken vijf middelen die op dat moment het meest werden onderzocht: MDMA, psilocybine, LSD, ayahuasca en ibogaïne. Voor elk middel worden de werkingsmechanismen, klinische toepassingen, effectgroottes en bijwerkingen op een rij gezet. Bij PTSS valt op dat MDMA al verder in onderzoek is dan de andere middelen. Voor depressie zijn psilocybine-studies veelbelovend, vooral bij mensen met een levensbedreigende ziekte of therapieresistente depressie. Voor verslavingsproblemen wordt onderzoek naar ibogaïne en ayahuasca beschreven, maar de evidentie is daarbij nog beperkt. Een belangrijke verdienste van het artikel is de aandacht voor waarschuwingen. Reiff en collega's benadrukken risico's bij mensen met psychotische kwetsbaarheid, het belang van zorgvuldige screening, de rol van set en setting, en het feit dat veel beschikbare studies klein zijn en strenge selectiecriteria hanteren. De resultaten zijn dus niet zomaar te vertalen naar de bredere bevolking. Het artikel was voor veel psychiaters een eerste systematische kennismaking met dit veld. Het zette de toon voor latere richtlijnen en discussies binnen de Amerikaanse beroepsverenigingen, en wordt sindsdien internationaal veel geciteerd. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/reiff-psychedelics-psychotherapy/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Samenvatting van LeDoux (2012): Rethinking the Emotional Brain # In zijn artikel uit 2012 herformuleert Joseph LeDoux de manier waarop we naar het “emotionele brein” en vooral de rol van angst- en bedreigingsreacties kijken. LeDoux, een vooraanstaand neurowetenschapper, richt zich op de neurobiologie van bedreigingsdetectie en de bijbehorende verdedigingreacties van het zenuwstelsel, niet primair op ‘angst’ als bewuste emotie, maar op de automatische processen die het lichaam voorbereiden op overleving.\nCentraal in dit werk staat het idee dat stimuli die oorspronkelijk betekenisloos zijn, betekenissen van gevaar kunnen krijgen door associatie met echte bedreigingen. Een proces dat vaak bestudeerd wordt via Pavloviaans bedreigingsconditioneren. Hierbij koppelt het brein een cue (bijvoorbeeld geluid of beeld) aan een aversieve ervaring, waardoor dezelfde cue later automatisch een verdedigingreactie triggert, zelfs zonder bewuste angstbeleving.\nLeDoux benadrukt dat de neurale circuits die deze automatische reacties mogelijk maken (vooral binnen de amygdala en verwante subcorticale systemen) niet automatisch de bewuste emotie ‘angst’ veroorzaken. In plaats daarvan beïnvloeden ze fysiologische en gedragsmatige reacties op bedreiging. Deze circuits werken los van de hogere cognitieve interpretatie van ervaring, die in andere hersengebieden (zoals de prefrontale cortex) plaatsvindt.\nVoor trauma-onderzoek is dit relevant omdat het benadrukt dat overlevingsreacties diep in het zenuwstelsel verankerd zijn en vaak buiten bewuste controle liggen. Het verklaart waarom traumareacties lichamelijk kunnen blijven bestaan, los van wat iemand rationeel weet of vertelt.\nIn LeDoux’ visie betekent dit dat effectieve therapieën zowel automatische (lichaams- \u0026amp; circuitniveau) als bewuste (cognitieve) processen moeten adresseren.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/rethinking-the-emotional-brain/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In haar invloedrijke artikel Six Views of Embodied Cognition (2002) zet Margaret Wilson zes verschillende perspectieven op een rij die samen het groeiende veld van embodied cognition vormgeven. Ze daagt hiermee het klassieke idee uit dat cognitie zich voornamelijk ‘in het hoofd’ afspeelt, los van lichaam en omgeving. In plaats daarvan onderzoekt ze hoe denken voortkomt uit en afhankelijk is van onze lichamelijke ervaringen, motorische acties en de wereld om ons heen.\nDe zes visies die ze bespreekt, variëren van de rol van lichamelijke interactie in cognitieve processen tot de stelling dat ons brein en onze omgeving samenwerken als één systeem. Sommige benaderingen benadrukken hoe perceptie en actie elkaar direct beïnvloeden, zonder dat er ‘abstract denken’ tussen hoeft te komen. Andere leggen de nadruk op hoe we mentale representaties vormen op basis van sensorimotorische ervaringen.\nWilson is kritisch en analytisch: ze evalueert de sterktes én beperkingen van elk perspectief. Haar conclusie is genuanceerd. Niet alle ideeën onder de vlag van embodied cognition zijn even overtuigend of empirisch onderbouwd, maar samen vormen ze een krachtig alternatief voor de traditionele cognitiewetenschap. Ze benadrukt vooral het belang van verder onderzoek dat deze lichamelijke dimensies van denken serieus neemt.\nDit artikel nodigt uit tot heroverweging: wat als denken minder een ‘hoofdzaak’ is, en meer een dans tussen brein, lichaam en wereld? Wilsons overzicht is helder, prikkelend en vormt een uitstekend startpunt voor wie zich wil verdiepen in de belichaamde geest.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/six-views-of-embodied-cognition/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Soefi-oefeningen met adem maken deel uit van een eeuwenoude mystieke traditie waarin adem wordt gezien als een brug tussen het stoffelijke en het goddelijke. Binnen het soefisme — de innerlijke weg van de islam — is de adem (nafas) niet alleen een fysiologisch verschijnsel, maar een spiritueel voertuig: elke ademhaling is een kans om dichter bij God (Allah) te komen.\nBelang van adem in het soefisme # De adem speelt een centrale rol in het spirituele ontwaken. Soefi-meesters benadrukken dat bewustwording van de adem het hart opent, het ego verzacht en de ziel zuivert.\nIn sommige soefi-ordes (zoals de Naqshbandiyya of Mevlevi) zijn ademtechnieken verbonden aan specifieke dhikr-praktijken (herhaling van Gods namen). Het doel is aanwezigheid in het moment en het doordringen van het goddelijke in elke cel van het lichaam.\nVoorbeelden van soefi-ademoefeningen # 1. Bewuste ademhaling met Godsnaam # Op de inademing: Allaaah stil meedenken of fluisteren Op de uitademing: stilte, of Hu (de innerlijke naam van God) Deze ademhaling wordt vaak gecombineerd met hartfocus: alsof je door je hart ademt. 2. Vierdelige ademhaling # Inademen → vasthouden → uitademen → stilte Elke fase kan gepaard gaan met een mantra of innerlijk gebed 3. Adem en beweging # In de Mevlevi-dans (de draaiende derwisjen) is de ademhaling verbonden met ritme, overgave en centrering in het hart. Deze oefeningen vormen geen dogma maar een uitnodiging tot verstilling, verbinding en overgave.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/soefi-adem-oefeningen/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Soefigelijkenissen zijn korte, vaak poëtische verhalen die gebruikt worden binnen de soefi-traditie, de mystieke stroming van de islam. Ze lijken eenvoudig, maar bevatten meerdere lagen van betekenis. Deze verhalen worden niet verteld om iets uit te leggen, maar om de geest wakker te maken en het hart te raken. Wat maakt soefigelijkenissen bijzonder?\n🌙 Ze nodigen uit tot inzicht via ervaring, niet via redenering.\n🧩 Ze zitten vol paradoxen en onverwachte wendingen die logische patronen doorbreken.\n💫 Ze spreken het innerlijk weten aan, eerder dan het intellectuele begrijpen.\n🌾 Ze zijn vaak grappig of speels, maar hebben een diepe, spirituele ondertoon.\n🔍 Ze nodigen de luisteraar uit tot reflectie, alsof de ware betekenis pas later ontsluierd wordt.\nThema’s die vaak terugkeren:\nDe zoektocht naar de ware Zelf\nDe illusie van afgescheidenheid\nDe dwaasheid van het ego\nDe verborgenheid van het goddelijke in het alledaagse\nDe rol van de meester (de sheikh) en leerling\nEen bekend voorbeeld (vaak toegeschreven aan Nasreddin Hodja):\nNasreddin zoekt onder een lantaarnpaal naar zijn sleutel. “Ben je het hier verloren?” vraagt iemand. “Nee,” zegt hij, “maar hier is het licht beter.”\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/soefigelijkenissen/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Tangney en Dearing onderzochten in Shame and Guilt het verschil tussen schaamte en schuld. Hoewel deze emoties vaak door elkaar worden gebruikt, laten zij zien dat het psychologisch om twee verschillende ervaringen gaat.\nVolgens hun onderzoek richt schuld zich vooral op gedrag. Iemand denkt: \u003e “Ik deed iets verkeerd.” Schaamte richt zich op de persoon zelf: \u003e “Er is iets mis met mij.” Dat verschil heeft grote gevolgen. Schuld kan mensen helpen verantwoordelijkheid te nemen, excuses te maken of gedrag te veranderen. Schaamte leidt vaker tot terugtrekken, zelfkritiek, vermijden of boosheid. Tangney en Dearing beschrijven dat schaamte vaak samenhangt met een negatief zelfbeeld en psychische klachten zoals depressie, angst en relationele problemen. Mensen voelen zich kleiner, minderwaardig of afgewezen. Daardoor wordt open contact met anderen moeilijker. Schuld werkt meestal minder vernietigend omdat de focus ligt op een concrete handeling in plaats van op de identiteit van de persoon. De onderzoekers benadrukken dat gezonde ontwikkeling vraagt om mildheid en realistische verantwoordelijkheid. Mensen hoeven niet perfect te zijn om waardevol te blijven. Hun werk is belangrijk geworden binnen traumatherapie en onderzoek naar moral injury, omdat veel mensen na trauma niet alleen worstelen met wat ze deden, maar vooral met wie ze denken geworden te zijn. ← Terug t\n","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/tangney-dearing-shame-and-guilt/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Guyton \u0026amp; Hall’s Textbook of Medical Physiology is een standaardwerk in de geneeskunde dat de werking van het menselijk lichaam systematisch en mechanistisch uitlegt. Oorspronkelijk opgezet door Arthur C. Guyton en later herzien door John E. Hall, legt het boek de nadruk op oorzaak-gevolgrelaties en integratie tussen orgaansystemen.\nDe kern is homeostase: het lichaam handhaaft stabiele interne omstandigheden via nauw gereguleerde feedbackmechanismen. Het boek behandelt eerst de basis – celmembraanfysiologie, transportmechanismen, actiepotentialen – en bouwt daarna op naar orgaansystemen zoals cardiovasculair, respiratoir, renaal, endocrien en zenuwstelsel. Elk systeem wordt niet alleen anatomisch, maar vooral functioneel uitgelegd: hoe wordt bloeddruk gereguleerd, hoe past ventilatie zich aan bij inspanning, hoe sturen nieren vocht- en elektrolytenbalans?\nEen sterk punt is de kwantitatieve benadering. Guyton \u0026amp; Hall gebruiken schema’s, grafieken en conceptuele modellen om regulatie begrijpelijk te maken. De nier krijgt bijvoorbeeld uitgebreide aandacht als centrale regelaar van bloedvolume en bloeddruk. Ook de interactie tussen zenuwstelsel en hormonen komt steeds terug: snelle neurale controle versus tragere hormonale modulatie.\nPathofysiologie wordt gekoppeld aan normale fysiologie. Veel hoofdstukken laten zien hoe verstoringen in één schakel – bijvoorbeeld insulinedeficiëntie of verminderde hartoutput – cascades in andere systemen veroorzaken. Daardoor ontstaat inzicht in ziekte als ontregeling van normale regulatiemechanismen.\nKortom, het boek biedt een geïntegreerd en analytisch kader om het menselijk lichaam te begrijpen. Niet losse feiten, maar samenhangende regelsystemen staan centraal.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/textbook-of-medical-physiology/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"The Aftermath of Violence — From Domestic Abuse to Political Terror van Judith Lewis Herman onderzoekt de langdurige gevolgen van geweld, misbruik en terreur op individuen en samenlevingen. Het boek bouwt voort op haar eerdere werk over trauma en legt sterk de nadruk op macht, onveiligheid en menselijke relaties.\nHerman laat zien dat geweld vaak niet alleen lichamelijke schade veroorzaakt, maar ook diepe aantasting van vertrouwen, identiteit en verbondenheid. Dat geldt zowel voor huiselijk geweld als voor oorlog, marteling en politieke onderdrukking. Slachtoffers verliezen vaak het gevoel van veiligheid en controle over hun eigen leven. Een belangrijk thema is dat trauma vaak ontstaat binnen relaties of systemen waarin afhankelijkheid en macht een rol spelen. Daardoor raken mensen niet alleen gewond door wat er gebeurt, maar ook door verraad, stilte of ontkenning vanuit de omgeving. Het boek benadrukt dat herstel niet alleen een individueel proces is. Erkenning door anderen, sociale steun en maatschappelijke verantwoordelijkheid spelen een grote rol. Zonder erkenning blijven slachtoffers vaak geïsoleerd en kunnen schaamte en wantrouwen blijven bestaan. De centrale boodschap is dat geweld menselijke verbinding beschadigt, maar dat herstel juist mogelijk wordt via veiligheid, waarheid, gemeenschap en het opnieuw opbouwen van relaties en betekenis. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-aftermath-of-violence/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In The Body Keeps the Score (2014) laat psychiater Bessel van der Kolk zien hoe diep trauma zich in lichaam en geest nestelt en hoe het onze waarneming, relaties en zelfgevoel kan ontwrichten. Hij put uit tientallen jaren klinisch werk, hersenonderzoek en persoonlijke verhalen om duidelijk te maken: trauma is geen ‘verleden’ dat voorbij is, maar een ervaring die in het zenuwstelsel wordt vastgezet en telkens opnieuw beleefd wordt, vaak zonder woorden.\nVan der Kolk legt uit hoe het brein onder trauma verandert: de amygdala blijft overactief, het taalcentrum valt vaak deels uit, en het vermogen tot zelfregulatie raakt verstoord. Dit verklaart waarom praten alleen niet altijd helpt. Het lichaam moet meegenomen worden in het helingsproces het weet immers wat er is gebeurd.\nNaast traditionele therapieën onderzoekt hij alternatieve routes naar herstel, zoals EMDR, yoga, neurofeedback en lichaamsgerichte therapie. Wat deze benaderingen gemeen hebben, is dat ze helpen om het lichaam opnieuw als veilig te ervaren, en het zenuwstelsel uit de constante staat van dreiging te halen.\nHet boek is diep menselijk en tegelijk wetenschappelijk onderbouwd. Van der Kolk schrijft met compassie én urgentie, en hij laat zien dat genezing mogelijk is niet door het trauma weg te denken, maar door het geleidelijk te integreren.\nThe Body Keeps the Score is een krachtige uitnodiging om trauma te begrijpen als een lichamelijke realiteit, en herstel als iets dat begint bij veiligheid, verbinding en het terugvinden van het zelf, in het lichaam.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-body-keeps-the-score/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In The Developing Mind brengt Daniel Siegel op meeslepende wijze hersenwetenschap, psychologie en hechtingstheorie samen tot een nieuw begrip van hoe onze geest ontstaat en zich vormt. Zijn centrale vraag: hoe ontwikkelen lichaam, brein en relaties samen het zelf en het bewustzijn? Siegel stelt dat het brein geen op zichzelf staand orgaan is, maar diep verweven is met onze sociale ervaringen. De geest leeft in verbinding met ons lichaam én met anderen. Een kernbegrip in het boek is integratie: het vermogen om verschillende delen van het brein, en van onze ervaring, met elkaar te verbinden tot een coherent geheel. Een goed geïntegreerd brein kan flexibel reageren, emoties reguleren en betekenisvolle relaties aangaan. Maar als integratie stokt, bijvoorbeeld door trauma, verwaarlozing of onveilige hechting dan raakt de ontwikkeling uit balans.\nSiegel verbindt neurobiologische inzichten met praktische voorbeelden uit de opvoeding, therapie en het dagelijks leven. Zo laat hij zien hoe veilige relaties letterlijk de bedrading van het jonge brein vormen, en hoe empathie, reflectie en verbinding bijdragen aan een gezonde geest. Zijn benadering, bekend als interpersoonlijke neurobiologie, pleit voor een holistische kijk op menselijk functioneren.\nThe Developing Mind is geen droge wetenschap, maar een uitnodiging om dieper te kijken: naar hoe ons brein groeit, hoe onze geest gevormd wordt, en hoe belangrijk relaties daarin zijn. Wie het leest, krijgt niet alleen meer inzicht in de ontwikkeling van kinderen, maar ook in de kwetsbare, krachtige dynamiek van het mens-zijn zelf.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-developing-mind/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" The Embodied Mind van Francisco Varela, Evan Thompson en Eleanor Rosch is een baanbrekend werk dat westerse cognitiewetenschap en boeddhistische filosofie met elkaar verbindt. De centrale boodschap? Cognitie is niet iets dat zich enkel in ons hoofd afspeelt; het ontstaat in de wisselwerking tussen lichaam, brein en omgeving. Weten is geen objectieve registratie van een ‘buitenwereld’, maar een proces van belichaamde betrokkenheid: we kennen de wereld doordat we erin handelen. De auteurs bekritiseren het traditionele beeld van de geest als een soort computer die input verwerkt. In plaats daarvan introduceren ze het concept van enactivisme: betekenis ontstaat niet van buitenaf, maar wordt actief tot stand gebracht in de relatie tussen waarnemer en wereld. Ons bewustzijn is dus altijd gesitueerd, afhankelijk van context, lichaamservaring en geschiedenis.\nWat dit boek bijzonder maakt, is hoe het inzichten uit de fenomenologie (met name Husserl en Merleau-Ponty) verbindt met boeddhistische meditatiepraktijken. De auteurs pleiten voor neurophenomenology: een benadering waarbij de subjectieve ervaring van binnenuit wordt onderzocht, naast objectieve metingen van het brein. Meditatie wordt hierbij niet gezien als zweverig, maar als een serieuze methode om de geest van binnenuit te leren kennen.\nThe Embodied Mind nodigt uit tot verwondering: over wat bewustzijn werkelijk is, hoe we weten wat we weten, en hoe we anders kunnen leren kijken niet alleen naar onszelf, maar ook naar de wetenschap. Het boek daagt uit, ontregelt, en opent een weg naar een meer belichaamd begrip van de menselijke geest.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-embodied-mind/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In he Energetic Heart (2009) verkent Rollin McCraty en zijn team van het HeartMath Institute een intrigerend perspectief: het hart is niet alleen een pomp, maar ook een intelligent, communicatief en energetisch centrum. De studie laat zien dat het hart een krachtig elektromagnetisch veld uitzendt — het grootste van alle organen — en dat dit veld niet alleen intern invloed heeft op onze hersenfunctie en emoties, maar ook extern onze interacties met anderen beïnvloedt. Centraal staat het concept van *hartcoherentie*: een toestand waarin hartritme, ademhaling, zenuwstelsel en emoties in harmonie zijn. In zo’n staat functioneren we optimaal — zowel fysiek als mentaal. Hartcoherentie blijkt meetbaar, trainbaar en gekoppeld aan verhoogde helderheid, veerkracht en verbondenheid. Wat we voelen in ons hart heeft dus directe impact op hoe we denken, handelen en met anderen omgaan. De studie gaat verder dan klassieke fysiologie en opent de deur naar een subtieler bewustzijn van de rol van het hart in menselijke ervaring. De onderzoekers stellen zelfs dat het hart signalen naar de hersenen stuurt die cognitieve processen beïnvloeden — een omkering van het traditionele idee dat de hersenen het lichaam ‘aansturen’. *The Energetic Heart* is tegelijk wetenschappelijk onderbouwd en uitnodigend spiritueel van toon. Het nodigt uit tot een herwaardering van intuïtie, emotie en energetische afstemming. In een wereld vol mentale prikkels biedt deze studie een verrassend helder pleidooi: luister naar je hart — niet alleen figuurlijk, maar ook letterlijk, want het zou wel eens wijzer kunnen zijn dan je denkt. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-energetic-heart/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In The Feeling of What Happens onderzoekt neuroloog Antonio Damasio een intrigerende vraag: hoe ontstaat het zelf? Zijn antwoord begint niet bij het denken, maar bij het voelen. Volgens Damasio is bewustzijn niet een abstract denkproces, maar geworteld in de fysieke beleving van het lichaam in emoties, gevoelens en het besef van onszelf als lichaam in beweging.\nHij maakt een onderscheid tussen drie lagen van het zelf: het proto-zelf (de automatische regulatie van lichamelijke toestanden), het kernzelf (het directe, moment-tot-moment bewustzijn dat “ik” voel dat “ik” iets ervaar), en het autobiografisch zelf (het narratief waarin we ons leven en onze identiteit vormgeven). Wat bijzonder is: die lagen bouwen allemaal voort op lichamelijke processen. Zonder lichaam, stelt Damasio, geen zelf.\nEen belangrijke claim in het boek is dat gevoelens die vaak als irrationeel of storend worden gezien, cruciaal zijn voor bewustzijn én voor verstandige besluitvorming. Mensen bij wie het emotionele systeem in het brein beschadigd is, kunnen vaak nog prima redeneren, maar maken dramatisch slechte keuzes. Emotie en ratio zijn dus geen tegenpolen, maar partners in denken.\nDamasio’s stijl is helder en uitnodigend, zijn betoog doorspekt met voorbeelden uit de kliniek, evolutie en neurologisch onderzoek. The Feeling of What Happens opent een verrassende kijk op wie we zijn. Geen geest los van het lichaam, maar een levend, voelend organisme dat zichzelf ervaart. Het is een boek dat uitnodigt om opnieuw na te denken over bewustzijn niet als iets zwevends, maar als iets dieplichamelijks.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-feeling-of-what-happens/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In The Haunted Self leggen Onno van der Hart, Ellert Nijenhuis en Kathy Steele uit hoe ernstige en langdurige traumatische ervaringen de persoonlijkheid kunnen verdelen. Zij noemen dit structurele dissociatie. Volgens de auteurs is dissociatie niet alleen \u0026ldquo;je afgesloten voelen\u0026rdquo;, maar een echte scheiding tussen delen van de persoonlijkheid die verschillende taken dragen.\nEen deel richt zich op het dagelijks leven en probeert normaal te functioneren. Dit heet het ogenschijnlijk normale deel. Andere delen blijven verbonden met angst, pijn, herinneringen en overlevingsreacties zoals vechten, vluchten of bevriezen. Deze traumagerichte delen kunnen plots actief worden door triggers in het heden.\nDe auteurs beschrijven dat klachten zoals herbelevingen, paniek, schaamte, lichamelijke spanning, geheugenproblemen en wisselend gedrag vaak beter te begrijpen zijn vanuit deze interne verdeling. Mensen reageren dan niet \u0026ldquo;onlogisch\u0026rdquo;, maar vanuit delen die ooit nodig waren om te overleven.\nBehandeling vraagt daarom om een veilige en stapsgewijze aanpak. Eerst komt stabilisatie: veiligheid vergroten, emoties leren reguleren en samenwerking tussen delen opbouwen. Daarna kan traumaverwerking plaatsvinden. In de laatste fase staat integratie centraal: meer samenhang, keuzevrijheid en deelname aan het gewone leven.\nHet boek verbindt theorie, onderzoek en praktijk. Het laat zien dat trauma diepe sporen kan nalaten in lichaam en geest, maar ook dat herstel mogelijk is. Met begrip, tempo en een goede therapeutische relatie kunnen afgesplitste ervaringen stap voor stap worden verwerkt. De kernboodschap is dat symptomen vaak overlevingsreacties zijn en geen teken van zwakte of onwil.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-haunted-self/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In The Neuroscience of Human Relationships (2006) onderzoekt Louis Cozolino hoe onze hersenen gevormd worden in, door en voor relaties. Zijn centrale boodschap is helder en tegelijk diepgaand: het brein is een sociaal orgaan. Onze neurologische ontwikkeling van baby tot volwassene, vindt plaats binnen menselijke verbinding. Zonder veilige relaties stagneert die ontwikkeling; met liefdevolle afstemming bloeit ze op. Cozolino combineert inzichten uit de hechtingstheorie, psychotherapie en hersenwetenschap tot een overtuigend betoog. Hij laat zien hoe belangrijke hersengebieden, zoals het limbisch systeem en de prefrontale cortex, zich ontwikkelen in nauwe wisselwerking met de sociale omgeving. Emotionele afstemming, empathie en veiligheid zijn daarbij geen luxe, maar biologische basisbehoeften.\nEen opvallend aspect van het boek is de nadruk op neuroplasticiteit: het idee dat het brein zich levenslang blijft aanpassen. Dit opent de deur naar genezing ook voor wie in de jeugd beschadigd is geraakt. Therapie, vriendschap, zelfs diepgaande gesprekken kunnen letterlijk hersenverbindingen veranderen. Relaties worden zo een vorm van hersenarchitectuur.\nCozolino schrijft met warmte en nieuwsgierigheid. Zijn stijl is helder en toegankelijk, ook voor lezers zonder medische achtergrond. Wat dit boek bijzonder maakt, is de manier waarop het wetenschappelijke kennis verbindt met iets wat we intuïtief vaak al weten: dat echte ontmoeting helend werkt.\nThe Neuroscience of Human Relationships is een uitnodiging om relaties niet alleen te zien als iets sociaals of psychologisch, maar ook als iets fysieks als voeding voor het brein en fundament van ons mens-zijn.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-neuroscience-of-human-relationships/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" In The Polyvagal Theory (2011) introduceert Stephen Porges een vernieuwende kijk op het autonome zenuwstelsel, het deel van ons zenuwstelsel dat onbewust hartslag, ademhaling en stressreacties reguleert. Zijn theorie legt uit waarom we in bepaalde situaties ontspannen kunnen verbinden, terwijl we in andere plots verstarren of vechten/vluchten. De sleutel? De nervus vagus — en dan vooral de evolutionaire lagen daarvan. Porges beschrijft drie ‘verdedigingssystemen’ in ons zenuwstelsel. Het oudste, dorsale vagale systeem, zorgt bij gevaar voor bevriezen of dissociatie. Het sympathische systeem maakt ons klaar om te vechten of vluchten. En het meest recente, ventrale vagale systeem, stelt ons in staat om ons veilig te voelen, te verbinden en sociaal te reageren. Deze drie systemen werken als schakelaars: afhankelijk van hoe veilig of bedreigd we ons voelen, activeert het lichaam automatisch een van deze modi. Wat deze theorie bijzonder maakt, is de nadruk op *neuroceptie*; de onbewuste manier waarop ons zenuwstelsel voortdurend inschat of een situatie veilig, onveilig of levensbedreigend is, lang voordat we er bewust van zijn. Dat verklaart waarom iemand met een trauma ogenschijnlijk ‘zomaar’ uit contact raakt of heftig reageert: het zenuwstelsel neemt gevaar waar, zelfs als het er objectief niet is. Porges’ werk werpt een nieuw licht op therapie, opvoeding en sociale interactie. Het herinnert ons eraan dat veiligheid geen bijzaak is, maar een voorwaarde voor verbinding en groei. *The Polyvagal Theory* nodigt uit om niet alleen met het hoofd, maar ook met het lichaam te luisteren naar onszelf en naar anderen. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/the-polyvagal-theory/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Trauma and Recovery van Judith Lewis Herman wordt gezien als een van de belangrijkste boeken over psychisch trauma. Herman laat zien dat trauma niet alleen ontstaat door een schokkende gebeurtenis, maar vooral door langdurige machteloosheid, geweld of onveiligheid. Ze bespreekt onder andere oorlogstrauma, huiselijk geweld, seksueel misbruik en politieke onderdrukking.\nEen belangrijk idee in het boek is dat trauma vaak leidt tot verlies van veiligheid, vertrouwen en verbinding met anderen. Mensen kunnen klachten ontwikkelen zoals angst, herbelevingen, emotionele verdoving, schaamte, woede of dissociatie. Herman beschrijft ook hoe langdurig trauma invloed heeft op identiteit, relaties en het gevoel van controle over het eigen leven. Daarnaast introduceert zij het begrip “complex trauma”. Dat gaat over trauma dat zich herhaaldelijk afspeelt, vaak binnen afhankelijkheidsrelaties. De gevolgen daarvan zijn meestal dieper en langduriger dan bij een eenmalige schokkende gebeurtenis. Herman beschrijft herstel als een proces in drie fasen. Eerst moet er voldoende veiligheid en stabiliteit ontstaan. Daarna kan ruimte komen voor verwerking van herinneringen en emoties. In de laatste fase draait herstel om opnieuw verbinding maken met het gewone leven, relaties en zingeving. De kern van het boek is dat herstel mogelijk is, maar dat dit tijd, veiligheid, erkenning en menselijke verbinding vraagt. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/trauma-and-recovery/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Trauma and the Body van Pat Ogden beschrijft hoe trauma niet alleen invloed heeft op gedachten en emoties, maar diep zichtbaar wordt in het lichaam. Het boek vormt de basis van “Sensorimotor Psychotherapy”, een lichaamsgerichte vorm van traumatherapie.\nOgden laat zien dat traumatische ervaringen vaak worden opgeslagen in automatische lichamelijke reacties: spierspanning, houding, ademhaling, bewegingen en reflexen. Mensen kunnen bijvoorbeeld voortdurend alert zijn, verstijven, zichzelf klein maken of juist spanning vasthouden zonder zich daarvan bewust te zijn. Volgens Ogden schiet praten alleen soms tekort, omdat trauma vaak ontstaat in delen van het zenuwstelsel die niet talig zijn. Daarom richt therapie zich ook op lichamelijke waarneming en subtiele signalen van activatie en ontspanning. Het boek beschrijft hoe cliënten stap voor stap leren om lichaamsreacties op te merken zonder overspoeld te raken. Kleine bewegingen of onafgemaakte verdedigingsreacties — zoals wegduwen, terugtrekken of grenzen aangeven — kunnen alsnog bewust worden afgemaakt. Dat helpt het zenuwstelsel om meer regulatie en veiligheid te ervaren. De kern van het boek is dat lichaam en geest niet los van elkaar gezien kunnen worden. Herstel van trauma vraagt aandacht voor het hele systeem: denken, voelen, bewegen en lichamelijk ervaren. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/trauma-and-the-body/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"TRE (Tension \u0026amp; Trauma Releasing Exercises) is een methode van de Amerikaanse therapeut David Berceli. Het doel is om spanning en stress die zich in het lichaam hebben opgebouwd, los te laten via natuurlijke trillingen van spieren en zenuwstelsel.\nDe methode bestaat uit een reeks eenvoudige oefeningen die vooral de benen, heupen en onderrug activeren. Daarna ontstaat vaak spontaan een lichte trilling in het lichaam. Volgens Berceli is dit een natuurlijk mechanisme van het zenuwstelsel om spanning te ontladen, vergelijkbaar met hoe dieren na stress soms trillen. Mensen gebruiken TRE bij stress, spanning, burn-out, PTSS en chronische onrust. Sommigen ervaren meer ontspanning, beter slapen of minder lichamelijke spanning. Tegelijk is TRE geen wondermiddel. Bij mensen met ernstig trauma of dissociatie kan het ook heftige emoties of reacties oproepen. Daarom is begeleiding door een goed opgeleide TRE-provider belangrijk, zeker bij complexe traumaklachten. Wetenschappelijk onderzoek naar TRE groeit, maar is nog beperkt. Er zijn aanwijzingen dat het kan helpen bij ontspanning en stressregulatie, maar de methode is minder uitgebreid onderzocht dan bijvoorbeeld EMDR of cognitieve traumatherapie. TRE past binnen een bredere ontwikkeling waarin lichaam en zenuwstelsel steeds serieuzer worden meegenomen in herstel van trauma en langdurige stress. ← Back ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/trauma-releasing-exercises/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Trauma-Sensitive Yoga in Therapy van David Emerson beschrijft hoe yoga aangepast kan worden voor mensen met trauma en complexe PTSS. Het boek is gebaseerd op het werk van het Trauma Center in Boston en combineert kennis over trauma, lichaamsbewustzijn en het zenuwstelsel.\nEmerson laat zien dat trauma vaak leidt tot vervreemding van het lichaam. Veel mensen voelen spanning, gevoelloosheid of juist overweldiging, waardoor contact met lichamelijke signalen moeilijk of onveilig kan voelen. Trauma-sensitieve yoga probeert dat contact voorzichtig te herstellen. De nadruk ligt niet op prestaties, perfecte houdingen of spirituele idealen. Belangrijker zijn keuzevrijheid, veiligheid en lichaamsbewustzijn. Instructies worden daarom uitnodigend gegeven in plaats van dwingend. Mensen houden zoveel mogelijk controle over hun eigen bewegingen en grenzen. Het boek beschrijft hoe eenvoudige bewegingen, ademhaling en aandacht kunnen helpen om signalen van spanning en ontspanning beter te herkennen. Daardoor ontstaat langzaam meer regulatie van het zenuwstelsel en meer gevoel van aanwezigheid in het lichaam. Een belangrijk uitgangspunt is dat herstel van trauma niet alleen via denken of praten verloopt. Het lichaam speelt een centrale rol. Door opnieuw veilige ervaringen in het lichaam op te bouwen kunnen mensen stap voor stap meer verbinding, stabiliteit en zelfvertrouwen ontwikkelen. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/trauma-sensitive-yoga/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Waking the Tiger van Peter A. Levine beschrijft trauma niet vooral als een psychologisch probleem, maar als iets dat vast komt te zitten in het zenuwstelsel. Volgens Levine ontstaat trauma wanneer een mens overweldigd raakt en het lichaam een stressreactie niet kan afmaken. Energie die bedoeld was om te vechten, vluchten of bevriezen blijft dan als het ware hangen.\nLevine kijkt daarbij veel naar dieren in de natuur. Een wild dier kan na gevaar vaak trillen, schudden of diep ademhalen, waarna het zenuwstelsel weer tot rust komt. Mensen onderdrukken zulke reacties vaak door angst, schaamte of sociale verwachtingen. Daardoor blijft spanning in het lichaam aanwezig en kunnen klachten ontstaan zoals angst, hyperalertheid, uitputting, dissociatie of lichamelijke pijn. Het boek legt uit dat herstel niet draait om het herbeleven van het trauma, maar om het stap voor stap herstellen van veiligheid in het lichaam. Levine noemt dit “somatic experiencing”. Kleine, beheersbare bewegingen tussen spanning en ontspanning helpen het zenuwstelsel om vastgezette overlevingsenergie alsnog los te laten. De kern van het boek is hoopvol: trauma hoeft geen levenslange gevangenis te zijn. Het lichaam bezit volgens Levine ook een natuurlijk vermogen tot herstel, regulatie en veerkracht. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/waking-the-tiger/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":" Samenvatting van Walker (2017): Why We Sleep # Het boek Why We Sleep (2017) van neurowetenschapper Matthew Walker is geen enkelvoudig experiment, maar een brede synthese van tientallen jaren slaaponderzoek uit de neurowetenschap, endocrinologie en psychiatrie. Walker beschrijft hoe slaap een fundamentele rol speelt in herstel van het brein, emotionele regulatie en lichamelijke gezondheid. Zijn werk is vooral relevant voor stress- en traumagerelateerde klachten, omdat verstoorde slaap een kernkenmerk is van PTSS.\nEen centrale bevinding in het boek is dat slaap — en met name diepe slaap en REM-slaap — essentieel is voor de verwerking van emotionele ervaringen. Tijdens REM-slaap worden emotionele herinneringen opnieuw geactiveerd in een toestand waarin stresshormonen relatief laag zijn. Dit helpt het brein om de emotionele lading van ervaringen te verminderen zonder de herinnering zelf te wissen. Wanneer REM-slaap verstoord is, kan die ontlading uitblijven, waardoor herinneringen emotioneel “geladen” blijven.\nWalker bespreekt ook het effect van chronisch slaaptekort op het stresssysteem. Gebrek aan slaap verhoogt de activiteit van de amygdala (dreigingsdetectie) en verlaagt de regulerende invloed van de prefrontale cortex. Dit leidt tot sterkere emotionele reacties en minder regulatie. Daarnaast beïnvloedt slaaptekort de HPA-as en de afgifte van stresshormonen, wat kan bijdragen aan angst, prikkelbaarheid en verminderde veerkracht.\nVoor mensen met PTSS betekent dit dat slaapherstel een essentieel onderdeel van behandeling is. Verbetering van slaapritme, lichtblootstelling en avondroutines kan het zenuwstelsel helpen stabiliseren en de emotionele verwerking ondersteunen. Walker benadrukt dat slaap geen passieve toestand is, maar een actief biologisch proces dat cruciaal is voor psychisch herstel en integratie van ervaringen.\n← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/why-we-sleep/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"In De zin van het bestaan laat Viktor Frankl zien dat mensen zelfs onder de zwaarste omstandigheden betekenis kunnen vinden. Zijn ideeën zijn gevormd door zijn ervaringen in concentratiekampen tijdens de Tweede Wereldoorlog. Daar zag hij dat mensen niet alleen leven van voedsel of veiligheid, maar ook van hoop en een doel.\nVolgens Frankl is de belangrijkste menselijke drijfveer niet plezier of macht, maar het zoeken naar zin. Wie weet waarvoor hij leeft, kan veel verdragen. Zin is niet iets algemeens dat voor iedereen hetzelfde is. Ieder mens moet die zelf ontdekken in de concrete situatie van het moment.\nFrankl noemt drie wegen naar betekenis. De eerste is iets waardevols scheppen of doen, zoals werken, zorgen of bijdragen. De tweede is liefde en het ervaren van schoonheid, natuur of kunst. De derde is de houding die iemand kiest tegenover onvermijdelijk lijden. Als pijn niet veranderd kan worden, blijft vrijheid bestaan in de manier waarop iemand ermee omgaat.\nEen belangrijk begrip in het boek is verantwoordelijkheid. Vrijheid betekent volgens Frankl niet doen wat je wilt, maar antwoorden op wat het leven van je vraagt. Mensen zijn geen speelbal van omstandigheden. Er blijft altijd ruimte om een innerlijke keuze te maken.\nDe boodschap van het boek is hoopvol en realistisch. Lijden wordt niet romantisch gemaakt, maar gezien als deel van het bestaan. Tegelijk benadrukt Frankl dat een mens meer is dan zijn verleden of zijn pijn. Betekenis, waardigheid en richting blijven mogelijk, zelfs in moeilijke tijden. ← Terug ","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/zin-van-het-bestaan/","section":"Publications","summary":"","title":"","type":"publicaties"},{"content":"Deze pagina\u0026rsquo;s zijn niet uitgelicht in de reguliere publicatielijst. Ze blijven raadpleegbaar voor wie een specifieke bron zoekt, maar worden niet in de navigatie of sitemap opgenomen.\n","externalUrl":null,"permalink":"/archief/","section":"Archief","summary":"","title":"Archief","type":"archief"},{"content":"De inhoud van deze website is opgesteld vanuit doorleefde kennis, aangevuld met wetenschappelijke publicaties, klassieke werken en mystieke tradities. Mijn opleiding aan de Pulsar Academie speelt daarin een grote rol, naast jarenlang lezen en studeren rond PTSS, moral injury en levenskunst.\nHieronder staan de bronnen thematisch geordend. Waar een bron een eigen samenvattingspagina heeft, kun je erop doorklikken voor meer context.\nTrauma en het lichaam # Van der Kolk, B. (2014). The Body Keeps the Score. Viking Porges, S. (2011). The Polyvagal Theory: Neurophysiological Foundations of Emotions, Attachment, Communication, and Self-Regulation Pert, C. (1997). Molecules of Emotion. Scribner Siegel, D. (2012). The Developing Mind Cozolino, L. (2006). The Neuroscience of Human Relationships. Norton McCraty, R. et al. (2009). The Energetic Heart: Bioelectromagnetic Communication Within and Between People. HeartMath Institute Koch, S.C. et al. (2019). Dance movement therapy en trauma Wolynn, M. (2024). Het is niet met jou begonnen Van der Hart, O., Nijenhuis, E. \u0026amp; Steele, K. (2006). The Haunted Self: Structural Dissociation and the Treatment of Chronic Traumatization. Norton Herman, J.L. (1992). Trauma and Recovery. Basic Books Herman, J.L. (2023). The Aftermath of Violence — From Domestic Abuse to Political Terror Levine, P. (1997). Waking the Tiger — Healing Trauma. North Atlantic Books Levine, P. (2010). In an Unspoken Voice — How the Body Releases Trauma and Restores Goodness. North Atlantic Books Onderzoek UvA naar de hoofd-hart-buik-as Lichaamsgerichte therapie # Ogden, P., Minton, K. \u0026amp; Pain, C. (2006). Trauma and the Body — A Sensorimotor Approach to Psychotherapy. Norton Emerson, D. (2015). Trauma-Sensitive Yoga in Therapy. Norton Veldman, F. (1988). Haptonomie — Wetenschap van de Affectiviteit Feldenkrais, M. (1972). Awareness Through Movement. Harper \u0026amp; Row Lowen, A. (1975). Bioenergetics. Penguin Berceli, D. (2005). Trauma Releasing Exercises (TRE) Vereniging Van Haptotherapeuten — Haptotherapie bij PTSS (PDF) Moral injury en herstel # Shay, J. (1994). Achilles in Vietnam — Combat Trauma and the Undoing of Character. Scribner Litz, B.T. et al. (2009). Moral Injury and Moral Repair in War Veterans. Clinical Psychology Review Litz, B.T. — overzicht van werk rond moral injury Pargament, K. (1997). The Psychology of Religion and Coping. Guilford Stressfysiologie en neurobiologie # Yehuda, R. (2015). Post-traumatic stress disorder Yehuda, R. et al. (2002). Biological Psychiatry Yehuda, R. et al. (2016). Intergenerational effects on FKBP5 methylation Meaney, M. \u0026amp; Szyf, M. (2005). Environmental programming of stress responses Pruessner, J.C. et al. (2007). Psychoneuroendocrinology Lovallo, W.R. et al. (2005). Psychosomatic Medicine Born, J. \u0026amp; Fehm, H.L. (2000). Endocrine Reviews Rosenbaum, M. et al. (2015). Metabolism American Diabetes Association (2004). Diabetes Care Guyton, A.C. \u0026amp; Hall, J.E. Textbook of Medical Physiology Walker, M. (2017). Why We Sleep LeDoux, J. (2012). Rethinking the Emotional Brain Lieberman, M.D. et al. (2007). Putting feelings into words. Psychological Science Filosofie en belichaamde cognitie # Damasio, A. (1999). The Feeling of What Happens: Body and Emotion in the Making of Consciousness Varela, F.J., Thompson, E. \u0026amp; Rosch, E. (1991). The Embodied Mind Wilson, M. (2002). Six views of embodied cognition. Psychonomic Bulletin \u0026amp; Review Embodied cognition — overzicht Therapie, herstel en groei # Gilbert, P. Compassion Focused Therapy Pennebaker, J.W. \u0026amp; Evans, J.F. Expressive Writing: Words That Heal Tedeschi, R.G. \u0026amp; Calhoun, L.G. (2004). Posttraumatic Growth: Conceptual Foundations and Empirical Evidence Kabat-Zinn, J. (1990). Gezond leven met mindfulness (Full Catastrophe Living) Schaamte, schuld en zelfbeeld # Brown, B. (2012). Daring Greatly Nathanson, D.L. (1992). Shame and Pride Tangney, J.P. \u0026amp; Dearing, R.L. (2002). Shame and Guilt Slaap, droom en trauma # Walker, M. (2017). Why We Sleep Germain, A. Sleep Disturbances as the Hallmark of PTSD Nielsen, T. \u0026amp; Levin, R. Nightmares: A New Neurocognitive Model Krakow, B. — onderzoek naar nachtmerries en Imagery Rehearsal Therapy Hobson, J.A. — slaap- en droomonderzoek Jung, C.G. — werk over dromen en symboliek Psychedelica en trauma # Mitchell, J.M. et al. (2021, 2023). MDMA-assisted therapy for severe PTSD. Nature Medicine FDA Briefing Document (2024). Advisory Committee Meeting: Midomafetamine Capsules (MDMA) Feduccia, A.A. et al. Reviews over MDMA-assisted psychotherapy and PTSD Oehen, P. et al. (2013). Pilot study MDMA-assisted psychotherapy for treatment-resistant PTSD Krediet, E. et al. Reviews on psychedelics for PTSD and trauma-related disorders Reiff, C.M. et al. (2020). Psychedelics and psychedelic-assisted psychotherapy. American Journal of Psychiatry Bahji, A. et al. Meta-analyses on ketamine for trauma-related symptoms and depression Carhart-Harris, R.L. et al. Psilocybin studies on depression, cognition and psychological flexibility Davis, A.K. et al. Psilocybin-assisted therapy research on depression and meaning-making Calos Castaneda - De lessen van Don Juan Mystieke tradities en levenskunst # Gurdjieff, G.I. (1950). Beëlzebub\u0026rsquo;s Tales to His Grandson Ouspensky, P.D. In Search of the Miraculous Derkse, M. De Pulsar Visie Rumi, J. The Masnavi (Engelse vertalingen o.a. door Reynold A. Nicholson en Jawid Mojaddedi) Rumi, J. The Divan of Shams of Tabriz Schimmel, A. (1993). The Triumphal Sun — A Study of the Works of Jalaloddin Rumi Chittick, W. (1983). The Sufi Path of Love — The Spiritual Teachings of Rumi Shafak, E. (2010). Liefde kent veertig regels Dreu, J. de leef! Ruiz, D.M. (1997). De vier inzichten. AnkhHermes Campbell, J. (1949). De held met de duizend gezichten Frankl, V.E. (1946). De zin van het bestaan (Man\u0026rsquo;s Search for Meaning) Latifa als meditatie of gebed Boeddhistische anapanasati — adem als pad Kabbalistische ademmeditatie Soefi-oefeningen met de adem Soefigelijkenissen Chassidische verhalen Parabels van Jezus Kral, T.R.A. et al. (2018). Het effect van meditatie en mindfulness op het brein Jung, C.G. — werk over schaduw en symboliek Richard Bach - Jonathan Livingston Seagull ","externalUrl":null,"permalink":"/bronnen/","section":"Begin hier","summary":"","title":"Bronnen","type":"page"},{"content":"De haiku, een van oorsprong Japanse dichtvorm zonder rijm, oogt bedrieglijk eenvoudig: slechts drie versregels van respectievelijk vijf, zeven en vijf lettergrepen. Maar juist in die beknoptheid schuilt de uitdaging. Zie in zo’n kort bestek maar eens iets steekhoudend te formuleren.\nVoor mij zijn haiku een oefening in aandacht: beeldvormend schrijven met minimale woorden.\n","externalUrl":null,"permalink":"/haiku/","section":"Begin hier","summary":"","title":"Haiku","type":"page"},{"content":"","externalUrl":null,"permalink":"/publicaties/","section":"Publications","summary":"","title":"Publications","type":"publicaties"}]