Naar de hoofdinhoud gaan

Alan K. Davis (Johns Hopkins University en later Ohio State University) onderzoekt al jaren de toepassing van psilocybine bij depressie, angst en betekenisverlies. Zijn werk valt op door de combinatie van klinisch en kwalitatief onderzoek: hij meet niet alleen klachten, maar luistert ook naar wat deelnemers ervaren en hoe zij die ervaring later integreren in hun leven.

In een belangrijke studie uit 2020, gepubliceerd in *JAMA Psychiatry*, lieten Davis en collega's zien dat twee psilocybine-sessies in combinatie met psychotherapie tot snelle en aanhoudende afname van depressieve klachten leidden bij volwassenen met een ernstige depressie. Een groot deel van de deelnemers was na vier weken in remissie.

Een kenmerkend thema in Davis' onderzoek is *meaning-making*. Veel deelnemers beschrijven na een psilocybine-sessie een gevoel van hervonden zin, verbondenheid of een nieuw perspectief op het leven. Dat lijkt geen bijwerking, maar mogelijk een werkzame factor. Voor mensen met PTSS, moral injury en existentiële wanhoop is juist het hervinden van zin vaak een sleutel in herstel.

Davis benadrukt dat psilocybine-therapie geen gemakkelijk pad is. De ervaring zelf kan intens en confronterend zijn, en de integratie achteraf vraagt aandacht en begeleiding. Maar voor mensen bij wie andere behandelingen vastliepen, kan het volgens zijn onderzoek een waardevolle aanvulling zijn op het bestaande zorgaanbod.

Davis pleit voor toegankelijke, goed gereguleerde behandeling, met aandacht voor diversiteit en kwetsbaarheid van deelnemers.